Vergoeding werkgever van VOG die werknemer moet aanvragen vrijgesteld in de WKR

Zoals bekend moet steeds vaker een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) worden aangevraagd, onder meer door werknemers. Uit de tijdens Prinsjesdag bekend gemaakte maatregelen blijkt dat dat de vergoeding door de werkgever aan de werknemer gaat kwalificeren als gerichte vrijstelling onder de WKR, aldus het bericht van Mazars over maatregelen werkgevers:

WKR: vrijstelling vergoeding VOG
Voor een aantal beroepen zijn werknemers wettelijk verplicht om aan de werkgever een Verklaring omtrent gedrag (VOG) te overleggen. Ook als zij daartoe niet verplicht zijn, vragen werkgevers regelmatig om een VOG. Veel werkgevers vergoeden dan de aanvraagkosten. Om te voorkomen dat de werknemer heffing is verschuldigd over die vergoeding, brengen zij de vergoeding ten laste van de vrije ruimte (in de WKR). De vergoeding van de kosten van de VOG aan de werknemer gaat kwalificeren als gerichte vrijstelling, waardoor deze niet meer ten laste van de vrije ruimte komt.

Geplaatst in Belastingrecht, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Strafrecht | Tags: | Plaats een reactie

Kabinet stelt beslissing CAHR uit

Bij brief van 13 september jl. werd meegedeeld dat het kabinet de beslissing inzake het landelijk register van aandeelhouders (CAHR) uitstelt, de samenvatting luidt als volgt:

Brief kabinetsstandpunt initiatiefwetsvoorstel centraal aandeelhoudersregister
Het kabinet stuurt de Tweede Kamer het kabinetsstandpunt op het initiatiefwetsvoorstel centraal aandeelhoudersregister. Daarin staat dat het kabinet dat – ondanks dat het centraal aandeelhoudersregister onder voorwaarden een toegevoegde waarde kan hebben – het nu niet het juiste moment vindt om een besluit te nemen over de instelling van een centraal aandeelhoudersregister. In de brief staat toegelicht waarom dit nu nog niet het goede moment is.

De brief is hier (pdf) te vinden.

 

Dit bericht verscheen eerder op het ondernemingsrechtweblog.

Geplaatst in Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Overheidsregister van aandeelhouders | Plaats een reactie

Mislukking van de witwasbestrijding | open foutencultuur ontbreekt bij de overheid

Het blijft bijzonder dat de witwasbestrijdingsregels mislukt zijn en dat de overheid niet de open foutencultuur heeft om dat toe te geven, dat is vandaag wederom duidelijk geworden.

De internationale en nationale overheden hebben de taak om criminaliteit te signaleren bij het bedrijfsleven neergelegd, met als de belangrijkste spelers de grootbanken. Eerder kwam ING in het nieuws. Vandaag werd bekend gemaakt dat het Openbaar Ministerie gaat onderzoeken of ABN Amro wel voldoende heeft gedaan aan het opsporen van criminaliteit (wat aangeduid als het ‘monitoren’ op ‘witwassen’).

Achtergrond
Allereerst een korte samenvatting van de achtergrond:

  • Witwassen is het onder je hebben of het verhullen van financieel voordeel als gevolg van criminaliteit. Het omvat dus heel veel. Doel van de witwasbestrijding is dat private ondernemingen witwassen opsporen (officieel: door monitoring ongebruikelijke transacties ontdekken en melden). In de publiciteit worden zelf crimineel handelen en het onvoldoende opsporen van criminaliteit vaak op één hoop gegooid, als onderdeel van de framing die plaats vindt.
  • Monitoren is een verplichting die in Nederland is gebaseerd op de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft), waarbij ook de Wet op het financieel toezicht (Wft) een rol speelt voor zover het financiële instellingen betreft  en de Wet toezicht trustkantoren 2018 (voor zover het trustkantoren betreft). Deze verplichting geldt voor een grote diversiteit aan ondernemingen, onder meer banken. Monitoren is de private variant van opsporen en moet er toe leiden dat aanwijzingen van criminaliteit (‘ongebruikelijke transacties’) worden gemeld aan FIU-Nederland.
  • De Wwft is oorspronkelijk bedacht voor banken en andere financiële instellingen. Dat lijkt bij banken logisch omdat zij het betalingsverkeer verzorgen. Aangezien bij banken enorme hoeveelheden transacties plaats vinden, is het monitoren van die transacties een grote digitale en organisatorische uitdaging. Dat zelfs de grootbanken daar niet in slagen geeft te denken.
  • Aan banken worden allerlei opmerkelijke eisen gesteld die niet passen bij het type onderneming, zoals hoogwaardige kennis op het gebied van het belastingrecht (lees mijn eerdere bericht). Eveneens is bijzonder dat criminaliteit moet worden opgespoord zonder de extra informatie die politie en justitie hebben. Om die reden is de trend dat banken die informatie wel gaan krijgen (lees dit) en dat banken willen samenwerken, wat een duidelijke indicatie is dat het concept achter de Wwft niet klopt.
  • Opmerkelijk in dit domein is het ontbreken van kritische tegenspraak. Dat komt omdat tegenspraak wordt geframed als het ‘niet mee willen doen‘ aan bestrijding van misdaad. Als gevolg daarvan is er niemand die serieus kijkt naar de haalbaarheid en de uitvoerbaarheid van wat er op de tekentafels van FATF, Europa en de rijksoverheid wordt bedacht.
  • Uit de berichtgeving blijkt dat ABN Amro alle 5 miljoen particuliere klanten opnieuw moet doorlichten. Dat zijn niet alleen ondernemingen maar ook alle consumenten die klant zijn van de bank. De eerder genoemde monitoring door alle banken van al hun klanten, betekent een grootschalige surveillance van iedere organisatie en burger. Dat alle klanten moeten worden doorgelicht, betekent dat alle klanten verdacht zijn. Het is onbegrijpelijk dat burgers zich druk maken over surveillance door de geheime diensten, terwijl de banken op dat gebied een hoofdrol spelen.

