Rechtsbescherming en VOG | artikel Marseille “De Afdeling en Verklaringen omtrent gedrag: disproportionele gevolgen voor de burger?”

Op LinkedIn zag ik dat Bert Marseille een artikel heeft geschreven over het fenomeen ‘VOG’, oftewel ‘verklaring omtrent gedrag’, dat ik op dit blog volg.
Het artikel De Afdeling en Verklaringen omtrent gedrag: disproportionele gevolgen voor de burger? zit bij Ars Aequi achter de betaalmuur en gaat over de uitspraak van de Afdeling rechtspraak van de Raad van State van 1 juli 2020.

De auteur kreeg complimenten van Brenninkmeijer, zie hierna, zodat er alle aanleiding is om het artikel te lezen.

Geplaatst in Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, Strafrecht | Tags: , , | Plaats een reactie

Nieuwe algoritmische overheidsplannen | consultaties Verbetering adreskwaliteit in de basisregistratie personen

Degenen met interesse voor de datagedreven overheid attendeer ik op twee internetconsultaties onder de noemer ‘Landelijke Aanpak Adreskwaliteit‘, die via algoritmische analyse mogelijk moet maken foute inschrijvingen in de basisregistratie personen (BRP) op de sporen.
Het is onduidelijk waarom het in twee aparte consultaties is gesplitst, het betreft wijziging van respectievelijk het Besluit basisregistratie personen (Besluit BRP) en de Regeling basisregistratie personen (Regeling BRP).

Wetsvoorstel
De consultatiedocumenten zijn gebaseerd op een nog niet in werking getreden wetsvoorstel Verbetering adreskwaliteit in de basisregistratie personen waarin is geregeld dat aangewezen bestuursorganen (overheidsinstanties) signalen kunnen geven over de mogelijke onjuistheid van adresgegevens in de basisregistratie personen (artikel 2.37b voorstel).
Artikel 2.37c van het voorstel maakt het mogelijk dat het Ministerie van Binnenlandse Zaken data-analyses uitvoert om adresfraude te ontdekken, waarna een melding aan de betrokken burgemeester kan worden gedaan. In lid 2 van het beoogde artikel wordt de analyse als volgt omschreven:

In het kader van de verwerking van de gegevens, bedoeld in het eerste lid, kan Onze Minister de gegevens in ieder geval analyseren aan de hand van profielen of in het kader van een onderzoek naar patronen.

De profielen en het patronenonderzoek kennen we al van de witwasbestrijding, SyRI en de toeslagenaffaire, dus extra aandacht is op zijn plaats.

In het derde lid van het beoogde artikel 2.37c staat dat bij of krachtens algemene maatregel van bestuur nadere regels worden gesteld met betrekking tot de verwerking van de gegevens en de te hanteren analysemethoden. De twee nieuwe internetconsultaties hebben daarop betrekking.

Ontwerpbesluit
In het ontwerpbesluit staat onder meer (artikel 28b) dat een ‘profiel’ als bedoeld in artikel 2.37c tweede lid van de wet bestaat uit een of meerdere ‘selectiefactoren’. Die selectiefactoren geven in onderlinge samenhang aanleiding tot gerede twijfel over de juistheid van het adres van een persoon. Het ontwerpbesluit verwijst voor uitwerking naar een regeling.

Ontwerpregeling
In de ontwerpregeling worden als signalerende bestuursorganen de Belastingdienst, de Dienst Wegverkeer (RDW), het Centraal Justitieel Incassobureau  (CJIB) en het UWV aangewezen.
In de bijlage is uitgebreid vermeld welke persoonsgegevens mogen worden uitgewisseld als nader onderzoek plaats vindt, waartoe ook gegevens over ouders en kinderen behoren, om bloedverwantschap te kunnen vaststellen.

