Wijziging Wtt 2018 inzake doorstroomvennootschappen en hoog risico landen

Inmiddels is een tweede wetsvoorstel inzake wijziging van de Wtt [*] 2018 bij de Tweede Kamer in behandeling. Op de site van de Tweede Kamer wordt het voorstel als volgt samengevat:

Met dit wetsvoorstel wordt het trustkantoren verboden om doorstroomvennootschappen aan hun klanten aan te bieden en om diensten te verlenen via landen die in gebreke blijven bij de bestrijding van witwassen en het financieren van terrorisme of die onvoldoende optreden tegen belastingontduiking en belastingontwijking.

Doorstroomvennootschappenverbod
Opvallend is dat men doorstroomvennootschappen niet alleen voor trustkantoren verbiedt, want de tekst luidt:

Het is eenieder met zetel in Nederland verboden om beroeps- of bedrijfsmatig gebruik te maken van doorstroomvennootschappen ten behoeve van een cliënt.

De definitie van ‘doorstroomvennootschap’ is nog steeds uitermate schimmig:

Onder doorstroomvennootschap wordt verstaan een rechtspersoon of vennootschap die tot dezelfde groep behoort als degene die gebruik maakt van deze rechtspersoon of vennootschap ten behoeve van een cliënt.

Vreemd is dat dit brede verbod niet in een algemenere wet, bijvoorbeeld de Wet op het financiële toezicht, wordt opgenomen. Naleving van dit verbod is voor trustkantoren niet moeilijk, aangezien doorstroomvennootschappen in de zin van Wtt 2018 weinig meer bij trustkantoren voorkomen, aldus DNB in eerdere rapportages.

Schurkenstaten
Het verbod op dienstverlening via hoog risico landen (schurkenstaten) is lastiger uitvoerbaar, aangezien de lijstjes van landen voortdurend wisselen. In dit voorstel wordt de tekst van het nieuwe artikel 23a van het eerste wetsvoorstel (Russenverbod) aangepast. Als het eerste en tweede voorstel ongewijzigd worden aangenomen, luidt lid 1 van het artikel als volgt:

Het is een trustkantoor verboden een trustdienst te verlenen indien cliënten, doelvennootschappen, uiteindelijk belanghebbenden van cliënten en uiteindelijk belanghebbenden van doelvennootschappen woonachtig of gevestigd zijn of hun zetel hebben in:

a. de Russische Federatie;
b. de Republiek Belarus;
c. staten die op grond van artikel 9 van de vierde anti-witwasrichtlijn, in gedelegeerde handelingen van de Europese Commissie, zijn aangewezen als staten met een hoger risico op witwassen of financieren van terrorisme; of
d. staten die door de Raad van de Europese Unie, op grond van de Conclusies van de Raad over de criteria en het proces voor de opstelling van de EU-lijst van niet-coöperatieve rechtsgebieden voor belastingdoeleinden (PbEU 2016, C 461), zijn aangewezen als jurisdicties die niet-coöperatief zijn op belastinggebied.

 

 

[*] Officieel: “Wijziging van de Wet toezicht trustkantoren 2018 in verband met maatregelen om trustdienstverlening in gevallen met hoge integriteitrisico’s te verbieden“.

 

Meer informatie:

 

Dit bericht verscheen eerder op de site van Compliance Platform Trustkantoren.

Geplaatst in Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Trustkantoren | Tags: , | Plaats een reactie

Hoe financiële instellingen het klantenonderzoek verhullen en onnodig om ‘heridentificatie’ vragen | Wwft, Wft

Al enige tijd volg ik de merkwaardige praktijken van financiële instellingen die hun Wwft-cliëntenonderzoek proberen te verhullen onder de noemer ‘heridentificatie’ en ‘veiligheid’. Een van mijn lezers berichtte mij over de ervaringen met ICS die een nieuwe verificatie van de identiteit vroeg:

Ik wou je nog even laten weten hoe mijn “avontuur” met de heridentificatie bij ICSCards is afgelopen.

