Luistert Europa in het financiële domein nog naar de burger? | Interview met Mahir Alkaya over de toekomst van ons geld

In een veranderende wereld moet met gemengde gevoelens naar de Europese instituties worden gekeken. Aan de ene kant is onvermijdelijk dat Europees wordt samengewerkt, omdat we anders worden platgewalst door de Amerikanen en de Chinezen. Aan de andere kant zijn die Europese instituties in het financiële domein met een machtsgreep bezig, zonder acht te slaan op nationale belangen.

AML Package: nationale invloed is nihil
Op het terrein van de witwasbestrijding is zichtbaar dat men in Europa aan het bedisselen is dat de Europese invloed wordt vergroot, waarbij de nationale parlementen vrijwel geen invloed hebben en de nationale beroepsorganisaties geen enkele rol spelen, daar schreef ik over naar aanleiding van een eerdere versie van het AML Package [*].
Dit is een logisch vervolg op de Europeanisering van het bancaire systeem. Het zijn ook de banken die hebben aangedrongen op harmonisering van het witwasbestrijdingsrecht en die een motor zijn achter het AML Package. Dat package gaat echter veel verder en zal ook grote gevolgen hebben voor de vele witwasbestrijdingsplichtigen in het MKB, zoals de advocatuur.

Overigens is er in Europa wel een democratiseringsproject gaande, maar ik zie niet dat het effect heeft op vergaande regelgeving zoals in de financiële sector.

Alkaya en de digitale euro
De gang van zaken rondom de digitale euro geeft hetzelfde beeld als de witwasbestrijding: het Nederlandse parlement heeft alleen een soort van ‘inspraak’. Bekijk in dat verband het goede interview met Mahir Alkaya op blckbx en laat je niet afschrikken door de suggestieve titel die de blckbx redactie heeft gekozen. Alkaya legt op een heldere manier uit dat de digitale euro nuttig kan zijn om ons aan de macht van de commerciële banken te ontworstelen (zodat in de banksector weer een markt kan ontstaan), maar dat Europa een heel andere kant uitgaat.

Alkaya laat blijken een echte democraat te zijn, die het van belang acht dat er een hoogwaardige inhoudelijke discussie plaats vindt over onderwerpen die iedere burger raken.

 

 

[*] De nieuwste versie van begin december jl. moet ik nog bestuderen.

Geplaatst in Europa, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten | Tags: , , , , , | Plaats een reactie

Grootbank weigert consequenties te trekken uit Maprima-uitspraak | Wwft, trustkantoren, de-risking

In december 2019 koos ING Bank er voor om de relatie met alle kleine en middelgrote trustkantoren te beëindigen, ondanks de overheidstaken die de bank uitvoert op het gebied van het aanbieden van betaaldienstverlening en ondanks het ontbreken van aanwijzingen dat betreffende rekeninghouders niet integer zouden zijn. De opzegging vond plaats tegen beter weten in.

Rechter maakt korte metten
De rechtbank Amsterdam maakte in de Maprima uitspraak duidelijk dat het opzeggen van de relaties met complete branches niet is toegestaan. Tegen die uitspraak, die in lijn is met hogere rechtspraak, is geen hoger beroep ingesteld door de bank.

Geen open foutencultuur bij ING

Desondanks stuurde ING Bank recent onderstaande e-mail aan trustkantoren met wie de relatie in december 2019 was opgezegd:

From: trustkantoren@ing.com
Date: … December 2022 at —
To: (…)
Subject: ING – Uitstel beëindiging relatie – (…)

Geachte (…),

Enige tijd geleden hebben wij u geïnformeerd inzake het uitstel beëindiging relatie tot … 2022.
Hierbij informeren wij u dat de beeindigingsdatum met 6 maanden zal worden verlengd tot … 2023.
ING is zich momenteel nog aan het beraden op eventuele vervolgstappen. Gedurende deze periode zal de bancaire relatie niet beëindigd worden.
Wij houden u op de hoogte van ons besluit. Mocht ING het besluit toch handhaven, zullen wij u alsnog een redelijke termijn verstrekken voor het overbrengen van de bancaire zaken.

Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.

Met vriendelijke groet,
Projectteam Trustkantoren
Business Banking NL
E: Trustkantoren@ing.com

 

Daarmee handelt de bank maatschappelijk onbetamelijk ten opzichte van deze trustkantoren, want de bank is er mee bekend een ongemotiveerde opzegging niet is toegestaan. De Maprima-uitspraak is relevant voor alle andere opgezegde trustkantoren.

Zie in dat verband onder meer in overweging 4.8. van de Maprima uitspraak:

De wens van ING om de genoemde risico’s uit te sluiten is legitiem, maar moet afgewogen worden tegen de belangen van Maprima. De rechtbank is van oordeel dat bij de huidige stand van zaken het belang van Maprima bij voortzetting van de bankrelatie zwaarder dient te wegen dan het belang van ING bij beëindiging daarvan. Beëindiging van de relatie zal er immers toe leiden dat de kans groot is dat Maprima haar onderneming niet meer kan voortzetten, terwijl er geen concrete aanwijzingen bestaan dat juist Maprima een integriteitsrisico vormt voor ING en/of dat ING daardoor voor onevenredig hoge kosten wordt geplaatst. Het belang van ING bij beëindiging van de bankrelatie is op dit moment dan ook relatief beperkt.

Anders gezegd: een bank mag de toegang tot het betalingsverkeer niet ontzeggen aan ondernemingen die geen integriteitsrisico vormen en/of onevenredig hoge kosten veroorzaken.

Regelgeving nodig
Dat de bank het maatschappelijk onbetamelijke optreden handhaaft, ondanks het feit dat zij in december 2019 al wist dat de opzegging niet was toegestaan (er was toen al voldoende over bekend) geeft aan dat er wetgeving nodig is om financiële instellingen te bewegen hun maatschappelijke taken goed uit te voeren.

Misschien is het wel beter om het betalingsverkeer volledig bij banken en betaaldienstverleners weg te halen.

 

Dit artikel verscheen eerder op de site van Compliance Platform Trustkantoren.

De handelswijze van deze bank is een voorbeeld wat ‘de-risking’ wordt genoemd, dat is het weigeren en opzeggen van relaties door Wwft-plichtigen zoals banken, omdat zij het vereiste cliëntenonderzoek te duur vinden en/of omdat de klant tot een vermeende hoogrisico groep op witwassen/terrorismefinanciering zou behoren. De-risking is één van de bewijzen dat de concepten van de witwasbestrijding zoals ontwikkeld door FATF inherent inadequaat zijn en tot maatschappelijk onbetamelijk handelen van Wwft-plichtigen leiden. Artikelen op dit blog over dit onderwerp zijn via de de-risking tag te vinden.

Geplaatst in Bankrekening krijgen en behouden, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten | Tags: , , , , | Plaats een reactie

Wet inzake verwijderingsbevelen terroristische inhoud door Tweede Kamer aangenomen

In december heeft de Tweede Kamer een voorstel voor een wet [1] aangenomen die het mogelijk maakt dat een overheidsinstantie hostingproviders verplicht om terroristische inhoud [2] te verwijderen, het voorstel zal nu in de Eerste Kamer worden behandeld.

Het is een wet die uitvoering geeft aan een rechtstreeks werkende Europese verordening [3]. De Nederlandse overheidsinstantie heet ‘Autoriteit Online Terroristisch en Kinderpornografisch Materiaal‘. De taken van de autoriteit worden in artikel 2 van het Nederlandse voorstel samengevat als:

a. terroristische inhoud te identificeren en het ontoegankelijk maken van online terroristische-inhoud te bevorderen en zo nodig af te dwingen, en;
b. onderzoek te doen naar, en informatie te verstrekken over, de aanwezigheid van online terroristisch materiaal teneinde de verspreiding daarvan onder het publiek te beperken, waar mogelijk in samenwerking met private en publieke partijen.

