Waterval van cliëntenonderzoeken | Wwft

In 2019 heeft het Hof Amsterdam uitspraak gedaan [1] in een geschil tussen ING Bank en haar cliënt, een saunaclub. De bank heeft de relatie opgezegd omdat de saunaclub niet voldeed aan de door de bank gestelde eisen.

De uitspraak is relevant voor andere ondernemingen die misdaad moeten ‘opsporen’ op grond van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft), door mij Wwft-plichtigen genoemd. De bank is een van de belangrijkste Wwft-plichtigen, er zijn vele anderen.

Onderwerpen: cliëntenonderzoek door niet-Wwft-plichtige en privacy klant
In de uitspraak van het Hof komen onder meer de volgende onderwerpen aan de orde:

{1} Mag de bank van haar cliënt verlangen dat die cliënt (die zelf niet Wwft-plichtig is) een eigen klantenonderzoek doet naar de herkomst van de middelen van de eigen klanten?
In andere woorden: leidt het cliëntenonderzoek van  tot een waterval van cliëntenonderzoeken?

{2} Moet de bank-cliënt op verzoek van die bank informatie verschaffen over de identiteit van zijn klanten en over de herkomst van de middelen van die klanten.
Niet iedereen zal er van wakker liggen dat de persoonsgegevens van bezoekers van een saunaclub bij de bank van laatstgenoemde terecht komen, al valt te begrijpen dat die bezoekers behoefte aan privacy hebben. De vraag is echter of de bank in het algemeen recht heeft op alle klantgegevens van haar cliënten. Met andere woorden: mag de bank opvragen wie de bezoekers van een schietclub zijn, mag de bank navragen welke klanten een advocatenkantoor heeft, enzovoorts.

Waterval van Wwft-cliëntenonderzoeken
In de aan het begin genoemde saunaclub-uitspraak heeft het Hof Amsterdam algemene bewoordingen geoordeeld dat van de club mag worden verwacht dat maatregelen worden getroffen om het risico van witwassen terug te dringen, wat zou inhouden dat de club onderzoek moet instellen naar de herkomst van gelden van de eigen klanten. Het Hof verwijst naar een eerdere uitspraak van het zelfde Hof:

Daarbij valt te denken aan het actief terugdringen van de omvang van de contante betalingen in de onderneming en het niet langer accepteren van grote coupures van € 200 en € 500. Verder is te denken aan het ontwikkelen en implementeren van een specifiek en effectief toelatingsbeleid dat Yin Yang c.s. in staat stelt zo nodig de herkomst van de aangeboden contante betalingen te verifiëren en/of, bij gebreke daarvan, de desbetreffende klanten te weigeren, alsmede het implementeren van een administratief systeem dat Yin Yang c.s. zelf en zo nodig ook haar bank – ter uitvoering van de op die bank op grond van artikel 3 lid 2 Wwft rustende verplichtingen – in staat stelt onderzoek te doen naar de bron van de contante geldstromen binnen de onderneming.

Praktisch betekent dit dat de saunaclub niet alleen de identiteit van de bezoekers moet vaststellen aan de hand van een identiteitsbewijs, maar dat de club voorts het doopceel moet lichten van alle bezoekers die grotere betalingen doen. Dit betekent dat het bedrijf niet alleen de herkomst van de eigen middelen moet aantonen (door middel van registratie van de personalia van de mensen die de contante betalingen verrichten), iets wat de bank van het bedrijf kan vragen op grond van de Wwft. Die wet schrijft niet voor dat cliënten van Wwft-plichtigen een klantonderzoek moeten doen naar hun eigen klanten, zodat de vraag is welke juridische grondslag het oordeel van het Hof op dit punt heeft. Dit thema komt in de uitspraak van Hof Amsterdam helaas niet aan de orde.

Anders oordeelt Rechtbank Amsterdam in een recente zaak tussen de Rabobank en een cliënt [2], waarbij ‘eiseres’ de cliënt van de bank is:

Daarbij is een algemeen bezwaar dat Rabobank de Wwft te ruim interpreteert. Zij lijkt er in haar stukken vaak vanuit te gaan dat niet Rabobank maar [eiseres] aan de Wwft moet voldoen en dat het Wwft-onderzoek (mede) zou gaan om de klant achter de klant (zie bijvoorbeeld vraag 2 en 3 aan de deskundige).

Is het uitvoerbaar?
In de saunaclub-uitspraak kom ik tegen dat de club in een protocol heeft staan dat het personeel naar de herkomst kan gelden kan vragen als de bezoeker entreegeld voor meer dan vijf personen betaalt en als een of meer bij elkaar horende bezoeker(s) een bedrag van meer dan € 2000 per maand besteden. Dat is makkelijk opgeschreven, maar alleen vragen naar ‘de herkomst’ is natuurlijk niet voldoende (de klant roept dan uiteraard: ‘legaal!’). Het lijkt me praktisch heel lastig om de herkomst van de gelden van de klanten na te gaan.

