State surveillance in France

Statewatch published the article Green light for police surveillance of political opinions, trade union membership and religious beliefs. According to the human rights NGO the three decrees that were published by the French government at the beginning of December 2020 expand the scope of French state surveillance far beyond what was previously permitted. It will allow the French state to gather data on the political opinions, trade union activities and religious beliefs of people who could “harm the integrity of the territory or institutions of the Republic”, a very vague term.

France’s highest court decided in an emergency appeal that the new measures do not represent a disproportionate infringement of the right to freedom of opinion, religion or belief; or the freedom of association.

More information is to be found in the Statewatch article.

Geplaatst in English - posts in English on this blog, Europa, Grondrechten, ICT, privacy, e-commerce | Tags: , | Plaats een reactie

Hoe de IT-leveranciers de digitale onderdrukkingsmiddelen van de toekomst bedenken

Het blijft fascinerend dat IT-ontwerpers zonder aarzeling digitale onderdrukkingsmiddelen bedenken. Het geeft aan hoe het komt dat sommige IT-bedrijven tot datagraaiers zijn uitgegroeid en allerlei malafide praktijken beoefenen.

 

Geplaatst in ICT, privacy, e-commerce | Tags: , | Plaats een reactie

Openbaarmaking van bedrijfsgegevens, een nieuwe trend?

Eerder schreef ik een artikel over de openbaarmaking van bedrijfsgegevens in verband met NOW-steun en over het openbare Europese subsidieregister.
Openbaarmaking van bedrijfsgegevens is ook aan de orde in een recente stikstof-uitspraak van de Afdeling rechtspraak van de Raad van State die op 27 januari is bekend geworden, lees hun nieuwsbericht Mi­nis­ter LNV moet lo­ca­tie­ge­ge­vens PAS-mel­din­gen open­baar ma­ken:

De minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit moet de locatiegegevens van tien zogenoemde PAS-meldingen openbaar maken. Dit volgt uit een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van vandaag (27 januari 2021). De hoogste bestuursrechter bevestigt hiermee een eerdere uitspraak van de rechtbank Noord-Nederland die in juli 2020 tot hetzelfde oordeel kwam. De uitspraak heeft tot gevolg dat de minister de adres- en topografische gegevens van tien agrarische bedrijven openbaar moet maken, zoals milieuorganisatie Coöperatie Mobilisation for the Environment U.A. (MOB) had gevraagd.

Voorkoming van willekeur
Dit levert net als de NOW-informatie interessante feitelijke naming & shaming op en doet de vraag rijzen waarom deze informatie openbaar gemaakt wordt en waarom andere negatieve bedrijfsinformatie vertrouwelijk blijft.

Een voorbeeld daarvan zijn negatieve beoordelingen van de warenautoriteit inzake levensmiddelen [*] en informatie bij overheden over andere milieugerelateerde onderwerpen.

Wellicht dat er nu een stortvloed van zaken op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob)  / Wet open overheid (Woo) volgt met als doel dat meer bedrijfsgegevens openbaar worden gemaakt. Er mag wel eens over nagedacht worden over de systematiek rondom het openbaar maken van bedrijfsgegevens en over voorkoming van willekeur en schade.

Privacy
Daar waar de openbaar gemaakte gegevens eenmanszaken en personenvennootschappen betreffen, is ook de privacy van natuurlijke personen in het geding [**]. Volgens de Raad van State waren er in de behandelde stikstof-zaak geen concrete aanknopingspunten te veronderstellen dat de veiligheid van bedrijven in het geding zou komen of sabotage zou plaats vinden. In het nieuwsbericht van de Raad van State staat hierover:

Locatiegegevens zijn emissiegegevens
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat de gevraagde locatiegegevens niet alleen milieu-informatie, maar in het bijzonder ook emissiegegevens zijn. Dit is belangrijk, omdat de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) in vergelijking met andere soorten informatie minder mogelijkheden biedt om het verstrekken van milieu-informatie te weigeren, in het bijzonder bij emissiegegevens. De Wob heeft namelijk als doel om zoveel mogelijk informatie openbaar te maken over (stikstof)uitstoot in het milieu. Daarom bepaalt de Wob bijvoorbeeld dat als om emissiegegevens wordt gevraagd, de privacy van belanghebbenden geen rol mag spelen bij de beslissing om deze openbaar te maken. De minister heeft in dit geval wel rekening gehouden met de privacy van belanghebbenden en de emissiegegevens mede om die reden geweigerd. Dat is dus onterecht.