Het meest interessant zijn de profielen en de selectiefactoren, die in een andere bijlage staan, zie onderaan. De profielen, waaraan selectiefactoren gekoppeld zijn, hebben de volgende aanduidingen, daarbij vermeld ik de toelichting in het ontwerp:

  • bewoningsgraad (teveel bewoners per m2)
  • doorgangsadres (veel mutaties, wat een vermoeden oplevert inschrijving zonder dat men er woont)
  • veelverhuizers (mensen die vaak het adres wijzigen staan vaak niet goed ingeschreven)
  • herinschrijvingen A en B (verdwenen personen)
  • samenwoners (adressen met meer dan drie personen, volgens de toelichting een verhoogde kans op onjuiste adresregistratie)

De bijbehorende selectiefactoren betreft in de profielen een combinatie van:

  • oppervlakte (bewoningsgraad)
  • aantal ingeschrevenen die geen familie c.a. zijn (overal)
  • het totaal aantal inschrijvingen (overal)
  • het aantal inschrijvingen met verschillende inschrijfdata op het adres (doorgangsadres)
  • het aantal aangiftes door een ingeschrevene (veelverhuizers)
  • het aantal beslissingen 2.22 lid 1 wet ten aanzien van een ingeschrevene op het adres (herinschrijven A)
  • het aantal ingeschrevenen op het adres met beslissingen 2.22 lid 1 wet (herinschrijven B)

Opvallend is dat er bij een groot aantal ingeschrevenen op één adres alleen wordt gedacht aan zorginstellingen en niet aan bijvoorbeeld studentenhuizen en woningen voor tijdelijke werknemers. Ook vraag ik me af waarom er niets is opgenomen over de juridische context van de woning, dus bijvoorbeeld:

  • huurwoning van een private eigenaar
  • corporatie huurwoning
  • studentenhuis
  • een zelf bewoond appartement of eigen woning

Zou het signaleren van onjuiste inschrijvingen niet slimmer kunnen zonder correlaties?

Volgens de toelichting zou uit de bijlage blijken “op welke wijze (de bepalende factoren en hun onderlinge samenhang) uit de beschikbare gegevens wordt gekomen tot een selectie van signalen“. Ik moet zeggen dat ik dat weidse woorden vind, evenals het verhaal “Aan de keuze voor bepaalde selectiefactoren gaat een zorgvuldige, stapsgewijze beoordeling vooraf“. Het lijkt er meer op dat als als er veel bewoners zijn en als er vaak verhuisd wordt, dat ‘verdacht’ is, terwijl er niets aan de hand hoeft te zijn.

Toeslagen
Uit de toelichting op de conceptregeling blijkt dat ook de opsporing van onterechte toeslagen een doel van de nieuwe regeling is:

Door informatie over het toeslagenbelang in de analyse te betrekken kan in de eerste plaats een betere indicatie worden gegeven van eventuele incorrecte adresregistratie. Het betreft hier bijvoorbeeld toeslagen waarvan de hoogte afhankelijk is van het aantal bewoners
op een adres. Bij het vaststellen van het recht op zo een toeslag wordt gebruik gemaakt van gegevens uit de BRP. Het gegeven dat betrokkene een financieel belang heeft om onjuist ingeschreven te staan, kan de twijfel over de juistheid van de adresregistratie versterken.

Zo te zien kunnen er nog meer overheidsbelangen een rol spelen, omschreven als het versterken van signalen met “regelingsinformatie”.

Correspondentie
Voor de hand liggend is dat de onjuistheid van een adres wordt afgeleid uit het onbestelbaar retour komen van correspondentie. RDW en CJIB mogen daarover informatie aan BZK verstrekken (correspondentieverloop).

Slotopmerking
Het geheel maakt een omslachtige indruk en doet de vraag rijzen of de algoritmen daadwerkelijk gaan helpen de adreskwaliteit te verbeteren.

 

De bijlage

 

Meer informatie:

Wetsvoorstel 35772, inzake ‘Wijziging van de Wet basisregistratie personen in verband met de invoering van een centrale voorziening ter ondersteuning van de colleges van burgemeester en wethouders bij het onderzoek of een persoon als ingezetene in de basisregistratie personen op een adres in de gemeente dient te worden ingeschreven alsmede naar de juistheid van de gegevens betreffende het adres van een ingezetene in de basisregistratie personen‘, oftewel verkort Verbetering adreskwaliteit in de basisregistratie personen:

 


Aanvulling 17 juni 2021
Lees het commentaar van Tijmen Wisman van het Platform Bescherming Burgerrechten.

