Kritiek op gedrag & cultuur van de overheid – Kees Verhoeven, Paul Frissen, Matthias Desmet

De Nederlandse overheid is bezig met gedragsbeïnvloeding van burgers in het kader van de overheidstaak, waarbij de overheid geen belangstelling toont voor ongewenst gedrag binnen/door de overheid zelf [1]. Een voorbeeld van ongewenst overheidsgedrag is de digitale controlezucht die de ‘datagedreven’ Nederlandse overheid beheerst.

Die controlezucht heeft tot gevolg dat wordt geprobeerd iedere burger iedere seconde van de dag te kennen, beïnvloeden en liefst beheersen,  bijvoorbeeld door de financiële surveillance van de witwasbestrijdingsregelgeving (Wwft, bancair sleepnet).

Er zijn anderen die zich wel verdiepen in ongewenst overheidsgedrag.

 

De democratie crasht | Kees Verhoeven

Een voorbeeld is Kees Verhoeven, voormalig lid van de Tweede Kamer, die het boek ‘De democratie crasht‘ [2] publiceerde en mee deed aan diverse interessante podcasts [3].

Verhoeven publiceerde een artikel in het NRC [4], waarin hij beschrijft hoe de Tweede Kamer is verworden tot een motie- en kamervragen machine, die zijn tijd aan de verkeerde zaken verdoet in plaats van aan het maken van goede wetgeving en het controleren van het kabinet. Het jaar 2022 was, zo zegt Verhoeven, grensverleggend op het vlak van debatverruwing en nare omgangsvormen,  niet alleen in het parlement zelf maar ook daarbuiten.

Een van de oorzaken van het afglijden van het democratische proces is de digitalisering:

Maar dat digitale technologie tevens de krachtige aandrijfas is die onze informatie, communicatie en organisatie – en daarmee onze economie, samenleving en democratie – structureel veranderd heeft, ziet menigeen over het hoofd. (…)

Ik zie drie systeemfouten in deze door digitalisering aangedreven politieke systeemverandering. De eerste noem ik controledrift: het datagedreven wantrouwen dat naar voren komt in wetten als de hackwet, de Wet gegevensbescherming samenwerkingsverbanden (WGS), de aangepaste sleepwet of de aangekondigde witwaswet. Deze hebben tot doel om de overheid dieper onder de huid van burgers te laten kruipen, in strijd met onze rechtsstaat.

Verhoeven noemt scoringsdrang als tweede systeemfout, dat is de politieke marketing die politici met digitale hulpmiddelen voortdurend denken te moeten bedrijven. De derde fout is werkdwang, niet alleen bestaande uit het permanent bezig zijn met de actualiteit door middel van smartphones en tablets maar ook uit het maken van te lange werkdagen en te weinig rust en reflectie, met achterblijvende wetgevingskwaliteit als gevolg.

In zijn boek bespreekt Verhoeven ook de technologische illusies van de moderne overheid, in hoofdstukken als ‘Techreuzen en kabouterpolitiek’, ‘Glinsterende databergen’ en ‘De veiligheidsparadox’.

Hij geeft een belangrijk signaal af.

 

Het gevaarlijke verlangen naar de integrale oplossing | Paul Frissen

Net zo boeiend zijn de opvattingen van Paul Frissen, die aan de mooie podcast ‘Paul Frissen en het gevaarlijke verlangen naar de integrale oplossing” [5] mee deed en het boek ‘De integrale staat‘ [6] schreef.
Frissen vindt dat de overheid lijdt aan controlezucht en te grote verwachtingen, in de introductie bij de podcast [5] beschreven als:

Toch willen burgers dat die overheid vervuld is van nobele, oprechte en eerlijke activiteiten, geen fouten maakt en zowel kleurenblind is als gericht op de zorgen en belangen van eenieder individueel. (…)

Beleidsplannen moeten alle mogelijke factoren, risico’s en oorzaken van problemen onder de loep nemen en in hun samenhang aanpakken en oplossen. Frissen stelt dat die pretentie te hoog gegrepen is. (…)

Frissen is dan ook weinig gelukkig met de neiging maatschappelijke vraagstukken te ‘depolitiseren’ tot technocratische oplossingen. “Populisten begrijpen beter dan traditionele politici dat politiek een symbolisch discours is; geen beleidsmachine.”

Technocratische oplossingen ontkennen bovendien dat het leven ‘tragisch’ kan zijn – onvolmaakt en nooit onfeilbaar. En die neigen er toch een beetje naar engelen te willen fabriceren.

In zijn afscheidsrede [7] spreekt hij ware woorden over digitalisering, waarbij hij meldt dat hij al in zijn dissertatie uit 1989 voorspelde dat digitalisering tot intense bureaucratie zal leiden:

Ik begin met vergissingen over technologie en dan informatie- en communicatietechnologie in het bijzonder. (…)

In mijn dissertatie concludeerde ik nog dat de technologie vooral intense bureaucratisering veroorzaakte. 3 De staat zou versplinteren, sprak ik in mijn oratie vervolgens bloedserieus uit. 4 Dat technologie en bureaucratie samenhangen lijkt mij nog steeds een correcte uitspraak. Het internet daarentegen had andere, revolutionaire gevolgen. Met ironisch enthousiasme prees ik het anarchisme dat eindelijk mogelijk was gemaakt. Nota bene dankzij het militaire apparaat dat een communicatienetwerk zonder centrum had bedacht. De wereld zou horizontaliseren en virtualiseren; netwerken werden de dominante organisatiepatronen; en de betekenis van het territorium zou eroderen. (…)

Maar het blij verkondigde anarchisme heeft al snel de gedaante van ongehoorde machtsconcentraties aangenomen. En netwerken zijn verhulde hiërarchieën. Dat artificiële intelligentie het op korte termijn zal winnen van de mens, is uiterst onwaarschijnlijk. Ook al bevat zelfs uw telefoon exponentieel gegroeide capaciteit en bizarre hoeveelheden functionaliteit, onze geest blijft superieur.

Al was het maar omdat de mens genialiteit aan waanzin kan koppelen (…)

3 P.H.A. Frissen (1989). Bureaucratische cultuur en informatisering. Een studie naar de betekenis van informatisering voor de cultuur van een overheidsorganisatie. Den Haag, Sdu uitgevers.

4 P.H.A. Frissen (1991). De versplinterde staat. Over informatisering, bureaucratie en technocratie voorbij de politiek. Oratie. Alphen aan den Rijn, Samsom H.D. Tjeenk Willink.

Het zijn verstandige woorden.

 

Psychologie van het totalitarisme | Mattias Desmet

Hoewel ik het boek niet heb gelezen, lijkt het er op dat de kritiek van Mattias Desmet in het boek ‘Psychologie van het totalitarisme‘ [8] veel weg heeft van wat Verhoeven en Frissen betogen. Desmet is door de Universiteit van Gent gecancelled, lees ik bij VRT [9] (al lijkt zijn optreden bij een Amerikaans warhoofd niet verstandig).