Besparing van personeelskosten?
Destijds heb ik het document dat het Openbaar Ministerie (OM) bekend maakte over de ING-schikking met aandacht gelezen. Het viel mij toen op dat in dat document het poortwachtersproza was te vinden, dat ook in de uitingen van het Ministerie van Financiën en De Nederlandsche Bank is aan te treffen. Een onafhankelijke analyse van de problematiek ontbrak in het ING-document.

Een van de opmerkelijkste elementen van de ING-zaak was dat ING onvoldoende compliance personeel zou hebben gehad. Het door ING betaalde bedrag was voor een belangrijk deel gebaseerd op de bespaarde personeelskosten.

Digitale infrastructuur
Wat mij betreft is dat een verrassende uitkomst, omdat bij de grote aantallen transacties die door grootbanken worden verwerkt, een adequate digitalisering essentieel is. Aangezien ik zelf de nodige inadequate IT ken en de indruk heb dat er bij banken de nodige ‘legacy’ is, lijkt mij dat er op zijn minst een aantal digitaliseringsvragen gesteld moeten worden, zoals:

  • Is het technisch mogelijk om alle transacties op een zodanige manier te monitoren dat witwassen en terrorismefinanciering kunnen worden herkend. Welk gedeelte van de digitale ‘hits’ is onjuist en leidt tot onnodig werk voor medewerkers?
  • Is het technisch mogelijk om het cliëntenbeheer adequaat te automatiseren, zowel wat betreft de cliëntenacceptatie (‘onboarding’), als de periodieke beoordeling of de relatie met een klant gecontinueerd kan worden, als bepaling van het algemene risicoprofiel van de klanten en de toetsing van de transacties aan dat risicoprofiel. Volgens de mensen aan de tekentafels zou het voorgaande mogelijk moeten zijn, maar kan het ook werkelijk?
  • Onderdeel van het cliëntenbeheer is ook het technisch signaleren van achterstanden en onvolledigheid. Bij de grote aantallen cliënten kan een bank hier niet afhankelijk zijn van de goede wil van medewerkers, zeker niet als zij het werk niet aankunnen.
  • Welke IT-leveranciers kunnen de benodigde software, hardware en infrastructuur leveren. Ontstaat hier ongewenste afhankelijkheid van een beperkt aantal grote partijen?
  • Welke omvang moet een bank ten minste hebben om de door de overheid gewenste digitale infrastructuur te realiseren. Moeten kleine banken verdwijnen omdat zij er niet toe in staat zijn?

Het zou getuigen van een professioneel kritische instelling als het Openbaar Ministerie de witwasregelgeving onafhankelijk zou bekijken en ook de vraagstukken rondom haalbaarheid en digitalisering zou mee nemen.

Het mag worden verwacht dat dit een officiële strafzaak zal worden, aangezien er destijds bij ING veel werd geklaagd over het treffen van een schikking.

Strafzaak ABN Amro
Een greep uit de berichten:

Geplaatst in Europa, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, ICT, privacy, e-commerce, Strafrecht, Trustkantoren | Tags: , , , , , , , , , , , , , , , , | Plaats een reactie

Gemeenteraadsleden: moeten ze een VOG hebben of gescreend worden?

Al eerder schreef ik over het fenomeen dat in de private sector allerlei mensen gescreend moeten worden, zoals bijvoorbeeld in de kinderopvang, terwijl dit voor politieke bestuurders en hooggeplaatste ambtenaren niet geldt.

Uit recente berichten blijkt dat een lid van de Twede Kamer van de VVD voorstelt dat banken leden van de gemeenteraad gaan screen op witwassen. Het lijkt er op dat de auteurs van de berichten niet goed op de hoogte zijn van de Nederlandse antiwitwaswetgeving:

  • Banken moeten nu al de financiële transacties screenen van iedere burger (dus ook consumenten) en van iedere organisatie. Het is niet zo dat alleen hoge politici en rechters door banken op witwassen worden gescreend. Deze screeningsplicht is het belangrijkste sleepnet dat over iedere burger wordt uitgegooid. De intensiteit van deze screening zal gaan toenemen omdat de overheid zeer hoge eisen stelt aan onder meer banken.
  • Hoge politici, rechters en dergelijke, de zgn. politiek prominente personen of ‘PEP’s’, worden in de witwasbestrijding per definitie als hoog risico aangewezen. Eerlijk gezegd doet de keuze voor natuurlijke personen die een hoog risico vormen willekeurig aan. [*]
  • Dergelijke hoog risico personen moeten intensiever worden gemonitord door de private ondernemingen die witwassen moeten bestrijden, zoals banken en accountants.

