De ubo in DAC | internationale uitwisseling van persoonsgegevens ten behoeve van de belastingheffing (CRS)

Eerder schreef ik over de internationale uitwisseling van persoonsgegevens ten behoeve van de belastingheffing en de criminaliteitsbestrijding en over de Nederlandse consultatie inzake een implementatiewet waarmee wijzigingen worden geïmplementeerd.
Dit artikel gaat over de ‘uiteindelijk belanghebbenden’ (ubo’s) in die uitwisseling.

Persoonsgegevens ubo
Een van de elementen van die uitwisseling is dat financiële instellingen en anderen (de rapporterende instellingen) de ubo’s van hun klanten moeten vaststellen. De financiële instelling levert de gegevens van de relatie die zij met de klant hebben – zoals de bankrekeningen – en de persoonsgegevens van de ubo’s van de klant aan de Nederlandse overheid [1]. De Nederlands overheid geeft – als de klant of de ubo fiscaal inwoner van een andere land (ontvangstland) – de gegevens door aan het ontvangstland / de ontvangstlanden.

Dit is bijzonder, omdat niet iedere ubo een economisch belang heeft bij de entiteit waar hij of zij ubo van is, bijvoorbeeld door het houden van aandelen of certificaten. Dat komt omdat in de definitie zeggenschap essentieel is. In de laatste wijzigingsrichtlijn [2] is de volgende definitie te vinden, die nog in werking moet treden:

Onder “Uiteindelijk belanghebbenden” worden verstaan de natuurlijke personen die zeggenschap uitoefenen over een Entiteit. In het geval van trusts worden hieronder verstaan de insteller(s) van een trust, de trustees, de eventuele protector(en), de begunstigde(n) of categorie(ën) begunstigden en eventuele andere natuurlijke personen die de uiteindelijke feitelijke zeggenschap uitoefenen over de trust en in het geval van andere juridische overeenkomsten dan een trust worden hieronder verstaan personen in dezelfde of een vergelijkbare positie. De term “Uiteindelijk belanghebbenden” wordt uitgelegd op een wijze die strookt met de term “uiteindelijk begunstigde” als gedefinieerd in artikel 3, punt 6, van Richtlijn (EU) 2015/849 voor zover het Rapporterende aanbieders van cryptoactivadiensten betreft.

Hierbij kan worden aangetekend dat stichtingen als een vorm van trust worden behandeld, zodat ongeveer iedereen die iets met de stichting te maken heeft ‘ubo’ is. Gevolg van de ruime ubo-definitie is dat gegevens van personen zonder economisch belang in de uitwisseling worden betrokken.

Je zou verwachten dat de Europese wetgever toelicht wat het heffingsbelang is bij de uitwisseling van ubo-gegevens en waarom dat heffingsbelang er is bij alle soorten entiteiten en in alle soorten situaties is. Die onderbouwing staat niet in de richtlijn.

Toelichting ontbreekt
De verplichting om de gegevens van de ubo door te geven is opgenomen in de Europese richtlijn (DAC) sinds 5 januari 2015 en is gebaseerd op een wijzigingsrichtlijn [3], die echter niet uitlegt waarom ubo-gegevens standaard in alle gevallen moeten worden doorgegeven.
In de overwegingen wordt volstaan met de vermelding dat de internationale wetgever (G20, G8 en OESO) hiertoe hebben besloten, lees:

(4) In februari 2014 heeft de OESO de belangrijkste elementen van een mondiale standaard voor de automatische uitwisseling van inlichtingen over financiële rekeningen in fiscale aangelegenheden gepresenteerd, met name een model voor een overeenkomst tussen bevoegde autoriteiten en een gezamenlijke rapportagestandaard, die vervolgens door de ministers van Financiën van de G20 en de presidenten van de centrale banken zijn bekrachtigd. In juli 2014 heeft de Raad van de OESO de volledige mondiale standaard gepresenteerd, met inbegrip van de resterende elementen, met name de opmerkingen over het model voor een overeenkomst tussen bevoegde autoriteiten en de gezamenlijke rapportagestandaard en de informatietechnologische modaliteiten voor de implementatie van de mondiale standaard. Het volledige pakket betreffende de mondiale standaard is in september 2014 door de ministers van Financiën van de G20 en de presidenten van de centrale banken onderschreven.