Uiteindelijk heb ik de identificatie gedaan door iemand langs te laten komen. Aangezien ik in het buitenland woon, was dit nog niet gemakkelijk. Ook heb ik het voor elk van mijn twee kaarten apart moeten doen. Helaas zijn de systemen van ICS niet zo intelligent dat ze herkennen dat je meerdere kaarten bij ze hebt als je een afspraak maakt.
Dus toen ik met de eerste kaart klaar was en uit Nederland weg was, krijg ik een week erna ‘dreig’ brieven met betrekking tot de tweede kaart.

Voor mij was deze aanpak acceptabel. Waar ik het bij ICS nog steeds niet mee eens ben (en dat heb ik ze meerdere keren verteld) is dat ze blijven hameren in hun communicatie op “veiligheid”, “Wwft”, etc.
Laat ze nou gewoon eerlijk zijn en vertellen dat ze hun zaakjes niet op orde hebben.

Zo’n ervaring heb ik namelijk wel bij mijn Franse bank gehad. Op een gegeven ogenblik ontving ik een e-mail van ze met het verzoek een kopie van mijn paspoort op te sturen. Dus toen heb ik gebeld. Ze vertelden me dat de kopie die jaren geleden was gemaakt niet duidelijk was, en dat het een kopie van een inmiddels verlopen paspoort was. Ik kon hier gewoon een papieren kopie maken, informatie verbergen en bij de bank langsgaan om het in te leveren.

Overigens is het onjuist dat de Franse bank veronderstelt dat er permanent een geldig identiteitsbewijs in het klantenonderzoeksdossier moet zitten. Dat schrijven de Europese witwasbestrijdingsregels niet voor, lees ook dit.

 

PS Pas goed op voor klantenonderzoeks- en heridentificatieberichten van financiële instellingen:

Geplaatst in Bankrekening krijgen en behouden, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft | Tags: , , , , , , , | Plaats een reactie

Onderzoek effecten Wwft door big 4 accountantskantoor EY | witwasbestrijding, Wwft

Accountantsgigant EY heeft in opdracht van de rijksoverheid een onderzoek naar de Wwft gedaan, zo werd in een brief van de ministers van Financiën en Veiligheid bekend gemaakt. Voor het rapport had ik nog geen tijd, maar wel las ik de passage in de brief over het rapport.

Brief ministers

Volgens de brief was de reikwijdte van het onderzoek beperkt tot de uitvoerbaarheid en effectiviteit van de implementatiewet van de vierde Europese antiwitwasrichtlijn. Dat is onbegrijpelijk nu veel conceptuele fouten al eerder in de Nederlandse antiwitwaswetgeving zijn opgenomen.

Volgens de brief is de effectiviteit onderzoek door Wwft-plichtige ondernemingen te vragen in hoeverre de nieuwe regels “daadwerkelijk leidt tot het vaststellen van risico’s bij het cliëntenonderzoek en tot het bijdragen aan het melden van ongebruikelijke transacties“. Er is gekeken naar kleinere Wwft-plichtigen, waarbij ‘klein’ betekent minder dan twintig fte en minder dan 500 cliënten, wat ik een lage grens vind.

De ministers schrijven dat de algemene observatie uit het onderzoek is dat naarmate de omvang van een Wwft-plichtige ondernemer kleiner is, de ondernemer de maatregelen slechter uitvoerbaar vindt en minder effectief, wat zowel geldt voor de implementatie van een risico-beleid, als voor het vaststellen van ubo’s en het verscherpt cliëntenonderzoek bij binnenlandse PEPs. Eerlijk toegeven dat voor Wwft-plichtigen uit het mkb de wet onuitvoerbaar is, is er bij de ministers niet bij. Het is ronduit belachelijk dat concepten voor het grootbedrijf, zoals het maken van een risicobeleid en het ontwikkelen van procedures en maatregelen, door mkb-ondernemers zouden moeten worden toegepast.

Opvallend is dat banken positief zijn over het nut van de nieuwe witwasbestrijdingsregels. Zou dat het sociaal wenselijke antwoord zijn, door ondernemingen die stil moeten zitten als zij geschoren worden?