Veiligheid en voorkomen sabotage
De minister hoeft emissiegegevens niet openbaar te maken als de veiligheid van bedrijven daardoor in het geding komt of als daarmee sabotage wordt voorkomen. Maar volgens de Afdeling bestuursrechtspraak moeten daar dan wel concrete aanknopingspunten voor bestaan. De enkele vrees daarvoor is onvoldoende. Kortom; aan een besluit om emissiegegevens om deze reden niet openbaar te maken worden hogere motiverings- en bewijseisen gesteld. Het besluit van de minister voldoet hier niet aan. Zij heeft niet aannemelijk gemaakt dat de tien bedrijven waar het in deze uitspraak om gaat, “in de gevarenzone belanden” als hun locatiegegevens openbaar worden gemaakt.

Tot slot
Data verzamelende partijen zullen blij zijn met de extra informatie die via deze weg over ondernemingen beschikbaar komt. Met deze bedrijfsinformatie kunnen profielen van bedrijven en de bij die bedrijven betrokken natuurlijke personen verrijkt worden.

Of het midden- en kleinbedrijf hier blij mee moet zijn, is de vraag.
Het zou me niets verbazen als de vergroting van openbaarheid van bedrijfsgegevens vooral het grootbedrijf ten goede zal komen.

 

Noten
[*] Als bekend is welke ondernemingen veel producten verkopen waarop gezondheidstechnisch aanmerkingen zijn, zouden die ondernemingen  door het publiek geboycot kunnen worden. Nu kan dat niet. (Maar hier liggen ook framing & shaming op de loer.)
[**] Lees het LTO over de uitspraak, onder meer dit (27 januari) en dit (29 januari).
In de media onder meer RTV Noord, Raad van State: minister moet gegevens van boeren zonder stikstofvergunning vrijgeven en agrarische media (1, 2). Zie ook het FD artikel Boeren ongerust omdat minister hun data over vervuiling moet openbaren.

Geplaatst in Grondrechten, ICT, privacy, e-commerce | Tags: , , , , , , | Plaats een reactie

FATCA in de Tweede Kamer | algemeen overleg 10 februari 2021

Nederland importeert Amerikaans recht in Nederland via het FATCA-verdrag met de VS. Het is de vraag of dat wel in overeenstemming is met Nederlandse en internationale fundamentele rechtsbeginselen (lees algemene inleiding).

De merkwaardige gevolgen van het importeren van Amerikaans recht worden geïllustreerd doordat naar aanleiding van de wijziging van Amerikaans recht ook wijziging van een bijlage (Bijlage II) bij het FATCA-verdrag nodig was. De wijziging van de bijlage is onderwerp van een algemeen overleg van de vaste commissie voor Financiën van de Tweede Kamer op 10 februari a.s. (agenda). In dat overleg wordt de brief van staatssecretaris Vijlbrief van 17 december jl. besproken.

Intussen staan de Accidental Americans in de kou, samen met alle andere fiscale inwoners van Nederland die ‘US person’ zijn. Zij moeten het doen met de vriendelijke opmerking van staatssecretaris Vijlbrief van 17 december jl.

Ik was blij met de oplossingsgerichte houding van de VS om voor dit probleem voortvarend tot een oplossing te komen. Ik hoop dat de Amerikaanse autoriteiten snel de noodzaak inzien om ook tot een oplossing te komen voor de problemen die toeval-Amerikanen ervaren door toedoen van hun Amerikaanse belastingplicht en de FATCA-regelgeving. Zoals ook in het AO toeval-Amerikanen van 24 november jl. aangegeven zal ik hier bij de VS op blijven aandringen.