Er wordt uitgelegd dat er flinke overkill in zit om te zorgen dat de burger niet aan belastingheffing kan ontsnappen:

(10) De categorieën rapporterende financiële instellingen en te rapporteren rekeningen die door deze richtlijn worden bestreken, zijn bedoeld om de belastingplichtigen minder gelegenheid te geven om rapportage te vermijden door hun activa te verplaatsen naar financiële instellingen, of te investeren in financiële producten die buiten het toepassingsgebied van deze richtlijn vallen. Bepaalde financiële instellingen en rekeningen met een laag risico om voor belastingontduiking te worden gebruikt, zijn evenwel van het toepassingsgebied van deze richtlijn uitgesloten. Over het algemeen dienen er geen drempels te worden opgenomen in deze richtlijn, aangezien deze gemakkelijk kunnen worden omzeild door rekeningen over verschillende financiële instellingen te splitsen. De financiële inlichtingen die moeten worden gerapporteerd en uitgewisseld dienen niet alleen betrekking te hebben op alle relevante inkomsten (interesten, dividenden en vergelijkbare soorten inkomsten), maar ook op het saldo van de rekeningen en de opbrengsten van de verkoop van financiële activa, zodat situaties kunnen worden aangepakt waarin een belastingplichtige tracht vermogen te verbergen dat inkomsten of activa vertegenwoordigt waarover belasting is ontdoken. Daarom is de verwerking van inlichtingen uit hoofde van deze richtlijn noodzakelijk en toereikend om de belastingdiensten van de lidstaten in staat te stellen correct en ondubbelzinnig te bepalen om welke belastingplichtigen het gaat, hun belastingwetgeving in grensoverschrijdende situaties toe te passen en te handhaven, te beoordelen hoe waarschijnlijk belastingontduiking is en onnodig verder onderzoek te vermijden.

Humoristisch is dat de Europese wetgever in de richtlijn opneemt dat zij de grondrechten naleeft:

(17) Deze richtlijn eerbiedigt de grondrechten en neemt de beginselen in acht die met name in het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie zijn erkend, met inbegrip van het recht op bescherming van persoonsgegevens.

Zoekplaatje
Om er achter te komen waarom alle ubo’s standaard moeten worden meegeleverd bij de te rapporteren rekeningen inzake te rapporteren klanten, is een zoekactie nodig waarvoor mogelijk toegang tot documenten van OESO en G20 gewenst is.

Het past in het beeld dat als het om belastingheffing gaat, er grootschalig persoonsgegevens moeten worden geoogst en uitgewisseld, ook zonder heffingsbelang.

 

 

Noten

[1] Zie artikel 8 lid 3 bis van Richtlijn 2011/16/EU (DAC). Het betreft de naam, het adres en het fiscaal identificatienummer/de fiscale identificatienummers van de klant (entiteit) en de naam, het adres, het fiscaal identificatienummer/de fiscale identificatienummers en de geboortedatum en geboorteplaats van elke ubo (elke ‘te rapporteren persoon’).

[2] DAC8, Richtlijn 2023/2226, de definitie staat in bijlage VI.

[3] Zie Richtlijn 2014/107/EU, de ubo werd in de Engelstalige versie als ‘Controlling Person’ aangeduid.

Geplaatst in Bankrekening krijgen en behouden, Belastingrecht, Europa, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, ICT, privacy, e-commerce, Ubo-register | Tags: , , , , , , , , , | Plaats een reactie

Nederlander maakt kans op toppositie bij AMLA

Een Nederlander maakt kans op een toppositie bij de Europese antiwitwasautoriteit, lees IFCreview en Politico. Daarin wordt de naam van Jan Reinder de Carpentier genoemd.

