Bijeenkomst 5 juli over Europees identiteitsbewijs | eID

Op dinsdag 5 juli a.s. vindt in Pakhuis de Zwijger in Amsterdam een bijeenkomst plaats over het Europese identiteitsbewijs met de hoogleraar Bart Jacobs, onder meer bekend van het IRMA project, Tijmen Wisman (VU en Platform Burgerrechten) en Marie-José Hoefmans van Schluss.

Het onderwerp is interessant, niet alleen omdat er mensen zijn die bang zijn voor een Europese surveillance staat.

Meer informatie op de site van Pakhuis de Zwijger.

Geplaatst in Europa, Grondrechten, rechtsstaat e.d., ICT, privacy, e-commerce | Tags: , , | Een reactie plaatsen

AVG-toetsing FATCA-implementatie door Nederlandse overheid

Een van de slachtoffers van FATCA heeft een handhavingsverzoek bij de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) ingediend.

Bericht FATCA-slachtoffer
Naar aanleiding van het besluit van de staatssecretaris van Financiën om de FATCA-implementatie aan de AP voor te leggen, ik schreef daar al over, stuurde dat slachtoffer het onderstaande e-mail bericht aan de AP (persoonsgegevens vervangen door ***):

Geachte ***,

Met grote teleurstelling las ik uw brief van ***, waarin u aangeeft dat de AP de behandeling van mijn FATCA-IGA case (ingediend in ***) wederom 3 maanden uitstelt.
Dat is vooral teleurstellend omdat mijn probleem niet op zich staat, maar meer dan 46.000 Nederlandse staatsburgers treft en er meerdere FATCA-IGA klachten bij de AP in behandeling zijn.
Dan zou ik verwachten dat het een hogere prioriteit zou moeten krijgen.

Wellicht bent u op de hoogte van het feit dat de staatssecretaris van Financiën, dhr Van Rijn, op 22 juni 2022 tijdens een commissie debat met de CieFIN van de Tweede Kamer, de toezegging heeft gedaan om de FATCA-IGA opnieuw te laten toetsen door de AP. Een verzoek dat in 2021 ook vanuit de EDPB en vanuit het Europees Parlement is gedaan.
Dat is goed nieuws, want nu ziet ook het ministerie van Financiën het belang van de privacy rechten van de burger en zal het naar ik aanneem een hoge prioriteit krijgen.

Hierbij mijn dringende verzoek en formele goedkeuring, om alle in mijn dossier aangedragen argumenten en documenten die onderbouwen waarom de FATCA-IGA niet voldoet aan de AVG regelgeving, door te geven aan de behandelaar van de vraag die het ministerie van Financiën bij de AP heeft neergelegd (of binnenkort zal neerleggen).

Ik ga er vanuit dat in de beantwoording aan de staatssecretaris de argumenten die ik en anderen, hebben aangedragen allen expliciet benoemd en beoordeeld zullen worden.
Ik ga er ook vanuit dat de AP haar rol als bewaker van de privacy rechten van de Nederlandse staatsburgers zeer zwaar zal laten wegen bij de behandeling van het verzoek van de staatssecretaris.

Graag ontvang ik van u een reactie.

Hoogachtend,

Bericht advocaat Noseda
De Engelse advocaat van een FATCA-slachter, Filippo Noseda, heeft de Autoriteit Persoonsgegevens naar aanleiding van bovenstaand bericht aangeschreven:

Geachte ***

Dossier nummer ***

Ik sluit mij aan bij de bezorgdheid van de klager.

De indruk bestaat dat de AP de afhandeling van de klacht actief vertraagt om politieke redenen, met name ter ondersteuning van de bewering van de regering dat FATCA geen problemen op het gebied van gegevensbescherming oplevert – ook in het licht van de recente brief van Sophie in ’t Veld aan de EDPB.
Hoewel de AP in 2013 een clean opinion heeft uitgebracht, hebben zich sindsdien echter verschillende ontwikkelingen voorgedaan, waaronder jurisprudentie van het Europees Hof van Justitie met betrekking tot doorgiften naar de VS (met name Schrems II) en de massale verwerking van persoonsgegevens (met name C-817/19, Ligue des droits humains).