Geplaatst in Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, ICT, privacy, e-commerce, Strafrecht | Tags: , , , , | Plaats een reactie

The dark side of international exchange of tax information | FATCA, Accidental Americans

Political journalists, like OCCRP, close their eyes for the shadow side of international exchange of tax information. One of the topics that does not interest them is that exchanging tax information may have harmful consequences for decent citizens when illegal tax systems are exported, like is happening to FATCA and the Accidental Americans.

The United States is using the treaties based on FATCA to force financial institutions to report (with the tax authorities as intermediaries) tax residents of other countries to them when they have the U.S. nationality, a nationality may be obtained by birth. In this way the citizenship-based taxation system is exported to Europe and the rest of the world.

In this article I explain the background of FATCA in Europe once again. Those who want to hear a personal story can listen to an audio podcast.

Background

  • The vast majority of countries’ income tax systems are based on the residency of taxpayers. Only the United States and Eritrea utilize a citizenship-based taxation system.
  • The United States generally automatically grants citizenship to individuals born within its jurisdiction. Other circumstances, such as parentage, can also lead to a person being deemed to be an American citizen by the United States government, even if the individual was born outside the United States. Indeed, some individuals may be considered to be U.S. citizens by the American government despite the person never having had any substantive connection to that country (‘Accidental Americans’).
  • All U.S. citizens have to file American tax returns and report their world income, as ‘US persons’. This is a costly affair, a tax adviser is needed. (The US person is a person who has to file tax returns regarding the world income and also includes residents of the U.S. and Green Card holders.)
  • According to estimations of the U.S. government fewer than 10% of all individuals who file American tax returns from a “tax home” located outside the U.S. ultimately owe any taxes to the American government. Regardless of whether any tax is due, however, U.S. law requires extensive financial and asset reporting. Failure to comply with these requirements potentially attracts significant penalties.
  • The tax treaties between the U.S. and other countries do not help U.S. citizens, because of the many mismatches. Double tax over the same income is possible. Example: when U.S. persons resident in the Netherlands realize a capital gain on the sale of their personal residence (an event that is not taxable in the Netherlands, but is generally taxable in the United States), they can be exposed to significant tax liability to the U.S. tax authority. (In the Netherlands these gains are taxed in another way.)
  • In addition to the obligations imposed on citizens under American income tax legislation, the U.S. Bank Secrecy Act requires that American citizens file reports with the Financial Crimes Enforcement Network (FinCEN) of the U.S. Treasury Department with respect to financial accounts held outside the U.S. that exceed $10,000 (USD) in aggregate. These reporting obligations pre-date FATCA. These reports are known as Foreign Bank Account Reports or “FBARs”. American citizens not only have to file their own information, they also have to report third party accounts when the U.S. person has signing authority on third party financial accounts (violating GDPR in the case of European data subjects). Read also this on FBAR.
  • The root of the problem is the U.S. citizenship-based taxation system, that through FATCA and the treaties based on FATCA, is exported to the European Union. It has made financial institutions and the foreign tax authorities to unpaid assistants of the American government.
  • Renouncing U.S. citizenship is expensive and difficult.
  • The citizenship-based taxation system of the U.S. harms the fundamental rights of all American citizens resident in Europe.

 

It is peculiar that in the international systems regarding exchange of tax information there are no safeguards against harmful tax practices of third countries.

An interesting article on the subject: A Global Perspective on Citizenship-Based Taxation, by Allison Christians, September 2017.

Audio podcast on the Accidental Americans
The difficulties encountered by Accidental Americans are explained in an audio podcast by American Expat Financial New Journal where a Dutch Accidental American is interviewed

 

The interviewer is expressing admiration for the courage of the Dutch interviewee. Courage is indeed needed, for instance because many European governments, when concluding the FATCA-treaties (‘IGAs’) with the U.S. government already were aware of the significant problems their residents with American nationality were going to encounter.

