Are IP addresses personal data? | IP addresses in the draft guidelines by the AMLA

Privacy International (PI) published the article Are IP addresses personal data? In the article PI explains what an IP address is and informs the reader on the decisions of the Court of Justice of the European Union.

On the character of the IP address PI writes:

Every time you visit a website or use some other Internet service, you need to tell the other party where you connected from so they can send information back to you. That means giving out your IP address widely and frequently (including to those who place their content on other people’s websites, such as advertisers). As such, IP addresses can, in practice, be used to track and identify us in various ways. They are frequently used within the advertising industry to assist with targeted advertising. They can also be used to help with the geolocation tracking of individuals (even though the location of an IP address may not always match the device’s location). (…)

the UK’s data protection regulator, the Information Commissioner’s Office (ICO) describes IP addresses as ‘online identifiers’; a digital means of identifying an individual within information, which makes it ‘identifiable’ and therefore personal data. IP addresses are also considered to be an ‘online identifer’ within recital 30 of the GDPR which explicitly lists IP addresses as an example.

VPN-protection

The use of IP adresses by advertising companies like Google and Meta and by criminals to follow their targets, is a good reason to use a VPN. That is something that does not seem to be known by law enforcement agencies (LEAs). They want obliged entities (‘OEs’, companies with AML-duties, like banks) to use IP addresses to detect potential criminal activity.

An example of that is found in the draft rules by the Authority for Countering Money Laundering and Financing of Terrorism (AMLA) on ongoing monitoring by OEs [*], marking by me:

27. The following non-exhaustive list of events are provided as instances of what may trigger a review of customer information (…)
b) Behavioural, activity-based or transactional anomalies: unusual transaction patterns, inconsistent behaviour, frequent and unexplained changes of professional service providers, repeated or unusual changes in IP address or device location, where relevant, or any activity that deviates from the customer’s profile or from the expected purpose and intended nature of the business relationship. Obliged entities should consider AMLA’s guidelines pursuant to Article 69(5) AMLR on indicators of suspicious activity or behaviors.

Perhaps the AMLA and the LEAs need some extra training in the areas of cybersecurity and protection against tracking

 

 

[*] Page 27 of the consultation document. More information on the consultation: announcement, consultation page, consultation document, my article in Dutch.

Geplaatst in English - posts in English on this blog, Europa, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, ICT, privacy, e-commerce, Strafrecht | Tags: , , , , , , , , , , | Plaats een reactie

Advies Raad van State over implementatie Europese antiwitwasregels

De Afdeling advisering van de Raad van State heeft een interessant advies uitgebracht over het wetsvoorstel inzake implementatie van de Europese antiwitwasverordening en -richtlijn (onderdeel van het ‘AML Package’, het ‘antiwitwaspakket’). De verordening treedt medio volgend jaar in werking. Kern van de verordening is dat bedrijven overheidstaken op het gebied van misdaadbestrijding moeten uitvoeren. Een groot aantal bedrijven, van boekhouder tot bank, hebben dit soort taken.

Alertheid op grondrechten schendende elementen in de geprivatiseerde criminaliteitsbestrijding
De Afdeling constateert dat de nieuwe Europese regels weinig wetgevende ruimte voor de Nederlandse overheid laat, maar roept de regering desalniettemin op om alert te zijn op grondrechten schendende elementen in de regelgeving, respectievelijk de praktische uitvoering [*]:

De Afdeling advisering onderkent dat Nederland door deze centralisatie aanmerkelijk minder ruimte heeft om zelf regels te stellen. Toch mag van de regering ten aanzien van de toepassing van het AML-pakket een actieve houding worden verwacht om te zorgen voor een goed werkend systeem in Nederland. De Afdeling advisering benadrukt dat de regering in het bijzonder de vinger aan de pols moet houden bij de uitwerking van de risicogebaseerde benadering, het voorkomen van discriminatie en uitsluiting en de bescherming van persoonsgegevens, omdat deze aspecten in de huidige praktijk kwetsbaar zijn gebleken.

De nieuwe regels zullen enorme gevolgen hebben, zo meldt de Afdeling, al zijn de details nog niet bekend [*]:

Op dit moment is nog onzeker hoe deze aanpak er uit zal komen te zien, terwijl wel vaststaat dat de aanpak en in het bijzonder de grootschalige gegevensdeling tussen tal van publieke en private partijen, grote gevolgen zal hebben voor burgers, bedrijven en instellingen.