Een belangrijk element van de verordening is dat de nationale autoriteiten verwijderingsbevelen mogen uitvaardigen op grond waarvan aanbieders van hostingdiensten terroristische inhoud moeten verwijderen of de toegang daartoe in alle lidstaten moeten blokkeren (artikel 3 verordening). Degenen die de betreffende inhoud hebben geplaatst (de ‘aanbieders van inhoud’) kunnen alleen achteraf bezwaar maken (artikel 4 lid 4 verordening).

Er geldt een uitzondering voor (artikel 1 lid 3 verordening):

Materiaal dat voor educatieve, journalistieke, artistieke of onderzoeksdoeleinden of met het oog op het voorkomen of bestrijden van terrorisme onder het publiek wordt verspreid, met inbegrip van materiaal dat een uiting vormt van polemische of controversiële standpunten in het publieke debat, wordt niet geacht terroristische inhoud te zijn. Met een beoordeling wordt het werkelijke doel van die verspreiding bepaald en wordt nagegaan of het materiaal voor die doeleinden onder het publiek wordt verspreid.

Het zal interessant zijn om te zien of de uitzondering in de praktijk goed zal worden toegepast.

 

Noten
[1] Officieel: Uitvoeringswet verordening terroristische online-inhoud. De eindtekst van het voorstel is hier te vinden. Dossier: Tweede Kamer, Eerste Kamer, overheid.nl. Eerder schreef ik over het AIV-advies.
[2] Voor de betekenis van ‘terroristische inhoud’ wordt verwezen naar de definitie van “terroristische misdrijven” als gedefinieerd in artikel 3 van Richtlijn (EU) 2017/541.
[3] Verordening 2021/784 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2021 inzake het tegengaan van de verspreiding van terroristische online-inhoud, overzichtspagina, Nederlandstalige html-versie.

Geplaatst in Fraude, witwasbestrijding, Wwft, ICT, privacy, e-commerce | Tags: , , , | Plaats een reactie

WODC: twijfels bij registratiesysteem ‘foute huurders’ | witwasbestrijding vastgoed

Terwijl afgelopen zomer een hoogst merkwaardig wetsvoorstel voor een Wet goed verhuurderschap is ingediend bij de Tweede Kamer, zie het dossier op overheid.nl en mijn artikel, werd in opdracht van het WODC onderzoek ingesteld naar een registratiesysteem inzake ‘foute huurders’.

Lees over het onderzoek de WODC-aankondiging Twijfels bij registratiesysteem ‘foute huurders’. Daarin staat onder meer:

De onderzoekers schatten in dat zo’n registratiesysteem slechts beperkte meerwaarde heeft bij het tegengaan van ondermijnende criminaliteit. Volgens hen is het aannemelijk dat criminele personen of groepen de nadelige gevolgen van een dergelijk systeem vrij eenvoudig weten te omzeilen. De onderzoekers hebben bovendien zorgen over de mogelijke negatieve neveneffecten van een dergelijk systeem. Niet elke huurder die zich een keer heeft ingelaten met ondermijnende criminaliteit, maakt zich opnieuw schuldig hieraan. Toch wordt het voor iedereen die op zo’n ‘foute huurders’-lijst terechtkomt, aanmerkelijk lastiger om nog een huurwoning te vinden. Ook vanuit de opsporingshoek wordt weinig meerwaarde gezien in zo’n registratiesysteem: een betere benutting van alle huidige screeningsmogelijkheden door verhuurders en de aanpak van malafide verhuurmakelaars levert op termijn meer resultaat op in de strijd tegen ondermijnende criminaliteit binnen de vastgoedsector.

Het rapport is hier te vinden.