De beschrijving van het boek in de boekhandel luidt:

Het recht op privacy kalft af, (zelf)censuur neemt in sneltempo toe, de gezondheid van het individu wordt meer en meer een staatszaak, het aantal intrusieve acties door veiligheidsdiensten stijgt exponentieel – de laatste decennia vergroot de greep van de overheid op het privéleven van het individu hand over hand. Het door Hannah Arendt opgeroepen dystopische toekomstbeeld dat na de val van het nazisme en het stalinisme er een nieuw soort totalitarisme zou oprijzen, geleid door saaie bureaucraten en technocraten, tekent zich merkwaardig realistisch af aan de maatschappelijke horizon. Totalitarisme is geen historische toevalligheid. Het is het logische gevolg van een waanachtig geloof in de almacht van het menselijke verstand; het is het symptoom bij uitstek van de Verlichtingstraditie. Dit boek presenteert een glasheldere psychologische analyse van de historische opkomst van totalitarisme en het ermee verbonden fenomeen van massavorming. Het presenteert daarbij een bijwijlen genadeloze maatschappijkritische analyse van fenomenen als de woke cultuur, de Black Lives Matter-beweging en de angstcultuur die tot een hoogtepunt kwam tijdens de coronacrisis. Mattias Desmet is professor klinische psychologie aan de Universiteit Gent. Hij heeft een psychoanalytische praktijk en is auteur van boeken als The pursuit of objectivity in psychology en Lacan’s logic of subjectivity.

Ik zal het moeten lezen om te zien of Desmet de weg kwijt is, maar zo op het eerste gezicht lijkt me dat onwaarschijnlijk.

Cancellen
Een interessante zijdelingse vraag is natuurlijk of je als wetenschapper of politicus moet gaan optreden in een omgeving die is ‘gecancelled’ (wie gaat daar over?). Een voorbeeld is het optreden van politicus Alkaya bij blckbx, er waren mensen die zeiden dat dat niet zou mogen.
Ik vind het een gevaarlijke ontwikkeling als er bij voorbaat niet meer naar iemand geluisterd wordt als hij of zij iets doet bij een ‘gecancelled’ kanaal (zoals in Nederland blckbx en De Nieuwe Wereld).

 

Tip voor de ontwerpers van de witwasbestrijdingsregels

Het lijkt me verstandig dat de ontwerpers van de witwasbestrijdingsregels eerst alle boeken van Frissen lezen en daarna pas verder gaan met regels bedenken. Dat geldt onder meer voor het bancair sleepnet waar ik eerder vandaag over schreef.

 

Noten

[1] De rijksoverheid kent het Behavioural Insights Netwerk Nederland (BIN NL), dat een site heeft, met de volgende introductie:

Het Behavioural Insights Netwerk Nederland (BIN NL) is een samenwerkingsverband van alle ministeries op het gebied van gedragswetenschappen en is bedoeld voor het uitwisselen van kennis en ervaring. In de community delen we gedragsinzichten, zodat we samen de toepassing van gedragskennis binnen de overheid verder kunnen brengen.

Ik schreef over BIN NL in Behavioural Insights Netwerk Nederland besteedt geen aandacht aan financiële regelgeving | nudging, 13 december 2017.
In Toezine zijn artikelen over gedrag en cultuur van de burger artikelen te vinden, bijvoorbeeld:

Een enkele keer gaat het wel over de overheid zelf:

[2] Het boek ‘De democratie crasht‘, dat ook als e-book is uitgegeven, is uitgegeven door Business Contact en onder meer bij boekhandel Donner te verkrijgen.

[3] Verhoeven is te horen in een lang interview (mp3) met de makers van Betrouwbare Bronnen, zeer horenswaard. Verder was hij op NPO Radio 1 te horen en werd hij in de Technoloog door Herbert Blankesteijn en Ben van der Burg geïnterviewd onder de titel ‘Digitalisering als sluipmoordenaar van de rechtsstaat’.

[4] Artikel Help, de democratie crasht, Verhoeven in het NRC 27 januari 2023.

[5] Podcat Paul Frissen en het gevaarlijke verlangen naar de integrale oplossing, Betrouwbare Bronnen 31 januari 2023. Pagina van de uitzending met vindplaatsen.

[6] Boek De integrale staat. Kritiek van de samenhang bij de uitgever, intro:

Het verlangen naar samenhang is even begrijpelijk als gevaarlijk. In politiek en bestuur komt het streven naar samenhang al decennialang tot uiting in integraal beleid. Er zijn integrale aanpakken, integrale plannen, integrale programma’s en integrale akkoorden. De term is onveranderd positief en er gaat een grote vanzelfsprekendheid van uit. Wie kan er nu tegen integraliteit zijn?

In De integrale staat laat bestuurskundige Paul Frissen overtuigend zien dat deze houding niet alleen theoretisch problematisch is, maar ook politiek gevaarlijk. Als de staat samenhang wil opleggen aan de wereld, bepaalt de politieke meerderheid wat die samenhang moet zijn, en daarmee welk verschil er wél en vooral ook welk verschil er niet mag zijn. Frissen bekritiseert ook het hedendaagse streven naar diversiteit en inclusie: deze begrippen zijn met elkaar in tegenspraak. Inclusie wil al het gelijke insluiten, maar sluit het niet-gelijke daarmee juist uit.

Een door de staat opgelegde samenhang is politiek-filosofisch strijdig met de gebrokenheid van de wereld. De wereld is onvoltooid, onbepaald en onvolmaakt. En ze moet dat vooral ook blijven.

[7] Lees de afscheidsrede van Frissen, met onder meer het hoofdstuk ‘Vergissingen over
technologie
‘, met onder meer “In mijn dissertatie concludeerde ik nog dat de technologie vooral intense bureaucratisering veroorzaakte” (1989!).

[8] Het boek ‘Psychologie van het totalitarisme‘ is onder meer bij Donner te krijgen.

[9] Het bericht van VRT staat hier. Lees ook het artikel in De Standaard.

Geplaatst in Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten | Tags: , , , , , , , , , | Plaats een reactie

Inadequate reactie minister op wetenschapstoets witwasbestrijding | Wwft, bancair sleepnet, navraagplicht

De commissie Financiën van de Tweede Kamer heeft aan de minister een reactie gevraagd op de de aanbevelingen van de wetenschapstoets op het wetsvoorstel plan van aanpak witwassen (lees mijn artikel over de ‘wetenschapstoets’).

Die reactie heeft de minister van Financiën op 13 februari jl. gegeven (aanbiedingsbrief, reactie minister, beslisnota). Uit de reactie blijkt dat de minister niet van plan is om naar kritiek te luisteren.

Onderstaand de tekst, eerst de aanbeveling (met nummer) en vervolgens de reactie van de minister. Na de tekst geef ik nog een aantal opmerkingen bij de thema’s.

