Coronapas discriminatie op het werk

De afgelopen tijd werden de geesten rijp gemaakt voor het verplicht stellen van de coronapas op het werk, VNO-NCW en MKB-Nederland vroegen er om en in de media verschenen berichten dat gevaccineerden de niet-gevaccineerden ‘zat’ zijn. Vandaag werd bekend dat de voorzitter van het Veiligheidsberaad wil dat werkgevers hun personeel om een coronapas kunnen vragen en hen de toegang weigeren als men de pas niet heeft. Er wordt gemeld dat het kabinet dit gaat ‘overwegen’. Gevolg is dat niet-gevaccineerden zich regelmatig moeten laten testen om de pas te kunnen krijgen.

Vreemd genoeg is het argument van deze nieuwe beperking voor niet-gevaccineerden de ‘veilige werkplek’, terwijl gevaccineerden gewoon besmettelijk zijn, volgens sommige berichten (bijvoorbeeld dit) even besmettelijk als niet-gevaccineerden. Verder neemt de werking van de vaccinatie snel af. Het is logischer om de eerdere maatregelen (zoals afstand houden) weer in te voeren en om in de zorg de maatregelen te nemen die eerder zijn nagelaten.

Of zich in de werkomgevingen besmettingen voordoen is mij niet bekend. Als dat zo zou zijn, kan ik me niet voorstellen dat zij zich overal in dezelfde mate voordoen. Ik heb tot nu toe niet gelezen dat er onderzoeken zijn gedaan naar de mate waarin mensen tijdens het werk worden besmet. Zo kan ik me niet voorstellen dat er veel mensen in een kantooromgeving als het Europees Parlement besmet raken, zodat het eisen van een coronapas daar niet proportioneel is (lees mijn eerdere artikel). Het wijst er op dat die maatregelen – net als de huidige coronapas maatregelen (met name voor wat betreft de horeca) – er op gericht zijn mensen tot vaccinatie te bewegen.

Overigens wordt uit de berichtgeving over de opnamen van niet-gevaccineerden in het ziekenhuis niet duidelijk om welke soort corona-patiënten het gaat, mogelijk betreft het de risicogroepen (70+ en mensen met kwetsbaarheden), op wie de vaccinatiecampagne zich zou moeten richten in plaats van op gezonde mensen.

“Covid-passen” dienen te voldoen aan gemeenschappelijke normen inzake mensenrechten en rechtsstaat
Het kabinet doet er goed aan in zijn overwegingen de resolutie van de Raad van Europa van 9 juni jl. mee te nemen. In de resolutie wordt geconstateerd dat ten aanzien van de werking van het vaccin nog veel onzeker is (machinevertaling):

3. Vaccinatie en herstel van vroegere infectie kunnen het risico van overdracht verminderen, maar de omvang en duur van dit effect zijn momenteel onzeker. Bovendien kunnen verschillende vaccins en vaccinatieschema’s verschillen in hun doeltreffendheid om het risico van overdracht te verminderen, en in hun effectiviteit tegen SARS-CoV-2-varianten. Een negatief testresultaat is slechts indicatief voor een historische situatie, die op elk moment na de monsterneming kan veranderen. Deze verschillen zijn relevant voor de vraag of in specifieke situaties de Covid-passen medisch gerechtvaardigd en niet-discriminerend zijn.

Of discriminatie van niet-gevaccineerden acceptabel is, hangt van de specifieke situatie en van de duur van de discriminatoire maatregel, aldus de Raad.

Als de discriminatie de facto tot een vaccinatieplicht leidt is dat volgens de resolutie niet toegestaan (machinevertaling):

10. Indien de gevolgen van een weigering van vaccinatie – waaronder blijvende beperkingen van het genot van vrijheden en stigmatisering – zo ernstig zijn dat het keuze-element uit de beslissing wordt weggenomen, kan dit neerkomen op het verplicht stellen van vaccinatie. Dit kan leiden tot een schending van grondrechten, en/of discriminerend zijn. De Vergadering herinnert aan haar Resolutie 2361 (2020) “Covid-19 vaccins: ethische, juridische en praktische overwegingen”, waarin zij de lidstaten opriep “ervoor te zorgen dat de burgers worden geïnformeerd dat de vaccinatie niet verplicht is en dat niemand onder politieke, sociale of andere druk wordt gezet om zich te laten vaccineren indien hij dat niet wenst”.