Dat Citizenship Based Taxation een ongewenst concept is, gaat de staatssecretaris niet bij de Amerikanen aan de orde stellen. Het is te hopen dat leden van de Tweede Kamer die met FATCA bezig zijn, zoals mevrouw Lodders, verzoeken om dat thema wel op te pakken.

 

Alle berichten op dit blog over FATCA, financiële mensenrechten.

Geplaatst in Belastingrecht, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, ICT, privacy, e-commerce | Tags: , , , | Plaats een reactie

Overheid krijgt databescherming niet voor elkaar | AVG

Het schandaal van het datalek van de GGD-gegevens illustreert dat de Nederlandse overheid nog steeds in het digitale kleuterstadium verkeert als het om cybersecurity gaat.

(En mogelijk is het in de private sector niet veel beter.)

 

 

Aanvulling 29 januari 2021
In het FD stond vandaag het artikel Fraudehelpdesk: gelekte GGD-gegevens zijn vorig jaar al gebruikt. Overigens gaf datzelfde FD podium aan een hoge ambtenaar van het ministerie van Gezondheid, die klaagde dat het niet ‘te gek’ zou moeten worden met de AVG, wat aangeeft dat men niet begrijpt dat het bij de AVG vooral over databescherming gaat.

Intussen heeft de Autoriteit Persoonsgegevens het druk met de GGD, er wordt onderzoek ingesteld en mensen bellen de Autoriteit. Op security.nl staat dat de GGD onder verscherpt toezicht staat. De NOS schrijft dat de processen van de GGD zijn vertraagd als gevolg van reparatie van de IT.

RTL volgt het GGD-schandaal op de voet, lees de berichten met de tag GGD.

Geplaatst in ICT, privacy, e-commerce | Tags: , , , , , , | Plaats een reactie

Guide for lawyers intervening before the European Court of Human Rights

The Council of Bars and Law Societies of Europe (CCBE) published an updated version of its practical Guide for lawyers intervening before the European Court of Human Rights, which is also available on the Court’s website.
The Guide highlights, in an accessible way, the latest developments in the Court’ practice in handling cases and their implications for practitioners.

The guide is to be found here (pdf).

Read also the article by Iain G. Mitchell Human rights in the time of pandemic on the CCBE site.

Geplaatst in English - posts in English on this blog, Europa, Grondrechten | Tags: , , , | Plaats een reactie

Europese aanbesteding na Brexit

Dat het Verenigd Koninkrijk op 1 januari 2021 uit de EU is  getreden betekent ook dat er op Europees aanbestedingsgebied iets is veranderd. Aan lopende procedures door Nederlandse aanbestedende diensten (zoals de rijksoverheid, gemeenten en gesubsidieerde instellingen) zal nog niets veranderen voor de deelnemers uit de VK. Op een later tijdstip is dat wel het geval, omdat deelnemers uit de VK niet meer hetzelfde zullen worden behandeld als deelnemers uit een EU-land.

Als door Nederlandse aanbestedende diensten Europese aanbestedingen worden uitgeschreven, is daarop de in december 2020 gesloten handelsovereenkomst tussen het VK en de EU van toepassing, waarin de bepalingen van een internationaal verdrag, de Government Procurement Agreement (GPA) van toepassing worden verklaard. Aan het GPA wordt deelgenomen door EU-landen en door een aantal andere landen, zoals Canada, de Verenigde Staten, Japan, Israël, Noorwegen, Zwitserland en Zuid-Korea. Het GPA leidt voor de aanbestedende dienst uit een EU-land tot minder verplichtingen ten opzichte van deelnemers dan onder het Europese aanbestedingsrecht.

Voor Nederlandse aanbestedende diensten betekent dit praktisch dat bij een aantal soorten aanbestedingen ook deelnemers uit de VK moeten worden toegelaten. Voor sommige typen aanbestedingen geldt dit niet, onder meer sociale en andere specifieke diensten en de meeste opdrachten voor defensie en veiligheid. Er kunnen soms ook procedurele verschillen zijn.