Het is niet duidelijk hoe de uitkomsten van het onderzoek zich verhouden met het wetsvoorstel dat ik aan het begin noemde. Ook de relatie met de Wet Damocles (de wet op grond waarvan gemeenten de verhuurders kunnen straffen voor crimineel gebruik van het gehuurde, ook als de verhuurders dat niet wisten) ontbreekt. De beide thema’s worden wel kort genoemd.

Geplaatst in Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Strafrecht | Tags: , , | Plaats een reactie

Gaan de anti-dwang regels van Europa ons beschermen tegen de VS?

Europa is al langer bezig met regelgeving om Europese landen te beschermen tegen sterke partijen van buiten de EU, waarvan de VS er één is. Op dit blog besteed ik er al langer aandacht aan, zie de berichten met de tag Anti-Coercion Instrument. Een aanverwant onderwerp is de screening van buitenlandse investeringen.

In december informeerde de minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking de Tweede Kamer over de laatste ontwikkelingen rondom de anti-dwangregels (anti-coercion instrument, ACI) van Europa, lees de brief.

Geplaatst in Europa, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten | Tags: , | Plaats een reactie

Accidental Americans vragen Tweede Kamer om bij ‘internationale fiscaliteit’ ook aandacht te besteden aan de grondrechten van burgers

Het commissiedebat Internationale Fiscaliteit op 25 januari 2023 in de Tweede Kamer [*] was voor de Nederlandse Accidental Americans groep, die de slachtoffers van de Amerikaanse Citizenship-Based Taxation/FATCA (info) vertegenwoordigen, aanleiding voor een bericht aan de leden van de commissie Financiën van de Tweede Kamer:

Onderwerp: debat Internationale Fiscaliteit op 25 januari 2023
Datum: donderdag 5 januari 2023

 

Geachte leden van CieFIN,

Op 25 januari 2023 heeft u een debat met de staatsecretaris van Financiën.
Het debat betreft onderwerpen die gerelateerd zijn aan de Internationale Fiscaliteit.

Dat lijkt ons een goed moment om ook de onrechtvaardige gevolgen die Nederlandse Staatburgers ondervinden van het Citizens Based Taxation (CBT) model van de United States (US) op de agenda te zetten.

Niet dat wij denken dat de Nederlandse Overheid het Amerikaanse belastingstelsel kan wijzigen, maar wij denken wel dat de Nederlandse Overheid zijn eigen staatsburgers beter zou moeten beschermen tegen deze extraterritoriale wetgeving van de US.

Zeker gezien het feit dat de US met het CBT model afwijkt van Recidence Based Taxation (RBT) dat de norm is in de rest van de wereld (behalve Eritrea).

Het gegeven dat hierdoor meer dan 46.000 Nederlandse staatburgers en hun gezinnen, door FATCA, opeens sinds 2015 geconfronteerd worden met deze belastingverplichtingen aan de US, terwijl ze daar geen weet van hadden, geen inkomen en geen bezittingen hebben, wordt als zéér onrechtvaardig ervaren.

Hoe kan het zijn dat er door de Nederlandse overheid een belastingplicht wordt geaccepteerd voor Nederlandse Staatsburgers aan een land waar ze geen enkele “overheidsdienst” voor terugkrijgen?
Hoe kan het zijn dat de Nederlandse Overheid een verdrag sluit waarmee dit onrecht wordt gefaciliteerd?
Wat is de rechtvaardiging hiervan?

In 2018 was er heel veel commotie in zowel de Tweede Kamer, als ook internationaal, toen Eritrea in Nederland op jacht ging naar Nederlandse Staatsburgers die in Eritrea waren geboren en gedwongen werden belasting te gaan betalen aan Eritrea.
Waarom wordt dit van Eritrea NIET geaccepteerd en wordt het van de US wel geaccepteerd dat deze, via de Nederlandse banken, de Nederlandse Staatsburgers chanteren en op zéér hoge kosten jaagt. Zelfs als achteraf blijkt dat er geen belasting betaald behoeft te worden.