Verscherpt cliëntenonderzoek en PEPs
Er werden ook vragen gesteld over het verscherpt cliëntenonderzoek in het algemeen en over PEPs in het bijzonder. Dat verscherpte cliëntenonderzoek is juridisch meer van het zelfde (hogere frequentie, meer informatie inwinnen, meer bewijs vergaren en opschrijven dat er van alles is gedaan), zonder dat er aantoonbaar effect is. Het indelen van alle Nederlandse PEPs in een hoog risico categorie is een wetgevende keuze, die niet op feiten is gebaseerd. Ook het begrip PEP zelf is merkwaardig, aangezien daar hoog risico functies ontbreken die in de praktijk veel relevanter zijn dan bijvoorbeeld leden van de Eerste Kamer. Voorbeelden daarvan zijn overheidsmedewerkers met kennis van criminele technieken zoals medewerkers van de belastingdienst, douane en financiële recherche.

Ubo-vaststelling
Het vaststellen van de ubo levert volgens de geïnterviewden geen problemen op, wat ik bijzonder vind gezien mijn eigen ervaringen met het thema. Er zijn natuurlijk de nodige situaties waarin het niet ingewikkeld is, maar nog steeds zijn er vele gevallen waarin verschillend gedacht kan worden over de vraag wie ubo is. Verder is het vaststellen en documenteren van ubo’s een volstrekt nutteloze exercitie die niet bijdraagt aan de misdaadbestrijding, nu er een kleine minderheid van de ubo’s crimineel is.

Personeel, kennis en financiële middelen om de Wwft uit te voeren
Heel bijzonder is dat de ministers schrijven dat het algemene beeld zou zijn dat alle soorten instellingen zouden beschikken over voldoende personeel, kennis en financiële middelen om de Wwft uit te voeren. Mijn indruk is een andere:

  • Banken hebben enorme tariefsverhogingen richting klanten doorgevoerd, waarover zij aan die klanten geen verantwoording hoeven af te leggen. Ook andere Wwft-plichtigen moeten hoge kosten maken.
  • Veel compliance medewerkers (misschien de meesten) van Wwft-plichtigen hebben onvoldoende kennis van de ondernemings- en organisatiepraktijk, het ondernemingsrecht, fiscaal recht en andere relevante rechtsgebieden, om het werk op voldoende niveau uit te voeren. Er is onvoldoende gekwalificeerd personeel. Wwft-plichtigen uit het mkb proberen compliance diensten en producten in te kopen, zonder dat zij zich realiseren dat daarmee niet aan alle Wwft-verplichtingen wordt voldaan (zie bijvoorbeeld het recente onderzoek naar makelaars die nauwelijks begrijpen wat van hen wordt verwacht).
  • Ook de grote Wwft-plichtigen zoals banken hebben grote moeite met de Wwft, wat tot torenhoge boetes heeft geleid. Het is daarom onbegrijpelijk dat de overheid van de Wwft-plichtigen uit het mkb hetzelfde verwacht als van banken.
  • Veel Wwft-plichtigen uit het mkb hebben onvoldoende juridische kennis om de Wwft te doorgronden (bijvoorbeeld makelaars, garagebedrijven) en hebben ook onvoldoende kennis op het gebied van (ontdekken van) criminaliteit. Hun activiteiten worden een stuk duurder als zij op hoog niveau Wwft-maatregelen moeten nemen.

Ten onrechte menen de ministers dat de Wwft-plichtigen in staat zouden zijn om misdaad op te sporen vanwege hun directe klantcontact. Eveneens ten onrechte schuiven zij de ergernis van Wwft-plichtigen uit het mkb af op ‘onduidelijkheid’ van de verplichtingen en op een disproportioneel belastende uitvoering, wat zou kunnen worden opgelost door meer informatie en voorlichting en eventueel door uitbesteding aan compliance providers. Dat is een illusie.

Over de schending van grondrechten van burgers wordt in de brief niet gesproken (onder meer financiële surveillance, de-risking, uitsluiting).

Antiwitwasbestrijdingsconcept moet op de schop
Het is hoog tijd dat het hele antiwitwasbestrijdingsconcept op de schop gaat, nationaal en internationaal.
Concepten die voor banken zijn ontworpen en voor hen al niet uitvoerbaar zijn, horen niet op de grote groep overige Wwft-plichtigen te worden toegepast. De huidige witwasbestrijding kost zeer veel geld en zal door het AML package alleen maar kostbaarder worden; hier worden enorme sommen geld over de balk gegooid. In het kader van de open foutencultuur die de overheid altijd bepleit als het om Wwft-plichtigen gaat, zou het diezelfde overheid sieren om terug te komen op foute concepten.