Het kabinet doet er goed aan niet te voldoen aan het verzoek van de voorzitter van de Veiligheidsregio. Verder is het verstandig om respectvol om te gaan met de verschillende opvattingen in de samenleving en verdere polarisatie tegen te gaan.

 

Meer informatie:

Eerder waarschuwde Privacy International voor de coronapas-samenleving en verscheen in Trouw een waarschuwing van het College voor de Rechten van de Mens: College voor de Rechten vreest voor schending van privacy met prikprivileges.

 


Aanvulling 1 december 2021
Op 16 november 2021 publiceerde het College voor de Rechten van de Mens het bericht ‘Noodzaak van 2G-beleid en uitbreiding coronatoegangsbewijs onvoldoende aangetoond‘. In een update op dezelfde pagina laten ze weten: “Wetsvoorstellen ingediend bij de Tweede Kamer: proportionaliteit nu beter gewaarborgd“.

Geplaatst in Grondrechten | Tags: , , , , | 1 reactie

Meijers Committee regarding proposed extensive data processing powers for Europol: adverse effects on the fundamental rights to be expected, lacking independent oversight

The Meijers Committee, Standing Committee of Experts on International Migration, Refugee and Criminal Law on 26 October 2021 published its comment on proposed extensive data processing powers for Europol, on their site they introduce the comment as follows:

In December 2020, the European Commission issued a Proposal to amend the Europol Regulation regarding Europol’s cooperation with private parties, the processing of personal data by Europol in support of criminal investigations and Europol’s role on research and innovation. This amendment considerably expands the data processing powers of Europol without establishing an independent oversight over Europol’s data processing power. This could possibly have adverse effects on the fundamental rights of affected persons, both suspects and innocent people.

Download the comment here.

Geplaatst in English - posts in English on this blog, Europa, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, ICT, privacy, e-commerce, Strafrecht | Tags: , , | Plaats een reactie

EDPS’ opinion on connecting bank account registers in Europe | AML, CFT

European data protection supervisor EDPS in September commented on the European plans on connecting bank account registers. In its newsletter EDPS wrote:

Connecting bank account registers 

On 6 September 2021, the EDPS published his Formal Comments on the access of EU Member States’ law enforcement authorities to the platform connecting bank account registers across the European Union for the purpose of preventing, detecting, investigating or prosecuting a serious criminal offence, such as different types of fraud.

The EDPS welcomes that the data protection implications of such decision have been considered and assessed. He reiterates in his Formal Comments that the access to individuals’ financial information – such as the IBAN, name of the account holder – by law enforcement authorities should be limited to what is strictly necessary in light of specific purposes.

To facilitate the cooperation between law enforcement authorities across the EU, the EU legislator foresees the setup of an EU-wide interconnection of bank account registers. The EDPS recommends that data protection principles are embedded throughout the infrastructure’s development.

To find out more, read the EDPS’ Formal Comments in EnglishFrench and German

 

Geplaatst in English - posts in English on this blog, Europa, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, ICT, privacy, e-commerce | Tags: , , , , | Plaats een reactie

Covid certificate discrimination

The ‘Digital Green Certificate‘ (COVID certificate) that the European Commission introduced was supposed to make travelling in the EU easier for European citizens [*].

Currently this pass and national covid-passes in many countries are obligatory to enter certain areas that differ from country to country, excluding in practice non-vaccinated people (as it is not worth it to have yourself tested all the time). It is a peculiar measure, as vaccinated people are reported to just as likely pass on the virus to people in their environment as unvaccinated people (e.g. in this article).