Bovendien blijkt uit de documenten die Sophie in’t Veld, lid van het Europees Parlement, heeft opgegraven, duidelijk dat de Europese Commissie heeft geconcludeerd dat de VS geen passende waarborgen voor gegevensbescherming hadden, een centraal punt in Schrems.

Ook heeft de AP verzuimd in te gaan op de bezorgdheid van de WP29, de EDPS, de Europees Parlement en de Europese Commissie.

Zoals het Europees Parlement in zijn formele resolutie over FATCA heeft gesteld, mogen gegevensbeschermingsautoriteiten geen politiek bedrijven met het fundamentele recht van EU-burgers op gegevensbescherming.

Het is nu tijd voor de AP om de verschillende GDPR-klachten die bij haar worden ingediend, te behandelen.

Zie voor algemene informatie over FATCA deze pagina. Informatie waar Noseda naar verwijst is hier deels te vinden, zo heeft het Europees Parlement op 5 juli 2018 een resolutie over FATCA aangenomen. Over de brief van In’t Veld schreef ik eerder vandaag.

Tot slot
Het is belangrijk dat zowel de AVG-toetsing als de toetsing aan artikel 1 Eerste Protocol EVRM nu zo snel mogelijk plaats vinden.

Meer op dit blog over FATCA en Citizenship Based Taxation:

Geplaatst in Bankrekening krijgen en behouden, Belastingrecht, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, rechtsstaat e.d. | Tags: , , , , , , , , , | Een reactie plaatsen

FATCA-brief In’t Veld

In Europa is nog steeds weinig bereikt voor de slachtoffers van FATCA, lees de brief die europarlementariër Sophie in’t Veld aan de voorzitter van de EDPB, het samenwerkingsverband van nationale AVG-toezichthouders, schreef:

 

Ze kondigde de brief op twitter aan:

 

 

Meer op dit blog over FATCA en Citizenship Based Taxation:

Geplaatst in Bankrekening krijgen en behouden, Belastingrecht, Europa, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, rechtsstaat e.d. | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

Indrukwekkend optreden ministerie van Financiën inzake Russenverbod voor trustkantoren

Terwijl er al een Europees ‘Russenverbod’ geldt voor trustkantoren doet het ministerie van Financiën stoer door bij de Eerste Kamer om spoedbehandeling van het Russenverbod wetsvoorstel voor trustkantoren. Politiek doet het natuurlijk goed om onderstaande onjuiste mededeling te doen:

Bron: brief van 29 juni 2022, zie ook de beslisnota.

 

Dit bericht verscheen eerder bij Compliance Platform Trustkantoren.

Geplaatst in Europa, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Sanctieregels, Trustkantoren | Een reactie plaatsen

Rapport Algemene Rekenkamer over Nederlandse witwasbestrijding

De Algemene Rekenkamer heeft een rapport over de Nederlandse witwasbestrijding uitgebracht, aankondiging, rapport (pdf).

Uit de aankondiging blijkt niet dat er aandacht is besteed aan aspecten als de schadelijke neveneffecten van de witwasbestrijding (zoals discriminatie, uitsluiting en de-risking) en aan de vraag of de witwasbestrijdingsplichtigen hun taken aankunnen en of de kosten voor hen wel proportioneel zijn.

Geplaatst in Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, rechtsstaat e.d. | Tags: , , , , | Een reactie plaatsen

AMLA and the independence of lawyers | AML Package

The AMLA Package is relevant for the independence of lawyers (here to be read as ‘advocaten’ in Dutch and ‘Rechtsanwälte’ in German).

Public authority in charge of overseeing the self regulatory bodies (AMLD6)
In the proposal for the 6th AML/CFT directive (AMLD6), a national public authority in charge of overseeing the self regulatory bodies (‘SRBs’)  is introduced in article 38. This also applies to lawyers and will endanger their independence.

EU authority for anti-money laundering
The Council accepts the proposal for such a public authority, this is shown in yesterday’s partial position of the Council on Authority for Countering Money Laundering and Financing of Terrorism (AMLA).
According to the version of the Council of the proposal for ‘AMLAR’, the regulation regarding AMLA, AMLA will have powers over supervisory authorities in the non-financial sector, that will include the supervisory authorities of lawyers.