Volgens mij kan het allemaal veel simpeler dan nu gebeurt. Maar dat is natuurlijk niet in het belang van de compliance industrie en de IT-bedrijven die staan te springen om hun diensten te leveren. En de overheid is als een tanker die niet in staat is te wenden en recht op een surveillance samenleving afvaart.

 

Meer informatie:

Geplaatst in Bankrekening krijgen en behouden, Europa, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, Ubo-register | Tags: , , , , , | Plaats een reactie

Pagina over het AML package | AML, CFT

Vandaag heb ik een pagina over het AML package gemaakt, waarop ik zoveel mogelijk vindplaatsen heb vermeld.

Zichtbaar is dat er veel gebeurt, zodat kan worden verwacht dat het snel gaat. Hopelijk worden de grondrechten van Europese burgers gerespecteerd.

Geplaatst in Europa, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten | Tags: , , , , , | Plaats een reactie

AMLD6 (part of the AML package) on the agenda of ECON and LIBE | AML, CFT

On Thursday 2 June, from 15:45 until 16:45 hr, the draft for AMLD6 is on the draft agenda of the ECON and LIBE committees of the European Parliament.

AMLD6 is part of the AML package and is going to be the sixth directive on AML/CFT, replacing the existing fourth European AML directive (AMLD4) as amended by the fifth AML directive (AMLD5).

Text on the agenda:

Mechanisms to be put in place by the Member States for the prevention of the use of the financial system for the purposes of money laundering or terrorist financing and repealing Directive (EU) 2015/849

CJ12/9/07898

***I 2021/0250(COD) COM(2021)0423 – C9-0342/2021

Rapporteurs:
Luděk Niedermayer (PPE)
Paul Tang (S&D)

PR – PE730.070v01-00

Responsible: ECON, LIBE

Opinions: JURI. Decision: no opinion

  • Consideration of draft report
  • Deadline for tabling amendments: 16 June 2022, 12.00

 

More information:

 

All articles on this blog on the AML package – general AML package page

Geplaatst in English - posts in English on this blog, Europa, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten | Tags: , , , , , , , , , | Plaats een reactie

VOG op de agenda van de commissie Staats- en bestuursrecht

De Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) staat op 2 juni a.s. op de agenda van de commissie Staats- en bestuursrecht van de Tweede Kamer:

Geplaatst in Fraude, witwasbestrijding, Wwft | Tags: | Plaats een reactie

Duits voorstel om toezicht op juridische dienstverleners te centraliseren | Rechtsdienstleistungsgesetz (RDG)

Duitsland kent een wet die voorschriften bevat voor juridische dienstverleners die geen advocaat (‘Anwalt’) zijn, het Rechtsdienstleistungsgesetz (RDG). Deze wet heeft onder meer betrekking op incassobureaus en pensioenadviseurs. De Duitsers kennen aparte wetten waarin de beroepsuitoefening van onder meer belastingadviseurs en octrooigemachtigden is geregeld.

Onlangs is door het Duitse ministerie van justitie (Bundesministerium der Justiz, BMJ) een voorstel gedaan om onder meer de RDG aan te passen. De belangrijkste verandering is dat het toezicht op deze dienstverleners zal worden gecentraliseerd bij het Bundesamt für Justiz en dat het makkelijker moet worden om sancties op te leggen aan dienstverleners die zich schuldig maken aan ‘ongeoorloofde juridische dienstverlening’ (“unbefugter Rechtsdienstleistungen“).

 

Meer informatie:

Geplaatst in Dienstverlening - juridisch financieel [advocaten, accountants, belastingadviseurs e.d.] | Tags: | Plaats een reactie

Internationale organisaties in Nederlandse wetten | wereldregeringen

Opvallend is dat steeds vaker in Nederlandse wetgeving naar internationale organisaties wordt verwezen. Dat gebeurt niet alleen in specialistische regelgeving. Het is de vraag of die organisaties altijd de waarheid in pacht hebben.
Zo komt criminaliteitsbestrijdingsorganisatie Financial Action Task Force (FATF) voor in zeven artikelen van de Wet op het financieel toezicht (1:13b, 2:67, 2:67b, 2:68, 2:99a, 2:121cb, 4:37c), als het gaat om witwasbestrijdingszondaren onder de landen. Het gaat dan om:

de lijst van niet-coöperatieve landen en gebieden van de Financial Action Task Force

Eerder was er het plan om in de Wet publieke gezondheid naar WHO-resoluties te verwijzen (blog). In de huidige wettekst kon ik de verwijzing nog niet vinden.