Politico reported on 28 October that the European Parliament will require a COVID certificate from everyone entering it’s buildings. The official press release was published today and says:

As of 3 November, all people entering Parliament’s buildings in its three places will be requested to present a valid EU Digital COVID Certificate, including journalists. The EU Digital COVID certificate proves that a person is either fully vaccinated, has immunity after having recovered from COVID-19 or can show a recent negative PCR test result.

Opposition
There are MEPs from different parties that don’t agree. It was already known on 20 October, as on that date a group of MEPs held a press conference.

Press conference of 28 October:MEP’s stand up for our right to freedom after imposing Digital Green Certificate to enter Parliament“, published on the youtube channel of the European Parliament.

 

 

Press conference of 20 October, “MEPs press conference on the abusive use of Green Certificate“, with a press release on Facebook, published on the youtube channel of MEP Cristian Terheş.

 

The measures taken by the European Parliament show that fundamental rights are in danger in the EU.

[*] Read e.g. this page:

The European Commission is creating EU Digital Covid Certificates (Digital Green Certificates) to facilitate safe free movement inside the EU during the COVID-19 pandemic. Digital Green Certificates or EU COVID-19 Certificates or EU Digital Covid Certificates will be valid in all EU Member States. Digital Green Certificates will be a digital proof that a person
* has been vaccinated against COVID-19, or
* received a negative test result, or
* has recovered from COVID-19.

 

 

Geplaatst in English - posts in English on this blog, Europa, Grondrechten | Tags: , , , | Plaats een reactie

Ministerie van veiligheid presenteert nieuwe plannen voor toezicht op de advocatuur

Vandaag maakte het ministerie van veiligheid bekend dat de integriteit van de advocatuur versterkt moet worden, lees het onderstaande nieuwsbericht. Opvallend is dat het ministerie dit kennelijk nodig acht vanwege de rol die de advocatuur speelt in de georganiseerde misdaad, zo kan uit de laatste alinea van het nieuwsbericht worden afgeleid. Voorts wordt gesuggereerd dat advocaten ‘ de regels’ niet goed zouden naleven, zodat meer controle nodig is. Waar dit alles op gebaseerd is, is mij niet bekend. De recente incidenten met een strafadvocaat en een notaris werkzaam op een kantoor waar ook advocaten actief zijn, kunnen niet de reden zijn.

Financiële sector
Het ministerie van veiligheid heeft zich bij de vorige reorganisatie laten inspireren door de organisatiemodellen uit het financiële toezicht, zonder zich af te vragen of die modellen wel voor deze beroepsgroep geschikt zijn, die zowel bestaat uit eenmanskantoren als grote internationaal werkende kantoren. Opmerkelijk in dat verband is de positie van de College van Toezicht (CvT), waar ik al eerder over schreef, waarin binnenkort twee mensen uit de financiële sector zitting zullen hebben naast de algemeen deken.

Nog ingewikkelder
Opvallend aan het voorstel, dat in een brief wordt beschreven, is dat het aantal rollen  binnen de Nederlandse Orde van Advocaten zal toenemen met een nieuwe landelijke toezichthouder, het dekenberaad, op wie weer ‘systeemtoezicht’ zal worden uitgeoefend door het eerder genoemde CvT. Opvallend is verder dat de algemene raad en het college van afgevaardigden geen rol hebben bij de vaststelling van beleidsregels door het dekenberaad. Het risico van een CvT met twee mensen uit de financiële sector die de advocatuur niet van binnen uit kennen en een dekenberaad ‘op afstand’ is dat men het gevoel voor de werkvloer kwijt raakt [*]. Een sterke rol van de algemene raad en het college van afgevaardigden kan dat voorkomen.

Kengetallen
Een versterking van de juridische kennis bij de dekens en het CvT zou ook goed zijn, want het opvragen van financiële kengetallen, waarover in de brief wordt gesproken, heeft geen juridische grondslag in de Advocatenwet en de verordening [**]. Over dit onderwerp wordt overigens geprocedeerd, zie deze uitspraak, waarvan hoger beroep is ingesteld. Ik vraag me af wat de waarde van financiële kengetallen is, nu het grootste deel van de advocatenkantoren tot het midden- en kleinbedrijf behoort.

