Onbevredigend standpunt van de Nederlandse regering over de non-profit en het ubo-register | uitbreiding ubo stichtingen

Het register van uiteindelijk belanghebbenden (‘ubo-register’) is een hoogst merkwaardig fenomeen, met kostbare bureaucratie, waarvan de wetgever denkt dat het nut heeft voor de misdaadbestrijding. In dat register worden mensen met een ‘uiteindelijk belang’, de ‘uiteindelijk belanghebbenden’ (ubo’s) geregistreerd, waarbij hun economisch belang (recht op uitkering van winst of reserves) wordt geregistreerd, in ‘klassen’.
Ook zonder economisch belang kan iemand ubo zijn, wat kan worden samengevat onder de noemer ‘zeggenschap’, waarmee niet het zijn van statutair bestuurder wordt bedoeld, tenzij de ‘terugvaloptie’ moet worden toegepast.

De uiteindelijk belanghebbende van stichting, vereniging en kerkgenootschap

Ook non-profit organisaties, zoals Nederlandse stichtingen, verenigingen en kerkgenootschappen krijgen met het ubo-register te maken. Bij stichtingen en verenigingen worden meestal de statutair bestuurders (die al in het handelsregister staan) in het ubo-register opgenomen. Noch de Nederlandse, noch de Europese wetgever, hebben ooit uitgelegd wat daar het nut van is.

Recent zijn vragen van leden van de Tweede Kamer beantwoord door middel van een nota inzake de wijzigingswet inzake het ubo-register. In de beantwoording komen de positie van de non-profit en met name de stichting summier aan bod. De brief van Privacy First aan de commissie Financiën van de Tweede Kamer is ook relevant (zie hun nieuwsbericht en de brief), aangezien een lid van de Tweede Kamer aan de regering heeft gevraagd op de brief te reageren.

Gelijkstelling van de stichting met de express trust

Privacy First had geconstateerd dat in de nieuwe antiwitwasverordening (AMLR) de stichting gelijk wordt gesteld met de express trust, terwijl het iets heel anders is.

Uitbreiding van de groep mensen die ‘ubo’ van de stichting is
Dat heeft voor stichtingen grote gevolgen aangezien de groep ubo’s bij de stichting dramatisch wordt uitgebreid, nl. tot:

a) de oprichters;
b) de leden van het leidinggevend orgaan in zijn leidinggevende functie;
c) de leden van het leidinggevend orgaan in zijn toezichthoudende functie;
d) de begunstigden, tenzij artikel 59 AMLR van toepassing is;
e) alle andere natuurlijke personen met directe of indirecte zeggenschap over de juridische entiteit.

Daar komt nog bij dat in bepaalde gevallen ook nog werknemers ubo kunnen zijn, nl.:

de natuurlijke personen die uitvoerende functies in een juridische entiteit uitoefenen en verantwoordelijk zijn voor, en aan het leidinggevend orgaan verantwoording afleggen voor, de dagelijkse leiding van de entiteit

Privacy First merkt op:

Privacy First begrijpt überhaupt niet wat het nut is om functionarissen (zoals statutair bestuurders) die toch al in het handelsregister zijn ingeschreven tot ‘uiteindelijk belanghebbende’ te bombarderen, wat een economisch belang bij het vermogen van de rechtspersoon suggereert, terwijl daarvan geen sprake is. In de geschiedenis van de totstandkoming van de antiwitwasregelgeving is nergens een onderbouwing gegeven van de noodzaak om functionarissen die al in het handelsregister zijn op te nemen tot UBO te bestempelen.

Gelijkstelling met de trust in de nota
In de nota wordt erkend dat de gelijkstelling met de express trust grote gevolgen heeft:

Naast zorgen over het verstrekken van toegang tot het UBO-register, uit Privacy First ook haar zorgen over de positie van non-profit stichtingen onder de nieuwe anti-witwasverordening (hierna: AMLR). 9 Deze zorgen richten zich erop dat AMLR stichtingen op dezelfde wijze behandelt als een express trust, terwijl dit geen vergelijkbare organisaties zijn. De uit Angelsaksische rechtssystemen afkomstige trust is – kort samengevat – een juridische constructie waarbij goederen worden toevertrouwd aan een beheerder (trustee) die deze vermogensbestanddelen overeenkomstig een trustakte aanwendt voor één of meerdere begunstigden. Hoewel in AMLD4 en AMLD5 stichtingen ook al gelijkgetrokken werden met express trusts, heeft Nederland er destijds voor gekozen deze rechtspersonen niet als express trusts of soortgelijke juridische constructies te behandelen. Daar is voor gekozen omdat deze werkwijze aansluit bij de systematiek van de Handelsregisterwet 2007, waarbij stichtingen in het Handelregister worden geregistreerd. Hierdoor zijn de administratieve lasten voor stichtingen over het algemeen lager.

Omdat regels omtrent stichtingen vanaf de inwerkingtreding van AMLR – op 10 juli 2027 – direct doorwerken in de nationale rechtsorde, is de ruimte om hier nog van af te wijken beperkt. In de voorbereidingen op de implementatie van AMLR zal het kabinet bezien of er op dit punt nog ruimte is om stichtingen niet als express trusts te classificeren, wat de precieze gevolgen van een eventuele wijziging zijn voor de administratieve lasten van stichtingen en wat de gevolgen zijn voor de privacy van de UBOs.

9 Verordening (EU) 2024/1624 van het Europees Parlement en de Raad van 31 mei 2024 tot voorkoming van het gebruik van het financiële stelsel voor witwassen of terrorismefinanciering (PbEU 2024, L 1624).

Deze passage is volstrekt onbegrijpelijk en geeft geen antwoord op de vraag waarom de regering heeft ingestemd met de gelijkstelling met de express trust, zeker nu dit in een verordening met rechtstreekse werking is terecht gekomen. Ook wordt niet duidelijk wat de reden is om de stichting gelijk te stellen met deze vorm van trust, die uit een andere rechtsstelsel komt en niets met de Nederlandse stichting heeft te maken.

Waarom moeten bestuurders in het ubo-register?

In de nota wordt niet uitgelegd wat het nut is van het registreren van statutair bestuurders van non-profits in het ubo-register. Wat er over wordt opgemerkt komt neer op ‘het moet van de EU’:

In de toelichting bij de Implementatiewet registratie uiteindelijk belanghebbenden van vennootschappen en andere juridische entiteiten is als reactie op deze motie aangegeven dat de richtlijn niet de mogelijkheid biedt om bij het implementeren van de verplichtingen ten aanzien van UBO-informatie een onderscheid te maken tussen vennootschappen of andere juridische entiteiten die wel of niet een algemeen nut beogen. 20 Dit komt omdat in AMLD4 reeds is geregeld dat alle stichtingen en verenigingen, dus ook non-profits, hun UBOs moeten registreren. (…)

Op 19 juni 2024 zijn de nieuwe verordening en richtlijn op het gebied van anti-witwasregelgeving gepubliceerd. De regels omtrent het vaststellen van de UBOs en de verplichting om deze te verstrekken, bevinden zich niet meer in de richtlijn, maar in de AMLR. In AMLR is opgenomen dat juridische entiteiten en trustees van express trusts of personen met gelijkwaardige functies in soortgelijke juridische constructies ervoor zorgen dat de informatie over de UBOs die zij bijhouden, aan Wwft-instellingen wordt verstrekt in het kader van cliëntenonderzoeksprocedures of wordt ingediend bij centrale registers (UBO-registers), adequaat, nauwkeurig en actueel is. 22 Bij de verordening wordt ook toegelicht dat om daadwerkelijke transparantie te waarborgen, de regels inzake UBOs van toepassing moeten zijn op een zo breed mogelijk scala van vennootschapsrechtelijk of anderszins op het grondgebied van de lidstaten opgerichte juridische entiteiten en juridische constructies. Een verordening is verbindend in al haar onderdelen en rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat. Ook de nieuwe verordening biedt daarom geen ruimte aan de lidstaten om bepaalde juridische entiteiten uit te sluiten van de registratieplicht of andere soorten versoepelingen.