Als er reden is te vermoeden dat deze functionarissen kwetsbaar zijn, is het denkbaar om de groep PEP’s uit te breiden met wethouders, leden van de gemeenteraad en nog veel meer functionarissen binnen de overheid. Het is de vraag of dat wel slim is, omdat daarmee het begrip ‘PEP’ in Nederland gaat afwijken van hetzelfde begrip in andere Europese landen.

Alternatieven
Bovendien zijn er allerlei alternatieven, zoals een eenmalige of periodiek te verstrekken ‘Verklaring Omtrent het Gedrag’ (VOG). Ook kan worden gedacht aan een specifieke continue screening zoals nu al in de kinderopvang plaats vindt [**].

Wat mij betreft ligt een specifieke screening meer voor de hand, omdat de kwetsbaarheid van ambtenaren, gemeenteraadsleden en wethouders ook op andere onderwerpen dan witwassen betrekking kan hebben. Het voorkomt ook dat private ondernemingen zich met een dergelijke screening bezig moeten houden. Voordeel van een screening door Dienst Justis is, dat deze Dienst ook over niet-openbare bronnen beschikt (de banken beschikken daar niet over).

Het is aan te bevelen dat de politiek goed over nadenkt over de wijze waarop integriteitsmaatregelen in de gemeentelijke politiek worden genomen.

[*] Ik vind bijvoorbeeld de mensen van de FIOD en voormalige FIOD-medewerkers een veel hoger risico vormen, omdat zij precies op de hoogte zijn van de werkwijze binnen de financieel-economische criminaliteit en die kennis kunnen inzetten voor malafide doeleinden.
[**] Lees hier meer over bij de Dienst Justis.

 

Meer informatie:

Recente berichten:

Op dit blog:

Geplaatst in Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, ICT, privacy, e-commerce | Tags: , , , | Plaats een reactie

Wwft-vindplaatsen overzicht bijgewerkt

Het overzicht van Wwft-vindplaatsen heb ik vandaag bijgewerkt. Voor suggesties houd ik me aanbevolen.

Geplaatst in Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft | Plaats een reactie

Bank en trustkantoor als belastingkundige | artikel Leenders in WFR

In het recent verschenen artikel “Noblesse oblige: de rol van belastingadviseurs bij de fiscale integriteitsrisico’s voor banken en trustkantoren” geeft V.S.T. Leenders mooi weer hoe de overheid aankijkt tegen de rol van banken en trustkantoren bij de bestrijding van “fiscale maatschappelijke onbetamelijkheid”. (Oftewel belastingontwijking, wat legaal is. Het dient goed te worden onderscheiden van fiscaal strafbaar of beboetbaar handelen, wat illegaal is.)

Opvallend is dat de auteur in het artikel niet de vraag aan de orde stelt of het wel verstandig is om van banken en trustkantoren (die statutair bestuurder zijn van hun doelvennootschappen) te verwachten dat zij voldoende fiscale kennis in huis hebben om de van hen verwachte taak uit te voeren. Die taak bestaat uit het signaleren van “fiscaal grensverkennende structuren” en “agressieve tax planning”. Banken geven geen fiscale adviezen. Trustkantoren mogen tegenwoordig geen fiscale adviezen meer geven. Van zowel banken als trustkantoren wordt nu iets verwacht, wat bij deze ondernemingen niet thuis hoort.

De auteur vermeldt dat de nieuwe Europese regelgeving (DAC6 / MDR) banken en trustkantoren verplicht tot het melden van grensverkennende structuren maar geeft niet aan waarin het verschil zit met de door hem beschreven fiscale maatschappelijke onbetamelijkheid. Als de fiscale maatschappelijke onbetamelijkheid voldoende wordt gedekt door de DAC6 regels, is er geen reden meer voor Good Practices van DNB op het gebied van fiscale structuren.

De aap komt in het artikel wel uit de mouw:

de belastingadviseur kan hier mooi zijn diensten aanbieden, lees deze vrome passage: “Dat is iets waar belastingadviseurs bij zullen kunnen maar ook moeten ondersteunen in het belang van hun cliënt en in het belang van de Nederlandse financiële sector“. Ik signaleerde al eerder dat regelgeving die niet-proportionele verplichtingen aan niet-fiscalisten oplegt, een goudmijn voor de belastingadviessector zal worden.

Regelgeving van de angst
De door Leenders geformuleerde gedachten passen in een overheidsconcept, dat ik als “de regelgeving van de angst” aanduid. Ondernemingen worden bedreigd met (banken) hogere eisen aan het kapitaalbuffer en (banken en trustkantoren) met reputatierisico, openbaarmaking van sancties en hoge boetes. Mensen die betrokken zijn bij de naleving, zoals statutair bestuurders en compliance medewerkers worden in privé bedreigd met sancties.

Dit is een ongezond concept, voor zover het over gewone hardwerkende en niet-criminele mensen en ondernemingen gaat. Ook bij banken en trustkantoren werken zulke mensen. Als banken en trustkantoren als organisatie crimineel zijn, horen zij hun vergunning te verliezen, dus dat is ook niet aan de orde.

Ik blijf er bij dat de financiële toezichtregelgeving zeer ongezonde elementen bevat. De voorschriften die er toe leiden dat banken en trustkantoren fiscale structuren van hun cliënten moeten beoordelen, onder dreiging van juridische hel en verdoemenis, is zo’n element.