Afbraak sociale advcocatuur
Het is bijzonder dat de Minister van Rechtsbescherming, die druk bezig is met de afbraak van de sociale advocatuur, nu deze plannen presenteert, die ongetwijfeld kostbaar zijn en de advocatuur nog onbereikbaarder zullen maken voor consumenten en mkb. Ik vraag me af of het wel passend is dat een demissionaire minister dergelijke plannen presenteert.

 

[*] Dit is de afgelopen jaren al op een aantal manieren zichtbaar geworden. Ook uit de brief wordt het duidelijk, al in het spraakgebruik met ‘ Wwft-toezichtinstrumenten’.

[**] Ten onrechte veronderstelt de minister dat dit op artikel 5:11, 5:16 en 5:17 Awb kan worden gebaseerd. Dat zijn bepalingen die benut kunnen worden als de Advocatenwet daar een grondslag voor geeft en die grondslag ontbreekt.

 

Nieuwsbericht rijksoverheid:

Verbeterd toezicht versterkt integriteit advocatuur
Nieuwsbericht | 29-10-2021 | 14:42

Om de onafhankelijkheid en de kwaliteit van het toezicht op de advocatuur te versterken, vervangt het kabinet het huidige systeem – waarbij elf lokale dekens in hun eigen regio toezicht houden – door één landelijke toezichthouder die verantwoordelijk is voor het toezicht op alle advocaten. Dat maakt het toezicht op de advocatuur onafhankelijker, uniformer en effectiever, zo schrijft minister Dekker (Rechtsbescherming) aan de Tweede Kamer.

Minister Dekker:

“Wie een advocaat in de arm neemt, moet erop kunnen vertrouwen dat er goed werk wordt geleverd. We moeten erop kunnen vertrouwen dat advocaten betrouwbaar en integer zijn. Om dit vertrouwen ook in de toekomst waar te kunnen maken, versterken we het toezicht op de advocatuur.”

Versterkt toezicht
Door het huidige systeem van regionaal toezicht door elf lokale dekens te vervangen door één landelijke toezichthouder – die verantwoordelijk is voor het toezicht op alle advocaten – maken we het toezicht onafhankelijker, uniformer en effectiever. Deze landelijke toezichthouder mag extra toezichthouders aannemen. Door de inzet van extra mensen en deskundigheid verbetert de controle op naleving van regels. De toezichthouder kan ook boetes opleggen in die gevallen waar advocaten zich niet aan de regels houden of tuchtrechtelijk handhaven.

Georganiseerde misdaad bestrijden
De strijd tegen georganiseerde misdaad is topprioriteit, zowel in geld als met nieuwe wet- en regelgeving. Die strijd moeten we voeren binnen de principes van onze rechtsstaat. Ook de advocatuur moet worden beschermd tegen ondermijning. In dat kader zal ook gekeken worden wat dit betekent voor de verdere ontwikkeling van het toezicht. Daarover gaat het kabinet in gesprek met de Nederlandse Orde van Advocaten.
Documenten

Kamerbrief Versterking toezicht advocatuur
Kamerstuk: Kamerbrief | 29-10-2021

Geplaatst in Dienstverlening - juridisch financieel [advocaten, accountants, belastingadviseurs e.d.], Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten | Tags: , | 1 reactie

DNB deelde ten onrechte boetes uit aan bestuurders van een pensioenfonds wegens vermeende overtreding van het verbod van nevenactiviteiten | lex certa

In hoger beroep oordeelde het College van Beroep voor het bedrijfsleven op 26 oktober jl. dat De Nederlandsche Bank (DNB) handelde in strijd met het lex certa-beginsel door boetes aan bestuurders van een pensioenfonds op te leggen wegens overtreding van artikel 116 van de Pensioenwet (Pw). Uit het artikel 116 Pw en de parlementaire geschiedenis kan niet worden opgemaakt dat de (beleggings)activiteiten van het pensioenfonds een overtreding opleveren van het verbod van nevenactiviteiten zoals bepaald in artikel 116 Pw, aldus het College.