Reactie minister:

Reactie aanbevelingen wetenschapstoets wetsvoorstel plan van aanpak witwassen

Aanbeveling
1. Expliciteer de maatschappelijke opgave en maak de doelen meetbaar.

Reactie
We onderschrijven deze aanbeveling en zullen deze meenemen in de vormgeving van de verschillende evaluaties naar aanleiding van dit wetsvoorstel. De aanpak van witwassen en terrorismefinanciering is een onmisbare schakel in en een essentieel aanknopingspunt voor het voorkomen en bestrijden van criminaliteit. Criminelen mogen niet profiteren van hun activiteiten. Om dit te bereiken dient het financieel-economische stelsel beschermd te worden tegen witwassen en terrorismefinanciering. Dit om misbruik van het systeem voor criminele doeleinden te voorkomen. Daartoe is het van groot belang dat witwassen en terrorismefinanciering op een gezamenlijke en effectieve wijze wordt tegengegaan. Een van de middelen hiertoe is het versterken van de poortwachtersfunctie. Versterken van de poortwachtersfunctie wordt beoogd met de maatregelen voor gezamenlijke transactiemonitoring en het uitwisselen van informatie bij verhoogde risico’s. Een ander middel is het verhogen van de barrières voor criminelen om geld wit te wassen. Dit wordt beoogd met het verbod op contante betalingen voor goederen vanaf € 3.000.
In zijn algemeenheid onderschrijven wij de aanbeveling om de maatschappelijke opgave om witwassen te voorkomen en bestrijden te expliciteren en de doelen meetbaar te maken. Daartoe hebben wij in onze beleidsagenda witwassen1 als één van de drie prioriteiten aangemerkt ‘meten om te weten’. Onderdeel van deze prioriteit zijn het vaststellen van meetbare doelen en het bijhouden van statistieken, beter gebruik en verdieping van het National Risk Assessment en het verbeteren van inzicht in het gebruik van verdachte transacties en de feedback-loop naar private instellingen.

Aanbeveling
2. Breid het verbod uit met diensten.

Reactie
Bij de vormgeving van het verbod is gekeken naar effectiviteit, uitvoerbaarheid en naar het belang en de toegankelijkheid van het betalingsverkeer. Om die reden is in de huidige vormgeving van het verbod ervoor gekozen om diensten buiten de reikwijdte te laten. Beroeps- en bedrijfsmatige handelaren in goederen vallen op dit moment al onder de reikwijdte van de Wwft. Dit is niet het geval voor dienstverleners. Het opnemen van dienstverleners zou een forse uitbreiding van het aantal Wwft-instellingen inhouden en betekenen dat de taakstelling van bestaande toezichthouders moet worden uitgebreid, met de daarmee gepaard gaande kosten. Om die reden is ervoor gekozen diensten nu niet op te nemen in de reikwijdte van het verbod en na de evaluatie van het verbod te bepalen of het opnemen van diensten in de reikwijdte alsnog gewenst is.

Een extra reden om diensten buiten de reikwijdte van het verbod te houden, zijn de onderhandelingen die momenteel binnen de Europese Unie plaatsvinden over een Europees verbod op contante betalingen vanaf €10.000 (de bepaling laat lidstaten de ruimte om nationaal een lagere limiet te hanteren). Halverwege 2021 heeft de Europese Commissie een voorstel gepubliceerd, waar dit verbod een onderdeel van uitmaakt.2 Het voorgestelde Europese verbod ziet zowel op handelaren in goederen als op diensten. Omdat ‘diensten’ een nieuwe groep is in deze regelgeving, is nog niet helemaal duidelijk hoe deze groep afgebakend dient te worden. Het is daarom niet opportuun om vooruit te lopen op dit Europese verbod door middel van nationale wetgeving.

Aanbeveling
3. Overweeg de transactiemonitoring te beleggen bij een entiteit zonder winstdoelstelling.

Reactie
Deze aanbeveling verhoudt zich lastig tot de poortwachtersfunctie, die centraal staat bij deze maatregel. De poortwachtersfunctie is een internationaal erkende pijler van de aanpak van witwassen. Het is inherent aan de poortwachtersfunctie dat deze is belegd bij instellingen die een winstoogmerk hebben, waaronder banken. Het centrale idee is immers dat financiële dienstverleners het dichtst bij hun cliënten staan, de transacties uitvoeren en daarmee het beste in de positie zijn om te beoordelen of een transactie voor een specifieke cliënt ongebruikelijk is of niet.
Met het gezamenlijk monitoren van transacties wordt beoogd de poortwachtersfunctie van banken te versterken om de aanpak van witwassen effectiever te maken. Aangezien de poortwachtersfunctie bij entiteiten ligt met een winstoogmerk, lijkt het niet evident om voor dit specifieke deel van de poortwachtersfunctie een winstoogmerk uit te sluiten. O.i. zijn waarborgen die zijn opgenomen in het wetsvoorstel op het gebied van privacy, governance en toegang van de toezichthouder effectievere instrumenten om te waarborgen dat de uitvoering van de wettelijke taak niet ten koste gaat van andere belangen.

Aanbeveling
4. Stimuleer ook internationale samenwerking op dit terrein, om te beginnen in EU-verband.

Reactie
Wij onderschrijven deze aanbeveling van harte. Nederland zet zich in voor internationale samenwerking in de bredere opgave om witwassen en het financieren van terrorisme te voorkomen. Zo wordt in EU-verband, mede onder aansporing van Nederland, gewerkt aan de oprichting van een Europese anti-witwasautoriteit (AMLA). Eén van de doelen van AMLA is om kennis over grensoverschrijdende risico’s beter in kaart te brengen en de gezamenlijke aanpak daarvan te coördineren. Daarnaast is voorzien dat AMLA toezicht zal houden op de meest risicovolle instellingen in de EU.

Aangezien zowel de Wwft (voortkomend uit de Europese anti-witwasrichtlijn) en de AVG Europese kaders zijn is het zaak verduidelijking van de verhouding van deze twee kaders ook zo veel mogelijk in EU-verband vast te leggen. Daartoe heeft Nederland, samen met enkele andere lidstaten, tijdens de onderhandelingen voor de nieuwe anti-witwasverordening en richtlijn zich ingezet voor een verduidelijking van het kader voor gegevensverwerking bij het uitvoeren van de poortwachtersfunctie. Hierbij zijn de toegestane vormen van gegevensverwerking en uitwisseling tussen poortwachters geëxpliciteerd en zijn de daarbij vereiste waarborgen en voorwaarden opgenomen.

Aanbeveling
5. Om inzicht te krijgen in de effectiviteit en efficiëntie van de beleidsinstrumenten moeten concrete indicatoren worden benoemd – zie hieronder sub 8 (evaluatie).