Democratische legitimiteit ontbreekt
Dat nog veel onbekend is, komt door de regelgevende bevoegdheden van de nieuwe Europese antiwitwasautoriteit, de Authority for Countering Money Laundering and Financing of Terrorism , ‘AMLA’. De Afdeling zet vraagtekens bij de democratische legitimiteit van de nadere regels (technische reguleringsnormen, richtsnoeren en aanbevelingen) die de AMLA tot stand  brengt [**]:

Ten tweede is er de instelling van de AMLA als toezichthouder én regelgever. Deze zal rechtstreeks toezicht houden op veertig grote financiële ondernemingen en op de nationale toezichthouders. De AMLA krijgt ruime toegang tot informatie en de bevoegdheid om administratieve maatregelen, geldboeten en dwangsommen op te leggen aan poortwachters. (zie noot 5) Ook wordt deze autoriteit verantwoordelijk voor het opstellen van technische normen, die bindend zijn na bekrachtiging door de Europese Commissie (hierna: Commissie). (zie noot 6) Voorts gaat de AMLA richtsnoeren en aanbevelingen uitbrengen voor toezichthouders, FIE’s en meldingsplichtige entiteiten. Deze zijn formeel niet bindend maar de geadresseerden moeten wel ‘alles in het werk stellen’ om deze in acht te nemen. (…)

De AMLA heeft op Europees niveau daarmee grote invloed op de betekenis en praktische uitvoering van het AML-pakket binnen de Nederlandse rechtsorde. In dit licht kunnen er vanuit het oogpunt van publieke verantwoording vragen gesteld worden over de democratische legitimiteit van de richtsnoeren en aanbevelingen die de AMLA uitbrengt. (…)

Wel rijst de vraag hoe precies en wie vooraf wordt geconsulteerd en hoe achteraf in brede zin publieke verantwoording wordt afgelegd. Dat is in dit kader van groot belang, gelet op de betekenis die de richtsnoeren en aanbevelingen van de AMLA in de praktijk zullen hebben voor uitleg en toepassing van het AML-pakket, niet alleen voor toezichthouders en de FIU, maar ook de meldingsplichtige entiteiten en burgers. De toelichting gaat nu nog niet in op de vraag hoe consultatie en verantwoording reële betekenis verkrijgen, zodat het daadwerkelijk voorwerp kan worden van publiek debat.

Wordt er geleerd van de fouten uit het verleden?
In het verleden zijn ernstige fouten gemaakt in de geprivatiseerde criminaliteitsbestrijding. De Afdeling merkt op dat de vernieuwde regels niet betekenen dat dezelfde fouten niet opnieuw gemaakt worden [*]:

Het is niet aannemelijk dat de nieuwe regelgeving als vanzelf tot een betere uitvoering zal leiden. Zij adviseert de regering om in de toelichting van het wetsvoorstel in te gaan op de vraag welke randvoorwaarden zij van belang acht om de risico-gebaseerde aanpak in de praktijk te borgen, en hoe deze zich verhouden tot de sanctiemogelijkheden. Mede in verband daarmee adviseert zij om de uitvoeringspraktijk te monitoren en een evaluatiebepaling op te nemen in het wetsvoorstel.

Daarbij moet de voorkomen van discriminatie en uitsluiting specifieke aandacht krijgen. In het advies maakt de Afdeling melding van de kritiek van het College voor de Rechten van de Mens en de Algemene Rekenkamer.

Mijn commentaar: AMLA laat in de consultatiedocumenten die de afgelopen tijd zijn uitgebracht zien dat zij voornemens is dezelfde fouten opnieuw te maken, zelfs op nog grotere schaal.

Riskante grootschalige verzamelingen van persoonsgegevens bij bedrijven en overheid
De Afdeling waarschuwt voor de grote maatschappelijke risico’s veroorzaakt door de grootschalige gegevensverwerking [*]:

De Afdeling advisering waarschuwt voor het risico dat op een zeker moment het overzicht verloren gaat waar zich welke (vertrouwelijke) gegevens bevinden, voor wie deze toegankelijk zijn en met welk doel deze nog mogen worden gebruikt.

Ik vraag me af of dit overzicht er op dit moment wel is.

Tot slot
De Afdeling maakt nog veel meer opmerkingen. Het zal me benieuwen wat de verantwoordelijke ministeries met dit advies gaan doen.

 

 

[*] Bron: de samenvatting.
[**] Bron: het complete advies.