20 Kamerstukken II 2019/20, 35179, nr. 3. (…)
22 Artikel 62, eerste lid, AMLR.

Een gelijksoortig relaas is opgenomen over kerkgenootschappen, die echter een andere behandeling krijgen (voor zover ik weet niet op de Europese regelgeving gebaseerd):

Godsdienst of levensovertuiging geldt echter als een bijzonder persoonsgegeven in de zin van de algemene verordening gegevensbescherming (hierna: AVG). Dat brengt met zich mee dat grote terughoudendheid betracht dient te worden als het gaat om de verwerking hiervan. Voor kerkgenootschappen geldt daarom dat de registratieplicht anders is vormgegeven dan bij andere entiteiten. Voor een kerkgenootschap geldt dat alléén op het hoogste (landelijke) aggregatieniveau een inschrijving in het UBO-register hoeft plaats te vinden. Voor zelfstandige onderdelen van een kerkgenootschap met rechtspersoonlijkheid, geldt de inschrijfplicht in het UBO-register niet (zoals bijvoorbeeld parochies en gemeenten).

Waarom er bij kerkgenootschappen een speciale regeling kan worden getroffen en dit niet voor andere non-profits mogelijk, wordt niet toegelicht.

Onbeantwoorde vragen

Diverse vragen over het ubo-register in de non-profit en ook andere vragen over de gevolgen van het AML Package (de nieuwe Europese antiwitwasregelgeving die binnenkort in werking treedt) zijn niet beantwoord. Het betreft:

Kunt u toelichten waarom het bij non-profit organisaties (stichtingen en verenigingen) nodig is dat via de merkwaardige ‘terugvaloptie’ bepaling (artikel 63 leden 4 en 5 AMLR) een pseudo-UBO wordt aangewezen, terwijl statutair bestuurders en toezichthouders al in het handelsregister zijn ingeschreven?

Kunt u toelichten waarom de Nederlandse regering er mee akkoord is gegaan dat in artikel 57 lid 1 AMLR is bepaald dat een stichting vergelijkbaar is met een express trust, terwijl dat niet het geval is?

Wat is de onderbouwing van de noodzaak dat de in artikel 57 lid 1 genoemde personen worden ingeschreven als UBO van een stichting?

Kunt u aangeven wat de reden is dat niet alleen statutair bestuurders en toezichthouders als UBO van een stichting worden geregistreerd, maar ook personen met de dagelijkse leiding, zoals gedefinieerd in artikel 63 lid 4 AMLR?

Kunt u toelichten wat de betekenis is van “de activa waarover de stichting beschikt om haar doel na te streven” in de definitie van basisinformatie in artikel 2 AMLR en welke consequenties dit voor stichtingen heeft?

Kunt u aangeven welke andere consequenties het AML Package heeft voor non-profit organisaties in de vorm van een stichting of vereniging of kerkgenootschap?

Is het tijd geworden om in Nederland een aparte rechtsvorm voor non-profit organisaties tot stand te brengen, nu de stichting besmet is geraakt met het trust-virus en daardoor onbruikbaar is geworden voor non-profit doeleinden?

Wat is de reden dat u de Tweede Kamer niet eerder heeft geïnformeerd over de ingrijpende wijzigingen van de UBO-regels voor stichtingen als gevolg van het AML Package?

Tot slot

Het zou mooi zijn als er wakkere leden van de Tweede Kamer zijn die deze problematiek alsnog aan de orde stellen. En misschien moet de non-profit nog wat beter aan de deur rammelen van politiek en bestuur.

Geplaatst in Bestuur en toezicht bij rechtspersonen, Europa, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, Not-for-profit, Stichting en vereniging, Ubo-register | Tags: , , , , , , , , | Plaats een reactie

Artificial Intelligence bij de AP

Op de site van de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) is het nodige over artificial intelligence (‘AI’) te vinden. Van recente datum zijn onder meer:

december 2024

november 2024

oktober 2024

september 2024

 

Op de site van  de AP is een themapagina Algoritmes & AI te vinden met onder meer een verwijzing naar de pagina met inleidende informatie over de Europese AI-verordening (AI Act).