Het lijkt er op dat de nieuwe wereldregering een samenstel van organisaties als FATF en WHO is. Toch jammer dat de kwaliteit niet kan worden getoetst.

 


Aanvulling 23 januari 2023 | World Economic Forum
Het blijft humor dat sommige mensen denken dat op het wereldwijde netwerkevent van World Economic Forum (WEF) in Davos wereldwijde wetten worden gemaakt, lees bijvoorbeeld dit artikel bij Tegenwind: WEF meeting in Davos: de volledige mondiale deelnemerslijst. Wat een nutteloze informatie.
Tip voor de auteurs van het bericht: ga eens kijken naar FATF en de OECD. En wellicht dat de WHO zich ook tot wettenmaker ontwikkelt. De WEF is het grootste netwerkevenement ter wereld van de rijken en er gebeurt van alles. Maar wetten worden er niet gemaakt.

Ook over WEF: Mathijs Bouman in de podcast Europa draait door, intro:

Het jaarlijkse congres van het World Economic Forum in Davos staat weer voor de deur! Er zijn maar weinig bijeenkomsten waar zoveel complottheorieën over bestaan. Wat gebeurt er werkelijk op die berg in Zwitserland? We vragen het econoom Mathijs Bouman.

Aanvulling 12 februari 2024 | Financial Stability Board
Bij de Kamer van Koophandel kwam ik een andere internationale organisatie tegen, nl. de Financial Stability Board. De Kamer beheert het BSN voor ondernemingen, de Legal Entity Identifier (LEI), waarop algemene voorwaarden van toepassing zijn. Daarin staat dat op het gebruik van de LEI de richtlijnen van de Financial Stability Board van toepassing zijn (aldus artikel 2 lid 1) en dat de Kamer op  basis daarvan aanvullende aanwijzingen aan de houder van een LEI kan geven (artikel 2 lid 2). De Kamer meldt dat de LEI is gebaseerd op de internationale ISO-norm 17442 en de richtlijnen van de Financial Stability Board (artikel 4 lid 2).

Geplaatst in Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten | Tags: , , , , , , , , | 3 reacties

Dissertation on supervision by DNB and AFM | bias in supervision

Tessa Coffeng wrote the dissertation ‘Bias in supervision : A social psychological perspective on regulatory decision-making‘ that is open access available: version via Utrecht University Repository.

It is to be hoped that the findings will not only lead to DNB and AFM encouraging the obliged entities (e.g. banks) being more successful in detecting crime (‘combating money laundering’). In practice, the actions of the government supervisors like DNB and AFM also lead to adverse effects for obliged entities and their clients, such as high costs, de-risking, discrimination and exclusion; hopefully the supervisors will learn to be aware of this and prevent it.

Geplaatst in English - posts in English on this blog, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten | Tags: , , , , | Plaats een reactie

Notaris in de fout met de Wwft | Kamer voor het notariaat Amsterdam 20 januari 2022

De Belastingdienst attendeerde Bureau Financieel Toezicht (BFT), de Wwft-toezichthouder voor het notariaat, op een notaris die betrokken was bij transacties door criminelen. Zo’n signaal is aanleiding voor BFT om onderzoek in te stellen naar de naleving van de Wwft door de notaris.

Het is interessant om te zien welke feiten voor de notaris aanleiding hadden moeten zijn voor melding van ongebruikelijke transacties dan wel voor extra (‘verscherpt’) onderzoek.

Risico-indicatoren
BFT spreekt ‘risico-indicatoren’, wat soms feiten zijn en soms conclusies:

Conclusies (paragraaf 2.5):

  1. de transactie sluit (zonder nadere info) niet aan bij sociaal economisch profiel;
  2. cliënt is mogelijk katvanger/stroman;
  3. problematisch om identiteit cliënt vast te stellen.