Hoe en wanneer gaat de staatsecretaris dit al vele jaren slepende probleem nu eens structureel oplossen?
Met name voor de groep Accidental Americans die Nederlandse ouders hebben, toevallig in de US zijn geboren, maar daar slechts dagen, weken of enkele jaren hebben gewoond.

Wij vertrouwen er op dat u de kans niet laat lopen en 25 januari op komt voor onze rechten.
Mocht u vragen hebben laat het ons weten.

Met vriendelijke groeten / Kind regards,
Nederlandse Accidental Americans groep
(…)
w: https://accidentalamericans.nl/

 

[*] Debat van de commissie Financiën van de Tweede Kamer.

Geplaatst in Bankrekening krijgen en behouden, Belastingrecht, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten | Tags: , , , , , | Plaats een reactie

WODC rapport maakt gehakt van de ondermijningsmode

In december jl. werd een interessant WODC-rapport over bestrijding van de georganiseerde misdaad bekend gemaakt, lees de aankondiging. Het rapport en de samenvatting zijn hier te vinden.

De auteurs van het rapport bepleiten een herijking van de aanpak, waarbij modieuze bewoordingen als ‘ondermijning’ moeten worden verlaten. In de aankondiging staat onder meer:

Ten tweede bevelen de onderzoekers aan om de uitgangspunten van de aanpak te herijken. Zo dienen de doelstellingen van een project te bepalen welke partijen met elkaar om de tafel gaan zitten. Niet alles en iedereen hoeft, zoals nu vaak gebeurt, met elkaar verbonden en op elkaar afgestemd te worden. Verder pleiten de onderzoekers voor een reflectie op de structuur van de opsporingswereld en hoe de politie, KMar en vier bijzondere opsporingsdiensten daarbinnen zich tot elkaar verhouden. Zij werken steeds meer op elkaars terreinen, terwijl het model uitgaat van naast elkaar opererende diensten. Ook zou het Openbaar Ministerie een meer zichtbare rol in de aanpak moeten claimen. Naast de aansturing van het opsporingsproces, kan het OM ook het maatschappelijk debat aanzwengelen over een balans tussen veiligheid en het beschermen van rechten van individuele burgers. Tot slot pleiten de onderzoekers ervoor om het werken bij de overheid aantrekkelijker te maken. Zo kunnen expertises die nodig zijn voor de verdere ontwikkeling van de aanpak van ondermijnende criminaliteit, zoals data-analyse, intelligence, financiën en leiderschap, duurzaam aan de projecten worden verbonden.

Het doet denken aan de mislukte concepten van de witwasbestrijding, die nog steeds niet onder vuur liggen, terwijl daar alle aanleiding voor is.

Lees in dit verband het artikel van Bart de Koning voor Follow the Money over de huidige minister van Veiligheid, Dilan Yeşilgöz. Hij wenst haar veel sterkte met de erfenis op het ministerie, veroorzaakt door eerdere ministers van haar eigen partij, die door jarenlange bezuinigingen de strafrechtketen hebben uitgehold, onder meer schrijft hij:

De malaise bij de politie is pijnlijk genoeg grotendeels veroorzaakt door VVD-ministers.

en hij besluit met:

Dilan Yeşilgöz heeft een breed netwerk en ze kan goed luisteren. Het zou verstandig zijn om ook naar de wetenschappers op haar eigen departement te luisteren en haar beleid zo concreet, rationeel en meetbaar mogelijk te maken. Anders zit haar opvolger met nóg grotere puinhopen.

 


Aanvulling 10 januari 2023
In NRC verscheen Dilan Yesilgöz: minister die niet bang is voor de zesde keer te vragen hoe het zit door Denise Retera.