Hierbij speelt een rol dat DNB afwist van de activiteiten er geen duidelijke informatie van DNB was over de grens tussen wel en niet toegestane nevenactiviteiten. Zie onder meer overweging 5.7.3 (markering door mij):

Ook al was, zoals DNB herhaaldelijk naar voren bracht, haar beoordeling toen een toets op hoofdlijnen, vooral gericht op de statuten en het pensioenreglement, uit haar brief van 3 november 2009 blijkt dat DNB kennis heeft genomen van het beleggingsbeleid van [het pensioenfonds] en zich daarover ook een oordeel heeft gevormd. Ook al ontneemt dat [het pensioenfonds] niet haar eigen verantwoordelijkheid om zich aan de wet te houden, het relativeert wel in betekende mate de door DNB bepleite destijds bestaande evidentie dat de arbitrage- en beleggingsactiviteiten van [het pensioenfonds] niet tot de kernactiviteiten van een pensioenfonds behoren. In dat verband wijzen appellanten terecht er op dat de website van DNB indertijd vermeldde dat in de Pw geen harde grens is opgenomen voor pensionfondsen voor het verrichten van andere activiteiten in verband met pensioen en pensioenfondsen zelf kunnen bepalen wat zij wel en niet doen in verband met pensioen, mits de toezichthouder daar geen bezwaren tegen heeft. Niet in geschil is dat [het pensioenfonds] van DNB – ondanks dat DNB op de hoogte was van haar beleggingsbeleid – noch in het kader van de inschrijvingsprocedure, noch tijdens een nadere integrale toetsing in 2011 een signaal heeft ontvangen dat zij niet slechts activiteiten verricht in verband met pensioen en werkzaamheden die daarmee verband houden.

Het betrof boetes van EUR 25.000 per statutair bestuurder. Eerder vond de Rechtbank Rotterdam dat de boetes wel terecht waren opgelegd.

Geplaatst in Bestuurlijke boete, Bestuurlijke sancties, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten | Tags: , | Plaats een reactie

Algemene Rekenkamer: “Voorkom dat uitvoering rijksbeleid burgers en democratie klem zet”

Ook de Algemene Rekenkamer waarschuwt de politiek voor de gevaren van onvoldoende doordachte maatregelen. Het geeft aan dat de kwaliteit om hoog moet, zowel bij de Tweede Kamer als in kabinet en ministeries.

Op 26 oktober jl. verscheen onderstaand nieuwsbericht:

Voorkom dat uitvoering rijksbeleid burgers en democratie klem zet
Nieuwsbericht | 26-10-2021 | 10:00

Parlement en kabinet moeten goed in beeld brengen wat de gevolgen zijn voor burgers en bedrijven, maar ook voor de democratische controle, voordat zij besluiten uitvoering van rijksbeleid buiten het Rijk te plaatsen. Deze oproep doet de Algemene Rekenkamer in een brief aan de voorzitter van de Tweede Kamer.

Problemen in de uitvoering kunnen verstrekkende gevolgen hebben voor burgers en bedrijven. Naast de toeslagenaffaire wijst de Algemene Rekenkamer op de gang van zaken in het aardbevingsgebied in Groningen en het persoonsgebonden budget, dat in 2015 via de Sociale Verzekeringsbank ging lopen.
De Rekenkamer heeft in de afgelopen 20 jaar veel onderzoek gedaan naar de uitvoering van overheidsbeleid. Zij trekt daar enkele lessen uit, die zij parlement en kabinet wil meegeven. Allereerst herhaalt zij haar pleidooi om vooraf te toetsen of nieuw beleid uitvoerbaar is en wat de gevolgen, ook de onbedoelde, zijn voor individuele burgers en de samenleving als geheel.