 

Information on FATCA on this blog: general page on FATCA and the Accidental Americans, posts with the FATCA tag, posts on financial human rights.

 


Amended 27 May 2021
The article by Allison Christians was added.

Geplaatst in English - posts in English on this blog, Europa, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten | Tags: , , , | Plaats een reactie

AMLR geen one-size-fits-all? | Europese witwasbestrijding

In het Tijdschrift voor Financieel Recht van mei 2021 verscheen het artikel van S. Daniëls en C. van der Meulen over de Europese harmonisatieplannen in de criminaliteitsbestrijding (‘witwasbestrijding’), die zullen gaan leiden tot een Anti-Money Laundering Regulation (AMLR). In dat artikel, ‘Europees AML/CFT-toezicht: een blik vooruit‘, wordt de huidige stand van zaken in kaart gebracht en onder meer de vraag besproken of het centrale Europese toezicht alleen op financiële instellingen betrekking zal hebben, dan wel op alle witwasbestrijdingsplichtigen (kijk hier voor de Nederlandse lijst). De auteurs signaleren significante verschillen tussen financiële instellingen en de overige witwasbestrijdingsplichtigen (vaak met de afkorting ‘DNFBP’s’ aangeduid) en schrijven dat juist de banken aandringen op centraal toezicht op iedereen.

In het artikel ontbreekt aandacht voor de praktische uitvoerbaarheid van de regels voor de verschillende soorten witwasbestrijdingsplichtige ondernemingen en ook de kosten/baten-analyse komt niet aan de orde. Het ademt het tekentafeldenken van de overheid en van de adviseurs van grote ondernemingen.

One-size-fits-all
Ooit is de de witwasbestrijding (in Nederland in 1991) begonnen bij banken en andere financiële instellingen en vervolgens (in Nederland in 2003) zonder aanpassingen verbreed naar de DNFBP’s. Ook nu zullen de concepten voor financiële instellingen wel weer op DNFBP’s worden toegepast, want de wetgevers en hun adviseurs hebben geen belangstelling voor de menselijke maat in de criminaliteitsbestrijding.

Kern van de criminaliteitsbestrijding, ook wel ‘witwasbestrijding’ genoemd is one-size-fits-all; datagedreven wantrouwen gaat winnen. Zoals ik al eerder schreef, zijn de grote winnaars in de witwasbestrijding de compliance-sector en grote IT-bedrijven en de verliezers het mkb en de consument. De samenleving zal er niet fijner van worden.

 


Aanvulling 13 mei 2021
Volgens het EBF is de witwasbestrijding niet mislukt, lees het interview met Wim Mijs van de Europese bankenorganisatie, EBF CHIEF WIM MIJS: How to ramp up Europe’s fight against money laundering; why GDPR is not the problem and how the banks and law enforcement can work better to turn the tide on dirty money, AML Intelligence 11 mei 2021.

Aanvulling 17 juni 2021
Lees over AMLR de speech die 17 mei jl. is gepubliceerd. Burgers en mkb mogen zich grote zorgen gaan maken, onder meer vanwege passages als deze over de centrale regels (one-size-fits-all):

Firstly, on our rulebook. Until now, the application of AML rules has suffered from a lack of sufficient detail at EU level. This means that transposition at national level can diverge far too easily. And that has resulted in weak links across the internal market. We want this to end.
Rules for the private sector will be laid down in a directly-applicable EU regulation. There will be the same rules across the EU in the most substantial areas.

De excessieve verzamelingen van vertrouwelijke gegevens die worden aangelegd zullen alleen maar toenemen, lees over het cliëntenonderzoek en het ubo(-register)-gebeuren:

Another part of our plan is to increase the detail in some areas already included in the AML Directive such as Customer Due Diligence and beneficial ownership. (…)
A key priority is making sure that beneficial ownership registers are up and running and fully populated. We are also working on the cross-border interconnection between national beneficial ownership registers – which should start later this year.
And we are promoting awareness of the importance of beneficial ownership among civil society. Beneficial ownership is one of the areas where we plan to add some clarity to the EU level rules in our upcoming proposals.