Investigations by AMLA
According to article 32 AMLAR, AMLA is entitled to investigate if a supervisory authority in the non-financial sector has not applied the Union acts or the national legislation, or has applied them in a way which appears to be a breach of Union law, in particular by failing to ensure that an entity under its supervision or oversight satisfies the requirements laid down in those acts or in that legislation. Such an investigation may lead to a recommendation to the supervisory authority in the non-financial sector concerned setting out the action necessary to comply with Union law.

AMLA’s peer reviews
Article 31 AMLAR concerns ‘peer reviews’ by AMLA of the activities of supervisory authorities in the non-financial sector, with elements like:

  • the adequacy of powers and financial, human and technical resources, the degree of independence, the governance arrangements and professional standards of non-financial supervisor;
  • the effectiveness and the degree of convergence reached in the application of Union law and in supervisory practice, and the extent to which the supervisory practice achieves the objectives set out in Union law;
  • the application of best practices developed by supervisory authorities in the non-financial sector whose adoption might be of benefit for other non-financial supervisors;
  • the effectiveness and the degree of convergence reached with regard to the enforcement of the provisions adopted in the implementation of Union law, including the administrative sanctions and other administrative measures imposed against persons responsible where those provisions have not been complied wit;
  • the assessment of the implementation of measures that are taken by the public authority in charge of overseeing SRBs to ensure that they perform their function in accordance with Union law.

Given the experience with financial supervision and the anti-money laundering rules in the financial sector, it is doubtful that the European rules will be of any use to the legal profession. Furthermore, it is to be feared that people from the financial sector will be employed to supervise lawyers, raising doubts as to whether they have sufficient knowledge of the profession.

One thing is certain: this will be very expensive and will make lawyers’ services even more inaccessible to SMEs and consumers.

It is to be expected that the Dutch ‘College van Toezicht advocatuur‘, that already consists of two members from the financial sector, will be transformed in the public authority of article 38 AMLD6. It confirms the takeover by the Dutch Ministry of Finance of the legal profession.

 

More information:

 

Article 31 AMLAR, version Council:

Article 31
Peer reviews

1. The Authority shall periodically conduct peer reviews of some or all of the activities of supervisory authorities in the non-financial sector to strengthen consistency and effectiveness in supervisory outcomes. To that end, the Authority shall develop methods to allow for an objective assessment and comparison between supervisory authorities reviewed taking into account their specificities and characteristics. When planning and conducting peer reviews, the Authority shall avoid duplication of assessments or reports already available with regard to the non-financial supervisory authorities concerned, which have been drawn up by international organisations and intergovernmental bodies competent in the field of preventing money laundering and the financing of terrorism. Existing information, including any relevant information provided to the Authority in accordance with Article 11, and any relevant information from stakeholders shall be taken into account.

2. For the purposes of this Article, the Authority shall establish ad hoc peer review committees, which shall be composed of staff from the Authority and members of supervisory authorities in the non-financial sectors. The peer review committees shall be chaired by a member of the Authority’s staff. The Chair of the Authority shall, following a call for proposals, propose the chair and the members of a peer review committee which shall be approved by the Executive Board.

3. The peer review shall include an assessment of, but shall not be limited to:

(a) the adequacy of powers and financial, human and technical resources, the degree of independence, the governance arrangements and professional standards of non-financial supervisor to ensure the effective application of Chapter IV [OP please insert the next number to the AMLD, COM(2021)423];
(b) the effectiveness and the degree of convergence reached in the application of Union law and in supervisory practice, and the extent to which the supervisory practice achieves the objectives set out in Union law;
(c) the application of best practices developed by supervisory authorities in the non-financial sector whose adoption might be of benefit for other non-financial supervisors;
(d) the effectiveness and the degree of convergence reached with regard to the enforcement of the provisions adopted in the implementation of Union law, including the administrative sanctions and other administrative measures imposed against persons responsible where those provisions have not been complied with.