 

 

 

Jan Reinder de Carpentier is een van de vele Nederlandse financiële topmensen actief in Europa en de rest van de wereld. Artikelen over deze financiële toppers zijn hier te vinden.

Geplaatst in Europa, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft | Tags: , , , | 2 reacties

Gevaarlijke bancaire identificatiepraktijken | interview met Danny Mekiç

Vandaag besteedde het radioprogramma De Nieuws BV aandacht aan de riskante identificatiepraktijken van financiële instellingen.
Deskundige Danny Mekiç werd vandaag geïnterviewd, de introductie:

Als een kopie van je paspoort in verkeerde handen komt, kan dat verstrekkende gevolgen hebben. Iemand kan zich voordoen als jou. Maar vaak wordt wel om een kopie van je pas gevraagd, bijvoorbeeld bij banken. Wat mag wel en wat mag niet. Iemand die hier alles van weet, is jurist en technologie-deskundige Danny Mekiç. Hij promoveert op dit onderwerp aan de Universiteit van Leiden en vertelt erover in De Nieuws BV.

Het interview kan worden bekeken of beluisterd.

Danny Mekiç tijdens het interview met De Nieuws BV

 

Verzoek om aanpassing identificatiepraktijken
Lees over identificatie door financiële instellingen op dit blog Privacy First verzoekt De Nederlandsche Bank en Minister van Financiën om aanpassing identificatiepraktijken van financiële instellingen, waarin het artikel op de Privacy First site is overgenomen. Het verzoek wordt door Privacy First in een pdf-document toegelicht.

Geplaatst in Bankrekening krijgen en behouden, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, ICT, privacy, e-commerce | Tags: , , , , , , , | Plaats een reactie

Digitale chantage

Mike Kuketz schreef een mooi artikel over digitale chantage [1], het verschijnsel dat er voor steeds meer diensten smartphone app nodig is, waarmee je als mens wordt overgeleverd aan datagraaiende internetgiganten. Hij geeft de voorbeelden die we ook uit Nederland kennen, internetbankieren kan alleen met een smartphone app, contactloos betalen kan alleen met een app van Google of Apple, korting bij het reizen per trein is alleen mogelijk met een app, enzovoorts.

Gevolg is dat gebruikers hun keuzevrijheid verliezen. Het is niet mogelijk om gebruik te maken van open source apps of browsergebaseerde oplossingen, want dat wordt door de banken, openbaar vervoersbedrijven e.d. niet mogelijk gemaakt. Daar is Kuketz niet blij mee (machinevertaling) [2]:

Deze gedwongen afhankelijkheid is onaanvaardbaar, omdat het de digitale zelfbeschikking enorm beperkt en gebruikers effectief dwingt om hun gegevens vrij te geven, alleen maar om gebruik te kunnen maken van alledaagse diensten

Kuketz roept de politiek op om alternatieven mogelijk te maken.

 

Noten:

[1] Digitale Erpressung: Der unaufhaltsame Vormarsch des App-Zwangs (Digitale chantage: de onstuitbare opmars van app-dwang)
[2] Vertaling van: “Diese erzwungene Abhängigkeit ist inakzeptabel, da sie die digitale Selbstbestimmung massiv einschränkt und die Nutzer faktisch zur Preisgabe ihrer Daten zwingt – nur um alltägliche Dienste nutzen zu können.”