Contante betalingen zullen worden beperkt:

Cash is the most important bearer medium.
Most proceeds of criminal activity are still cash. This cash is then invested in property or high value goods to disguise its illegal origin. These risks are already reflected in our current rules: operators that make or receive payments worth €10,000 or more when trading in goods are subject to AML rules.
But frankly we have to recognise that this has not worked well.
So we are looking at setting an EU-wide upper limit for cash purchases of €10,000.
We recognise and, of course, respect the fact that a number of Member States have already imposed lower ceilings.
A €10,000 limit is high enough not to put into question the euro as legal tender, nor to affect financial inclusion.
We respect the vital role of cash.
At the same time, this limit is low enough to make it harder for criminals to launder large sums of cash.

Mij lijkt dat er dan geen ruimte is voor afwijkende nationale contante betalingen-drempels.

De antiwitwasautoriteit zal worden opgezet volgens het Single Supervisory Mechanism-model van de banksector. Uiteraard zullen de kosten aan de ondertoezichtgestelden worden doorberekend.

Geplaatst in Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Ubo-register | Tags: , , , , , , , | Plaats een reactie

Datagedreven wantrouwen overheid en witwasbestrijdend bedrijfsleven

Die nieuwe digitale mogelijkheden, die ons worden verkocht als een middel naar de vrijheid, leiden tot het omgekeerde. Lees het mooie artikel van Thijs Niemantsverdriet, Ombudsman van Amsterdam Arre Zuurmond: het hele systeem zit vol met wantrouwen, NRC 29 april 2021 (betaalmuur). Met onder meer:

Het komt dus door de ict-systemen?
„Het komt door bepáálde ict-systemen. Het zijn de bureaucraten die de ict bestellen, dus wat krijg je dan? Bureaucratische ict. Alles dwingt de ambtenaar een bepaalde kant op: de ict, de juristen, het management. Computer says no, dat hebben wij er als mensen ingestopt. En het is ook niet makkelijk om het eruit te krijgen. Je bent als ambtenaar wel gek om een beetje coulant te zijn, of om maatwerk te doen. Voor je het weet krijg je de accountant op je dak, of de ict-medewerker, of de privacyjurist. Het hele systeem zit vol wantrouwen.”

Dit is precies wat nu gebeurt bij de overheid en bij het witwasbestrijdende bedrijfsleven. Inmiddels ligt de overheid vanwege SyRI en toeslagenaffaire onder vuur.

Rondom de negatieve neveneffecten van de bestrijding van witwassen en terrorismefinanciering door bedrijven (zoals banken) [*] is het nog stil. Daar zijn kennelijk nog wat flinke rampen nodig, want de klanten van banken zijn veel te bang voor ruzie.

 

[*] Op grond van onder meer de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft). Deze wet verplicht tot het maken van risicoprofielen en het permanent monitoren van alle klanten.

Geplaatst in Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, ICT, privacy, e-commerce | Tags: , , , , , | Plaats een reactie

Spoedappel tegen ubo-register uitspraak kort gedingrechter

Al eerder maakte ik melding van het hoger beroep dat door Privacy First is ingesteld tegen het ubo-register vonnis. Op 15 april schreef de organisatie:

Update 15 april 2021: gisteren heeft Privacy First spoedappèl tegen het gehele vonnis ingesteld bij het Hof Den Haag. De appèldagvaarding vindt u HIER (pdf). Privacy First verzoekt het Hof o.a. om alsnog zelf prejudiciële vragen over het UBO-register te stellen aan het Europees Hof van Justitie en het UBO-register buiten werking te stellen totdat die vragen beantwoord zijn. Gezien de grote belangen die op het spel staan hoopt Privacy First dat het Hof Den Haag deze zaak op de kortst mogelijke termijn zal behandelen.