Geplaatst in Europa, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, ICT, privacy, e-commerce, Strafrecht | Tags: , , , , , , , | Plaats een reactie

EFIPP – public-private partnership Europol with banks in the EU

In the EU based on the new rules on anti-money laundering (‘AML’) and countering terrorist financing, ‘CFT’ (the AML Package), many public-private partnerships (PPPs) with banks will be established.

One very important PPP is already there: EFIPP, the Europol Financial Intelligence Public-Private Partnership. The organisation has a website, where the activities are explained. According to the annual report of 2024 the members of this PPP in that year were:

32 Financial Institutions (FIs)
21 Financial Intelligence Units (FIUs)
17 Law Enforcement Agencies (LEAs)

Illustration: EFIPPP website. Click to enlarge

 

The Dutch Anti-Money Laundering Centre (AMLC), part of the Dutch Tax Authority, in 2020 in an article mentioned that AMLC is part of a steering group of EFIPPP (this still seems to be the case). According to this article two Dutch banks are member of EFIPPP: ABN Amro and ING Bank.

Geplaatst in English - posts in English on this blog, Europa, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, ICT, privacy, e-commerce | Tags: , , , , , , , , , , , , | Plaats een reactie

FIUs prepare for public-private partnerships (PPPs) with banks | AML, CFT

The world-wide organisation of FIU’s [1], the Egmont Group, in July this year published a statement on the use of public-private partnerships (PPPs) in combatting crime [2]:

Public Statement by the Egmont Group of Financial Intelligence Units – Advancing the Future of Public-Private Partnerships in Combating Money Laundering and Terrorist Financing

Attached to the statement are a report on PPPs (pdf) and a brochure on PPPs (pdf).

The report explains, in veiled terms, that the current system for detecting crime (‘anti-money laundering’, AML, and countering terrorist financing, ‘CFT’) has failed and that hopes are now pinned on analysing, in collaboration with the banks [3], the transactions and activities of every citizen and organisation in the countries participating in the Egmont Group.

The report is useful for the EU, at a time when public authorities are busy preparing AML/CFT-partnerships with banks to analyse transactions across the EU, based on the Payment Services Regulation (PSR), which is expected to come into force shortly, and on the Anti-Money Laundering Regulation (AMLR) (including Article 75) which will come into force in 2027.

 

Notes:

[1] FIUs, ‘Financial Intelligence Units’, are government bodies to which organisations with anti-crime responsibilities, such as banks, must report suspected criminal activity.
[2] By using the terms ‘money laundering’ and ‘terrorist financing’, the authorities suggest that the public responsibilities of businesses (‘obliged entities’, ‘OEs’) are limited; in reality, however, these terms cover all forms of crime that yield a financial gain – in other words, just about everything.
[3] As is customary, the publications obscure the fact that this is not about cooperation with ‘the private sector’, but actually about cooperation with banks. The role of other companies is irrelevant, e.g. because they have too little contact with their customers or are themselves too small.

 

Illustration from the PPPs brochure by the Egmont Group

Geplaatst in English - posts in English on this blog, Europa, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, ICT, privacy, e-commerce | Tags: , , , , , , , , , , | Plaats een reactie

AI bij de Raad van Europa

In diverse publicaties heeft de Raad van Europa aandacht besteed aan de gevolgen van het gebruik van artificial intelligence (‘AI’).
In januari dit jaar maakte de organisatie publicaties over rechtsbescherming tegen AI-discriminatie en richtlijnen voor mensenrechtentoezichthouders bekend. Lees het bericht Lacunes en beleidsmaatregelen inzake door AI en algoritmen veroorzaakte discriminatie in Europa [1] en de bijbehorende rapporten, beschikbaar in diverse talen:

De Raad van Europa heeft een Raamverdrag over artificiële intelligentie [4] uitgebracht, waarbij onder meer de EU partij is. Eerder bracht de Raad het ‘Verdrag 108+‘ [5] over gegevensbescherming tot stand. De Raad heeft een themapagina over AI.

 

Noten:

[1] Aankondiging: Gaps and policies in AI- and algorithm-driven discrimination in Europe.
[2] Legal protection against algorithmic discrimination in Europe: current frameworks and remaining gaps, naast Nederlands en Engels ook in enkele andere talen.
[3] European policy guidelines on AI and algorithm-driven discrimination for equality bodies and other national human rights structures, naast Nederlands en Engels ook in enkele andere talen.
[4] The Framework Convention on Artificial Intelligence, zie de speciale pagina. Er is een Nederlandse vertaling.
[5] Convention 108+ – Convention for the protection of individuals with regard to the processing of personal data.

