Contante betaling en de zakelijke bankrekening in de Eerste Kamer

Het wetsvoorstel waarin onder meer contante betaling nader wordt geregeld [*] wordt nu in de Eerste Kamer behandeld. Op 3 maart jl. werden door leden van de commissie voor Financiën een groot aantal vragen over het voorstel gesteld. Die vragen werden in deze nota (zie de pdf) beantwoord.

De vragen gingen onder meer over bereikbaarheid van contant geld, de rol van de verschillende soorten financiële instellingen daarbij en de betaalbaarheid.

Ook kwam de basisbetaalrekening voor zakelijke klanten aan  bod. Daar over werd gevraagd:

9. De leden van de VVD-fractie hebben enkele vragen over het aangenomen amendement, dat een wettelijk recht op een basisbetaalrekening voor zakelijke klanten introduceert. De indieners motiveren dit amendement door onder andere te benoemen dat organisaties op uiteenlopende redenen geen bankrekening kunnen openen of houden. 16 Kan de regering kwantificeren hoe groot dit probleem is? Kan de regering ook haar overige inzichten over deze problematiek delen?

16 Kamerstukken II, 2025/2026, 37.611, nr. 27, pag. 2.

Deze vraag werd als volgt beantwoord:

Zonder betaalrekening kan een zakelijke klant niet deelnemen aan het maatschappelijke betalingsverkeer. Er waren de afgelopen jaren signalen dat klanten onnodig geweerd worden, dat betaalrekeningen geblokkeerd worden of dat de dienstverlening beperkt wordt. Vaak is voor de klant onbekend wat de reden van weigering of opzegging is. De doorlooptijd van de aanvraag van een betaalrekening is een ander veelvuldig genoemd probleem, en dat geldt ook voor de hoeveelheid vragen die de bank soms stelt bij een aanvraag.

Uit het onderzoek van DNB “Van herstel naar balans” komt naar voren dat in 2021 naar schatting circa 15.000 potentiële zakelijke klanten niet zijn geaccepteerd door de vier grootste banken. In 82% van de weigeringen lagen daar redenen aan ten grondslag die primair zijn terug te voeren op de eigen keuze van de bank om de klant niet te accepteren. 17 DNB wijst in dat verband op, onder andere, het reputatierisico van een bank, commerciële redenen en milieu-gerelateerde factoren als redenen voor de weigeringen. 18 Van de zakelijke klanten die door banken geweigerd zijn in 2021 is 18% geweigerd op basis van de toepassing van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft). Het gaat dan vaak om afwijzingen als gevolg van onvolledige of foutieve documentatie, het niet willen meewerken aan informatieverzoeken, het niet passen binnen de risicobereidheid van de bank of onvoldoende binding hebben met Nederland. 19 Deze cijfers zijn al enkele jaren oud, maar geven wel een indicatie van het probleem.20

17 ‘Van herstel naar balans’ (De Nederlandsche Bank 2021), te raadplegen via https://www.dnb.nl/media/2ambmvxt/van-herstel-naar-balans.pdf.

18 DNB merkt op in “Van Herstel naar Balans”: “Een verdeling naar sectoren is op basis van de beschikbare gegevens niet goed te maken. Het is veelal onbekend of deze klanten bij een andere bank wel zijn aangenomen als klant. Uit anekdotische informatie blijkt wel dat klanten die bij een bank zijn afgewezen het proberen bij andere banken, het zogenoemde waterbedeffect. Er is geen data beschikbaar over de mate waarin klanten zijn ontmoedigd, waardoor het niet tot een vastgelegde ‘afwijzing’ is gekomen.”

19 ‘Van herstel naar balans’ (De Nederlandsche Bank 2021); Aanhangsel Handelingen II, 2023/24, nr. 1230.

20 Deze cijfers zijn geen indicatie van hoeveel zakelijke klanten helemaal geen betaalrekening konden openen, maar wel van zakelijke klanten die bij een specifieke bank geen rekening konden openen.

Zie ook vragen 10 tot en met 17 en de gegeven antwoorden.

 

Noot:

[*] Voorstel voor de Wet chartaal betalingsverkeer en aanpassing van het toepassingsbereik van het bonusplafond, dossier Eerste Kamer.