Reactie
Wij onderschrijven deze aanbeveling. In het wetsvoorstel is voorgeschreven dat vier jaar na inwerkingtreding van de wet een evaluatie wordt uitgevoerd naar de effectiviteit van gezamenlijke transactiemonitoring en de naleving van de regels ten aanzien van de gegevensbescherming. De AP, DNB en de FIU-Nederland zullen nauw worden betrokken bij deze evaluatie in een adviserende rol. Bij het vormgeven van de evaluatie zal deze aanbeveling worden meegenomen. De evaluatie zal met de Kamer worden gedeeld.

Aanbeveling
6. Stel geen grens voor gezamenlijke (geanonimiseerde) monitoring van transacties tussen particulieren, en indien nodig, stel deze niet te hoog.

Reactie
Wij begrijpen deze aanbeveling. Wij erkennen dat het instellen van een grens van €100 voor transacties tussen particulieren deels ten koste gaat van de effectiviteit van de gezamenlijke transactiemonitoring.
Zoals ook de in wetenschapstoets wordt toegelicht ligt het voor de hand dat criminelen hun gedrag aanpassen aan deze grens, kan deze grens worden misbruikt om grote transacties op te knippen in kleine transacties (smurfing) en is bekend dat terrorismefinanciering middels kleine transacties kan geschieden.
In eerdere versies van het wetsvoorstel werd geen grens gehanteerd. Naar aanleiding van kritiek van de Autoriteit Persoonsgegevens en de Raad van State op de ongedifferentieerde verzameling van persoonsgegevens is onderzocht op welke manier de verwerking van persoonsgegevens van particulieren zo veel mogelijk kan worden beperkt, om de verwerking meer proportioneel en evenrediger in te richten. Naast het bestrijden van witwassen en tegengaan van terrorismefinanciering vinden wij de bescherming van privacy ook van groot belang. Daarom hebben we gezocht naar een evenwicht tussen beide belangen, zonder al te veel afbreuk te doen aan de effectiviteit van de gezamenlijke transactiemonitoring.
Daarom is in het kader van de hierboven genoemde afwegingen van evenredigheid en proportionaliteit, ervoor gekozen om transacties tot het bedrag van €100 tussen particulieren buiten de reikwijdte van de grondslag voor het gezamenlijk monitoren van transacties te laten vallen.

Aanbeveling
7. Vraag banken een indicatie te geven van het aantal transacties waarvoor gegevensdeling verplicht wordt, wat een kostenraming mogelijk maakt.

Reactie
We gaan ervan uit dat deze aanbeveling ziet op de navraagplicht uit artikel 3b van het wetsvoorstel plan van aanpak witwassen, aangezien de wetenschappers hier spreken van een verplichte gegevensdeling. Bij het gezamenlijk monitoren van transacties is geen sprake van een verplichting. We hebben een aantal kanttekeningen bij deze aanbeveling. Om te beginnen geldt deze bepaling niet alleen voor banken, maar voor alle poortwachters. Daarnaast is van belang dat de navraagplicht niet gekoppeld is aan transacties, maar aan het cliëntenonderzoek van specifieke cliënten. Zoals aangegeven in de memorie van toelichting, is het op voorhand onduidelijk in hoeveel gevallen poortwachters vast zullen stellen dat er sprake is van indicaties van een hoger risico op witwassen bij hun cliënten. Dit zal per poortwachter in hoge mate verschillen, met het oog op het soort dienstverlening, de mate waarin deze blootstaan aan witwasrisico’s en de beoordeling van deze risico’s door de poortwachter. Daarom is de kostenraming in de memorie van toelichting beperkt tot een schatting van de totale structurele nalevingskosten per cliëntonderzoek met een hoger risico op witwassen of financieren van terrorisme.

Aanbeveling
8. Monitor en evalueer het effect van het beleid op het totale aantal gemelde ongebruikelijke transacties en het werk van de FIU (kosten versus effectiviteit).

Reactie
We onderschrijven deze aanbeveling. Het voorstel bevat een evaluatiebepaling voor het verbod voor handelaren om contante transacties te verrichten vanaf €3.000. Bij deze evaluatie wordt de effectiviteit van de maatregel en de gevolgen in de praktijk bezien. Bij de evaluatie van de maatregel zal ook aandacht worden besteed aan de effectiviteit van de maatregel op het totale aantal gemelde ongebruikelijke transacties en het werk van de FIU-Nederland.

Aanbeveling
9. Maak met behulp van inschattingen van TMNL of banken een betere raming van de lasten.

Reactie
Financiële gevolgen worden alleen in kaart gebracht bij de introductie van nieuwe verplichtingen. Het wetsvoorstel plan van aanpak witwassen bevat twee verplichtingen: het verbod op contante betalingen boven €3.000 en de navraagplicht uit artikel 3b. Aangezien de wetenschappers in hun reactie uitsluitend de navraagplicht noemen, gaan we ervan uit dat deze aanbeveling ziet op de navraagplicht. Net als bij aanbeveling 7, willen we hier de kanttekening maken dat de navraagplicht ziet op alle poortwachters, niet alleen banken.

Desgevraagd heeft de Nederlandse Vereniging van Banken (NVB) aangegeven te verwachten dat onder andere kosten gemaakt zullen worden voor: het doen van de navraag, het verwerken van de ontvangen informatie en het leveren van de informatie bij navraag. De kosten zullen afhankelijk zijn van de te bepalen werkwijze en inrichting daarvan. De NVB geeft daarnaast ook aan dat deze bepaling ook kostenverlagende effecten met zich mee zal brengen. Door effectief gebruik te maken van de informatie uit de navraag bij het cliëntonderzoek, kan ongewenste onboarding van cliënten worden voorkomen. Dit kan een noodzakelijke en kostbare offboarding in een later stadium voorkomen.

Aanbeveling
10. Koppel de identificatiecodes die nu al gebruikt worden voor de feedbackloop tussen meldinstellingen en de FIU standaard aan strafdossiers bij het gebruik van informatie uit witwasmeldingen. Zo kan de effectiviteit van het meldsysteem inzichtelijker worden.

Reactie
We onderschrijven deze aanbeveling en zullen deze betrekken bij de uitwerking van een van de prioriteiten uit de beleidsagenda aanpak witwassen3 die hieraan raakt. Op 23 september jl. hebben wij deze beleidsagenda gedeeld met uw Kamer. Daarin staat dat in meerdere (inter)nationale onderzoeken is geconstateerd dat de aanpak van witwassen in Nederland een positieve ontwikkeling heeft doorgemaakt en de basis goed op orde is. Wel ziet het kabinet op een aantal terreinen mogelijkheden voor verdere verbeteringen. Zo komt het aandachtspunt naar voren om de aanlevering van verdacht verklaarde transacties te verbeteren en om structureel meer inzicht te krijgen in het gebruik van verdacht verklaarde transacties in de opsporings- en vervolgingsfase. Als onderdeel van de beleidsagenda aanpak witwassen wordt daarom ingezet op een gerichtere informatie-overdracht van FIU-Nederland en de verbetering van de registratie van het gebruik van verdacht verklaarde transacties door de opsporingsdiensten. Hierdoor kan een betere selectie op relevantie en gebruik van verdachte transacties door de (bijzondere) opsporingsdiensten plaatsvinden. Dit moet ook leiden tot het vergroten van de feedbackloop tussen publieke partijen en private instellingen.