Geplaatst in Europa, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, ICT, privacy, e-commerce | Tags: , , , | Plaats een reactie

De deurbellenziekte en de spionagesamenleving

Hoewel Nederlanders denken dat ze privacybewust zijn, is de werkelijkheid anders. Overal verschijnen deurbellen met spionagefunctionaliteit, ook op plaatsen waar je prima uit het raam kunt kijken om te kijken wie er voor de deur staat. Hoewel die spionagedeurbellen de openbare weg niet mogen filmen, gebeurt dat wel en ontbreekt bij de Autoriteit Persoonsgegevens handhavingscapaciteit.

In De Groene verscheen een mooi artikel van Tom Grosfeld (betaalmuur) over de spionagedeurbellen in Nederland, met als introductie:

Net als China rolt het Westen de infrastructuur voor massasurveillance onbeschaamd uit. Als burgers werken wij hier met onze slimme deurbel vrijwillig aan mee.

en met een verslag van wat er in buurtapps gebeurt:

Het is daarnaast bekend dat het installeren van een slimme deurbel geen woninginbraken voorkomt, maar hoogstens helpt bij het latere opsporen van de dader. Meer dan om veiligheid draait het dus om controle, om ‘zien wat er rondom je huis gebeurt’. Maar juist dit volledige zien, deze permanente zichtbaarheid, leidt tot angst en wantrouwen, tot alertheid en onrust, aangezien er telkens meldingen binnenkomen van potentieel verdachte personen of situaties.

En bovenal leidt het tot massasurveillance, waarbij willekeurige passanten niet alleen het risico lopen niet langer onbespied de straat over te kunnen, maar ook gestigmatiseerd of aan de digitale schandpaal genageld te worden. Om inzicht te krijgen in deze dynamiek hoeven we alleen maar een blik op onze buurtapps te werpen.

Bij die spionagedeurbellen blijft het niet want ook Nederlanders kopen de spionagebrillen van dat grote Amerikaanse advertentiebedrijf en rijden in auto’s volgeladen met spionageapparatuur.

Niemand weet waar de data heen gaat en wie er allemaal gezellig mee kunnen kijken in de straat van de spionagedeurbel.

Geplaatst in Grondrechten, ICT, privacy, e-commerce | Tags: , , , , , | Plaats een reactie

Het centrale entiteitenregister van BZK

Een nieuw fenomeen aan het rechtspersonenfirmament is het ‘entiteitenregister’. Ik dacht dat er al voldoende registers waren, maar kennelijk is dat niet het geval.
Onlangs werd een rapport bekend gemaakt door het ministerie BZK, met op de open overheid pagina de aanduiding “Vervolgfase entiteitenregister“. Die aanduiding blijkt de naam van het rapport van PBLQ te zijn dat openbaar wordt gemaakt. Volgens de samenvatting is dit register al eerder bekeken [1]:

De Nederlandse overheid beschikt momenteel niet over een sluitende manier om alle organisaties waarmee zij te maken heeft eenduidig te registreren en te identificeren. Sommige organisaties, zoals buitenlandse rechtspersonen en ondernemingen, kunnen niet worden opgenomen in het Handelsregister, terwijl zij wel wettelijke verplichtingen hebben en interactie hebben met de overheid. Deze zogenaamde restgroepen worden nu (nog) niet eenduidig en uniform geregistreerd, maar door verschillende individuele overheidsorganisaties in het kader van hun eigen publieke taak. Het restgroepenvraagstuk is al eerder onderzocht in opdracht van Kamer van Koophandel en de Belastingdienst, door Forum Standaardisatie en Berenschot. Hoewel deze onderzoeken wezen op de meerwaarde en haalbaarheid van een register voor entiteiten (het entiteitenregister), heeft dit nog niet geleid tot vervolgstappen richting realisatie. Tegen deze achtergrond heeft het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties PBLQ gevraagd om de wenselijkheid en haalbaarheid van het entiteitenregister nader te onderzoeken, met als doel het voorbereiden van besluitvorming over een mogelijke vervolgfase.