4. The Authority shall produce a report setting out the results of the peer review. That peer review report shall be prepared by the peer review committee. A draft version of the report shall be submitted to the concerned supervisory authorities in the non-financial sector or the supervisory authorities in the non-financial sector subject to the assessment for comments, prior to its consideration by the General Board in supervisory composition. The report shall be adopted by the Executive Board, having received the observations of the General Board in supervisory composition as to the consistency of application of the methodology with other peer review reports. The report shall explain and indicate the follow-up measures that are deemed appropriate, proportionate and necessary as a result of the peer review. Those follow-up measures may be adopted in the form of guidelines and recommendations pursuant to Article 43 and opinions pursuant to Article 44. The supervisory authorities in the non-financial sector shall make every effort to comply with any guidelines and recommendations issued, in accordance with Article 43.

5. The Authority shall submit an opinion to the Commission where, having regard to the outcome of the peer review or to any other information acquired by the Authority in carrying out its tasks, it considers that further harmonisation of Union rules applicable to obliged entities in the non- financial sector or to supervisory authorities in the non-financial sector would be necessary from the Union’s perspective.

6. The Authority shall provide a follow-up report two years after the publication of the peer review report. The follow-up report shall be prepared by the peer review committee and adopted by the Executive Board, having received the observations of the General Board in supervisory composition on the consistency with other peer review reports. The follow-up report shall include an assessment of the adequacy and effectiveness of the actions undertaken by the supervisory authorities in the non-financial sector that were subject to the peer review in response to the follow- up measures of the peer review report. The Authority shall publish the findings of the follow-up report on its website.

7. For the purposes of this Article, the Executive Board shall adopt a peer review work plan every two years, after approval by the General Board, which shall reflect the lessons learnt from the past peer review processes and discussions held in the General Board in supervisory composition. The peer review work plan shall constitute a separate part of the annual and multiannual working programme and shall be included in the Single Programming Document. In case of urgency or unforeseen events, the Authority may decide to carry out additional peer reviews.

8. When supervision is performed by SRBs, the peer review exercise shall include the assessment of the implementation of measures pursuant to Article 38 of [OP please insert the next number to the AMLD, COM(2021)423] that are taken by the public authority in charge of overseeing these bodies to ensure that they perform their function in accordance with Union law.
9. On a case by case basis, when SRBs indicate an interest to participate in a peer review exercise, representatives of such bodies entrusted with supervisory functions may be invited to participate in that peer review. Article 31 (1) to (6) shall apply accordingly.

Article 32 AMLAR, version Council:

Article 32
Powers over supervisory authorities in the non-financial sector

1. Where a supervisory authority in the non-financial sector has not applied the Union acts or the national legislation referred to in Article 1(2), or has applied them in a way which appears to be a breach of Union law, in particular by failing to ensure that an entity under its supervision or oversight satisfies the requirements laid down in those acts or in that legislation, the Authority shall act in accordance with the powers set out in paragraphs 2, 3, 4, 6 and 7 of this Article.
2. Upon request from one or more supervisory authorities in the non-financial sector, the European Parliament, the Council, or the Commission, including when this is based on well- substantiated information from natural or legal persons, and after having informed the supervisory authority in the non-financial sector concerned, the Authority shall outline how it intends to proceed with the case and, where appropriate, investigate the alleged breach or non-application of Union law.
The supervisory authority shall, without delay, provide the Authority with information which the Authority considers necessary for its investigation including information on how the Union acts or in that legislation referred to in Article 1(2) are applied in accordance with Union law.
Whenever requesting information from the supervisory authority concerned has proven, or is deemed to be, insufficient to obtain the information that is deemed necessary for the purposes of investigating an alleged breach or non-application of Union law, the Authority may, after having informed the supervisory authority, address a duly justified and reasoned request for information directly to other supervisory authorities.
The addressee of such a request shall provide the Authority with clear, accurate and complete information without undue delay.
3. The Authority may, not later than six months from initiating its investigation, address a recommendation to the supervisory authority in the non-financial sector concerned setting out the action necessary to comply with Union law.
Before issuing such a recommendation, the Authority shall engage with the supervisory authority concerned, where the Autority or the supervisory authority consider such engagement appropriate in order to resolve a breach of Union law, in an attempt to reach agreement on the actions necessary for compliance with Union law.
The supervisory authority in the non-financial sector shall, within one month of receipt of the recommendation, inform the Authority of the steps it has taken or intends to take to ensure compliance with Union law.
6. Where the supervisory authority is a public authority overseeing a SRB, and where it does not comply with the recommendation referred to in paragraph 3 within the period specified therein, the Authority may issue a recommandation to an SRB to ensure it acts in accordance with Union law.
7. Recommendations adopted in accordance with paragraph 6 shall prevail over any previous measures adopted by the supervisory authority on the same matter.