Artikel:
Noblesse oblige: de rol van belastingadviseurs bij de fiscale integriteitsrisico’s voor banken en trustkantoren, V.S.T. Leenders, WFR 2019/171, 2 september 2019.
Abonnees op de Kluwer Navigator kunnen het artikel hier vinden.


Dit artikel verscheen oorspronkelijk op de site van Compliance Platform Trustkantoren.

Op dit blog schreef ik eerder over dit onderwerp in Banken kopschuw voor legale fiscale structuren | Wwft, 15 augustus 2019. Artikelen over DAC6 / MDR zijn hier te vinden, waarbij mijn interesse uitgaat naar de verplichtingen van niet-fiscalisten. Via de tag cultuur en gedrag zijn berichten te vinden over de regelgeving van de angst en andere gerelateerde thema’s. Van regelgeving van de angst heb ik ook een aparte tag gemaakt.

 


Aanvulling 2 juni 2021
Het is te hopen dat de V.S.T. Leenders die hierboven wordt geciteerd een ander is dan de officier van justitie die op een heel andere manier in het nieuws is gekomen, lees ‘Achter de voordeur’ over de veroordeling wegens ontucht met een minderjarige, “Hij had, gelet op zijn functie en het grote leeftijdsverschil, beter moeten weten. Door zijn gedrag heeft hij ook het aanzien van het Openbaar Ministerie beschadigd”.

Geplaatst in Belastingrecht, Bestuurlijke sancties, Dienstverlening - juridisch financieel [advocaten, accountants, belastingadviseurs e.d.], Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, Trustkantoren | Tags: , , , , , , , , , | Plaats een reactie

DNB-consultatie inzake de Wwft-/Sw-leidraad

Aan de consultatie door DNB inzake de leidraad Wwft en Sw heb ik mee gedaan met de navolgende tekst, die ook als pdf is te downloaden. In de pdf-versie zitten een aantal typfouten die in het onderstaande zijn gecorrigeerd.

 


Consultatiereactie Leidraad Wwft en Sw

Aan: de directie van DNB
Van: Ellen Timmer, e-mail, weblog https://ellentimmer.com/,
auteur voor https://complianceplatformtrust.com/
Datum: 17 september 2019
Betreft: Consultatie Leidraad Wwft en Sw, aangekondigd op https://www.toezicht.dnb.nl/7/50-237768.jsp

 

Geachte directie,

In juni jl. nam ik kennis van uw uitnodiging tot deelname aan bovengenoemde consultatie. Van die gelegenheid maak ik hierbij gebruik.

 

1. Inleiding

De Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft) is een wet waaraan naar zeggen van de overheid veel belang wordt gehecht.

De Wwft houdt kort gezegd in dat aangewezen ondernemingen (‘Wwft-plichtigen’, onder meer banken) verplicht zijn een bijdrage te leveren aan de opsporing en bestrijding van financieel-economische criminaliteit. Die bijdrage vindt uitdrukking in ‘monitoring’ (de private variant van opsporing) en ‘cliëntenonderzoek’, die er toe moeten leiden dat de Wwft-plichtigen vermoedens van criminaliteit (witwassen is ieder crimineel voordeel; terrorismefinanciering is iedere legale of illegale betaling aan een specifieke groep criminelen, ook terroristen genoemd) moeten melden. Ik duid een en ander hierna ook aan als ‘private opsporing’.

Alle Nederlandse banken zijn de afgelopen jaren in het nieuws gekomen omdat zij hun private opsporingstaken niet goed zouden hebben vervuld. Of uw Bank en andere relevante instanties wel reële eisen aan banken stellen en hen voldoende tijd hebben gegeven om voldoende gekwalificeerd personeel aan te trekken en de IT-systemen goed in te richten, is voor zover mij bekend nooit onafhankelijk onderzocht. Dat is geen onderwerp van deze consultatie, maar verzwakt wel het systeem.

Het is zorgwekkend dat in de algemene informatie van de rijksoverheid over de Wwft [1] nog steeds geen geactualiseerde versie van de Algemene Leidraad beschikbaar is, terwijl belangrijke wijzigingen in de Wwft medio 2018 in werking zijn getreden. Er staat slechts een verouderde leidraad uit 2011 [2]. Ook voor het overige loopt de informatie op de algemene informatiepagina van de rijksoverheid [3] dramatisch achter.

Nog zorgwekkender is dat uw Bank een conceptleidraad over de Wwft ter consultatie uitbrengt, terwijl de tekst van de vernieuwde Algemene Leidraad nog niet bekend is en u in uw concept er wel naar verwijst.

Deze gang van zaken onderschrijft mijn eerdere constatering dat in Nederland de informatievoorziening inzake de Wwft een grote chaos is. Over die chaos heb ik meerdere keren geschreven. Onder meer:

De chaos van de Wwft informatievoorziening
De chaos van de Wwft informatievoorziening | deel 2

Ik hoop dat de chaotische informatievoorziening geen teken van minachting voor de Wwft-plichtige ondernemers is, die geacht worden “de wet te kennen”. Zoals u weet is het doorgronden van van de Wwft lastig, niet alleen om de wet zeer snel wijzigt, maar ook omdat de regels buitengewoon ingewikkeld zijn.