Geplaatst in Grondrechten, ICT, privacy, e-commerce | Tags: , , , | Plaats een reactie

Onjuistheden in rapport Europese Commissie over Nederlands anti-witwasbeleid

De Europese Commissie wordt geacht de implementatie en de effectieve toepassing van de in 2015 aangenomen Europese antiwitwasregelgeving (vierde antiwitwasrichtlijn, AMLD4) te evalueren. Volgens de brief van de minister van Financiën van 22 mei 2024 heeft de Commissie bij die evaluatie grote steken laten vallen:

Nederland heeft in de fase van wederhoor verschillende bezwaren naar voren gebracht (zie bijlage 4). Deze bezwaren zagen, onder andere, op de reikwijdte, de methodologie en op verschillende feitelijke onjuistheden. Het belangrijkste bezwaar is dat in het onderzoek gegevens worden gebruikt die dateerden van vóór de implementatie van de Vierde anti-witwasrichtlijn in de Nederlandse wetgeving en dat op basis daarvan conclusies zijn getrokken over hoe Nederland de richtlijn zou toepassen. Deze bezwaren hebben helaas niet geleid tot aanpassing van het rapport.

Niet alleen wordt van onjuiste feiten uitgegaan. Nog erger is dat de fouten – nadat er commentaar is geleverd – niet worden gecorrigeerd. Dat geeft te denken over de kwaliteit van wat Europa doet op het gebied van de privatisering van de criminaliteitsbestrijding.

Voormelde brief van 22 mei 2024 staat op de agenda van het commissiedebat Bestrijding witwassen en terrorismefinanciering van 22 januari a.s. onder het kopje ‘RapportenAMLD4 Evaluatie’.

 

NB Overigens zijn de evaluaties door onder meer de Europese Commissie, de Raad van Europa en FATF om allerlei redenen hoogst twijfelachtig  van waarde, onder meer omdat niet het hele concept wordt beoordeeld en er geen aandacht wordt besteed aan de vraag of de bedrijven aan wie overheidstaken worden uitbesteed daar wel geschikt voor zijn.

Geplaatst in Europa, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft | Tags: , , , | Plaats een reactie

Betaalvereniging is tegen acceptatieplicht contanten

De Betaalvereniging liet in de nieuwsbrief van 10 december weten dat men een verplichting tot acceptatie van contante betaling ongewenst acht. Lees:

 

Lees de artikelen op dit blog over contante betaling en over acceptatieplicht contanten.

Geplaatst in Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten | Tags: , , , , | Plaats een reactie

De bank besteedt uit aan de bibliotheek | toegankelijkheid van het betalingsverkeer

In december was er weer aandacht voor de vreemde situatie dat banken hun eigen taken uitbesteden aan bibliotheken, lees onder meer het artikel van de NOS, Hulp met bankzaken hard nodig: ‘ik wil niet elke keer mijn buurman lastigvallen’. Eerder publiceerde de NOS het artikel Miljoenen Nederlanders kunnen niet al hun bankzaken zelf regelen naar aanleiding van een onderzoek. De artikelen werden gepubliceerd naar aanleiding van een rapport van het Maatschappelijk Overleg Betalingsverkeer.

Spraakmakers (NPO Radio 1): ‘Online bankieren moet veel makkelijker worden’

Het radioprogamma Spraakmakers besteedde op 16 december aandacht aan de problematiek, introductie:

Online bankieren is voor heel veel mensen lastig. Uit onderzoek blijkt dat steeds meer volwassenen hulp nodig hebben met hun bankzaken. Dan gaat het over het openen van een bankrekening of het overmaken van geld. Ook kunnen bijna 2,4 miljoen Nederlanders bijvoorbeeld niet zelfstandig betalen bij een webwinkel. Een grote groep is 65-plus en heeft er moeite mee dat veel zaken alleen nog online kunnen worden geregeld. Ze willen een echt mens spreken wanneer ze vragen hebben.
Daarom vandaag de stelling: Online bankieren moet veel makkelijker worden

Beluister de uitzending, met Jasper van Kuijk, innovatie-expert en cabaretier.

Het moet anders!

Bij de Betaalvereniging zijn artikelen te vinden waaruit blijkt dat betaaldienstverleners (waar onder banken) de problemen denken te kunnen afdoen via bibliotheken, zie het bericht Uitkomsten tweede pilot met Bankinformatiepunten. Ook denkt men weg te kunnen komen met cursussen, zie het bericht Nog fijner met je bank-app oefenen in DigiHandig.