Is het wel nodig?
Het gaat om entiteiten die niet in een handelsregisters in de EU zijn geregistreerd. Uit de samenvatting blijkt niet om hoeveel entiteiten het zal gaan.
Op pagina 16 worden in het overzicht wel aantallen genoemd, maar alleen bij de Belastingdienst gaat het om grotere aantallen (mogelijk grotendeels nationaal), waarbij verondersteld kan worden dat de fiscus daar al voldoende informatie over heeft. Of de bij de Belastingdienst bekende entiteiten voor andere overheidsinstanties relevant zijn, wordt niet duidelijk (pagina 18 vermeldt daar niets over).

Nieuwe registratie buitenlandse entiteiten wegens AML Package
Bij het doornemen van de tekst kwam ik niet tegen dat de nieuwe Europese antiwitwasregels die medio volgend jaar in werking treden er toe zullen leiden dat een grote groep van entiteiten van buiten de EU zich in de EU zal moeten registreren [2]. Dit betreft onder meer entiteiten die overheidsopdrachten aanvaarden.
Dat de rapporteur dit heeft gemist is vreemd, want de rapporteur is zich wel bewust van het bestaan van de nieuwe regels. In paragraaf 2.4.3 wordt verondersteld dat het nieuwe entiteitenregister in de witwasbestrijding een rol zal kunnen spelen.

Tot slot

Nu het Europese antiwitwaspakket op registratiegebied al zoveel uitdagingen met zich mee brengt, is het de vraag of het nu opportuun is een entiteitenregister op te tuigen.

 

 

Noten:

[1] Zie bijlage A, pagina 42, daar worden twee rapporten uit 2024 en een rapport uit 2021 gemeld.

[2] Artikel 67 AMLR (verordening 2024/1624) schrijft voor dat buitenlandse juridische entiteiten en constructies in bepaalde situaties hun uiteindelijk begunstigden in de EU moeten registreren, wat meteen ook registratie an de entiteit zelf omvat. Die situaties omvatten onder meer entiteiten van buiten de EU die een overheidsopdracht uit de EU krijgen, die een zakelijke relatie aangaan met een witwasbestrijdingsplichtige onderneming (bank, notaris, accountant e.d.) of vastgoed in de EU verwerven.

Geplaatst in Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Rechtspersonenrecht | Tags: , , , | Plaats een reactie

Belastingdienst past ‘Instructie informatieverzoeken aan banken’ aan

Naar aanleiding van de uitspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) in de Italiaanse zaak Ferrieri/Bonassisa heeft de Belastingdienst de Instructie informatieverzoeken aan banken aangepast. In de gewijzigde instructie is de nieuwe werkwijze per 1 juli 2026 opgenomen voor het doen van informatieverzoeken aan banken. Volgens de Belastingdienst voldoet de nieuwe instructie aan de EHRM-uitspraak.

In de instructie wordt beschreven dat het vertrekpunt is dat bankgegevens bij de belastingplichtige worden opgevraagd. Alleen bij uitzondering mag de fiscus zich rechtstreeks tot de bank wenden (par. 3.1):

Een verzoek aan de bank kan alleen rechtstreeks gedaan worden, indien het belang van het onderzoek niet toestaat dat de gegevens eerst aan de belastingplichtige worden gevraagd. Dit is de werkwijze zoals opgenomen in paragraaf 3.1.1 van het VIF. Dit zal alleen in uitzonderingsgevallen aan de orde zijn, waarbij sprake is van een zwaarwegend belang en géén alternatieve controlemogelijkheden voorhanden zijn. Denk hierbij bijvoorbeeld aan:

– negatieve en onomkeerbare gevolgen voor de invordering;
– contact met belastingplichtige lukt niet en adres is onbekend;
– concrete signalen dat belastingplichtige kan anticiperen met non-compliant gedrag.

Geplaatst in Belastingrecht, ICT, privacy, e-commerce | Tags: , , | Plaats een reactie

De slimme tachograaf in ieder busje

Uit berichtgeving van de rijksoverheid blijkt dat de slimme tachograaf vanaf 1 juli 2026 verplicht is voor bijna alle voertuigen, behalve personenauto’s.