Reactie
11. Richt de beloofde effectiviteitsevaluatie niet alleen op compliance, maar juist op de mate van realisatie van de gestelde doelen.

Reactie
We onderschrijven deze aanbeveling. Artikel IV uit het wetsvoorstel plan van aanpak witwassen schrijft voor dat het verbod op contante betalingen boven €3.000 geëvalueerd wordt op doeltreffendheid en de effecten in de praktijk (lid 1). Daarnaast wordt in dit artikel voorgeschreven dat de evaluatie van het gezamenlijk monitoren van transacties dient te zien op de werking van de bepaling in de praktijk (lid 2) en dat hierbij in ieder geval de effectiviteit van het gezamenlijk monitoren van transacties en de bescherming van persoonsgegevens wordt betrokken (lid 3). De evaluaties zullen dus uitdrukkelijk zien op doeltreffendheid en niet uitsluitend op compliance met de geldende regelgeving.

Aanbeveling
12. Meet doeltreffendheid aan de hand van een aantal indicatorenen maak dit onderdeel van toezicht.
Indicatoren:
– Hoe vaak (%) informatie-uitwisseling leidt tot een andere beslissing.
– Bij hoeveel gemelde transacties gezamenlijke monitoring heeft bijgedragen.
– Hoeveel van de meldingen uiteindelijk leiden tot een aanklacht van het OM.
– Hoeveel cashtransacties van boven de €3000 er ontdekt worden en hoeveel daarvan leiden tot een onderzoek naar criminele banden.
– Hoe goed de risicoselectiemodellen zijn (onderzoek door banken en de FIU via steekproeven).
– Hoeveel niet gemelde transacties wel gemeld hadden moeten worden.
– Hoeveel gemelde transacties ten onrechte zijn gemeld.

Reactie
We onderschrijven deze aanbeveling. We zullen, in overleg met publieke partijen zoals De Nederlandsche Bank, BTWwft en de FIU-Nederland, de genoemde indicatoren meenemen in de vormgeving van de verschillende evaluaties uit dit wetsvoorstel. Ook zullen we de indicatoren die de wetenschappers aanbevelen doorgeleiden aan de relevante toezichthouders. Het is aan hen om te bepalen welke indicatoren zij hanteren in hun toezicht.

 

Mijn commentaar

Niets over maatschappelijke schade witwasbestrijding
Opvallend aan de aanbevelingen en de beantwoording is dat de schade die de witwasbestrijding door banken toebrengt aan de samenleving volledig buiten beschouwing blijft. Zo is er niets te vinden over het schadelijke gedrag van banken die soms proberen hun zelfbedachte regels aan de klant op te leggen. Verder is er niets te vinden over de hoge kosten die de klanten soms moeten maken om de KYC-vragen die banken stellen te beantwoorden, waarbij het vaak nodig is om de bankmedewerkers opleiding te geven in de praktijk van ondernemingen, nu compliance medewerkers regelmatig over onvoldoende kennis beschikken. Voorts ontbreekt aandacht voor de regelmatig magere kwaliteit van de activiteiten van de banken, die voor hoge kosten zorgen (die worden doorberekend) en waarbij er geen stimulans is de kwaliteit te verhogen.

Lees over de schaduwzijden van de witwasbestrijding bijlage 1 bij het memorandum van Privacy First, ‘Een andere inleiding over bestrijding van witwassen en terrorismefinanciering in Nederland‘.

Waarborgen voor de burger ontbreken
In diverse antwoorden stelt de minister dat er voldoende waarborgen voor de burger (de klanten van Wwft-plichtigen) zouden zijn. Dat is niet het geval. Zie het commentaar van Privacy First, meer in het bijzonder het memorandum, paragraaf 2.5 over rechtsbescherming, verantwoordingsmechanismen en toezicht.

Onderzoek eerst het huidige systeem van witwasbestrijding en pas dat aan
Zorgelijk is dat er veel aanwijzingen zijn dat het huidige systeem van witwasbestrijding, zoals door de internationale wetgevers (FATF, Europa) ontworpen niet goed werkt. Als er eindelijk aandacht komt voor de effectiviteit (aanbeveling 1), begin dan met het huidige systeem en stop met het wetsvoorstel plan van aanpak witwassen.

Voorstel Europese Raad gaat verder dan het Nederlandse wetsvoorstel
Op 7 december jl. is door de Europese Raad een voorstel voor het AML package gedaan, dat veel verder gaat dan het Nederlandse wetsvoorstel. In het Europese voorstel moeten ongebreidelde gegevensuitwisseling en gezamenlijke monitoring door Wwft-plichtigen mogelijk worden. Er is dus geen reden voor een Nederlandse wet. Het is beter om de Europese ontwikkelingen af te wachten.

Overigens hoort een diepgaande toetsing van het AML package aan de fundamentele rechtsbeginselen plaats te vinden. Ik heb nog niet alles kunnen bekijken maar mijn indruk is dat er strijdigheid is met AVG, Handvest en EVRM.

Effectiviteit meten (aanbevelingen 1 en 8)
Terecht wordt aanbevolen aandacht te besteden aan de effectiviteit. Ten onrechte laten de wetenschappers buiten beschouwing dat ook de praktische uitvoerbaarheid voor al de verschillende soorten Wwft-plichtigen van groot belang is. Het kan niet zo zijn (zoals ik al eerder schreef) dat als het criminaliteitsbestrijding betreft alle grondrechten moeten wijken, ook het grondrecht dat regels begrijpelijk en toegankelijk horen te zijn.

Onafhankelijke entiteit, governance (aanbeveling 3)
Hoogst merkwaardig is dat de minister van Financiën niet wil erkennen dat de behoefte van banken om transacties samen te monitoren aangeeft dat het systeem van witwasbestrijding door banken heeft gefaald. Hier is sprake van overheidsactiviteiten uitgevoerd door een private entiteit zonder dat het belang van de klant enige aandacht krijgt.

De minister blijft herhalen dat ‘de poortwachtersfunctie‘ een ‘internationaal erkende pijler van de aanpak van witwassen‘ zou zijn, maar door herhaling wordt dit nog niet waar. Het is het internationale marketing verhaal, waarmee overheidstaken worden verlegd naar daarvoor ongeschikte private ondernemingen.

Het bancaire sleepnet mag er niet komen, maar als het er wel zou komen, dient de governance te worden verbeterd. Anders dan de minister beweert is die governance niet op orde. Zie het commentaar van Privacy First, meer in het bijzonder het memorandum, pagina 16 over governanc:

Ook op andere punten ontbreken waarborgen, zoals Privacy First al heeft gemeld.