Als gevolg van die ingewikkeldheid kom ik overal op internet, zowel bij overheidsinstanties als bij private partijen dramatische fouten en onjuistheden over de Wwft tegen, alsmede onvolledige informatie. Als ik op alle onjuistheden in dit soort informatie zou reageren, dan zou ik daar een dagtaak aan hebben.

Daar komt nog bij dat de Wwft-plichtigen een divers gamma aan ondernemingstypen vertegenwoordigen, variërend van zeer klein (zoals notariskantoren en kleine trustkantoren) tot aan grote bedrijven, zoals de grootbanken. Het is van belang dat uw informatie toegankelijk is voor zowel de Wwft-plichtigen als hun adviseurs.

 

Regelgevingstransparantie
De overheid, waarvan u deel uitmaakt, dient het goede voorbeeld te geven door zorg te dragen voor een volwassen publieksvoorlichting, zowel gericht op de Wwft-plichtigen als hun cliënten en relaties, die adequaat en up-to-date is. Die verplichting vloeit voort uit zowel het Nederlandse recht, als uit het Europese recht. De transparantiebeginselen omvatten ook dat de overheid duidelijk dient te zijn in de voorlichting en guidance gericht op burgers (inclusief ondernemingen en organisaties).

U kunt zich er niet van af maken met de mededeling dat de private sector dit zelf maar moet organiseren. Grote ondernemingen kunnen het misschien zelf realiseren, maar voor Wwft-plichtigen uit het MKB is dit onmogelijk.

Ik verzoek uw Bank een bijdrage te leveren aan de voornoemde regelgevende transparantie, door:

• bij de relevante instanties (zoals Ministerie van Financiën, FIU Nederland, Europese Commissie) aan te dringen op verbetering van de overheidsinformatie;
• zelf zorg te dragen voor volwassen en kwalitatief hoogwaardige informatie, die niet alleen voor een gespecialiseerde incrowd is te doorgronden;
• onafhankelijk onderzoek te laten doen (eventeel samen met andere toezichthouders) om vast te stellen of het regelgevingssysteem wel voor alle verschillende groepen toezichtsubjecten haalbaar en uitvoerbaar is.

 

Aanbevelingen:
* Stel een nieuwe conceptleidraad op en start een nieuwe consultatie nadat de Algemene Leidraad van het Ministerie van Financiën bekend is.
* Dring bij het Ministerie van Financiën aan op aanzienlijke verbetering van de Wwft-voorlichting, onder andere door de informatie op overheidssites up to date te houden, een Nederlandse of Europese AML-CFT website tot stand te brengen en te bewerkstelligen dat er een goede database wordt gecreëerd waarin alle landenbeoordelingen door gezaghebbende instanties zijn terug te vinden, ook per land.
* Zorg zelf voor toegankelijke en juridisch juiste informatie, die zowel de instellingen als hun adviseurs in staat stelt hun situatie te beoordelen. Richt een en ander zo in dat ook adviseurs die niet bij een toezichthouder of (andere) overheidsinstelling hebben gewerkt in staat zijn om hun cliënten te adviseren.
* In voor Wwft-plichtigen relevante documenten, zoals de SNRA, staan ernstige fouten, zoals ik heb gesignaleerd in een artikel over de not-for-profit [4]. Graag verzoek ik DNB er bij de Europese instanties op aan te dringen dat de kwaliteit van de documenten die door onder andere Wwft-plichtigen moeten worden geraadpleegd, sterk wordt verbeterd.

 

2. Concept leidraad DNB

Opvallend aan de concept leidraad is dat deze niet de structuur van de Wwft volgt. Zo valt op dat in de inleiding een duidelijke aanduiding van de doelgroep van de leidraad ontbreekt. Verder valt op dat na de inleiding meteen naar de inrichting van de bedrijfsvoering wordt overgegaan, zonder aandacht te besteden aan het doel van de Wwft en de kernbegrippen (witwassen en terrorismefinanciering). Ernstig is ook dat er onvoldoende onderscheid wordt gemaakt tussen de verschillende typen Wwft-plichtigen en de voor hen geldende regelgevende regimes. Zo is er een groot verschil tussen Wwft-plichtigen op wie de Wft of Wtt 2018 van toepassing is, en de overigen.

 

Logische opbouw
Goede publieksvoorlichting en ook goede doelgroepenvoorlichting hoort in te houden dat een leidraad als deze logisch en overzichtelijk wordt opgebouwd. Dat betekent naar mijn mening een volgende indeling:

Hoofdstuk 1 – Inleiding
Met omschrijving van de doelgroep van de Wwft, de Wwft-plichtigen, in algemene zin en de groep die onder DNB-toezicht valt.

Hoofdstuk 2 – Witwasbestrijding en sanctieregelgeving.
Beschrijving van de kernbegrippen van de Wwft, met onder meer de definities van witwassen en terrorismefinanciering. Uitleg over de principes van de sanctieregelgeving en uitleg over de landenlijsten van de sanctieregelgeving en de relatie met de zwarte lijsten van de bestrijding van witwassen en terrorismefinanciering. Uitleg over de verschillen, bijvoorbeeld verschil tussen ubo op grond van Wwft en ubo op grond van sanctieregelgeving.

Hoofdstuk 3 – Risicomanagement
Uitwerking van het hoofdstuk inzake risicomanagement in de Wwft, waarbij goed onderscheid wordt gemaakt tussen Wwft-plichtigen die onder Wft en Wtt 2018 vallen en de overige Wwft-plichtingen onder toezicht van DNB. Voorts bespreking van de vereisten ten aanzien van de bedrijfsvoering op grond van de sanctieregelgeving met duidelijk aangeven van de verschillen met de Wwft.