 


Aanvulling 6 november 2024
Lees over de bestrijding van digitale chantage ook het bericht van Public Spaces, In onze brief aan de Commissie Digitale Zaken zetten we digitale autonomie op de agenda. Er wordt verwezen naar een brief, waarin wordt aangedrongen op alternatieven voor bigtech, met onder meer:

Er is een gebrek aan wezenlijke autonomie in strategische (digitale) sectoren; mensen, organisaties, bedrijven én overheden ervaren allemaal de negatieve gevolgen van een te grote afhankelijkheid van grote, niet-Europese tech-bedrijven. Daarnaast lopen de Europese en Nederlandse techsector achter; van de twintig meest waardevolle technologiebedrijven wereldwijd, zijn er slechts twee Europees. En de achterstand groeit, want de totale investeringen in onderzoek en innovatie blijven ook achter. Ten slotte brengt onze afhankelijkheid ook risico’s met zich mee voor fundamentele rechten en de democratische rechtsstaat. Privacybedreigingen, maar ook desinformatie en polarisatie zijn het gevolg van keuzes die bedrijven en overheden buiten Europa maken en waarop wij te weinig invloed hebben.


Aanvulling 13 november 2024

Op SVJ media verscheen een artikel over de geschiedenis van het betalen: Van papieren cheques tot Apple Pay: Hoe we betalen door de jaren heen. Het is een geschiedenis die beschrijft hoe afhankelijk we zijn geworden van Big Tech.
Aan het slot wordt verwezen naar een podcast met Simon Lelieveldt en Pim Claassen.

Aanvulling 8 januari 2025

ABN Amro vereist volgend jaar minimaal Android 11 voor gebruik bank-app, dus sommigen moeten een nieuwe smartphone kopen…

Geplaatst in ICT, privacy, e-commerce | Tags: , , , , , , , , | 4 reacties

Hoe de Nederlandse overheid capituleert voor Amerikaanse internetgigant | Bert Hubert

Bert Hubert publiceerde in oktober zijn artikel De Totale Keuze voor Microsoft. Daarin legt hij uit hoe onverstandig dit is, bijvoorbeeld:

Volgens onderzoek van de Amerikaanse overheid is de beveiliging bij Microsoft 365 een totale janboel, waardoor de Chinese overheid toegang had tot de bestanden van Amerikaanse ambtenaren, die dat notabene zelf moesten ontdekken. Microsoft had het niet door. Het is ook niet zeker of dit nou opgelost is, overigens, ze raken nogal eens wat logfiles kwijt daar.

Alle grote klanten zitten bij dit bedrijf, dus als grote organisatie kan je nergens meer heen:

door deze totale 100% keuze te maken is er dus in Europa ook geen eigen industrie meer over die je zou kunnen helpen. Want alle grote klanten zitten bij Microsoft, er is geen lokale business meer over. Je kunt als Microsoft-klant dus geen kant meer op & je bent totaal afhankelijk.

Lees de voorspellingen die Hubert doet over wat er gaat gebeuren, onder meer:

De “double encryption” die ons zou moeten beschermen tegen de Amerikaanse overheid blijkt niet uitgerold of in de praktijk niet te werken

We krijgen, zonder het te willen, allemaal AI-tools op de overheidswerkplek en we krijgen ze niet uitgeschakeld: ✅ (echt)

We moeten voorzichtig omgaan met Amerika, want zonder hun hulp kunnen we niet meer werken

Hubert besluit met:

Ik wens iedereen succes met de migratie, ik hoop dat u allen weet waar u voor tekent. Ik zal deze pagina bijwerken met links naar wanneer bovenstaande voorspellingen uitgekomen zijn.

Geplaatst in ICT, privacy, e-commerce | Tags: , , , , , | Plaats een reactie

Internetgigant worden met een middelmatig product | Kastl over Microsof

Het bedrijf Microsoft laat zien dat je een wereldspeler kunt worden met een ondermaats product en zonder dat je naar de klant luistert. Al heel lang vindt ik hun Office producten prut (blog) en ik heb met stijgende ergernis de verschillende versies van hun besturingssysteem ondergaan.
Een mooie nieuwe tirade tegen het bedrijf is te vinden bij Netzpolitik, waar Bianca Kastl een artikel schreef met een vage titel. De inhoud is niet vaag, zoals (machinevertaling):