Wat er nu gebeurt is ongewenst. Banken en betaaldienstverleners dienen zelf een overzichtelijke en heldere digitale dienst te creëren en behoren zelf voor fysieke vestigingen te zorgen, waar mensen ondersteuning wordt geboden. Betere dienstverlening kan ook er voor zorgen dat de toenemende cybercriminaliteit wordt terug gedrongen.

De financiële toezichthouders behoren daar op aan te dringen en de overheid dient te zorgen voor informatiesystemen die het mogelijk maken voor burgers om snel en eenvoudig te checken of zij met een echte financiële dienstverlener te maken hebben.

 

Meer informatie:

Nieuwsbericht DNB over de publicatie van het Maatschappelijk Overleg Betalingsverkeer: Maatschappelijk Overleg Betalingsverkeer publiceert Toegankelijkheidsmonitor 2024.

Het rapport is hier te vinden.
Uit de samenvatting van het rapport:

De zelfstandigheid van consumenten wisselt per betaaldienst en is bij vrijwel alle onderzochte diensten achteruitgegaan. De meeste mensen betalen zelfstandig in een fysieke winkel (93%), nemen zelfstandig contant geld op (85%) en controleren zelfstandig hun saldo informatie (83%). Daarentegen is de zelfstandigheid lager voor diensten die minder vaak worden uitgevoerd, zoals het openen van een rekening of het downloaden en installeren van de mobiel bankieren app (71%). Daarnaast zoekt slechts 72% zelfstandig hulp bij de bank voor vragen rondom betalen of de betaalrekening. Mensen uit aandachtsgroepen geven het vaakst aan dat zij betaalzaken niet volledig zelfstandig regelen omdat zij niet goed weten hoe het werkt en omdat zij bang zijn om fouten te maken. De weg omhoog richting meer zelfstandigheid lijkt daarmee nog niet te zijn ingezet.

In het rapport staat onder meer (pagina 8):

Ongeveer 23% van de volwassen Nederlanders heeft hulp nodig bij het zoeken van assistentie van de bank met vragen over betalen of de betaalrekening.

Dat is veel!

Illustratie uit het rapport

Uit het rapport blijkt dat het voor kwetsbare groepen belangrijk is dat zij het bankfiliaal van de bank kunnen bezoeken. Die filialen zijn er nauwelijks meer (sommige banken hebben niet eens filialen). De praktijk leert dat ook voor het cliëntenonderzoek op grond van Wwft en Wft persoonlijk contact en goede telefonische bereikbaarheid belangrijk zijn.

 

In augustus jl. publiceerde ik: De overheid vangt de digitale problemen van burgers met banken op | “Het kan niet de bedoeling zijn dat banken hun klantenservice indirect uitbesteden aan de gemeenten”.

Geplaatst in Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten | Tags: , , , , , , , , , , | Plaats een reactie

Adviezen Autoriteit Persoonsgegevens inzake de microdata-voorstellen van het ministerie van Financiën

Afgelopen zomer werden wetgevingsvoorstellen geconsulteerd door het ministerie van Financiën, die het mogelijk moeten maken dat financiële toezichthouders De Nederlandsche Bank (DNB) en Autoriteit Financiële Markten (AFM) op nog grotere schaal financiële persoonsgegevens van alle Nederlanders (‘microdata’) mogen gaan verwerken dan ze nu al doen (info: blog DNB consultatie, blog AFM consultatie, blog over andere reacties).
Tijdens de internetconsultaties zijn een aantal commentaren gegeven (reacties DNB consultatie, reacties AFM consultatie), onder meer door Privacy First.

Adviezen AP

Inmiddels heeft ook de Autoriteit Persoonsgegevens adviezen uitgebracht. Op 12 december werd het advies over de verwerking van microdata door DNB openbaar gemaakt, nieuwsbericht Wetsvoorstel over hypotheekgegevens moet scherper worden afgebakend, advies (pdf). Uit het nieuwsbericht:

Persoonlijke informatie

“Financiële informatie is heel persoonlijk en vertelt veel over iemands privéleven, daar moet dus zo zorgvuldig mogelijk mee worden omgegaan”, zegt AP-bestuurslid Katja Mur. “Het kabinet is met een wetsvoorstel gekomen mede op aandringen van de AP, en het is goed dat er een voorstel is gemaakt. Nu is er nog een aantal aandachtspunten.”