In dit hoofdstuk kunnen als deelonderwerpen figureren:
* integere bedrijfsvoering voor vergunninghouders Wft en Wtt 2018, aangeven dat hier ook andere onderwerpen dan de Wwft / Sw een rol spelen, onder andere verkoop van adequate producten en bestrijding belangenverstrengeling ten aanzien van producten
* bedrijfsvoering algemeen
* organisatie van KYC / CDD
* IT van KYC / CDD
* SIRA in algemene zin
* risicofactoren in algemene zin (detaillering in hoofdstuk 4)
* begrip relatie in de sanctieregelgeving
* de ubo in de Wwft en in de sanctieregelgeving

Hoofdstuk 4 – Cliëntenonderzoek
Beschrijving van de Wwft-verplichtingen conform de wettelijke systematiek. Het cliëntenonderzoek op grond van de sanctieregelgeving.
Hier is transactiemonitoring een onderdeel van. Bespreking van zowel de Wwft- als de Sw-aspecten.

Deelonderwerpen:
* De wijze waarop een Wwft-plichtige bewijs kan leveren dat hij aan de Wwft en de sanctieregelgeving heeft voldaan.
* Systematiek risicofactoren: [1] Wwft en (via de Wwft); de bijlagen bij de 4e Europese anti-witwasrichtlijn, zoals gewijzigd door de de 5e Europese anti-witwasrichtlijn; de Europese zwarte lijst van landen (AML); SNRA; [2] richtlijnen van Europese toezichthouders zoals EBA voor specifieke doelgroepen; [3] overige richtlijnen, zoals de Algemene Richtlijn en de branchegerelateerde richtlijnen en leidraden.
* Aangeven welke informatiebronnen gezaghebbend zijn en of deze bronnen onafhankelijk wetenschappelijk zijn getoetst.

Hoofdstuk 5 – Meldplichten en overige maatregelen
Hier bespreking van de verplichtingen als er een ongebruikelijke transactie wordt geconstateerd en/of een relevante gebeurtenis in de sanctieregelgeving.

Onderwerpen:
* melding ongebruikelijke transactie
* meldplicht sanctieregelgeving
* maatregelen tegen geliste personen

Hoofdstuk 6 – Wire Transfer Regulation 2
Nu dit een specifieke doelgroep betreft, verdient het aanbeveling met betrekking tot dit onderwerp een afzonderlijke leidraad uit te brengen.

Hoofdstuk 7 – Bewijslevering en AVG
Hier kunnen de bewijsleveringsverplichtingen van de Wwft-plichtigen aan de orde komen alsmede de specifiek voor de Wwft geldende uitzonderingen op de AVG.

Voorts dienen de Wwft-plichtigen er op te worden gewezen dat de AVG verder integraal van toepassing is, wat onder meer betekent dat de personen wiens gegevens worden verwerkt (betrokkenen) daarvan op de hoogte worden gesteld (dus niet alleen de cliënt van de Wwft-plichtige), dat er in het algemeen een DPIA nodig en dat cliënten en betrokkenen op de hoogte worden gesteld van de profileringsmethodiek.

 

Overig commentaar
Helaas ontbreekt mij de tijd om op alle onvolkomenheden in het concept in detail in te gaan. Ik kwam er een groot aantal tegen, bijvoorbeeld:

* De opmerking dat er een ‘hit’ is als de naam van een persoon gelijk is aan de naam van een geliste persoon. Dat kan natuurlijk niet waar zijn. Die ‘hit’ is er alleen als de naam hetzelfde is en er voldoende aanwijzingen zijn dat het dezelfde persoon is.

Enkele andere onvolkomenheden:

1. Het is aan te bevelen de groep ondernemingen die onder de Wwft valt door middel van verwijzing naar de richtlijn kapitaalvereisten [5] specifiek te noemen.
2. Er wordt op allerlei plaatsen verwezen naar andere bronnen, onder andere de Wolfsberg groep, FATF en vele anderen. Het is aan te bevelen een bijlage te maken en daarin aan te geven welke bronnen voor welke Wwft-plichtige verplicht zijn. Zo zien kleine Wwft-plichtigen meteen waar zij acht op moeten slaan.
3. Het begrip maatschappelijke onbetamelijkheid dient te worden uitgewerkt als DNB wenst dat hier acht op wordt geslagen. Zie over het feit dat dit geen geschikte compliance norm is mijn eerdere consultatiereactie. [6]
4. Zoals in vele andere guidance documenten waarin ‘red flags’ worden beschreven, hebben de beschrijvingen in het concept een rommelig karakter en zijn waarschijnlijk gebaseerd op praktijkvoorbeelden. Het is aan te bevelen dit veel systematischer aan te vliegen en anderen (zoals FATF, Egmont Group) aan te bevelen dat ook te doen.

 

3. Slotopmerking

Graag verzoek ik aan het bovenstaande aandacht te besteden.