Voor Nederlandse aanbestedingsplichtige diensten is het belangrijk zich te realiseren dat er voor deelnemers aan een aanbesteding van buiten de EU deels andere regels gelden en dat zij niet altijd hoeven te worden toegelaten. Dat geldt ook voor deelnemers uit de VK.

Geplaatst in Aanbesteding, Europa, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Not-for-profit | Tags: , , | Plaats een reactie

Parlementaire onkunde met betrekking tot de not-for-profit | de verdachte stichting

Al langer erger ik me aan de onkunde van mensen uit de criminaliteitsbestrijding als het om stichtingen naar Nederlands recht gaat, zoals ook blijkt uit Nationale Risk Assessment Terrorismefinanciering [*].
Het nieuwste dieptepunt zag ik in een parlementair document [**] waarin de leden van de CDA-fractie laten blijken in het geheel niets af te weten van de stichting (en van de not-for-profit sector):

De leden van de CDA-fractie constateren dat, zoals ook genoemd in de National Risk Assessment voor Terrorismefinanciering en voor Witwassen, de stichting een groot risico in  zich heeft om gebruikt te worden voor malafide doeleinden. In dat licht vragen zij of de  stichting in het huidige rechtspersonenlandschap nog wel voldoende meerwaarde heeft of dat  de risico’s en nadelen van de stichting niet meer opwegen tegen de voordelen van de stichting  als rechtspersoon. Kan de regering aangeven waar de meerwaarde van de stichting als  rechtspersoon zit en of andere soorten rechtspersonen niet ook deze functie kunnen vervullen?

De stichting wordt ten onrechte verdacht gemaakt. Kennelijk ontbreekt bij de CDA-fractie de meest basale kennis en weten zij dus niet dat de rechtsvorm stichting gebruikt wordt voor scholen, vele zorginstellingen en diverse overheidsactiviteiten (zoals de Stichting Autoriteit Financiële Markten en de Stichting Anti Doping Autoriteit Nederland).

Uit hetzelfde document blijkt dat de betrokken leden van de Tweede Kamer geen idee hebben welke praktische problemen het voorstel inzake de donateurstransparantie voor not-for-profit organisaties oplevert. Zou het ze niet interesseren omdat stoer doen over misdaadbestrijding politiek leuker is dan uitvoerbare regels maken?

Brancheorganisaties not-for-profit: doe iets!
Het is hoog tijd dat brancheorganisaties in het onderwijs, de zorg en andere not-for-profit sectoren gaan samenwerken om te zorgen dat het foute beeld dat van de stichting wordt gecreëerd wordt bijgesteld en dat onuitvoerbare wetgeving wordt voorkomen.

Begin dan met het CDA, een partij die voorheen de not-for-profit zo hoog in het vaandel voerde.

 

NB Er zijn best manieren te bedenken om het stichtingenrecht te verbeteren, maar dat vergt wel deskundigheid van zowel de leden van het parlement als de ambtenaren en politieke bestuurders. Het is te hopen dat na de komende verkiezingen kwalitatief betere parlementariërs en politieke bestuurders aantreden.

 

Noten

[*] Zo zag ik in juli 2019 dat de Europese Commissie de not-for-profit sector opnieuw op een inadequate manier in beeld bracht en constateerde ik in augustus 2019 dat de OECD niets begrijpt van Nederlandse stichtingen. Naar aanleiding van een factsheet over de not-for-profit van FIU-Nederland vol met fouten die ik in juni 2019 tegenkwam heb ik FIU-Nederland hulp aangeboden, die vriendelijk werd geweigerd. In juli 2020 zag ik stuitende onzin over stichtingen op de overheidssite zichtopondermijning. Helaas had ik zomer vorig jaar geen tijd om gehakt te maken van de Nederlandse terrorismefinancieringsrisicobeoordeling (‘NRA’) die in augustus 2020 bekend werd gemaakt (ik heb de NRA wel aangekondigd).

[**] Verslag met door de vaste commissie voor Justitie en Veiligheid gestelde vragen inzake het wetsvoorstel Wet transparantie maatschappelijke organisaties.