Pseudonimisering op wettelijk niveau regelen

Het wetsvoorstel gaat over gedetailleerde gegevens van hypotheekbezitters in Nederland. Maar de concept-wettekst maakt niet duidelijk dat er een verplichting is tot het pseudonimiseren van de verstrekte gegevens. Pseudonimisering is een beveiligingsmaatregel waardoor data moeilijker te herleiden zijn naar individuele personen, zodat de privacy van mensen beschermd blijft. Dit is een essentiële waarborg. De eis van pseudonimisering moet daarom in de wettekst komen te staan. 

Gebruik voor ander doel mag niet

Het wetsvoorstel regelt dat DNB de hypotheekgegevens niet alleen kan gebruiken voor economische rapportages en statistieken, maar de gegevens ook kan doorgeven aan DNB-afdelingen met andere taken. Zoals toezichtsafdelingen. Die hebben een heel andere taak. 

Gegevens worden dan dus gebruikt voor een ander doel dan in het wetsvoorstel staat. Dat mag niet volgens de privacywetgeving. Want mensen moeten kunnen weten waarvoor hun gegevens worden gebruikt. Zodat zij weten waar zij aan toe zijn. Op dit punt moet het wetsvoorstel ook worden aangepast. 

Bewaartermijn is te lang

Ten slotte lijkt de bewaartermijn van de gegevens bij DNB aan de lange kant. Het gaat om 15 jaar, maar dit wordt niet goed onderbouwd. Het uitgangspunt moet altijd zijn dat persoonsgegevens zo kort mogelijk worden bewaard.

Het advies over de verwerking van microdata door de AFM werd op 23 december bekend, nieuwsbericht AP: meer privacybescherming nodig in wetsvoorstel over financieel toezicht, advies (pdf). Uit het nieuwsbericht:

Gevoelige gegevens

‘Het is natuurlijk begrijpelijk als een kabinet maatregelen wil nemen waarmee de AFM haar wettelijke taak als toezichthouder op de financiële markten naar behoren kan blijven uitvoeren’, zegt AP-bestuurslid Katja Mur. ‘Daarbij is privacybescherming ook heel belangrijk. Je financiële gegevens behoren tot de meest persoonlijke, gevoelige gegevens die er zijn; ze geven een inkijk in jouw leven. Wat je inkomsten en uitgaven zijn op het moment dat je een lening afsluit, hoeveel je leent, of je een levensverzekering hebt: allemaal informatie die zeer privé is. En die echt goed moet worden beschermd.’

Verbied re-identificatie

Het wetsvoorstel gaat over gegevens van miljoenen mensen. Voordat deze gegevens naar de AFM gaan, moeten ze worden gepseudonimiseerd. Dat is een beveiligingsmaatregel waardoor data moeilijker te herleiden zijn naar individuele personen, zodat de privacy van deze mensen beschermd blijft.

Maar deze essentiële waarborg ontbreekt in het wetsvoorstel, constateert de AP. Het moet voor iedereen duidelijk zijn dat de data niet mogen worden gebruikt om mensen te identificeren. Een verbod op ‘re-identificatie’ moet daarom expliciet in de wettekst worden opgenomen.

Mur: ‘Of het nu gaat om je vaste lasten of eventuele betalingsachterstanden, het mag duidelijk zijn dat het voor het toezicht op de financiële markten niet nodig is dat zulke gevoelige data gebruikt mogen worden op een manier die tot jou te herleiden is.’

Verduidelijk de doelen

Daarnaast is onduidelijk hoe het toezicht van de AFM eigenlijk verbetert door het voorgestelde gebruik van de data. Volgens het wetsvoorstel zal de AFM de financiële gegevens gaan gebruiken voor ‘het duiden van marktontwikkelingen’ en ‘het identificeren van toezichtsrisico’s’. Maar wat dit precies inhoudt en hoe dit het toezicht beter maakt, is niet duidelijk. De doelen zijn te breed geformuleerd en bieden onvoldoende basis om gegevens van mensen te mogen gaan gebruiken.