Article 38 AMLD6, draft Commission:

Article 38
Oversight of self-regulatory bodies

1. Where Member States decide, pursuant to Article 29(3), to allow self-regulatory bodies to perform supervision of the entities referred to in Article 3, points (3)(a), (b) and (d), of Regulation [please insert reference – proposal for Anti-Money Laundering Regulation – COM/2021/420 final], they shall ensure that the activities of such self-regulatory bodies in the performance of such functions are subject to oversight by a public authority.

2. The authority overseeing self-regulatory bodies shall be responsible for:
(a) verifying that any self-regulatory body performing the functions or aspiring to perform the functions referred to in Article 29(1) satisfies the requirements of paragraph 3 of that Article;
(b) issuing guidance as regards the performance of the functions referred to in Article 29(1);
(c) ensuring that self-regulatory bodies perform their functions under Section 1 of this Chapter to the highest standards;
(d) reviewing the exemptions granted by self-regulatory bodies from the obligation to draw up an individual documented risk assessment pursuant to Article 29(4), point (b).

3. Member States shall ensure that the authority overseeing self-regulatory bodies is granted adequate powers to discharge its responsibilities under paragraph 2. As a minimum, Member States shall ensure that the authority has the power to:
(a) compel the production of any information that is relevant to monitoring compliance and performing checks, except for any information collected by obliged entities referred to in Article 3, points (3)(a), (b) and (d), of Regulation [please insert reference – proposal for Anti-Money Laundering Regulation – COM/2021/420 final] in the course of ascertaining the legal position of their client, or for performing the task of defending or representing that client in, or concerning, judicial proceedings, including providing advice on instituting or avoiding such proceedings; whether such information was collected before, during or after such proceedings;
(b) issue instructions to a self-regulatory body for the purpose of remedying a failure to perform its functions under Article 29(1) or to comply with the requirements of paragraph 6 of that Article, or to prevent any such failures. When issuing such instructions, the authority shall consider any relevant guidance it provided or that has been provided by AMLA.

4. Member States shall ensure that the authority overseeing self-regulatory bodies informs the authorities competent for investigating and prosecuting criminal activities timely, directly or through the FIU, of any breaches which are subject to criminal sanctions that it detects in the performance of its tasks.

5. The authority overseeing self-regulatory bodies shall publish an annual report containing information about:
(a) the number and nature of breaches detected by each self-regulatory body and the administrative measures or sanctions imposed on obliged entities;
(b) the number of suspicious transactions reported by the entities subject to supervision by each self-regulatory body to the FIU, whether submitted directly pursuant to Article 50(1) of Regulation [please insert reference – proposal for Anti-Money Laundering Regulation – COM/2021/420 final], or forwarded by each self-regulatory body to the FIU pursuant to Article 51(1) of that Regulation;
(c) the number and description of measures taken under Article 40 by each self-regulatory body to monitor compliance by obliged entities with the requirements of Regulation [please insert reference – proposal for Anti-Money Laundering Regulation – COM/2021/420 final] referred to in Article 40(1);
(d) the number and description of measures taken by the authority overseeing self-regulatory bodies under this Article and the number of instructions issued to self-regulatory bodies.
Such report shall be made available on the website of the authority overseeing self-regulatory bodies and submitted to the Commission and AMLA.

Geplaatst in English - posts in English on this blog, Europa, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, rechtsstaat e.d. | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

The AML package is being rushed through in batches by Europe | AML, CFT, cryptocurrency, AMLA

The AML package is being rushed through by Europe without getting the publicity and legal attention it deserves. In the Netherlands the questions asked by members the Dutch parliament show that they have no idea what is coming and that citizens’ fundamental rights will be violated (read my article).

The elements of the package are being piloted through the European bodies in batches to ensure that interested parties lose track.

Cryptocurrency

Yesterday the European Council announced a provisional agreement on transparency of crypto asset transfers (part of the proposal to update existing rules on information accompanying transfers of funds). The crypto assets deals was also announced by the committees of the European Parliament. From the announcement of the Council:

In particular, the new agreement requires that the full set of originator information travel with the crypto-asset transfer, regardless of the amount of crypto assets being transacted. There will be specific requirements for crypto-asset transfers between crypto-asset service providers and un-hosted wallets.