Geplaatst in Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten | Tags: , , , , | Plaats een reactie

Joint Statement on AI-Generated Imagery and the Protection of Privacy by data protection authorities

In the Joint Statement on AI-Generated Imagery and the Protection of Privacy the co-signatories respond to serious concerns about artificial intelligence (AI) systems that generate realistic images and videos depicting identifiable individuals without their knowledge and consent (deepfakes). The statement was signed by amongst others the data protection authorities of the Netherlands, Belgium, France, Germany and by EDPB and EDPS.

Geplaatst in English - posts in English on this blog, Grondrechten, ICT, privacy, e-commerce | Tags: , , , , | Plaats een reactie

Anti-money laundering activities by experts (rather than by the amateurs at the banks and the like)

Miles Kellerman in his article The Case for Financial Crime Bounty Hunters proposes to combat money laundering and financing of terrorism by specialised experts. His view is that the existing systems for detecting financial crime are failing. In his article he proposes to create a market for detection.

On SSRN his paper Licensed Detection Agents: The Case for Financial Crime Bounty Hunters was published. The abstract:

Policymakers around the world have outsourced the detection of money laundering, market manipulation, and other financial crimes to the private sector. This approach, commonly referred to as the gatekeeper model, obligates companies to monitor their own clients and report suspicious activity. Unfortunately, however, evidence suggests this model is not working, due in large part to the inherent conflict of interest in private monitoring. Regulators have employed alternative institutional arrangements to overcome this conflict, including mandating corporate monitorships and engaging in state-led surveillance. But these arrangements involve difficult tradeoffs between data access, positive incentives, and privacy protection.

This article conceptualizes these tradeoffs as the Detection Trilemma and puts forward a novel policy solution. It advocates for a new program in which Licensed Detection Agents (LDAs) are empowered to surveil financial transactions and financially rewarded for reporting suspicious activity to regulators. The program would create a competitive market for detection, one that solves the Trilemma while providing regulators with a new source of information on criminal schemes. Further, it would pay for itself, generating revenue for the state that would exceed its implementation costs. After outlining the dynamics of the Detection Trilemma, this article reviews existing evidence on incentivization programs before proceeding to explain the operational details of the LDA program. It then examines how the program could be applied to the detection of financial crime in three specific settings: market manipulation in the US, market manipulation in the UK, and money laundering in the US. By performing these tasks, this article advances debate on financial crime and, more broadly, how policymakers can utilize the power of self-interest to achieve socially beneficial outcomes.

The big question will be whether those Bounty Hunters are and will remain trustworthy, and how you can verify that.

Geplaatst in English - posts in English on this blog, Europa, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten | Tags: , , , , , | Plaats een reactie

Simon Lelieveldt: “De Rekenkamer ziet wat de minister niet wíl zien – dat banken discrimineren”

In de Volkskrant publiceerde Simon Lelieveldt van Human Rights in Finance.EU zijn opinie naar aanleiding van het rapport van de Algemene Rekenkamer over de misdaadbestrijding door banken, ‘Gevolgen groot, opbrengsten onbekend; Onderzoek naar de anti-witwasaanpak in de bankensector‘ (aankondiging).

Lelieveldt kondigde het artikel op linkedin aan:

Rekenkamer is helder. Banken discrimineren. Dat komt hard en persoonlijk aan bij rekeninghouders die het dagelijks overkomt. Helder is ook wie elke dag weer de aanstichter is: Eelco Heinen, Minister Financiën en Medy van der Laan, voorzitter NVB. https://www.volkskrant.nl/columns-opinie/opinie-de-rekenkamer-ziet-wat-de-minister-niet-wil-zien-dat-bankendiscrimineren~b80e38a0/
En ja, dat is confronterend, maar elke dag dat er nog steeds overmatig gemonitord en feitelijk gediscrimineerd wordt is het dat ook. Het feit dat je als beleidsmakers de mensen niet persoonlijk kent die je afserveert met een onterechte melding ongebruikelijke transacties, maakt de discriminatie niet minder.
Het rapport van Rekenkamer en de conclusie laat zich echt niet anders lezen. Elke dag dat vanaf nu een compliance officer, FG of privacy officer doorgaat met insturen van meldingen ongebruikelijke transacties is een schande. Lees artikel 16 van de Wwft en vergelijk het met de 230 velden die je naar de FIU stuurt. En leg ons uit hoe het zit met doelbinding en legitieme basis.
Er zijn meer dan genoeg aanvullende juridische argumenten om je baas te overtuigen dat de overmatige meldingen FIU direkt moet stoppen als je hart als risk officer en compliance officer op de goede plek zit. Alleen het feit dat DNB in 2022 dit al adviseerde zou een mooie invalshoek zijn.
Wij roepen nadrukkelijk op het goede te doen. Dit kan echt eind van de maand afgelopen en geregeld zijn. We hebben de AmvB al een jaar geleden aan de Minister gestuurd.
Tot dat moment leggen wij aan elke burger uit dat ze vanaf deze week de bancaire discriminatie te danken hebben aan Eelco en Medy. Want die kunnen elke dag besluiten met deze overkill te stoppen.