 

Meer informatie:

 


Aanvulling 29 januari 2021
Het wetsvoorstel is niet-controversieel verklaard, dus de behandeling in de Tweede Kamer gaat gewoon door met demissionair kabinet.

Geplaatst in Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, Not-for-profit, Rechtspersonenrecht, Stichting en vereniging | Tags: , , , , , , , , , , , | 1 reactie

Nieuw recht voor stichtingen en verenigingen per 1 juli 2021: moeten wij iets doen?

Een geactualiseerde versie van dit artikel is hier te vinden.

 

Na een lange parlementaire aanloop veranderen op 1 juli a.s. de regels het Burgerlijk Wetboek voor stichtingen en verenigingen.

Het oorspronkelijke wetsvoorstel [1] is in juni 2016 ingediend en daarna ingrijpend veranderd. Dat betekent dat oude informatie niet meer bruikbaar is. Dat is een reden om op een rij te zetten wat er voor stichtingen en verenigingen anders wordt. De wijzigingen zijn te verdelen in twee categorieën:

* Regels die meteen van toepassing zijn en kunnen betekenen dat de statuten in de toekomst gewijzigd moeten worden.
* Nieuwe mogelijkheden en regelingen.

 

Meteen van toepassing per 1 juli 2021

Tegenstrijdig belang: bij besloten vennootschappen gelden al langer specifieke voorschriften inzake tegenstrijdig belang, die overigens bij sommige verenigingen en stichtingen al in de statuten zijn opgenomen. Deze regeling gaat nu ook gelden voor stichtingen en verenigingen, ook al bevatten de statuten er niets over.
De voorschriften houden in dat als een bestuurder of commissaris [2] van een stichting/vereniging een tegenstrijdig belang heeft, de betrokkene niet mag deelnemen aan een besluitvorming binnen het bestuur respectievelijk de raad van commissarissen. Voor de helderheid is het aan te bevelen de nieuwe regels bij een eerstvolgende statutenwijziging mee te nemen.

Aanpassing regels bestuurdersaansprakelijkheid: voor een bepaalde groep stichtingen en verenigingen worden de aansprakelijkheidsregels aangepast. Het betreft:

  • stichtingen en verenigingen die aan de heffing van vennootschapsbelasting zijn onderworpen;
  • de entiteiten die bij of krachtens de wet verplicht zijn een financiële verantwoording op te stellen die gelijk of gelijkwaardig is aan een jaarrekening als bedoeld in Boek 2 Burgerlijk Wetboek.

Voor hen gaat dezelfde regel inzake omkering van de bewijslast voor bestuurdersaansprakelijkheid in faillissement gelden, die we al bij nv’s en bv’s kennen, als niet aan de wettelijke administratieplicht is voldaan en/of als de jaarrekening niet tijdig is openbaar gemaakt.

Voor alle stichtingen en verenigingen gaat in faillissementssituaties een regeling inzake collectieve aansprakelijkheid van het bestuur gelden. Het betekent dat als in faillissement wordt geconstateerd dat het bestuur in de periode van drie jaar vóór zijn taak kennelijk onbehoorlijk heeft vervuld en aannemelijk is dat dit een belangrijke oorzaak is van het faillissement, dit tot gevolg heeft dat ieder van de bestuurders aansprakelijk is, ongeacht zijn aandeel. Een bestuurder is dan alleen niet aansprakelijk als hij kan bewijzen dat de onbehoorlijke taakvervulling door het bestuur niet aan hem te wijten is en dat hij niet nalatig is geweest in het treffen van maatregelen om de gevolgen daarvan af te wenden.

Verantwoordelijkheden toezichthouder: in de wet is duidelijker dan voorheen geregeld welke verantwoordelijkheden en bevoegdheden toezichthouders [3] bij een stichting of vereniging hebben. De toezichthouders hebben tot taak om toezicht te houden op het beleid van het bestuur en de algemene gang van zaken in de rechtspersoon en de daaraan verbonden onderneming of organisatie. Voorts staan de toezichthouders het bestuur met raad terzijde. Toezichthouders moeten zich bij de vervulling van hun taak richten op het belang van de rechtspersoon en de daarmee verbonden onderneming of organisatie.