Organisatie van uitvoering vraagt aandacht
Daarnaast vraagt de Algemene Rekenkamer aandacht voor de organisatie van de uitvoering. Want als kabinet en parlement besluiten om uitvoering op afstand van het Rijk te plaatsen, staat de minister niet meer zelf aan het roer. Wat is de zeggenschap van de minister dan nog? En hoe zijn de verantwoordelijkheden verdeeld? Is er nog zicht op de besteding van de publieke gelden? Op de resultaten? Wie legt daarover verantwoording af? En wie kan ingrijpen als het mis gaat in de uitvoering? Sta daar bij stil, vindt de Algemene Rekenkamer, want ‘een goed begin is het halve werk, maar half werk is geen goed begin.’

Geplaatst in Bestuursrecht, Grondrechten | Tags: , | Plaats een reactie

Stand van zaken procedure Privacy First tegen het ubo-register

In de meest recente nieuwsbrief laat Privacy First het navolgende weten inzake de procedure tegen het ubo-register:

Rechtszaak Privacy First tegen openbaar UBO-register

Sinds augustus 2020 heeft Privacy First een grootschalige rechtszaak voorbereid tegen het nieuwe UBO-register. In dit openbare register bij de KvK komt informatie te staan over alle uiteindelijk belanghebbenden (‘ultimate beneficial owners’, UBO’s) van alle in Nederland opgerichte vennootschappen en andere rechtspersonen (waaronder familiebedrijven, stichtingen, verenigingen, kerken, maatschappelijke organisaties en goede doelen), met alle privacy- en veiligheidsrisico’s van dien. Het voor iedereen toegankelijk maken van de persoonsgegevens van alle UBO’s is een massale schending van de privacy die in de optiek van Privacy First (en eerder ook de European Data Protection Supervisor, EDPS) volstrekt disproportioneel is. Privacy First beoogt daarom met deze rechtszaak het UBO-register buiten werking te stellen en prejudiciële vragen over het register te laten stellen aan het EU Hof in Luxemburg. Daartoe diende in februari 2021 bij de rechtbank Den Haag een kort geding (zonder publiek) van Privacy First tegen de Staat. Op 18 maart 2021 deed de rechter uitspraak: ondanks twijfel bij de rechter over de rechtmatigheid van het UBO-register en de onderliggende wetgeving werden de vorderingen van Privacy First helaas afgewezen. Privacy First heeft hier vervolgens spoedappel tegen ingesteld bij het Hof Den Haag. De rechtszitting bij het Hof vond op 27 september jl. (wederom helaas zonder publiek) plaats en de uitspraak staat vooralsnog gepland op 16 november as.

Geplaatst in Europa, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Kamer van Koophandel, Ubo-register | Tags: , , , , , | Plaats een reactie

Fiscale hoogleraren op de verkeerde weg met hun ethische pleidooi | cultuur en gedrag, ethiek, FATCA

Eerder schreef ik over fiscaal hoogleraar Van der Streek die een slordig stuk publiceerde in het FD.
Deze hoogleraar figureert ook in het Advocatie-artikel Hoogleraren pleiten voor meer ethiek in de opleidingen voor fiscalisten, samen met ‘dubbele petten’ hoogleraar Jan Vleggeert, die over dat onderwerp zijn oratie schreef. In het Advocatie-artikel wordt terecht geconstateerd dat fiscalisten weinig aandacht hebben besteed aan de toeslagenaffaire. Datzelfde geldt voor de positie van de FATCA-slachtoffers: in de fiscale literatuur is daar weinig over te vinden, het meeste gaat over de financiële instellingen die met dat onderwerp te maken  hebben.