Excel, Word, PowerPoint c.s. zijn middelmatig. Maar omdat ze alomtegenwoordig zijn, moet de echte wereld worden aangepast aan hun middelmatigheid (…)

Office-bestanden zelf zijn meer een soort elektrische gegevensballen waaruit het heel moeilijk is om belangrijke gegevens te halen. Hun gegevensstructuren zijn zo middelmatig goed gestructureerd. (…)

De hoop dat “AI” nu zal helpen om deze gegevens in ongestructureerde gegevensformaten eindelijk digitaal bruikbaar te maken, is niets meer dan een uiting van een nauwelijks middelmatig begrip van digitalisering. Het is een teken van gelijktijdige machteloosheid tegenover de eigen structurele afhankelijkheid, waar zogenaamd alleen verdere digitale magie uit kan helpen. De hoop om “AI op alle gebieden” van de gezondheidszorg te introduceren, inclusief op het gebied van interoperabiliteit, is een bekentenis van het niet goed begrijpen van digitalisering. Lange tijd waren de middelmatige kluwen gegevens uit de Office-wereld te handig.
Het feit dat uitgerekend Microsoft nu een van de pioniers op het gebied van kunstmatige intelligentie wil zijn en met partners samenwerkt om ongestructureerde kluwen van gegevens op magische wijze om te toveren tot totaal verschillende en nuttige digitale toepassingen, lijkt ronduit cynisch. Niet alleen middelmatig, maar ronduit cynisch.
Natuurlijk zullen deze magische producten zoals Office 365 of Copilot in de toekomst alleen beschikbaar zijn in clouds of exclusief met het besturingssysteem van dezelfde fabrikant, waarbij het label “soeverein” op zijn minst het gevoel moet overbrengen dat je er volledige controle over behoudt.

Ze legt uit dat de internetgigant weliswaar zwakke producten maakt, maar dat ze zeer goed bij de Duitse overheid lobbyen (in Nederland hetzelfde, lees Bert Hubert).

Ze eindigt met een pleidooi ons los te maken van deze internetgigant:

Middelmatige “AI” zal ons niet uit een digitaal middelmatige wereld kunnen leiden. Dat is alleen mogelijk met digitale vaardigheden die we allemaal individueel moeten ontwikkelen. Geen enkele “AI” – en zeker niet die van Microsoft – zal ons kunnen helpen om de digitale wereld en zijn afhankelijkheden grondig te begrijpen. Weg met de middelmatigheid.

 

 

 

Lees meer op dit blog over de siliconenjongens, zoals Internetgiganten die niet naar hun klanten luisteren | de beperkingen van iOS13 en daar aan voorafgaand Internetgiganten luisteren niet naar hun klanten. Daar is ook geen reden voor; want die klanten kunnen geen deuk in een pakje boter slaan. Lees verder het blog over IT als bron van juridische fouten en andere artikelen over dumbing down en de internetgiganten.

Geplaatst in ICT, privacy, e-commerce | Tags: , , , , | 2 reacties

Geen fiscale fabeltjes meer

In 2018 schreef ik over een slap artikel op Follow the Money van iemand die zich journalist noemde.
Het lijkt er op of het tij is gekeerd bij dit medium want ik zie artikelen voorbij komen waaraan ik kan zien dat de auteur verstand van zaken heeft, ook als het fiscale onderwerpen betreft. Zo verscheen in september het artikel ‘Wereldwijde’ minimumbelasting benadeelt Europese bedrijven omdat VS en China niet meedoen (betaalmuur), geschreven door fiscalist Roland Brandsma. Dat is een goede ontwikkeling.

 

NB Ik heb een abonnement genomen.

Geplaatst in Belastingrecht | Tags: , | Plaats een reactie

Deelname aan consultatie over schuldhulpverlening

Op 20 oktober heb ik op de valreep nog deelgenomen aan de consultatie over schuldhulpverlening door gemeenten, de consultatie ‘Wijziging van Tijdelijke regeling signaal betalingsachterstanden vanwege experiment‘, aankondiging, conceptregeling, beleidskompas.