Geplaatst in Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, Strafrecht | Tags: , , , , | Plaats een reactie

Evaluatie Wet controle op rechtspersonen | TRACK, RADAR, Dienst Justis

In 2011 ging de overheid van start met datamining van rechtspersonen, lees mijn artikel uit dat jaar. Dit is een van de taken van de Dienst Justis van het ministerie van Veiligheid, die onder ‘producten’ (ik blijf het vreemd vinden dat de overheid denkt producten te leveren) onder meer vermeldt: “Toezicht op rechtspersonen. Netwerktekeningen en risicomeldingen“. In 2021 schreef ik over het WODC-onderzoek naar de effectiviteit.

Op 14 december jl. stuurde de minister van Veiligheid een brief aan de Tweede Kamer over de Wet controle op rechtspersonen (Wcr). Het doel van de wet wordt als volgt beschreven:

De Wcr heeft tot doel om met behulp van doorlopend toezicht misbruik van rechtspersonen, zoals naamloze vennootschappen, besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid en stichtingen, te voorkomen en te bestrijden. De controle richt zich op de rechtspersoon, de bestuurder(s) en andere personen die een relatie met de rechtspersoon hebben. (…)

Controle van rechtspersonen door Justis begint bij een geautomatiseerde screening op basis van mutaties (wijzigingen) in het Handelsregister van de Kamer van Koophandel, om vast te stellen of er een verhoogd risico op misbruik van de rechtspersoon is. Voor dit geautomatiseerde toezicht met het systeem RADAR betrekt Justis dagelijks gegevens uit vier bronnen: het Handelsregister, de Justitiële Documentatiedienst (JDS), de Basisregistratie Personen (BRP) en het Centraal Insolventieregister (CIR). De gegevens worden vergeleken met risicoprofielen: combinaties van kenmerken van verschillende fraudevormen die op verhoogde risico’s wijzen, zoals meerdere bestuurswisselingen in combinatie met financiële onregelmatigheden.

De afdeling Toezicht op Rechtspersonen, Analyse, Controle en Kennisgeving (TRACK) is binnen Justis verantwoordelijk voor de uitvoering van de wet.

De minister van Veiligheid biedt een tweede rapport aan over de effectiviteit van de Wcr, waarin (net als eerder WODC), wordt aangegeven dat een fundamenteel probleem blijft dat niet inzichtelijk is of en hoe groot de bijdrage van de Wcr aan de aanpak van misbruik van rechtspersonen is.

Het is opvallend dat een overheid met een veel betere informatiepositie dan de private sector, niet in staat is om op een effectieve wijze te signaleren welke rechtspersonen een criminaliteitsrisico vormen. Het is merkwaardig dat de overheid veronderstelt dat private partijen zoals banken dat in het kader van de witwasbestrijding (Wwft) wel kunnen.

Hier zou lering uit getrokken moeten worden.

Geplaatst in Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Rechtspersonenrecht | Tags: , , , , , | Plaats een reactie

Bizarre Wwft-taferelen tussen banken en notarissen | witwasbestrijding, onderzoek naar de zakenrelaties van de klant

Tot welke bizarre taferelen de concepten van de witwasbestrijding (Wwft) leiden wordt geïllustreerd door de ruzie tussen banken en notarissen, waarbij de banken niet alleen de rekeninghouder-notaris wilden onderzoeken maar ook de partijen die de notaris bedient (bijvoorbeeld verkopers en kopers van aandelen en vastgoed). Als onderzoek naar de klanten van de klant nodig zou zijn (maar dat haal ik niet uit de regels) is dit een van de ernstigste fouten in de concepten die zijn ontwikkeld door de ondemocratische wereldregering, die onder de naam FATF door het leven gaat.

Bureaucratische ontaarding van de witwasbestrijding
Inmiddels hebben de beroepsorganisaties van banken en notarissen een schijnoplossing gevonden, die in dit NVB bericht [*] wordt beschreven. Zoals de bank geen deugdzaamheidsverklaring aan de notaris hoeft te verstrekken als de bank een lening verstrekt voor de aanschaf van vastgoed, zo hoeft de notaris geen deugdzaamheidsverklaring aan de bank te verstrekken dat de Wwft wordt nageleefd. Dat men deze ‘oplossing’ heeft gevonden, geeft de bureaucratische ontaarding van de misdaadbestrijding aan.