Met vriendelijke groet,
Ellen Timmer

 

Noten

1 https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/financiele-sector/misbruik-in-financiele-sector-tegengaan/aanpak-witwassen-en-financieren-van-terrorisme
2 https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/financiele-sector/documenten/richtlijnen/2011/02/21/algemene-leidraad-wet-ter-voorkoming-van-witwassen-en-financieren-van-terrorisme-wwft-en-sanctiewet-sw
3 https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/financiele-sector/misbruik-in-financiele-sector-tegengaan/aanpak-witwassen-en-financieren-van-terrorisme
4 https://ellentimmer.com/2019/07/25/snra/
5 Dat wil zeggen instellingen (en hun bijkantoren) die, geen bank zijnde, in hoofdzaak hun bedrijf maken van het verrichten van een of meer van de werkzaamheden opgenomen onder de punten 2, 3, 5, 6, 9, 10, 12 en 14 van bijlage I bij de richtlijn kapitaalvereisten.
6 Te vinden op https://complianceplatformtrust.com/2019/08/20/maatschappelijke-betamelijkheid/.


 

Dit bericht verscheen eerder op de site van Compliance Platform Trustkantoren.

Geplaatst in Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, Sanctieregels, Trustkantoren | Tags: , , , , | Plaats een reactie

Een Belgische BV is iets anders dan een Nederlandse BV | nieuw Belgisch vennootschapsrecht

Op 1 mei jl. is het Belgisch recht inzake rechtspersonen en personenvennootschappen ingrijpend veranderd. Alertheid is geboden, nu België ook een BV en NV en personenvennootschapsvormen kent, terwijl juridisch een en ander anders is dan in Nederland. Opvallend zijn:

  • België kent nu ook een besloten vennootschap, die in plaats komt van de bvba, zodat belangrijk is de Belgische bv goed van een Nederlandse bv te onderscheiden. Er geldt geen minimumkapitaal meer, wel moet er bij oprichting een goed uitgewerkt financieel plan zijn, volgens een vast format. Er gelden flexibeler regels dan voorheen, deels gelijkend op wat in Nederland geldt, maar er zijn ook andere regels.
  • De terminologie is gewijzigd, begrippen als ‘zaakvoerders’ (bestuurder) en ‘vennoten’ (aandeelhouders van een bvba) worden niet meer gehanteerd.
  • In België is er niet alleen rechtspersoonlijkheid bij de naamloze vennootschap, de besloten vennootschap en de coöperatieve vennootschap (‘cv’), de vereniging zonder winstoogmerk (‘vzw’) en de stichting. Twee soorten personenvennootschappen hebben eveneens rechtspersoonlijkheid: de vennootschap onder firma (‘V.O.F.’) en de commanditaire vennootschap (‘Comm.V.’), overigens wel met behoud van aansprakelijkheid van de vennoten.
  • Er zijn drie soorten personenvennootschap, de generieke vorm heet ‘maatschap’, die geen rechtspersoonlijkheid heeft. Daarvan zijn de V.O.F. en Comm.V. specifieke vormen. Kenmerkend voor deze vennootschapsvormen is dat de vennoten onbeperkt aansprakelijk zijn (behoudens de stille vennoten van de Comm.V.). Een maatschap kan ook ‘stil’ zijn. Andere vennootschapsvormen die België voorheen kende zijn afgeschaft.
  • Er is een systeem van beperking van bestuurdersaansprakelijkheid (‘plafonnering’) voor ‘lichte fouten’, wat de verzekerbaarheid zou moeten bevorderen.
  • België heeft het systeem van de ‘feitelijke zetel’ verlaten en gekozen voor de incorporatieleer, net als Nederland.

Op nieuw opgerichte rechtspersonen is onmiddellijk het nieuwe recht van toepassing. Bestaande vennootschappen vallen vanaf 1 januari 2020 van rechtswege onder het nieuwe wetboek. Statutenwijziging dient uiterlijk op 1 januari 2024 plaats te vinden.

Organisaties die met Belgische BV’s, NV’s en personenvennootschappen zaken doen, dienen er op te letten dat de namen van de rechtsvormen lijken op de Nederlandse rechtsvormen, maar dat de regels flink kunnen afwijken.


Dit artikel verscheen eerder op het ondernemingsrechtweblog.

Eerdere artikelen op het ondernemingsrechtblog:

 


Aanvulling 29 november 2023
In De Tijd stond het artikel (betaalmuur): Helft van bedrijven nog niet in orde met statutenwijziging. Een maand voor de deadline moet nog de helft van de bedrijven de statuten aanpassen aan het nieuwe vennootschapsrecht.

Geplaatst in Rechtspersonenrecht | Tags: | Plaats een reactie

Nieuw Wwft-wetsvoorstel in aantocht

Tijdens de behandeling van het wetsvoorstel inzake het Verwijzingsportaal Bankgegevens, schrijft de Minister van Financiën naar aanleiding van vragen over gezamenlijke transactiemonitoring door banken dat in het najaar een nieuw wetsvoorstel tot wijziging van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft) zal worden geconsulteerd, waarin onder meer gezamenlijke transactiemonitoring zal worden mogelijk gemaakt.