Ontstentenis en belet: de statuten van stichting en vereniging dienen een regeling te bevatten met het oog op onverwacht defungeren, ontslag of langdurige ziekte, als gevolg waarvan er geen overblijvende leden van bestuur respectievelijk raad van commissarissen meer zijn. Bij de eerstvolgende statutenwijziging dient hier een voorziening voor te worden opgenomen.

Beperking meervoudig stemrecht: statutaire bepalingen op grond waarvan een bestuurder respectievelijk commissaris in respectievelijk het bestuur of de raad van commissarissen in zijn eentje meer stemmen kan uitbrengen dan de andere leden van bestuur / raad van commissarissen, worden onverbindend met ingang van de eerstvolgende statutenwijziging, dan wel (als dat eerder is) op 1 juli 2026. Dat betekent dat de betreffende stichting of vereniging vijf jaar de tijd heeft om na te gaan of en hoe de statuten gewijzigd moeten worden.

Adviesrecht bestuurders en commissarissen van de vereniging: net als bij kapitaalvennootschappen al langer het geval is, hebben bestuurders en commissarissen het recht de ledenvergadering over te nemen besluiten te adviseren. Dit wordt ook wel ‘de raadgegevende stem’ genoemd.

 

Nieuwe mogelijkheden en regelingen

Formalisering monistische structuur: als binnen de stichting of vereniging in de statuten staat dat in het bestuur zowel ‘toezichthoudende’ bestuurders als ‘uitvoerende’ bestuurders voorkomen, noemt men dat wel een monistische structuur. Bij stichtingen kwam dit in de praktijk wel voor. Voor deze monistische structuur is nu bij stichting en vereniging een wettelijke basis opgenomen in het Burgerlijk Wetboek. Dat betekent dat als behoefte bestaat aan formeel toezicht, gekozen kan worden tussen een raad van commissarissen die toezicht houdt op het bestuur en een monistische structuur met niet-uitvoerende bestuurders. Overigens verdient het verschillende juridische profiel van de de commissaris en de niet-uitvoerende bestuurder wel aandacht bij het maken van de keuze.
Voor het tot stand brengen van een structuur met toezichthouders is altijd statutenwijziging nodig.

Verruiming ontslagmogelijkheden bestuurders en toezichthouders stichting: de gronden om de rechter te vragen om ontslag van de bestuurder van een stichting worden verruimd. Vanaf 1 juli 2021 kan een bestuurder van een stichting op verzoek van het openbaar ministerie of een belanghebbende worden ontslagen op grond van taakverwaarlozing of andere gewichtige redenen of wegens ingrijpende wijziging van omstandigheden op grond waarvan het voortduren van het bestuurderschap in redelijkheid niet geduld kan worden. Een gelijksoortige regeling is van toepassing op commissarissen.

 

Advies

Bij de meeste stichtingen en verenigingen is de nieuwe wet reden voor statutenwijziging en is dat een goed moment om na te gaan of ook de rest van de statuten passend is voor de organisatie. Ook kan het een goed moment zijn om te kijken naar de aansluiting van interne procedures en de vastlegging in reglementen en besluiten.

 

 

Noten
[1] Wet bestuur en toezicht rechtspersonen, op 10 november 2020 door de Eerste Kamer aangenomen. De wet wijzigt ook de regels voor coöperaties en onderlinge waarborgmaatschappijen, maar dat wordt hier niet besproken.
[2] Of lid van de raad van toezicht. Het betekent hetzelfde.
[3] Dit zijn de commissarissen, leden van de raad van toezicht en de niet-uitvoerende bestuurders die later in het artikel worden besproken. Zij moeten goed worden onderscheiden van instanties met een andere rol, zoals een commissie van advies.

 

Het artikel kan in pdf-versie worden gedownload.