Internationale samenwerking (aanbeveling 4)
Juist in de witwasbestrijding wordt internationaal samengewerkt, zodat deze aanbeveling vreemd aandoet. Overigens is het nog maar de vraag of de Europese anti-witwasautoriteit (AMLA) verbetering zal brengen. Ik denk dat de bureaucratie zal toenemen en dat er nieuwe schade zal optreden doordat bij de mensen van AMLA, die ongetwijfeld uit de financiële sector komen, onvoldoende kennis aanwezig is over de nationale verschillen en de niet-financiële Wwft-plichtigen. Lees mijn artikel over het autoritaire Europese top-down systeem dat door middel van het Europese AML package wordt gecreëerd.

Financiële surveillance zonder ondergrens (aanbeveling 6)
De ‘wetenschappers’ vinden dat alle consumentenbetalingen gemonitord moeten worden door middel van het bancaire sleepnet. Het is een onverstandig voorstel dat aangeeft dat fundamentele rechten niet door deze wetenschappers worden gerespecteerd. Het is al erg genoeg dat op dit moment alle consumentenbetalingen door de banken worden gemonitord. De behoefte om alle betalingen boven 100 euro gezamenlijk te monitoren op criminaliteit geeft aan dat het kabinet aanstuurt op een surveillance samenleving en private bedrijven – zoals banken – aanmoedigt om zich als pseudo-overheden te gedragen.

De proportionaliteit van de kosten (aanbevelingen 7 en 9)
Opvallend aan het thema criminaliteitsbestrijding is dat de minister van Financiën geen enkel belangstelling heeft voor de uitvoerbaarheid van de regels of de kosten die private bedrijven moeten maken. De reactie op deze aanbeveling geeft dat weer aan. Het is de arrogantie van de macht; het wordt tijd dat de minister en haar ambtenaren ter verantwoording worden geroepen.

NB Dit is niet al het commentaar wat ik heb.

Tot slot

Het is onbegrijpelijk dat het inzicht bij het ministerie van de Toeslagenaffaire ontbreekt dat men met de plannen voor bancaire surveillance en navraagplicht op de verkeerde weg is.

Geplaatst in Bankrekening krijgen en behouden, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, ICT, privacy, e-commerce | Tags: , , , , , , , , , | Plaats een reactie

De menselijke maat geldt niet voor de witwasbestrijding

Het is van algemene bekendheid (ook bij de overheid zelf) dat de regelgeving ingewikkeld en ontoegankelijk is en te snel wijzigt. En dat daar dringend iets aan moet worden gedaan.
Lees bijvoorbeeld de introductie van het medium Toezine op een bericht van 7 februari:

Uitvoeringsorganisaties roepen politiek op tot beter en makkelijker beleid
Burgers, ondernemers en uitvoeringsorganisaties lopen vast in de complexiteit van wetgeving en stapeling van nieuw beleid. Ook hebben publieke dienstverleners last van verouderde IT-systemen en van de krapte op de arbeidsmarkt. Ze trekken aan de bel en roepen de politiek op om in actie te komen. Dat is de belangrijkste boodschap van de eerste Staat van de Uitvoering.
Lees de conclusies

Opvallend is dat als het om privatisering van de misdaadbestrijding (‘witwasbestrijding’, sanctieregelgeving) gaat, dit onderwerp nooit in beeld komt (er wordt dan gezegd dat ondernemingen onwillig zijn om de regels na te leven). Het is een duidelijk geval van de linker hand die niet weet wat de rechterhand doet. Is het een bewuste blinde vlek?
Of betekent het: als het criminaliteitsbestrijding betreft moeten alle grondrechten wijken, ook het grondrecht dat regels begrijpelijk en toegankelijk horen te zijn?

In Toezine verschenen meer artikelen die relevant zijn voor de ontwerpers van de criminaliteitbestrijdingsregels:

Meer artikelen in Toezine over de digitale overheid zijn in dit artikel te vinden.

Geplaatst in Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten | Tags: , , , , , , | Plaats een reactie

Nederland gaat Europese sanctieregelgeving bestuursrechtelijk handhaven | voorstel Europa ter sanctionering van niet-naleving sancties

De Europese Commissie heeft in december 2022 een voorstel gedaan voor nieuwe regels die het mogelijk moeten maken om degenen die de Europese sanctieregelgeving (bijvoorbeeld tegen Rusland) niet goed naleven harder aan te pakken. Het ministerie van Buitenlandse Zaken heeft onlangs een uitleg (‘fiche’) van het voorstel bekend gemaakt, waarin de sancties [1] als ‘beperkende maatregelen’ worden aangeduid. Het doel van het Europese voorstel is te zorgen voor “doeltreffende, afschrikkende en evenredige” [2] strafrechtelijke sanctietypen en sanctieniveaus [3] voor strafbare feiten die verband houden met de schending van beperkende maatregelen van de Unie.

Veel ontoegankelijke regels die snel wijzigen
Het ministerie legt uit dat de Europese sanctieregels zeer uitgebreid en onoverzichtelijk zijn en snel wijzigen [4], zodat je ongeveer hoogleraar sanctiekunde moet zijn om er nog iets van de snappen. De Commissie schrijft – aldus het ministerie – dat in de afgelopen de sanctieomzeiling zou zijn toegenomen, “mede door de toename aan beperkende maatregelen“. Dat is logisch, zou ik zeggen, nu de regels ook voor goedwillende ondernemingen zeer ontoegankelijk zijn en er makkelijk fouten kunnen worden gemaakt. De oplossing is dan niet dat de overheid betere voorlichting gaat geven.

Europees handhavingspakket
Nee, dan komt er een sanctiepakket, zodat ondernemers door middel van bestraffing de regels ontdekken [5] (de compiance industrie spint er garen bij). De voorstellen bevatten de elementen die je in het financiële recht steeds tegen komt:

Het voorstel bestaat uit een aantal onderdelen waaronder de strafbaarstelling van de gedragingen die beperkende maatregelen van de Unie overtreden of omzeilen. Daarnaast moeten op grond van het richtlijnvoorstel ook uitlokking van, medeplichtigheid aan en aanzetting tot, en poging tot overtredingen van beperkende maatregelen van de Unie strafbaar worden gesteld. Naast vrijheidsstraffen is ook als strafrechtelijke sanctie genoemd de mogelijkheid om tegoeden of economische middelen te confisqueren van de persoon, de aangewezen entiteit of het aangewezen lichaam die/dat een strafbaar feit pleegt of eraan deelneemt.

Niet-naleving van de sanctieregels zal ook een gronddelict voor witwassen worden, zodat de misdaadbestrijders uit de private sector, zoals banken, hier rekening mee moeten gaan houden.

In Nederland zijn er al strafsancties op niet-naleving van de Europese sanctieregelgeving. Het ministerie van Buitenlandse Zaken moet nog nagaan of er nadere wijziging van het Nederlandse strafrecht nodig is. In ieder geval zal de Wet bescherming klokkenluiders moeten worden aangepast.