In veel rechtsgebieden worden publicaties geschreven door mensen die ‘rijke’ klanten hebben en wordt in die publicaties de meeste aandacht besteed aan onderwerpen die interessant zijn voor potentiële opdrachtgevers of werkgevers (inclusief overheidsorganisaties). Dat zal ook komen omdat juridische auteurs die zich bezig houden met de fiscale of financieel-rechtelijke problemen van de gewone burgers, bedrijven en organisaties, hun handen al vol hebben met het financieel het hoofd boven water houden. Immers, zij zijn voor hun klanten een dure dienstverlener (en voor niets gaat de zon op). [1]

In het makkelijke verhaal van de hoogleraren van het Advocatie-artikel dat ethiek alles zal oplossen [2], geloof ik niet. Het zou beter zijn als er overheidsgeld beschikbaar kwam, om bijvoorbeeld sociaal advocaten in de gelegenheid te stellen falende regelgeving te analyseren en verbeteringsvoorstellen te doen. Er zijn ook andere methoden denkbaar om te stimuleren dat juristen en andere professionals opkomen voor rechtsstatelijke belangen, zoals het toekennen van opleidingspunten aan juristen die aan wetgevingsconsultaties deelnemen.

Loze ethische oproepen helpen niet.

 

Noten
[1] Anders gezegd: juristen die rijke klanten bedienen hebben meer tijd voor het schrijven van juridische artikelen, het deelnemen aan commissies en dergelijke. Zij kunnen de studies voor de klant makkelijker combineren met het schrijven van een artikel over een deelonderwerp.
[2] In het artikel wordt gevraagd of studenten onderwijs krijgen in de ‘mazen van de wet’, een typische journalistenvraag. Wetten hebben geen mazen. In wetten wordt de werkelijkheid vereenvoudigd, wat betekent dat slimmerikken altijd mogelijkheden kunnen vinden om voordeel te behalen.

Geplaatst in Belastingrecht, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten | Tags: , , , | Plaats een reactie

Belastingadviseurs moeten hun mond houden; tegenspraak wordt niet geduld

Zoals de banken zich stil moesten houden nu zij geschoren worden, geldt dat nu ook voor de belastingadviseurs. Het FD roept op niet meer naar ze te luisteren in twee artikelen die gisteren werden gepubliceerd:

Het artikel van Van de Streek is opmerkelijk, omdat een onderbouwing van de stelling dat de Nederlandse Orde van Belastingadviseurs (NOB) en de Register Belastingadviseurs (RB) in hun adviezen alleen aan zichzelf / hun klanten denken ontbreekt. Op zijn minst zou je een analyse verwachten van de in de afgelopen jaren ingenomen standpunten.

Nog meer bijzonder is het artikel omdat – zo begreep ik – Van de Streek lid is van de NOB-commissie die zich bezig houdt met wetgevingsadviezen.

Het Ministerie van Financiën lijkt er anders over te denken dan Van der Streek. In het antwoord op vragen uit de Tweede Kamer die onlangs bekend zijn gemaakt, schrijft het ministerie dat de input van brancheorganisaties op de wetgeving nuttig wordt geacht en dat dit ook voor de commentaren en vragen van NOB en RB geldt.

 

PS Het aardige van alle maatregelen ter bestrijding van belastingontduiking en -ontwijking is dat zij het belastingrecht zo ingewikkeld maken, zodat er steeds meer belastingadviseurs nodig zijn. Het is een gevaarlijk beroep vanwege alle sancties die steeds dreigen, maar de werkgelegenheid is in orde, met dank aan de Nederlandse en Europese overheid en met dank aan de politieke journalisten van het FD.

 


Aanvulling 27 oktober 2021
Beantwoording vragen door de Tweede Kamer in deze brief.

Van der Streek figureert ook in het Advocatie artikel Hoogleraren pleiten voor meer ethiek in de opleidingen, samen met ‘dubbele petten’ hoogleraar Jan Vleggeert.
Overigens wordt terecht geconstateerd dat fiscalisten weinig aandacht hebben besteed aan de toeslagenaffaire. Overigens geldt dat ook voor de positie van de FATCA-slachtoffers. In veel rechtsgebieden wordt in publicaties de meeste aandacht besteed aan onderwerpen die interessant zijn voor potentiële opdrachtgevers of werkgevers.

Geplaatst in Belastingrecht, Dienstverlening - juridisch financieel [advocaten, accountants, belastingadviseurs e.d.] | Tags: , , , | 1 reactie