In de dagvaarding voert Privacy First aan dat er een spoedeisend belang is omdat de in het ubo-register geregistreerde gegevens direct ‘op straat’ komen te liggen, waarmee de persoonlijke levenssfeer wordt geschonden. Verder speelt een rol dat het nog wel even kan duren voor het Europese Hof van Justitie uitspraak heeft gedaan over de ubo-register regelgeving (er zijn al prejudiciële vragen gesteld, zie 1, 2).

Inhoudelijk voert Privacy First onder meer aan dat de kort geding rechter ten onrechte veronderstelt dat hij niet kan toetsen of de Nederlandse ubo-regels regels onmiskenbaar onverbindend zijn wegen strijd met eenieder verbindende bepalingen van verdragen en besluiten van volkenrechtelijke organisaties, zoals de artikelen 7 en 8 van het Handvest van de Grondrechten van de Europese Unie en artikel 8 EVRM.

Voorts meent Privacy First dat de kort geding rechter ten onrechte heeft overwogen dat er in deze procedure geen prejudiciële vragen hoeven te worden gesteld over de openbaarheid van het ubo-register omdat er vanuit een andere lidstaat al prejudiciële vragen zijn gesteld aan het Europese Hof.

Degene die het naadje van de kous wil weten kan de dagvaarding lezen.

Geplaatst in Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, ICT, privacy, e-commerce, Ubo-register | Tags: , , , | Plaats een reactie

Datahonger van de datagedreven overheid | wensenlijstje AFM

Financiële toezichthouders DNB en AFM mogen ieder jaar hun wetgevingswensenlijstje aan het kabinet voorleggen. Dat is al bijzonder voor organisaties die tot de financiële incrowd van Nederland behoren. Voordeel is natuurlijk wel dat transparant is welke wensen die incrowd heeft.

Databehoefte AFM
Opvallend aan de wensenbrief die AFM onlangs verstuurde is dat de organisatie behoefte heeft aan heel veel data. In de inleiding van het onderdeel ‘Digitalisering’ legt de AFM uit dat de financiële sector digitaliseert en dat de dreiging van cybercriminaliteit toeneemt. Daaraan verbindt de Autoriteit de conclusie dat de organisatie om die reden over veel meer data moet beschikken om datagedreven toezicht te kunnen uitoefenen. De AFM meent dat de kwaliteit van het toezicht daardoor zou kunnen verbeteren. Op drie terreinen wil de AFM meer data:

  1. Data van accountants: de organisatie spreekt over “data op accountantsorganisatie-niveau en wettelijke controle-niveau” om daarmee meer zicht te krijgen op de kwaliteitsbeheersing van accountantsorganisaties en risicokenmerken van de cliëntenportefeuilles van de accountants. Om welke data het exact gaat, vermeldt de AFM niet. Aangezien accountants over een goudmijn aan data van hun klanten (meestal rechtspersonen) en aan de klanten gelieerde natuurlijke personen beschikken, kan dit grote gevolgen hebben.
  2. Handelsorderdata van obligaties, van de handelsplatformen waarop obligaties worden verhandeld.
  3. Data inzake financiële producten en diensten in verband met bescherming van kwetsbare consumenten en bescherming van consumenten tegen grote risico’s. Dat is een opmerkelijk verzoek, nu de AFM zich alleen in abstracto met consumenten- en gebruikersbelangen lijkt bezig te houden. AFM geeft geen gehoor aan verzoeken om op te treden tegen betaaldienstenaanbieders en banken, als het gaat om betere toegang tot bankrekeningen. Het zal hier gaan om gedetailleerde gegevens van financiële instellingen en consumenten, want de AFM wil gaan analyseren of de geleverde diensten passen bij het klantenprofiel (‘risicoprofiel’).

Op de tweede categorie data heb ik weinig zicht, maar voor de eerste en derde categorie geldt dat het om grote hoeveelheden vertrouwelijke gegevens kan gaan, dat in de eerste categorie zowel om de accountantsorganisaties en hun medewerkers als gegevens van hun klanten kan gaan. In de derde categorie zal het om grote hoeveelheden gegevens van klanten van financiële instellingen gaan.