Bestuursrechtelijke handhaving, ter omzeiling van strafrechtelijke waarborgen
Het kabinet wil ook bestuursrechtelijke handhaving gaan inzetten:

Om de handhaafbaarheid van de beperkende maatregelen van de Unie te vergroten, overweegt het kabinet een uitgebreider bestuursrechtelijk handhavingsinstrumentarium zodat er een hybride handhavingsstelsel komt. Bestuursrechtelijke handhaving kan namelijk leiden tot effectievere strafrechtelijke handhaving omdat het de informatiepositie vergroot. Daarnaast is het effectiever om continuerend handelen op korte termijn aan te pakken.

Het ministerie meldt niet dat het voordeel van bestuursrechtelijke handhaving is dat de rechtsbescherming van de burger (inclusief bedrijven en organisaties) veel minder is dan  in het strafrecht, en er andere instanties dan politie / Openbaar Ministerie (beiden onderbezet en met te weinig kennis) kunnen worden ingezet.

Standpunt kabinet
Zie voor de wijze waarop het kabinet voornemens is met het voorstel om te gaan de tekst van het onderdeel ‘Beoordeling + inzet ten aanzien van dit voorstel‘ en het onderdeel over beoordeling bevoegdheid, subsidiariteit en proportionaliteit.

 

Noten

[1] In de fiche kort aangeduid:

Aan derde landen, entiteiten, rechtspersonen of natuurlijke personen kan de EU gerichte individuele beperkende maatregelen, d.w.z. gerichte financiële sancties (bevriezing van vermogensbestanddelen) en inreisbeperkingen (inreisverboden), alsmede sectorale maatregelen, zoals wapenembargo’s of economische en financiële maatregelen (bv. invoer- en uitvoerbeperkingen, beperkingen op de levering van bepaalde diensten) opleggen.

[2] Een bekend mantra.

[3] Dus sancties betekenen hier iets anders, het gaat om het straffen van niet naleving van de beperkende maatregelen.

[4] Citaat:

Momenteel zijn er in de EU meer dan 40 regimes voor beperkende maatregelen van kracht zowel ter uitvoering van beperkende maatregelen van de Verenigde Naties als van autonoom door de EU aangenomen maatregelen. Naast regelingen voor landenspecifieke situaties heeft de Unie ook algemene regelingen vastgesteld die gericht zijn tegen de proliferatie en het gebruik van chemische wapens, cyberaanvallen, mensenrechtenschendingen en terrorisme. Beperkende maatregelen van de Unie zijn bindend voor de lidstaten en voor alle personen of entiteiten die onder de rechtsmacht van de lidstaten vallen (EU-marktdeelnemers).

[5] Uiteraard zijn er ook ondernemers die welbewust ontwijken en ontduiken. Maar men is niet altijd goed op de hoogte, bijvoorbeeld als er in de sector geen brancheorganisaties zijn die de voorlichtende taak op zich nemen.

 

Meer informatie:

  • Europees voorstel voor een Richtlijn Strafbaarstelling schending van beperkende maatregelen van de EU., overzichtspagina, Nederlandstalige versie (html).
  • Uitleg aan de Tweede Kamer door het ministerie van Buitenlandse Zaken (‘fiche’), document, te vinden via deze pagina, 2 februari 2023.
Geplaatst in Europa, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Sanctieregels, Strafrecht | Tags: , , , , , , , | Plaats een reactie

Datagedreven overheid bij Toezine

In Toezine, medium voor overheidsprofessionals in toezicht en handhaving, verschijnt het nodige over de datagedreven overheid. Die overheid verzamelt het liefst zo veel mogelijk persoonsgegevens en andere gegevens over burgers, om daarmee beter beleid te maken. Daarbij worden ook machine learning en artificial intelligence ingezet.

Recent verscheen in Toezine het artikel Functioneringsgesprek voor AI.

Andere artikelen op de Toezine site over dit onderwerp zijn onder meer:

Geplaatst in Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, ICT, privacy, e-commerce | Tags: , , , , | Plaats een reactie

Nieuwe procedure over bewaarplicht telecomgegevens | Liga voor Mensenrechten

De Liga voor Mensenrechten liet weten dat zij samen met de Ligue des Droits Humains in België een procedure tegen de nieuwe Belgische bewaarplichtwet is gestart: De Liga voor Mensenrechten naar het Grondwettelijk Hof tegen nieuwe dataretentiewet.

Hoewel het Hof van Justitie van de Europese Unie diverse nationale regels op het gebied van de bewaarplicht van telecomgegevens ongeldig heeft verklaard, blijven de EU-lidstaten proberen om onder die rechtspraak uit te komen.

Op dit blog heb ik aan de jurisprudentie over de bewaarplicht van telecomgegevens aandacht besteed, onder meer:

Geplaatst in Grondrechten, ICT, privacy, e-commerce | Tags: , , | Plaats een reactie

Safeguarding the Rule of Law in the European Union – A project by the Meijers Committee

The Meijers Committee has created the site euruleoflaw.eu and introduces the site as follows:

The Meijers Committee is worried by the EU’s insufficient reaction to developments that affect the rule of law in the EU. It also observes particular risks in the establishment of new EU agencies and in changes to the competences or structure of existing agencies.

The Meijers Committee will hence critically reflect on these two important issues and continuously bring them to the attention via the dissemination of information and analysis (see e.g., the Rule of Law Dashboard and Comments), as well as the organization of expert events.

On the site the Committee publishes updates on the subject. On the 1st of February the newsitem Rule of Law Update – January 2023 was made public.

Geplaatst in English - posts in English on this blog, Europa, Grondrechten | Tags: | Plaats een reactie

WIB en de slachtoffers van FATCA | de proportionaliteitstoetsing van het FATCA-verdrag

Gisteren heeft de staatssecretaris Fiscaliteit en Belastingdienst de resultaten van een onderzoek bekend gemaakt dat gaat over de rechtsbescherming in de Wet op de internationale bijstandsverlening bij de heffing van belastingen (WIB). Aanleiding is de uitspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie van 6 oktober 2020.
In de brief die de staatssecretaris aan de Tweede Kamer schreef, komt hij tot de conclusie dat Nederlandse belastingplichtigen in het kader van de toepassing van de WIB (internationale fiscale gegevensuitwisseling) voldoende rechtsbescherming zouden hebben.

Het is de vraag of die conclusie juist is nu er geen aandacht is besteed aan de slachtoffers van de Amerikaanse FATCA-wet en het daarop gebaseerde door Nederland met de VS gesloten verdrag (FATCA-verdrag, ook wel ‘FATCA-IGA’ genoemd) [inleiding].

Uitwisseling: op verzoek, automatisch en spontaan
Voor de FATCA-slachtoffers is van belang dat de WIB regels bevat voor uitwisseling door Nederland van inlichtingen met andere (lid)staten ten behoeve van de belastingheffing. De wet kent drie wijzen van verstrekken van inlichtingen: op verzoek, automatisch en spontaan.