Geplaatst in Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten | Tags: , , , , , , , , , , | Plaats een reactie

Verzekeraars kritisch over nieuwe Europese antiwitwasregelgeving

Uit dit artikel blijkt dat het Verbond van Verzekeraars (VvV) kritisch is op de extra regels die een gevolg zijn van de Europese antiwitwasverordening die medio volgend jaar in werking treedt. Dat is heel moedig van de organisatie, want kritiek op de antiwitwasregels wordt snel aangemerkt als een algemene weigering om misdaad te bestrijden.

De VvV signaleert dat er geen overgangsregeling is:

Wat ik zelf een grote verandering vind, is dat er nu geen overgangsregeling is. Tot nu toe had je als verzekeraar, als de Wwft werd gewijzigd, een overgangsperiode. Bij bestaande klanten hoefde je dan geen aanvullend onderzoek te doen. Dit moest pas als een bestaande polis tot uitkering kwam of er een nieuwe werd afgesloten. Nu is er dus geen overgangsregeling en moeten binnen vijf jaar ook alle bestaande cliënten volgens de nieuwe richtlijnen worden onderzocht. Dat is een zware belasting voor verzekeraars.

Risicogebaseerde aanpak wordt onmogelijk, aldus de VvV:

In Nederland willen we graag een meer risicogebaseerde aanpak. Verzekeraars moeten hierbij zelf risico’s inschatten en op basis daarvan bepaalde (groepen) klanten aanwijzen als laag of hoog risico. Als er sprake is van een laag risico, is er minder onderzoek nodig. Maar de AMLR vertaalt ‘minder’ vooral in frequentie en diepgang, niet in de aard van het onderzoek zelf. En onder de AMLR moet je als verzekeraar bij een standaardrisico meer bewijsstukken opvragen en meer onderzoek doen.

En op de vraag of AMLR voordelen biedt komt het volgende antwoord:

Zie je vooral voor- of nadelen bij de nieuwe Europese regels?

“Als ik heel eerlijk ben, zie ik geen enkel voordeel. De regels zorgen voor meer administratieve belasting; zowel voor de klant als voor ons. Dan denk ik: dit kan toch niet de bedoeling zijn?”
Uiteraard moet je bij hoog risico (groepen) klanten uitgebreid onderzoek doen en er als verzekeraar voor zorgen dat je niet betrokken raakt bij witwassen of het financieren van terrorisme. Maar het gaat nu wel erg ver. Zo moeten we volgens de regels nu alle nationaliteiten van klanten gaan uitvragen als zij meerdere nationaliteiten bezitten. Ik zie zelf niet zo goed de toegevoegde waarde daarvan. Dit kan bovendien al snel gezien worden als discriminatie, zoals laatst bleek uit onderzoek van de Algemene Rekenkamer.”

Geplaatst in Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten | Tags: , , , , , , , | Plaats een reactie

Artificial Insecurity: how AI tools compromise confidentiality | Access Now

EDRi published the article by Access Now on the security risks of artificial intelligence. The introduction:

Whatever you think about the promises or perils of AI, it’s becoming increasingly impossible to ignore that these tools are beset by glaring security vulnerabilities. From exposing user data to facilitating hacks, from undermining information integrity to creating supply chain vulnerabilities, AI tools are underpinned, and undermined, by dodgy security practices. As we’ll explore in this series, this has grave consequences for the confidentiality of our data, for information integrity, and for access to and availability of systems — all problems that a human rights-respecting approach can help solve.