Gesteld dat de Hoge Raad de uitspraak van het Hof niet casseert [3], dan kan dit grote consequenties hebben voor alle Wwft-plichtigen en hun cliënten. Het kan betekenen dat alle Wwft-plichtigen aan hun cliënten gaan vragen naar een Wwft-cliëntenonderzoek naar hun eigen klanten (al is de klant niet Wwft-plichtig), ook in situaties dat die klanten wel giraal betalen.

Dit lijkt me veel te ver gaan en een zinloze bureaucratie opleveren, waar plezier aan wordt beleefd door de compliance-sector en door IT-ondernemingen die antiwitwasgegevens en antiwitwassoftware leveren (aan ondernemingen die dat kunnen betalen). Het mkb gaat dit niet trekken.

Persoonsgegevens van klanten
Een ander interessant aspect van deze zaak is de vraag of de bank recht heeft op inzage van de persoonsgegevens van de klanten van de saunaclub. Bij girale betaling krijgt de bank die persoonsgegevens vanzelf binnen, bij contante betaling is dat uiteraard niet het geval. Dat saunaclub-bezoekers hun personalia niet publiek willen maken, is niet verrassend. Dit onderwerp wordt in de uitspraak van het Hof niet verder uitgewerkt.

Zo is denkbaar dat een systeem wordt bedacht waarbij de bezoekers anoniem blijven en er elders informatie is over hun identiteit en over het ontbreken van een strafblad. Of dat voor een bank acceptabel is, is natuurlijk de vraag.

Dit onderdeel van de uitspraak van Hof Amsterdam kan gevolgen hebben voor andere Wwft-plichtigen en hun cliënten. Het praktische belang van de persoonsgegevens zal kleiner worden als contante betalingen vanaf 3000 euro voor beroeps- en bedrijfsmatige handelaren in zaken worden verboden [4].

Tot slot: cascade van cliëntenonderzoeken
De Wwft lijkt een cascade van cliëntenonderzoeken tot gevolg te hebben. De Wwft is daarmee niet alleen een Wet van het Dubbele Werk voor Wwft-plichtigen zelf [5], maar leidt er ook toe dat Wwft-plichtigen hun niet-witwasbestrijdingsplichtige klanten tot hetzelfde gaan verplichten.

De vraag is of dat proportioneel is, of de cybersecurity- en databeschermingsrisico’s voldoende worden gemitigeerd en of het effectief is ter bestrijding van criminaliteit. Het middel kan wel eens erger zijn dan de kwaal.

De grote winnaars: de compliance-sector en grote IT-bedrijven. De verliezers: het mkb en de consument.

[1] Arrest Hof Amsterdam 30 juli 2019.
[2] Rechtbank Amsterdam 22 september 2020.
[3] Wat valt te verwachten als de conclusie van de Procureur-Generaal T. Hartlief, die op 30 oktober is gepubliceerd, wordt gevolgd.
[4] Plan van aanpak witwassen, internetconsultatie.
[5] Lees onder meer Wet van het Dubbele Werk | de makelaar en de Wwft, Wet van het Dubbele Werk | banken willen graag Wwft-naleving centraliseren.

Over Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

Verbonden aan Pellicaan Advocaten, http://www.pellicaan.nl/, kantoor Rotterdam, telefoon 088-6272287, fax 088-6272280, e-mail ellen.timmer@pellicaan.nl ||| Weblogs: algemeen: https://ellentimmer.com/ || modernisering ondernemingsrecht: http://flexbv.wordpress.com/ ||| Motto: goede bedoelingen rechtvaardigen geen slechte regels
Dit bericht werd geplaatst in Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Strafrecht en getagged met , , . Maak dit favoriet permalink.

4 reacties op Waterval van cliëntenonderzoeken | Wwft

  1. Anoniem zegt:

    Het lijkt er op dat de ING Bank het met name warm kreeg van de bad press rond de “sauna”club https://www.crimesite.nl/problemen-saunaclub-yin-yang/ Grote bedragen in contanten leiden niet automatisch tot koudwatervrees.

    Laten we hopen dat de lijn in de recente jurisprudentie van o.a. de Rechtbank Amsterdam voortgezet wordt. KYC is voor een hoop bedrijven en instellingen al lastig genoeg, KYCC is een brug te ver. Dat is ook nooit de bedoeling geweest van de WWFT.

  2. r grootveld zegt:

    Nog even en dan ligt de economie wereldwijd op zijn gat. Dan heeft men wel wat anders aan zijn hoofd.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s