It shows that crypto-currencies are recognised as money and are treated in the same way (or even more strictly) than money.

EU authority for anti-money laundering (‘AMLA’)
Further the Council announced the agreement on its partial position on the new EU authority for anti-money laundering (‘AMLA’). This is more important than the cryptocurrency rules, as AMLA will be the new authoritarian rule-setter in the EU that will have consequences for the many SMEs that are ‘obliged entities’ under AML/CFT-law and for all clients of obliged entities, that possibly will be confronted by even more de-risking behaviour of obliged entities.

 

More information:

AMLA / AMLAR

Transfer of funds, cryptocurrency

 

My general page on the AML package is to be found here. Articles are found with the AML Package tag.

Geplaatst in Bankrekening krijgen en behouden, English - posts in English on this blog, Europa, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, rechtsstaat e.d., Ubo-register | Tags: , , , , , , | Een reactie plaatsen

De crypto-notaris en het onderzoek naar de herkomst van het vermogen van een koper van een woonhuis | Wwft, Wna

Notarissen komt cryptovaluta tegen in hun praktijk, zo kan worden afgeleid uit een notitie die het Bureau Financieel Toezicht (BFT) heeft bekend gemaakt. BFT is verantwoordelijk voor het Wwft-toezicht en het algemene toezicht op notarissen.

In de aankondiging op de site schrijft BFT:

Memo cryptovaluta
Het BFT krijgt steeds vaker vragen vanuit het notariaat over cryptovaluta (o.a. bitcoin). Met name speelt de onderzoeksplicht van de notaris voor de Wna en Wwft daarbij een belangrijke rol. Een relevante vraag in dit kader is: hoe kan de notaris de herkomst van het vermogen (bron van de middelen) beoordelen wanneer de gelden hun oorsprong vinden in cryptovaluta? Daarnaast is van belang hoe ver de notaris moet gaan, welke documenten hij/zij kan opvragen en welke aspecten daarbij van belang zijn? Tot slot is van belang wanneer een transactie met crypto’s ongebruikelijk is op grond van de Wwft?

In deze PDFnotitie worden praktische handvatten gegeven die de notaris kan gebruiken bij zijn/haar beoordeling. Ook worden de belangrijkste begrippen die spelen bij cryptovaluta op een rij gezet.

Uit de aankondiging en de inleiding van de notitie wordt mij niet duidelijk hoe het komt dat de notaris met cryptovaluta te maken krijgt. Ik kan me niet voorstellen dat de notaris zich in die valuta laat betalen. Zouden er dan vastgoed- of aandelentransacties zijn waarbij de koopprijs (deels) in cryptovaluta wordt voldaan?

Op pagina 3 van de notitie wordt gesproken over het door de notaris beoordelen van cryptotransacties:

In welk kader ziet de notaris dergelijke transacties? Raadselachtig; dit wordt pas later in de notitie duidelijk.

De notitie is een inleiding op de juridische status van cryptovaluta, dat is nuttig, maar een relatie met de notariële praktijk tref ik pas aan op pagina 5, waar wordt gesproken over betaling aan de notaris:

Voorbeeld: koop van een woning voor zes ton

Op pagina 6 wordt een praktijkvoorbeeld genoemd van iemand die veel heeft verdiend met bitcoins en een woning wil kopen. BFT geeft aan  hoe wordt aangekeken tegen het onderzoek door de notaris naar de koper. Opvallend is dat van de notaris specialistische kennis wordt verondersteld, zoals over gebruikelijke transactiekosten, de ‘gebruikelijkheid’ van de cryptovaluta en de type partijen in de cryptosector. Onderdeel van het onderzoek kan zijn dat een kopie van de aangifte inkomstenbelasting wordt opgevraagd om te controleren of de bitcoins wel bij de fiscus zijn aangegeven.