Mur: ‘Als er gegevens van jou worden verlangd, moet natuurlijk wel goed kunnen worden uitgelegd waarom dat per se nodig is, voor welk doel. En waarom het niet met minder gegevens kan. Dat is wettelijk verplicht. Zodat jij van tevoren weet waar je aan toe bent. En, heel belangrijk, om te voorkomen dat jouw gegevens later mogelijk ook gebruikt worden voor een heel ander doel.’

Data naar DNB?

Tot slot is niet duidelijk of de data die naar de AFM gaan, ook zullen worden doorgegeven aan De Nederlandsche Bank (DNB), de toezichthouder op de financiële instellingen. Onder bepaalde voorwaarden mag de AFM gegevens delen met DNB. Dat staat in de Wet op het financieel toezicht (Wft). Maar het huidige wetsvoorstel gaat niet in op de vraag of data inderdaad gedeeld zullen worden met DNB en hoe dat zich zou verhouden tot de Wft. Hier is duidelijkheid nodig.

 

 

Lees op dit blog de artikelen over microdata.

Geplaatst in Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Grondrechten, ICT, privacy, e-commerce | Tags: , , , , , , , | Plaats een reactie

Privacy is verdacht volgens de transparantiebeweging | “the weaponisation of privacy”

De transparantiebeweging houdt niet van gegevensbescherming en van andere grondrechten, als die worden toegepast in de misdaadbestrijding. Zij denken dat respect voor grondrechten nadelig is voor de overheidsbelangen die de transparantiebeweging verdedigt.

Een goed voorbeeld is te vinden bij Tax Justice Network, in hun recente publicatie over ‘transformational moments’ van 2024. Ze spreken neerbuigend over de uitspraak van het Europese Hof, die er voor zorgt dat de registers van uiteindelijk belanghebbenden (ubo-registers) in de EU-staten niet openbaar zijn, zo blijkt uit de passage over ‘uiteindelijk belang’, ‘Beneficial Ownership’:

Beneficial Ownership
There has been a very problematic European Court of Justice case law ruling in favour of the weaponisation of privacy, this time in favour of a law firm and against a tax administration that was seeking information on the creation of legal entities and investment funds. This may in fact be even worse than the original European Court of Justice ruling that invalidated public Beneficial Ownership.
One positive development this year, however, was the approval of the EU AML Package which, limited by the European Court of Justice ruling on public access, still tries to expand and facilitate access to Beneficial Ownership information for many stakeholders, including journalists, civil society organisations and academia, by recognising their “legitimate interest” to get access to info.

Op denigrerende toon wordt door de auteurs van Tax Justice Network gesproken over de uitspraken van de hoogste Europese rechter. Niet alleen in bovenstaand citaat, maar ook in de artikelen waar naar wordt verwezen, met passages als (markering door mij) “In a perverse decision that it claims to be founded in human rights, the court declared invalid the public’s ability to access information on companies’ beneficial owners (the people who own or control them).” [*].

Het is hoogst merkwaardig dat deze non-profit organisatie, die bij de Europese Commissie aan tafel zit en beweert voor het maatschappelijk belang op te komen, zo wenst om te gaan met de hoogste Europese rechter en met Europese rechtsbeginselen [**].

 

Noten:

[*] Het citaat komt uit dit artikel. Zie in het artikel over de ubo-register uitspraak de neerbuigende toon, die duidelijk maakt dat grondrechten voor de auteurs geen betekenis hebben, dat begint met: “After the infamous ruling of November 2022 by the European Court of Justice that rolled back public access to beneficial ownership information, another case now pending in the European Court of Justice could deal an even worse blow to the fight against transparency and tax justice. Once again an individualistic concept of human rights, particularly the right to privacy, is being weaponised, this time to protect lawyers who enable illicit financial flows when they create secrecy vehicles such as companies and trusts.“. In dit verhaal wordt buiten beschouwing gelaten dat de ubo-registers vol staan met gewone burgers, die betrokken zijn bij gewone rechtspersonen en die niet door ‘het publiek’ (waartoe ook criminelen en trollen behoren) horen te worden lastig gevallen.