Geplaatst in Bestuur en toezicht bij rechtspersonen, Rechtspersonenrecht, Stichting en vereniging | Tags: | 1 reactie

Mkb-onderneming kan niet-tijdige betaling grootbedrijf anoniem melden aan de ACM

Al langer besteed ik op dit blog aandacht aan het afknijpen door grote ondernemingen van het midden- en kleinbedrijf, dat onder meer tot uitdrukking komt in extreem lange betalingstermijnen, die ik ook ik mijn praktijk tegen kwam.

De rijksoverheid neemt nu een tijdelijke maatregel die positief is, namelijk dat mkb-ondernemingen anoniem niet-tijdige betaling kunnen melden. Dit zal naar ik hoop meer informatie opleveren over de handelwijze van grote bedrijven, al is dit volgens mij niet voldoende.

Accountantscontrole gewenst
Wat mij betreft hoort tijdige betaling van leveranciers thuis in de accountantscontrole, zeker nu dit veel eenvoudiger is dan de controle van allerlei andere niet-financiële informatie die zij toch al moeten checken.

Nieuwsbericht
Onderstaand het nieuwsbericht:

Nieuw meldpunt volgende stap in snellere betaling grootbedrijf aan mkb
Nieuwsbericht | 26-01-2021 | 09:00

Een mkb-onderneming die door een groot bedrijf niet binnen de afgesproken betaaltermijn betaald krijgt, kan dit vanaf vandaag anoniem melden bij het tijdelijk Meldpunt Achterstallige Betalingen van de Autoriteit Consument & Markt (ACM). Hiermee wil de overheid zicht krijgen op hoe vaak de afgesproken betaaltermijnen van het grootbedrijf aan het mkb niet wordt nageleefd.

Afgelopen zomer kondigde staatssecretaris Keijzer (Economische Zaken en Klimaat) aan te willen onderzoeken of er toezicht nodig is op de naleving van betaaltermijnen tussen het grootbedrijf en het midden- en klein bedrijf (mkb). Uit cijfers van de afgelopen jaren blijkt dat rekeningen steeds later betaald worden in plaats van eerder.

De ministeries van Economische Zaken en Klimaat (EZK) en Justitie en Veiligheid (J&V) werken daarnaast aan een wetswijziging om de maximale wettelijke betaaltermijn van het grootbedrijf aan het midden- en klein bedrijf (mkb) te verkorten van 60 naar 30 dagen.

Staatssecretaris Keijzer (EZK): “Deze crisis raakt iedereen, ongeacht hoe groot je bedrijf is. Het is belangrijk dat we elkaar in deze tijd helpen waar we kunnen. Tijdige betaling geeft de mkb-ondernemer meer financiële ademruimte, een beter zicht op de bedrijfskas en daarmee een grotere kans om de huidige economische crisis door te komen. Vaak is het moeilijk voor kleinere ondernemers om de naleving van overeengekomen betaaltermijnen zelf af te dwingen. Bijvoorbeeld omwille van de relatie of financiële afhankelijkheid van het grootbedrijf. Met dit meldpunt zetten we een eerste stap naar onafhankelijk toezicht op de naleving van de betaaltermijnen. En daarmee naar een meer eerlijke economie.”

Inzicht in betaalgedrag
Het ministerie van EZK wil met het tijdelijk meldpunt inzicht krijgen in het betaalgedrag van grootbedrijven aan mkb-ondernemers en de meldingsbereidheid van benadeelde mkb-ondernemers. De ACM verzamelt daarom op verzoek van staatssecretaris Keijzer voor de duur van één jaar meldingen over grootbedrijven die de wettelijke dan wel afgesproken betaaltermijn overschrijden. Het ministerie van EZK zal de uitkomsten na één jaar evalueren om te bepalen of onafhankelijk toezicht wordt ingesteld.

Meldpunt Achterstallige Betalingen
Melding maken kan via het online formulier van het Meldpunt achterstallige betalingen op de website van de ACM.

Geplaatst in Dienstverlening - juridisch financieel [advocaten, accountants, belastingadviseurs e.d.], Handelsrecht | Tags: , , , , | Plaats een reactie