De echte oplossing: de witwasbestrijdingsregels moeten internationaal en nationaal op de schop en FATF c.s. moeten eindelijk verantwoording gaan afleggen van hun incrowd-concepten die geen enkele relatie met de werkelijkheid onderhouden.

 

[*] Overigens beweert het artikel ten onrechte “Tot nu toe konden banken moeilijk aan informatie komen van notarissen voor hun klantonderzoek ter voorkoming van witwassen en terrorismefinanciering. Zij liepen hierbij op tegen de notariële geheimhoudingsplicht“. De bank is nl. niet verplicht om de klanten van de notaris te onderzoeken. De bank is alleen verplicht tot onderzoek van de eigen klant, te weten de notaris. Daarbij kan de bank wel proberen na te gaan of de notaris de notaris-regelgeving goed naleeft, maar dat betekent niet dat de bank zich moet  verdiepen in de transacties die de notaris tussen klanten verzorgt.

Geplaatst in Dienstverlening - juridisch financieel [advocaten, accountants, belastingadviseurs e.d.], Europa, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten | Tags: , , , , , , | Plaats een reactie

Het laatste ubo-nieuws

Enige recente documenten over het ubo-register:

Antwoord op kamervragen – 20 december
Op 20 december werden vragen beantwoord:

Zie ook de site van de rijksoverheid.

Verslag commissievergadering – 15 december
De minister van Veiligheid zei volgens een verslag van een commissiedebat dat op 15 december 2022 bekend werd gemaakt:

Voor wat betreft trust zetten we binnen de EU in op aanscherping en harmonisatie van het UBO-begrip en de verplichtingen die gelden omtrent de identificatie en registratie van die UBO’s. We proberen verder ook de vulling van het UBO-register te bevorderen voor juridische entiteiten en ook het invoeren het UBO-register voor trust en soortgelijke juridische constructies. Ik werk in ieder geval nauw samen met mijn collega van Financiën, maar zij is wel de eerste trekker hiervan.

Het is een intrigerende tekst, nu er eerder over trustkantoren wordt gesproken en in deze passage over de Angelsaksische trust. Het ubo-register voor trusts c.a. is al ingevoerd. Vaag en vreemd.

Nota Van der Lee en Nijboer – 14 december
Leden van de Tweede Kamer Van der Lee en Nijboer dienden een initiatiefnota in over de aanpak van Nederland als belastingparadijs, want dat schijnt Nederland nog steeds te zijn, de nota werd 14 december bekend gemaakt. In die nota (die ik al besprak in het kader van trustkantoren) wordt zonder toelichting aangedrongen op uitbreiding van de reikwijdte:

3.11 Transparantie en aanscherping UBO-registers

Het Ultimate Beneficial Owners (UBO) register is een belangrijk middel om de schimmigheid van complexe bedrijfsconstructies tegen te gaan, in de context van witwassen maar ook in de context van het tegengaan van belastingontwijking en doorstroom. Het is immers nog te vaak onduidelijk wie de echte belanghebbende is achter een constructie.

Voor de initiatiefnemers is het belangrijk dat UBO-registers transparant zijn, zodat bijvoorbeeld onderzoeksjournalisten onderzoek kunnen doen naar belastingontwijking. Onlangs heeft het Europees Hof beslist dat volledige openbaarheid van het UBO-register niet proportioneel is met het oog op bestrijding van criminele geldstromen.

Het kabinet heeft de Kamer op 22 november jl. geïnformeerd dat er tijdelijk geen informatieverstrekkingen uit het UBO-register mogelijk zijn vanwege deze uitspraak en dat ze de gevolgen van de uitspraak nader zal bestuderen.