Als dit conclusies zijn, is de vraag op welke feiten die conclusies gebaseerd zijn. Uit de tekst in de uitspraak over dossier 2 zijn die onderliggende feiten niet af te leiden.

Feiten (paragraaf 2.5):

  1. de koper en verkoper hebben een buitenlandse nationaliteit en zijn woonachtig te Dubai, Verenigde Arabische Emiraten, en Teheran, Iran;
  2. geen rechtstreekse schriftelijke correspondentie met de koper, zoals het toezenden van de conceptakte, dit gaat via de verkoper;
  3. de verkoper regelt alles en levert alle gegevens aan;
  4. de koopsom bedraagt € 1;
  5. de in het buitenland wonende koper wordt bestuurder;
  6. er is sprake van spoed met betrekking tot het passeren van de akten;
  7. de reden van de koper voor de aankoop van de aandelen van beide vennootschappen is onbekend dan wel niet nagegaan;
  8. beide vennootschappen hebben een soortgelijk doel;
  9. meerdere aandelenoverdrachten in een korte termijn;
  10. dezelfde partijen verschijnen meerdere malen in verschillende transacties in een korte periode.
  11. de koper heeft een jonge leeftijd (19 jaar);
  12. de koper woont in Friesland; de vennootschap is gevestigd in Eindhoven (cliënt niet woonachtig in werkgebied notaris);
  13. de koopsom bedraagt € 1.500 en betreft alleen goodwill terwijl uit het dossier niet blijkt van onderzoek naar de realiteit daarvan;
  14. van de koopsom wordt een gedeelte rechtstreeks door de koper aan de verkoper betaald en voor een gedeelte is sprake van een afstand van het vorderingsrecht en schuldigerkenning uit hoofde van een geldlening;
  15. de verkoper heeft deze vennootschap ongeveer negen maanden eerder opgericht;
  16. de notaris kan zich niet meer herinneren welke reden de koper gaf voor de aankoop van de aandelen.

Boeiend is de vraag waarom de hierboven genoemde zeventien feiten een risico-indicator zouden zijn.

Bij feit nummer 1. is de vraag of het hebben van de buitenlandse nationaliteit als zodanig al riskant is, of dat dit riskant is omdat deze notaris normaal geen transacties heeft met buitenlandse verkopers en kopers, dan wel of hier vooral van belang is dat verkoper woont in Iran (hoog risico land volgens FATF en Europese Commissie) en de koper woont in Dubai (hoog risico volgens AMLC, op de actuele AML lijst van de Europese Commissie kom ik het land niet tegen).

Feiten nummer 2. en 3. zijn merkwaardig: hoe kan de notaris weten dat de wensen van de koper worden uitgevoerd als hij geen rechtstreeks contact met koper heeft? Ook buiten de Wwft om lijkt me dit onzorgvuldig.

Dat de koopsom 1 euro bedraagt (feit 4.) betekent op zichzelf niets en dat er 1500 euro voor goodwill wordt betaald (feit 13.) klinkt symbolisch. Er zijn ook legitieme transacties waarin dat gebeurt. Ook met koopsommen van 10 euro en 10.000 euro kan iets aan de hand zijn. Een risico-indicator hoort te zijn dat de koopsom niet lijkt te passen bij de transactie (waarbij rekening mag worden gehouden met het feit dat een notaris geen waarderingsdeskundige is). De vraag hierbij rijst hoe ver het onderzoek van de notaris (en andere Wwft-plichtigen) naar de juistheid van de koopprijs hoort te gaan.

Dat de rechtspersoon een buitenlandse bestuurder krijgt (feit 5.) is op zich ook niet vreemd. Er zijn vele Nederlandse rechtspersonen met buitenlandse bestuurders. Een betere indicator is dat sprake is van een buitenlandse bestuurder zonder een redelijke verklaring.

Spoedeisendheid van een wens tot overdracht van aandelen (feit 6.) is geen indicatie voor criminaliteit. Zo’n spoedeisendheid doet zich in het gewone leven ook voor als mensen een transactie uitgebreid met hun financiële adviseurs hebben voorbereid en vervolgens denken dat de notaris wel ‘even’ een levering kan draaien. Dus wat mij betreft is spoedeisendheid nergens een indicator van, tenzij het onaannemelijk over komt.