Op deze pagina wordt uitgelegd dat iedere nieuwe vrachtwagen en personenbus een slimme tachograaf moet hebben. Ook bestaande voertuigen dienen een slimme tachograaf te hebben als daarmee in het buitenland wordt gereden.
Vanaf 1 juli 2026 geldt de tachograafplicht ook voor lichte voertuigen:

De smart tacho 2 (G2V2) is vanaf 1 juli 2026 ook voor lichtere voertuigen verplicht. Zoals bestelbussen of auto’s met een aanhangwagen. De tachograafplicht geldt voor bedrijfsvoertuigen:

• met een toegestane maximummassa van meer dan 2500 kilogram, inclusief aanhangwagen of oplegger (eigen gewicht + maximaal laadvermogen);
• waarmee u in het buitenland goederen vervoert. Of:
• die u gebruikt voor cabotagevervoer. Dat betekent dat uw bedrijf in Nederland is gevestigd, maar dat u met uw bedrijfsvoertuig in een ander EU-land goederen of mensen vervoert.

Er wordt gesproken over ‘bedrijfsvoertuigen’, dus kennelijk valt de bestuurder van een dure zware personenauto (zoals een SUV) niet onder de verplichting. Verder staat er dat er sprake moet zijn van goederenvervoer, dus een ondernemer die met zijn eigen bus met gereedschap in het buitenland rijdt, zou er niet onder moeten vallen (maar dat blijkt anders te zijn).

Vrijstellingen
In de passage over vrijstellingen wordt uitgelegd dat campers en kampeerwagens zijn uitgezonderd als ze privé worden gebruikt.
Opvallend is dat de monteur die met een bus met zijn gereedschap rijdt alleen is vrijgesteld onder bijzondere voorwaarden (maximaal 12 uur per week rijden, in een straal van 100 kilometer rondom de vestiging van het bedrijf). Dat klinkt behoorlijk betuttelend. Hoe zich dit verhoudt tot de derde uitzondering (“voertuigen tussen de 2501 en 3500 kg die alleen voor de onderneming of de bestuurder worden gebruikt“) blijkt niet uit de tekst.
De vrijstelling voor elektrische voertuigen en waterstofvoertuigen van een bepaalde gewichtsklasse die binnen 100 kilometer van de vestigingsplaats blijven is raadselachtig. Waarom geldt deze vrijstelling niet voor alle kleine/lichte bedrijfsvoertuigen?

Hoe wordt uitgelezen en waar gaan de gegevens heen?
Welke gegevens de slimme tachograaf precies registreert en waar die gegevens heen gaan, wordt uit de pagina niet duidelijk. In de passage over de ILT-controle wordt naar informatie van de ILT verwezen (dit en dit) wat suggereert dat de slimme tachograaf de gegevens niet onmiddellijk aan de ILT opstuurt.

Slimme systemen
De pagina zegt niets over eventuele andere slimme systemen die in de bedrijfsvoertuigen aanwezig moeten zijn. Ik vermoed dat ook in die voertuigen sprake is van onder meer de DDAW- en ADDW-systemen waar ik eerder over schreef.

De nieuwe tachograafplicht is onderdeel van een ontwikkeling dat alle vervoersbewegingen en de activiteiten van de bestuurders digitaal gevolgd en geanalyseerd kunnen worden via diverse kanalen. Om te weten te komen wat er precies gaat gebeuren en wat de kwetsbaarheden zijn, is nader onderzoek nodig.

Geplaatst in Grondrechten, ICT, privacy, e-commerce | Tags: , , | Plaats een reactie

Het procederen tegen het digitale grootbedrijf gaat niet over rozen | TPC-zaak tegen Oracle en Salesforce

Uit het artikel van stichting The Privacy Collective (TPC) over hun zaak tegen Oracle en Salesforce blijkt dat het procederen tegen het digitale grootbedrijf niet over rozen gaat. Na zes jaar procederen is de stichting bij de Hoge Raad aangeland die in deze uitspraak van vorige maand oordeelde dat een aantal bezwaren van het grootbedrijf niet gehonoreerd werden, maar dat het Amsterdamse hof het onderwerp ‘representativiteit’ niet correct had behandeld. De Raad verwees de zaak terug naar het hof in Den Haag voor een nieuwe beoordeling van de representativiteit.

Sluit je aan!
Het blijft nog steeds nuttig om steun te betonen bij TPC in de Oracle/Salesforce zaak. Je bent benadeeld (aldus TPC):

als je sinds 26 mei 2018 vanuit Nederland cookies geaccepteerd hebt van Oracle en/of Salesforce en op dit moment in Nederland woont. Deze cookies zijn aanwezig op populaire websites zoals nu.nl, booking.com, marktplaats.nl, bol.com, buienradar.nl, telegraaf.nl, funda.nl en amazon.nl

Geplaatst in Grondrechten, ICT, privacy, e-commerce | Tags: , , | Plaats een reactie