Het roept de vraag op of iedereen die een woning koopt over meerdere jaren zijn aangiften inkomstenbelasting aan de notaris moet verschaffen om na te gaan of die aangiften wel juist zijn en opgave van alle vermogensbestanddelen bevatten, respectievelijk aantonen over welk vermogen de koper van het woonhuis beschikt. Want als je de lijn van de cryptovaluta doortrekt naar andere inkomsten, dan kan het kopen van een woning een dure aangelegenheid worden.

Praktijk

Wat ook mijn nieuwsgierigheid wekt is of dit soort crypto transacties in de praktijk wel veel voorkomen, nu ik in het verleden van iemand hoorde dat een grootbank hem de deur had gewezen omdat hij zich door zijn klanten in cryptovaluta liet betalen.

Geplaatst in Dienstverlening - juridisch financieel [advocaten, accountants, belastingadviseurs e.d.], Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, rechtsstaat e.d., Virtuele valuta | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

De ongewenste klant | artikel ’t Hart over uitsluiting door banken als gevolg van de regels witwasbestrijding

Voor Tijdschrift voor Financieel Recht schreef Frank ’t Hart een nuttig overzichtsartikel (betaalmuur) over de uitsluitingspraktijken van financiële instellingen als gevolg van de criminaliteitsbestrijdingstaken die zij hebben op grond van de witwasbestrijdingsregels (Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme, ‘Wwft’). Hij bespreekt enige uitsluitingsrechtspraak (onder meer de uitspraak inzake een cliënt van mij) en andere relevante informatie en besluit met de conclusie dat de regelgeving die financiële instellingen verplicht tot misdaadbestrijding in de praktijk tot ongewenste effecten leidt. Hij eindigt met:

Bedacht moet worden dat de Wwft in belangrijke mate verlangt dat financiële ondernemingen een overheidstaak vervullen. Daarmee is niet gezegd dat van financiële ondernemingen geen bijdrage mag worden verlangd in de bestrijding van financieel economische criminaliteit maar deze bijdrage dreigt nu disproportioneel te worden terwijl de gevolgen van een ontoereikende bijdrage verstrekkend zijn. De consequenties van de steeds grotere inspanning die van financiële ondernemingen wordt verlangd leiden tot maatschappelijke ongewenste uitkomsten. Anders gezegd: er zijn in beginsel geen ongewenste cliënten maar wel ongewenste consequenties.

Het is kiezen of delen: of het belang van toegankelijke financiële dienstverlening prevaleert of het belang van de bestrijding van financieel economische criminaliteit en in dat laatste geval moet maatschappelijk geaccepteerd worden dat niet iedereen financiële diensten kan afnemen (met alle gevolgen van dien) en dat cliënten dienen bij te dragen aan de kosten van deze bestrijding.

Aangezien de criminaliteit bestrijdende beleidsmakers hier niet van willen horen, zal er wel niets mee gedaan worden.

Overigens kan hetzelfde gebeuren bij andere Wwft-plichtigen.

 

NB Het is al langer zichtbaar dat de Europese grondrechten niet worden gerespecteerd door de Nederlandse en Europese overheid, daar is de gang van zaken rondom FATCA en de FATCA-verdragen een goed voorbeeld van, lees onder meer dit.

Geplaatst in Bankrekening krijgen en behouden, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, rechtsstaat e.d. | Tags: , , , , , , | Een reactie plaatsen

FATF consultation on the transparency and beneficial ownership of legal arrangements | AML, CFT, ubo-register

The Financial Action Task Force (FATF) is conducting a review of the recommendation on the transparency and beneficial ownership of legal arrangements (e.g. trusts), on LinkedIn they wrote:

How can the FATF strengthen the international standard on beneficial ownership for trusts and other legal arrangements to stop criminals exploiting them to hide dirty money? Three months after toughening up its global beneficial ownership rules for legal persons, the FATF is revising its standards in other interlinked areas.
We want to hear your comments on what needs to be done.
Deadline for comments: 1 August 2022 (18h00 CEST).

Amongst others FATF is considering to revise the definition of legal arrangements and the FATF is considering to limit the scope of risk assessment and mitigation obligations to such legal arrangements that have sufficient links with the countries.

More information in the article ‘Revision of Recommendation 25 – White Paper for Public Consultation‘ (pdf).

Geplaatst in English - posts in English on this blog, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, rechtsstaat e.d., Ubo-register | Tags: , , | Een reactie plaatsen