In het kader van het plan van aanpak witwassen dat ik samen met de Minister van Justitie en Veiligheid op 30 juni aan de Tweede Kamer heb gezonden, heb ik ook onderzoek gedaan naar de mogelijkheden voor informatie-uitwisseling. Daarbij heb ik ook gekeken naar de mogelijkheden voor gezamenlijk cliëntenonderzoek en gezamenlijke transactiemonitoring. Er bestaan op dit moment geen wettelijke belemmeringen voor gezamenlijk cliëntenonderzoek.
Er bestaan wel wettelijke belemmeringen voor een gezamenlijke transactiemonitoring, omdat op grond van de Wwft uitbesteding van de transactiemonitoring niet is toegestaan. Momenteel bereid ik een wetsvoorstel voor dat deze wettelijke belemmering wegneemt. Dat wetsvoorstel zal ook andere maatregelen bevatten die in het plan van aanpak witwassen zijn aangekondigd, zoals het verbod voor beroeps- en bedrijfsmatige handelende kopers en verkopers van goederen om contante betalingen te accepteren van een bedrag vanaf 3.000 euro. Een concept van dat wetsvoorstel zal dit najaar openbaar worden geconsulteerd.

Een gezamenlijk cliëntenonderzoek is al mogelijk, schrijft DNB, wat niet alleen perspectieven biedt voor banken.

Adviesaanvraag Autoriteit Persoonsgegevens
Voorts schrijft de Minister dat er advies is gevraagd aan de Autoriteit Persoonsgegevens over diverse onderwerpen die de witwasbestrijding betreffen. Onder meer:

  • informatie-uitwisseling om de uitvoering van het cliëntenonderzoek door Wwft-instellingen effectiever te maken;
  • de noodzaak en proportionaliteit van breder gebruik van het burgerservicenummer door banken.

 

De Wwft is niet alleen de wet van het dubbele werk (lees ook 1, 2), dat mogelijk bij gezamenlijk cliëntenonderzoek en -monitoring wat afneemt, maar ook de wet van de vele wijzigingen.


Aanvulling 9 oktober 2019
Lees over de wetgevende plannen ook de brief van 2 oktober 2019 van de Minister van Financiën. Daarin veronderstelt de Minister dat de Wwft makkelijk is na te leven, lees onder meer dit poortwachtersproza:

Private partijen hebben als poortwachter een verantwoordelijkheid om te voorkomen dat hun dienstverlening wordt gebruikt voor witwassen en financieren van terrorisme. Het voorkomen van witwassen en financieren van terrorisme is een belangrijke maatschappelijke en wettelijke taak die banken adequaat behoren te vervullen. De instellingen moeten hiertoe verbeteringen doorvoeren en investeringen plegen. Het is daarbij van belang dat bestuurders van financiële instellingen hun verantwoordelijkheid nemen en integriteit boven commercie stellen. Wij blijven hiervoor aandacht vragen van bestuurders.

Dat is de denkluiheid die we al langer kennen van het Ministerie. De gegevensuitwisseling tussen overheid en Wwft-plichtigen wordt besproken:

Daarom is het van belang dat publieke en private partijen, en private partijen onderling, elkaar vinden en samenwerken bij het maken van beleid en delen van kennis. Informatie-uitwisseling kan een belangrijke bijdrage leveren om de vervulling van de rol van poortwachter effectiever te maken, zeker als het fenomenen betreffen die een individuele instelling overstijgen. Binnen de publiek-private samenwerking worden verschillende goede initiatieven ontwikkeld, waaronder de Serious Crime Task Force. Daarnaast kunnen banken zowel op het verrichten van klantonderzoek als transactiemonitoring samenwerken. Hier lopen voorbereidingen voor. Uit het onderzoek naar gegevensuitwisseling dat ik samen met de Minister van Justitie en Veiligheid heb gedaan, blijkt dat hier nog enkele wettelijke belemmeringen voor bestaan. Wij hebben een wetsvoorstel in voorbereiding om deze belemmeringen weg te nemen. Daarnaast zijn er door de banken enkele suggesties gedaan voor toegang tot informatie. Dit betreft gebruik van het BSN, toegang tot gegevens in de basisregistratie personen en tot gegevens in het afgesloten gedeelte van het UBO-register. Gezien het feit dat dit persoonsgegevens betreft en hier nadrukkelijk vragen omtrent proportionaliteit en subsidiariteit spelen, leggen wij deze zaken voor aan de Autoriteit Persoonsgegevens alvorens hierover een besluit te nemen. De adviesaanvraag hiervoor is onlangs verzonden.

Geplaatst in Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, ICT, privacy, e-commerce | Tags: , , , , , , , , , , | Plaats een reactie

Europese concurrent voor Amerikaanse giganten? | Gaia-X

In een poging om Europa minder afhankelijk te maken van de Amerikaanse en Chinese internetgiganten, is men bezig met een Europese ‘cloud’, die de naam Gaia-X draagt.

In oktober zou meer informatie beschikbaar moeten komen.

Meer informatie:

DIHK schrijft in de nieuwsbrief van 9 september 2019:

Neues Cloud-Netzwerk in Europa geplant
Zu einer europäischen Cloud mit dem Namen „Gaia-X“ sollen nach Plänen des Bundeswirtschaftsministeriums kleine Cloud-Anbieter über ein offenes Netzwerk ihre Angebote verknüpfen. Das Cloud-Netzwerk soll in Europa den Aufbau der Datenökonomie sowie Entwicklungen im Bereich KI unterstützen, indem sie deutschen und europäischen Unternehmen internationale Datensouveränität und eine breite Datenverfügbarkeit bietet. „Gaia-X“ soll im Oktober beim Digitalgipfel in Dortmund präsentiert werden.

Geplaatst in Europa, ICT, privacy, e-commerce | Tags: | Plaats een reactie