Geplaatst in ICT, privacy, e-commerce | Tags: , , , , | Plaats een reactie

Taskforce Ondermijning

Het is niet in het nieuws gekomen, maar één van de door het nieuwe kabinet ingestelde taskforces heeft bestrijding van ondermijning (het nieuwe containerbegrip voor misdaadbestrijding) als thema.
De opdrachtbrief is hier te vinden en bevat de bekende mantra’s van het ministerie van Veiligheid:

voorkomen, doorbreken, bestraffen en beschermen

wat doet vermoeden dat het dezelfde auteur is als van andere uitingen van dat ministerie. Men denkt nog steeds dat Italië een goed voorbeeld geeft (dat hoor ik al tijden maar is het waar?) en kondigt een nieuw ‘dreigingsbeeld’ aan, het ‘Dreigingsbeeld Ondermijning Nederland‘. Er worden

gerichte maatregelen tegen corruptie en criminele inmenging

aangekondigd, waarbij

specifiek [moet] worden ingezet op het beschermen van vitale sectoren tegen misbruik door criminelen, met een focus op de transport- en logistieke sector, de zorgbranche, en de agrarische en financiële sector

Geplaatst in Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Strafrecht | Tags: , , , | Plaats een reactie

Lighter record-keeping obligations for data protection purposes for ‘small mid-cap companies’

In this press release the ECON, ENVI and LIBE committees of the European Parliament announce lighter GDPR rules for small mid-cap companies:

Lighter record-keeping obligations for data protection purposes
Under the new law, current SME exemptions from record-keeping obligations under the General Data Protection Regulation (GDPR) would be extended to SMCs when processing data that is not considered high-risk for the subject’s rights. The exemption will not apply to processing sensitive data including biometrics and data on ethnic origin, political opinions, religion, health, or criminal convictions. (…)

The two acts voted today form part of the fourth Omnibus package on simplification proposed by the European Commission in May 2025.

Geplaatst in English - posts in English on this blog, Europa, ICT, privacy, e-commerce | Tags: , , , | Plaats een reactie

Waarom moet een deurbel altijd alles zien en bewaren?

Daar schrijft Jaap-Henk Hoepman over in dit artikel. Hij bespreekt het onnodig filmen en het illegale gebruik van de camerabeelden door de politie en schrijft onder meer:

De politie vind het wel best en verschuilt zich achter de verantwoordelijkheid van de individuele bewoner – die echt niet weet wat de regels zijn. En de Autoriteit Persoonsgegevens handhaaft (zoals zo vaak) niet. Dat is zeer problematisch omdat camerabeelden die niet volgens de privacyregels zijn verkregen wel in strafzaken kunnen worden gebruikt, zolang politie en justitie niet betrokken waren bij het onrechtmatig verkrijgen van de beelden. Zo ontstaat sluipenderwijs een sluitend videosurveillancenetwerk, dat er helemaal niet zou mogen zijn! (Amazon adverteerde er recent zelfs al mee.)

Terwijl de oplossing simpel is. Verplicht dat op iedere videodeurbel een klepje voor de camera zit, dat allen wegschuift als er daadwerkelijk iemand op de bel drukt. En verbiedt het opslaan van de beelden. Dan zie je wie er aanbelt (daar was de videodeurbel immers voor bedoeld), maar maak je videosurveillance onmogelijk.

Geplaatst in Grondrechten, ICT, privacy, e-commerce | Tags: , , , , , , | Plaats een reactie

Identificatie, telefoonnummer en e-mail in het wetsvoorstel consumentenkrediet

Ook in het consumentenkrediet speelt verificatie van de identiteit van de klant een essentiële rol. Dat is allereerst van belang vanwege de bijzondere regels die voor minderjarigen gaan gelden, zoals ik in mijn eerdere artikel al meldde.