[**] Het simplisme druipt af van hun uitleg over hun doelen. Zo wordt bij ‘automatic exchange of information’ (“Automatic exchange of information is a data sharing practice that prevents individuals from abusing bank accounts they hold abroad to pay less tax than they should at home.“) niets gezegd over de schaduwzijden daarvan, zoals door FATCA duidelijk zijn geworden.

Geplaatst in Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, Ubo-register | Tags: , , , , , , , , | Plaats een reactie

Nederlandse Orde van Advocaten: het is niet verplicht om een kopie van het identiteitsbewijs op te slaan in het kader van het cliëntenonderzoek Wwft

Privacy First heeft in september 2024 een verzoek gedaan aan de minister van Financiën en DNB om aanpassing van de identificatiepraktijken van financiële instellingen (nieuwsbericht). Een van de onderwerpen in het verzoek is het onnodig opslaan van kopieën van identiteitsbewijzen.

In dat verband is het interessant dat de Nederlandse Orde van Advocaten in vragen en antwoorden over de toepassing van de Wwft heeft aangegeven dat de wet niet verplicht tot het opslaan van kopieën van identiteitsbewijzen. Zie het antwoord op de volgende vraag:

8. Mag er nu wel of geen kopie van het ID-bewijs van de cliënt in het dossier zitten?

(…)

Uit de wet volgt dat een kopie van een identiteitsbewijs niet is vereist. Er kan ook worden volstaan met het vermelden van de gegevens zoals opgesomd in lid 2 sub a onder 1° en 2° (wanneer het gaat om de cliënt) of de gegevens zoals opgesomd in lid 2 sub b onder 1 (wanneer het gaat om de UBO). Het kenniscentrum adviseert u wel in het dossier vast te leggen op welke datum en op welke wijze (al dan niet in persoon) de identificatie en de verificatie van de identiteit heeft plaatsgevonden.

Indien er een kopie wordt gemaakt van het identiteitsbewijs, is het van belang dat de bepalingen van artikel 5 (dataminimalisatie) en artikel 6 (rechtmatigheid van de verwerking) van de AVG in acht worden genomen. Gelet op de tekst van de AVG adviseert het kenniscentrum in dat geval het BSN, de pasfoto en de lengte af te dekken / onleesbaar te maken.

LET OP: artikel 4 Uitvoeringsregeling jo. artikel 11 Wwft bepaalt aan de hand van welke documenten de identiteit van de cliënt kan worden geverifieerd. De identiteit dient te worden geverifieerd aan de hand van het originele document. Het is dus onvoldoende wanneer de cliënt u een kopie van zijn identiteitsbewijs stuurt.

Geplaatst in Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, ICT, privacy, e-commerce | Tags: , , , , , | Plaats een reactie

Nederlanders denken dat Nederland ‘het braafste jongetje van de klas’ is | SCP onderzoek

Het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) maakte op 30 december jl. bekend dat Nederlanders denken dat de regering zich te veel richt op het buitenland. Dat is opmerkelijk, nu de Nederlandse regering voornamelijk met Nederland bezig is en doet alsof Nederland niet afhankelijk is van de EU, andere EU-lidstaten en de VS.
Nog vreemder is dat velen denken dat Nederland ‘het braafste jongetje van de klas’ is en veel doet aan internationale samenwerking. Dat terwijl het ontwikkelingswerk in de afgelopen jaren al flink is afgebouwd, zo hoor ik van deskundigen. Het lijkt er op dat er een niet-realistische beeldvorming is over de positie van Nederland.

Misschien wordt het eens tijd voor betere informatie over wat er in de praktijk gebeurt. Al is het natuurlijk lastig als mensen daar niet voor open staan.

Het neemt echter niet weg dat de zorgen van Nederlanders over de basisvoorzieningen, zoals voldoende betaalbare woningen en betaalbare energie en boodschappen, terecht zijn. Mijn indruk is dat de problemen rondom de basisvoorzieningen niet door ‘het buitenland’ worden veroorzaakt, maar doordat de kwaliteit van politiek en bestuur te wensen overlaat.

Geplaatst in Grondrechten | Tags: , | 1 reactie

Hopelijk komt er een vredige jaarwisseling aan

zonder met zo weinig mogelijk vuurwerk en ander ongemak.

En een gelukkig en gezond 2025 toegewenst!

 

Geplaatst in Diversen | Plaats een reactie