Uit de brief van de AFM wordt niet duidelijk waarom de organisatie deze data-analyses wil uitvoeren, nu van grote accountantsorganisaties en financiële instellingen mag worden verwacht dat zij dat zelf doen. Het ligt eerder op de weg van AFM om na te gaan hoe de vergunninghouders hun systemen hebben ingericht.

Bij het leveren van data zal het waarschijnlijk niet blijven: de databehoefte van AFM kan er toe leiden dat vergunninghouders hun systemen moeten aanpassen om de door AFM gewenste gegevens te leveren. Dat betekent kosten, zonder dat er zekerheid is van een nuttige opbrengst. Verder kan het er toe leiden dat het voor kleine vergunninghouders (zoals kleinere accountantsorganisaties) door de extra eisen moeilijker wordt om in de markt actief te blijven, zoals al zichtbaar is in de accountancy.

Meer oog voor de klanten
Mij lijkt dat het meer prioriteit heeft dat de AFM zich gaat bezig houden met de vraag of de grote vergunninghouders bij het leveren van hun producten en diensten wel oog hebben voor de belangen van consumenten en mkb. Daarbij valt te denken aan de de-risking praktijken van banken, waarbij hele klantgroepen worden weggestuurd en en het zich terugtrekken van financiële instellingen uit niet-lucratieve consumentenproducten (voorbeeld: ING die spaarklanten wegstuurt).

Het is tijd dat de AFM laat zien dat de organisatie er is voor de burger (inclusief ondernemingen en organisaties) en zich niet verliest in leuke wetenschappelijke onderzoeken.

Een betere onderbouwing van de databehoefte van AFM is daarom dringend gewenst.

 

Meer informatie:

 



Aanvulling 31 mei 2022

Lees over het datagraaien door de AFM op accountant.nl: “De AFM wordt volgens Pieter de Kok de komende vijf jaar een accountantskantoor 5.0, dankzij de toegang tot ruim achtduizend mini-datasets“, ‘AFM wordt meest data driven accountantskantoor van Nederland‘.

Geplaatst in Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten | Tags: , , , , | Plaats een reactie

Witwasbestrijding: geld speelt geen rol en uitvoerbaarheid ook niet

Opvallend aan de meeste publicaties over witwasbestrijding is dat niemand interesse heeft voor de kosten van de preventieve maatregelen en voor de uitvoerbaarheid van de regels. Gelukkig zijn er lichtpuntjes, want zo nu en dan heeft iemand het er wel over.

In het FD verscheen op 25 april jl. het artikel van Esmé Bosma en Pieter Lagerwaard, Bij opsporing witwassers zijn onze verwachtingen van banken onrealistisch (betaalmuur). Zij beschrijven dat banken gigantische bedragen aan criminaliteitsbestrijding (witwasbestrijding) uitgeven en dat het heel weinig oplevert. Het artikel noemt interessante cijfers, bijvoorbeeld:

Volgens de NVB zijn in Nederland nu zo’n 8000 bankmedewerkers betrokken bij de strijd tegen witwassen. Ter vergelijking: de FIU had in 2019 een budget van €6 mln en slechts 63 werknemers. Een andere vergelijking: er zijn 3500 wijkagenten actief in Nederland, nog niet de helft van het aantal bankmedewerkers dat transactiegedrag onderzoekt.

Van de alerts die de transactiemonitoringsystemen van banken genereren is 90% tot 95% niet relevant en moet terzijde worden gelegd.

De auteurs concluderen terecht dat het hoog tijd is dat wordt nagedacht over de vraag of het vele geld dat Wwft-plichtigen aan de witwasbestrijding moeten uitgeven, wel goed is besteed:

Is het wenselijk dat 8000 bankmedewerkers het betalingsverkeer en bestedingsgedrag surveilleren, met een geringe of onduidelijke bijdrage aan de bestrijding van criminaliteit en terrorisme? Rechtvaardigen de opsporingsopbrengsten de kosten en de ongewenste bijeffecten? Op welke manier kunnen banken het beste invulling geven aan hun nieuwe maatschappelijke rol en hoe groot is het restrisico dat je moet accepteren?