Op zich kan er naar de reden voor de aankoop worden gevraagd (feiten 7. en 17.), de vraag is dan wel wat voor een notaris acceptabele redenen zijn. Daarover verschaft deze uitspraak geen nadere helderheid.

Waarom het hebben van een soortgelijk doel (feit 8.) een aanwijzing voor criminaliteit zou zijn, is voor mij een raadsel.

Meerdere aandelenoverdrachten in een korte termijn (feit 9.) worden als aanwijzing voor criminaliteit genoemd, evenals het meerdere malen verschijnen van dezelfde partijen in verschillende transacties in een korte periode (feit 10.). Het is in ieder geval aanleiding voor nader onderzoek, maar dit kan zich ook in reguliere gevallen voordoen.

Een jonge leeftijd van de koper van aandelen (feit 11.) is inderdaad bijzonder en is reden om na te gaan wat de verdere omstandigheden zijn (als het een zoontje van een miljonair is wordt het minder vreemd).

In feit 12. wordt gesproken over een cliënt die niet woonachtig is in het werkgebied notaris. Ik ben heel benieuwd wat BFT daar onder verstaat, aangezien ik vermoed dat er grote notarispraktijken zijn die transacties in heel Nederland doen.

Bijzonder is dat BFT meent dat het gedeeltelijk schuldig blijven van de koopprijs (of gaat het om het gedeeltelijk direct betalen?) een aanwijzing is voor criminaliteit (feit 14.). Dit gebeurt naar mijn idee voortdurend. Het nadeel van dit soort vreemde veronderstellingen is, dat er afvinklijstjes moeten worden gemaakt, zodat iets wat heel normaal is wordt besproken in het Wwft-dossier ter geruststelling van de toezichthouder.

Waarom is het bijzonder dat een bv negen maanden eerder is opgericht (feit 15.)? En waarom is het niet bijzonder dat een bv die vijftien jaar bestaat wordt overgedragen?

Elders in de uitspraak komen ook interessante feiten naar voren, zoals in paragraaf 5.7 waarin een oprichter van een bv een wisselend postadres heeft en woont op een adres van een screeningsbalie voor dak- en thuislozen. Notarissen hebben toegang tot de burgerlijke stand, dus kunnen nagaan op welk adres inwoners van Nederland (zoals de oprichter) zijn ingeschreven. Is dat niet gebeurd? Kunnen notarissen in een systeem (handelsregister?) zien welke bedrijven organisaties op bepaalde adressen zijn gevestigd? De uitspraak verschaft daar geen duidelijkheid over.

Ontvangen opdrachten via ‘digitaal gecodeerd systeem’
In de uitspraak staat een raadselachtige tekst over een door de notaris gebruikt systeem:

2.6. Via een digitaal gecodeerd systeem, genaamd FIRM24, heeft de notaris gedurende een periode van twee à drie jaar opdrachten voor het oprichten van besloten vennootschappen en (aanvankelijk) ook opdrachten voor levering van aandelen ontvangen. In de maanden november en december 2019 heeft de notaris 372 akten gepasseerd, waarvan 204 oprichtingsakten via FIRM24.
2.7. In dossier 2 heeft de dienstverlening plaatsgevonden via FIRM24. In dossier 5 heeft de eerste levering via FIRM24 plaatsgevonden.

Betekent dit dat de notaris opdrachten uitvoerde zonder rechtstreeks contact met partijen te hebben (vooruitlopend op digitalisering van het rechtspersonenrecht)? Als dit een dossiersysteem is (‘Document Management System’), welke relevantie heeft dat dan? Het maakt toch ook niet uit of een tekst is geschreven op een windows pc of een macos computer?

Het lijkt er op dat dit systeem vooral belangrijk wordt geacht in verband met de informatieplicht van de notaris (‘Belehrungspflicht’), aldus paragrafen 5.19-5.27. Vreemd dat hier zoveel aandacht aan wordt besteed terwijl het ontbreken van contact van de notaris met de koper slechts onder de ‘risico-indicatoren’ wordt vermeld.

 

Meer informatie:

Geplaatst in Dienstverlening - juridisch financieel [advocaten, accountants, belastingadviseurs e.d.], Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft | Tags: , , , , , | 2 reacties