Het FATCA-verdrag verplicht de Nederlandse staat tot automatische gegevensverschaffing aan de VS en zou via de WIB verplichtingen voor burgers en financiële instellingen opleveren [1].

De voorbeelden die in de brief worden genoemd hebben betrekking op individuele informatieverzoeken van de Belastingdienst in verband met die internationale uitwisseling. Over de rechtsbescherming staat er:

Voor zowel de informatiehouder, belastingplichtige als derde nietinformatiehouder, staat de weg naar de civiele rechter open. De belastingplichtige heeft daarnaast een rechtsingang in de staat waaraan de inlichtingen zijn verstrekt als die staat aan hem een belastingaanslag oplegt.

Dat is volgens de staatssecretaris voldoende.

Automatische uitwisseling op grond van FATCA
De slachtoffers van FATCA hebben met automatische gegevensuitwisseling op grond van het FATCA-verdrag te maken. Daarvoor geldt niet de rechtsbescherming die aan de orde is bij de hiervoor genoemde individuele informatieverzoeken op grond van de WIB.

In de bijlage bij de brief van de staatssecretaris staat over automatische gegevensverschaffing (markering door mij):

1. Automatische uitwisseling
Bij automatische uitwisseling is in een richtlijn, een verdrag of in de wet specifiek bepaald welke inlichtingen worden verstrekt. [10] Voor die categorie geldt dat de proportionaliteit van de informatie-uitwisseling op richtlijn- [11], verdrags- en wetgevingsniveau wordt getoetst.

[10] Er wordt ook automatisch uitgewisseld op basis van een (bilateraal) Memorandum of Understanding met enkele landen. Basis daarvan is de Richtlijn of een verdrag.
[11] Bij de totstandkoming van de richtlijn. Een richtlijn heeft geen rechtstreekse werking in de nationale rechtsorde, maar moet worden omgezet in nationale wetgeving.

Er staat dat bij automatische uitwisseling op grond van een verdrag, in dat verdrag specifiek is bepaald welke gegevens worden verstrekt [1] en dat de proportionaliteit van de informatie-uitwisseling op verdragsniveau moet worden getoetst.

Proportionaliteitstoetsing
Het is de vraag of die proportionaliteitstoetsing wel zorgvuldig is verricht in het geval van het FATCA-verdrag, nu er door de wetgever geen aandacht is besteed aan de schadelijke gevolgen van het Amerikaanse belastingstelsel voor fiscale inwoners van Nederland. Immers, de VS kent het internationaal afwijkende systeem van Citizenship-Based Taxation [2], dat tot gevolg heeft dat het hebben van de nationaliteit van het land voldoende is voor een verplichting om in de VS aangifte te doen over het wereldinkomen, terwijl er verder geen fiscale band is met de VS [3]. Anders gezegd: als Nederland door middel van een verdrag onrechtmatig optreden van een land buiten de EU ten opzichte van inwoners van Nederland faciliteert, is dat in strijd met de Europese regelgeving, onder meer AVG, EVRM en het Handvest; verder is het in strijd met de internationaal recht.

Gesteld kan worden dat het niet proportioneel is dat de Nederlandse staat meewerkt aan verschaffing van gegevens van Nederlandse burgers aan de VS ten behoeve van het internationaal afwijkende systeem van de VS dat grote schade voor Nederlandse burgers veroorzaakt.

Misschien wordt het tijd dat de slachtoffers van FATCA op zoek gaan naar procesfinanciers, die bereid zijn om een procedure tegen de Nederlandse staat te financieren.

 

Noten

[1] Ik vraag me nog steeds af of het juridisch correct is dat een verdrag met de VS grondslag is voor verwerking van persoonsgegevens en andere gegevens en verschaffing van gegevens van inwoners van Nederland aan de VS. Lees ook mijn artikel over het ontbreken van een grondslag als bedoeld in de AVG.

[2] Internationaal is gekozen voor Residence-Based Taxation, wat betekent dat aangifte over het wereldinkomen wordt gedaan in het land waarvan men fiscaal inwoner is. Mensen met de Amerikaanse nationaliteit hebben daardoor te maken met een dubbele aangifteplicht over het wereldinkomen. Door het belastingverdrag met de VS wordt dubbele heffing wel enigszins voorkomen (maar niet altijd!) maar dat doet er niet aan af dat er aangifte moet worden gedaan waarmee hoge kosten zijn gemoeid en mogelijk belasting worden betaald aan een land waarmee anders dan de nationaliteit geen band is.

[3] Zoals vastgoed in de VS of inkomen uit de VS. Degenen die fiscaal inwoner zijn van de VS zijn daar eveneens verplicht aangifte over het wereldinkomen te doen. Lees over de schade voor fiscale inwoners van Nederland die het gevolg is van het FATCA-verdrag ook de inleiding.

 

Meer informatie:

Staatssecretaris, 8 februari 2023:

  • Pagina rijksoverheid.nl met aankondiging, 8 februari 2023.
  • Brief van de staatssecretaris, 8 februari 2023.
  • Bijlage met een verslag van het onderzoek naar de de rechtsbescherming in de Wet op de internationale bijstandsverlening bij de heffing van belastingen (WIB).

HvJ uitspraak:

Op dit blog:

Geplaatst in Bankrekening krijgen en behouden, Belastingrecht, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, ICT, privacy, e-commerce | Tags: , , , , , , | Plaats een reactie

AMLC podcast over de trustkantorensector

Het AMLC maakte bekend dat er een podcast is gemaakt over de trustkantorensector, die op anchor.fm is te vinden onder de naam Trustsector – RSM Netherlands – Herman Annink. De podcast is ook op andere kanalen te vinden onder meer Applepodcast en Googlepodcast.

 

Dit bericht verscheen eerder op de site van Compliance Platform Trustkantoren.

Geplaatst in Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Trustkantoren | Plaats een reactie

De zorgwekkende toestand van het financiële recht | Financial Law huB

Het financiële recht is zeer ingewikkeld, verandert snel en houdt onvoldoende rekening met de praktische uitvoerbaarheid. Dat is iets waar financiële instellingen voortdurend mee geconfronteerd worden. Aangezien er ook delen van het financiële recht zijn waar kleinere organisaties en klanten mee te maken krijgen, is de ondoorgrondelijkheid van dit rechtsgebied zorgwekkend.

Omdat zij diepe zakken hebben was het voor de financiële sector mogelijk een gezamenlijke database over het financiële recht te creëren, de ‘Financial Law HuB’. Lees het artikel van het Verbond van Verzekeraars over deze database, die door een commerciële uitgever wordt aangeboden (productpagina). De database wordt gebruikt door banken, verzekeraars en grote advocatenkantoren.

Eigenlijk is het een overheidstaak om dergelijke overheidsinformatie gestructureerd aan te bieden.

Geplaatst in Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten | Tags: , , , , , | Plaats een reactie