Het is hoog tijd dat de politiek wakker wordt.

Geplaatst in Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft | Tags: , , , , , | 2 reacties

Zoeken op naam ubo straks internationaal mogelijk | AML, AVG

Hoewel de Nederlandse overheid het doet voorkomen dat het zoeken op de naam van de uiteindelijk belanghebbende (ubo) niet mogelijk zal zijn, is de digitale werkelijkheid anders.
Zo zag ik dat een Luxemburgse onderneming actief aan klanten de mogelijkheid aanbiedt om te zoeken op de naam van de ubo. In een reclame-e-mail prijst het bedrijf hun KYC/AML zoekmachine aan en schrijft:

In addition to PEP, sanctions lists and adverse media, we also solved one of the largest problems related to beneficial ownership identification. We enable our customers to perform searches using the subject’s name, and we return all companies in which he or she is registered as a beneficial owner.

Bekijk de site van Digitalus:

Our AI-based entity resolution technology connects billions of data points across public data sources to create a Unified Digital Profile of a single individual or legal entity without ambiguity

In november 2020 verscheen het artikel “We are building a product that will help banks” met een video waarin de pitch is te zien. Op Vimeo is een recentere video te vinden.
Lees het artikel over een van de initiatiefnemers, die vertelt hoe hij bezig is geweest met het deanonimiseren van persoonsgegevens van online gebruikers:

I was working on a project that attempted to deanonymise online users by trying to link information they made publicly available to other media sources. It soon became clear that this linking process (also known as ‘entity resolution’) could be applied to a plethora of sources, from social media and other public sharing platforms to obscure forums and leaked information.

Deze Luxemburgse start-up zal niet de enige zijn. Ongetwijfeld zijn alle databrokers die AML-diensten leveren met hetzelfde bezig.

Het geeft aan dat het einde van de privacy in zicht komt, niet alleen voor ubo’s, maar ook voor alle andere burgers, met grote cybersecurity-risico’s. Het zal me benieuwen of deze gevaarlijke trend nog gekeerd kan worden.

Het lijkt er op dat de vrees van Privacy First inzake het ubo-register waarheid wordt, zij verloren het kort geding en hebben inmiddels hoger beroep ingesteld. Op 15 april schreef de organisatie:

Update 15 april 2021: gisteren heeft Privacy First spoedappèl tegen het gehele vonnis ingesteld bij het Hof Den Haag. De appèldagvaarding vindt u HIER (pdf). Privacy First verzoekt het Hof o.a. om alsnog zelf prejudiciële vragen over het UBO-register te stellen aan het Europees Hof van Justitie en het UBO-register buiten werking te stellen totdat die vragen beantwoord zijn. Gezien de grote belangen die op het spel staan hoopt Privacy First dat het Hof Den Haag deze zaak op de kortst mogelijke termijn zal behandelen.

Geplaatst in Europa, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, Ubo-register | Tags: , , , , | Plaats een reactie

Wetsvoorstel ubo-register trusts en fondsen voor gemene rekening ingediend | Wwft

Na een internetconsultatie is nu het langverwachte wetsvoorstel, het voorstel Implementatiewet registratie uiteindelijk belanghebbenden van trusts en soortgelijke juridische constructies, ingediend, dat zal gaan regelen dat de uiteindelijk belanghebbenden (ubo’s) van trusts, fondsen voor gemene rekening en soortgelijke juridische constructies moeten worden geregistreerd.

 

Meer informatie:

 


Aanvulling 16 augustus 2021
Lees: NOB: UBO’s verdienen uitbreiding van afschermingsgronden, Accountancy Vanmorgen

Geplaatst in Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, Ubo-register | Tags: , , | Plaats een reactie