Verder gelden de regels van de geprivatiseerde criminaliteitsbestrijding (bestrijding van ‘witwassen’ en terrorismefinanciering) ook voor de aanbieders van consumentenkrediet. In de memorie van toelichting van het wetsvoorstel wordt daar over het volgende opgemerkt bij artikel 4:34b Wft:

Voor aanbieders geldt reeds op grond van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft) dat zij de identiteit van klanten dienen vast te stellen en te verifiëren of de door de klant verstrekte identiteit overeenkomt met zijn werkelijke identiteit. Leeftijdsverificatie kan onderdeel zijn van het “ken uw klant”-proces. Bij die verificatie dient aandacht te worden besteed aan de bescherming van de consument bij de verwerking van persoonsgegevens, in het bijzonder waar het gaat om identificatie van minderjarigen.

Veilige identificatie alleen met betrekking tot de leeftijd?
In de voorgestelde tekst voor artikel 4:34b Wft staat het volgende over identificatie:

2. De aanbieder beschikt over adequate processen om, voorafgaand aan de totstandkoming van de overeenkomst, de door de consument opgegeven geboortedatum te verifiëren aan de hand van een betrouwbare bron, teneinde de werkelijke geboortedatum vast te stellen.

3. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de wijze van alsmede de veiligheids- en betrouwbaarheidsnormen ten aanzien van de verificatie van de geboortedatum van de consument.

Daarbij valt op dat de veiligheids- en betrouwbaarheidsnormen alleen relevant worden geacht voor de verificatie van de leeftijd en niet voor andere persoonsgegevens. Dat is vreemd.

De veiligheidsrisico’s van telefonie en e-mail worden genegeerd
In een wijziging van artikel 61 van boek 7 van het Burgerlijk Wetboek wordt opgenomen dat inzake de contractspartijen niet alleen de identiteit en het geografische adres worden vermeld. Toegevoegd wordt dat ook de telefoonnummers en e-mailadressen worden geregistreerd. Als het om de kredietaanbieder gaat is dat nuttig, nu veel bedrijven die met consumenten zaken doen niet meer telefonisch of of per e-mail bereikbaar zijn.

Problematisch is dat de wetgever lijkt te denken dat e-mail een betrouwbaar communicatiemiddel is, terwijl dat niet het geval is. E-mail kan onderweg worden gelezen en dat zal vanwege de digitale ontwikkelingen in toenemende mate gebeuren. Ook aan het gebruik van telefonie zijn toenemende risico’s verbonden, waar nog bij komt dat het telefoonnummer een persoonsgegeven is dat wereldwijd gebruikt wordt door datahandelaren en adtech bedrijven om mensen te profileren.

In de memorie van toelichting is over het gebruik van e-mail opgenomen:

Aan het eerste lid wordt een onderdeel toegevoegd dat bepaalt dat een adviseur gelijktijdig met het verstrekken van een advies ten aanzien van consumptief krediet een afschrift van het advies aan een consument verstrekt op een door de consument gekozen duurzame drager. Dat betekent in de praktijk dat bijvoorbeeld tijdens een adviesgesprek de consument het advies ook schriftelijk ontvangt, bijvoorbeeld op papier of per e-mail.

en elders:

Artikel 7:61 BW implementeert artikel 20 en 21 van de richtlijn. Het artikel is ten opzichte van de CCDI slechts beperkt gewijzigd. Het eerste lid wordt ingevolge artikel 20 van de richtlijn uitgebreid met de zinsnede dat ook eventuele wijzigingen in de overeenkomst op papier of duurzame drager worden opgesteld. Een duurzame drager is bijvoorbeeld een e-mail.

Het is bijzonder dat e-mail als een ‘duurzame drager’ wordt aangemerkt en dat kredietaanbieders in de memorie van toelichting worden opgeroepen om een onveilige communicatievorm te gebruiken. Dat is niet in het belang van de consument, die nu eindelijk zal moeten gaan wennen aan de noodzaak van beveiligde communicatie.
Een groot gemis aan het wetsvoorstel is dat veilige communicatie en verificatie van de ontvangst van mededelingen door de consument niet zijn voorgeschreven.

Tot slot

Hoewel het wetsvoorstel beoogt het consumentenkredietrecht aan te passen aan het digitale tijdperk, lijkt dat nog lang niet het geval.

Geplaatst in Europa, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, ICT, privacy, e-commerce | Tags: , , , , , , , , , , , , , | Plaats een reactie