De initiatiefnemers benadrukken dat de Hofuitspraak ruimte laat om het UBO-register toegankelijk te houden voor legitieme belangen, zoals onderzoeksjournalisten. De Hofuitspraak ziet immers enkel toe op de bepaling waarbij UBO-informatie beschikbaar is voor iedereen, en stelt niet dat het niet beschikbaar stellen aan bijvoorbeeld onderzoeksjournalisten niet proportioneel zou zijn ten opzichte van het bestrijden van bijvoorbeeld belastingontduiking.

De initiatiefnemers vinden het daarom wenselijk dat het kabinet zich ervoor inzet dat voor bepaalde groepen, zoals onderzoeksjournalisten en NGO’s, het UBO-register toegankelijk blijft. Luxemburg doet dit nu bijvoorbeeld al. Ook moet, conform de aanbevelingen van de Commissie Doorstroomvennootschappen, het UBO-register beter doorzoekbaar worden en dienen de verplichtingen voor wie in aanmerking komt als UBO uitgebreid te worden tot hoger leidinggevend personeel. Het kabinet zet goede stappen op het eerste punt en wordt verzocht zich, idealiter in Europees verband, ook voor het tweede punt in te spannen.

Naast het UBO-register wijzen de initiatiefnemers op het initiatiefwetsvoorstel NijboerAlkaya voor een Centraal Aandeelhoudersregister (CAHR). In dit register worden alle aandeelhouders van een organisatie (en niet alleen vanaf een bepaalde drempelwaarde) geregistreerd. Het centraal aandeelhoudersregister verzamelt en ontsluit deze informatie voor publieke diensten, notarissen en Wwft-instellingen, en geeft hierdoor zicht op wie schuil gaan achter vennootschappen.

Hiermee kan het CAHR een belangrijke bijdrage leveren aan het in kaart brengen van de vermogensverdeling, zoals erkend door het IBO vermogensverdeling, de bestrijding van financieel-economische criminaliteit, en van fiscale ontwijkingsconstructies, waardoor deze effectiever in kaart gebracht en (via de route van wetgeving) aangepakt kunnen worden.

De Kamer is aan zet voor de verdere behandeling van en stemming over deze initiatiefwet. De initiatiefnemers zien het CAHR als integraal onderdeel van hun initiatiefnota en roepen de Kamer daarom op om ervoor zorg te dragen dat Nederland een centraal aandeelhoudersregister krijgt.

Beslispunt: De initiatiefnemers verzoeken de Kamer in te stemmen de regering te verzoeken zich ervoor in te zetten dat de transparantie van het UBO-register geborgd blijft, de zoekmogelijkheden verbeterd worden, en de reikwijdte aangescherpt wordt. Bovendien roepen zij op het introduceren van een centraal aandeelhoudersregister.

Handhaving ubo-regels in antwoorden op vragen – 9 december 2022
De minister van Veiligheid schreef over de handhaving:

Ten aanzien van het UBO-register wordt de handhaving uitgevoerd door Bureau Economische Handhaving (BEH). Het niet voldoen aan de registratieplicht in het UBO-register betekent een overtreding van de Handelsregisterwet en is daarnaast een delict onder de Wet op de economische delicten. Dat betekent dat verschillende sancties opgelegd kunnen worden, waaronder een bestuurlijke boete of een last onder dwangsom. In uitzonderlijke gevallen kan BEH een casus voor strafrechtelijke handhaving doorverwijzen naar het Openbaar Ministerie met in zeer uitzonderlijke gevallen een gevangenisstraf als gevolg. Voordat een sanctie wordt opgelegd, ontvangen juridische entiteiten altijd eerst per brief een laatste waarschuwing met een termijn om alsnog aan de registratieplicht te voldoen. Er wordt dus niet zonder aankondiging een boete of sanctie opgelegd. Het kabinet is van mening dat met de bestaande maatregelen sprake is van een adequate inzet van publieke middelen.

Geplaatst in Europa, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, Kamer van Koophandel, Ubo-register | Tags: , , , | Plaats een reactie