Mijn reactie is op de consultatiesite te vinden en kan als pdf via deze site worden gedownload en staat ook hier onder:

 


Aan: de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Van: Ellen Timmer, ellen.timmer@freedom.nl / ellentimmer.com
Datum: 20 oktober 2024
Betreft: consultatie Wijziging van Tijdelijke regeling signaal betalingsachterstanden vanwege experiment, aangekondigd op https://www.internetconsultatie.nl/wijzigingvantijdelijkeregelingsignaalbetalingsachterstanden/b1

Geachte Minister,

In het consultatievoorstel wordt voorgesteld het experiment op het gebied van schuldhulpverlening door gemeenten uit te breiden naar de Belastingdienst en de Dienst Toeslagen, wat tot uitdrukking komt in wijziging van artikel 1.1 (definities) en toevoeging van artikel 2.5 (signalen van de de Belastingdienst en de Dienst Toeslagen).

Overheid als schuldenveroorzaker
Opvallend is dat in de Tijdelijke regeling maar één private schuldeiser voorkomt, nl. de in artikel 2.2 genoemde hypotheekverstrekkers. Voor het overige zijn alle schuldeisers overheidsinstanties, nl.:

• de gemeente (artikel 2.1)
• DUO (artikel 2.3)
• het CAK op grond van Wmo 2015 en Wlz (artikel 2.4)
• de Belastingdienst en de Dienst Toeslagen (het voorgestelde artikel 2.5)

Het maakt duidelijk dat de overheid een belangrijke veroorzaker is van financiële problemen bij burgers, ondanks de buitengewoon goede informatiepositie die de overheid heeft.

Uit een groot aantal parlementaire stukken blijkt dat de Nederlandse overheid door ondoorgrondelijke regels zorgt voor verwarring en angst bij de burgers die zij beogen te ondersteunen.

Mijn vragen:
[1] Waarom is dan dit experiment op deze manier ingericht, nu het gebaseerd is op de bestaande systemen en schuldverhoudingen?
[2] Waarom richt het experiment zich niet op een betere informatievoorziening en ondersteuning van de hele groep mensen voor wie de toeslagen, Wmo 2015 en de Wlz zijn bestemd? Want er zijn ook mensen die ten onrechte bepaalde voorzieningen niet gebruiken.
[3] Zou het niet beter zijn om alle incasso’s door de overheid gericht op natuurlijke personen onder te brengen bij één incasserende instantie om langs elkaar heen werken te voorkomen?
Als dat voor de Belastingdienst en de Dienst Toeslagen in algemene zin lastig is, zou het dan niet beter zijn om in situaties met schulden de mogelijkheid te creëren om de incasso aan voornoemde centrale incasserende instantie over te dragen?

Waarom voortzetting experiment?
Opvallend aan de toelichting is dat er mooie woorden worden gesproken over het experiment, maar dat niet wordt toegelicht waarom het experiment dat op 1 januari 2022 is gestart en dus al bijna drie jaar loopt, moet worden voortgezet.
Verder zijn recent allerlei maatregelen aangekondigd in de brief van 11 oktober jl. met de Kabinetsreactie IBO Problematische schulden (https://www.tweedekamer.nl/kamerstukken/brieven_regering/detail?id=2024Z15727&did=2024D38158).

Mijn vragen:
[4] Waarom ontbreekt de onderbouwing voor de voortzetting van het experiment?
[5] Waarom is er geen onafhankelijke evaluatie van het experiment, waarbij ook aandacht besteed aan naleving door de schuldeisers van artikel 1.2 van de regeling?
[6] Waarom is er geen aandacht besteed aan de gevolgen van de IBO Problematische schulden, met name voor zover het schulden aan de overheid betreft, aangezien bij de start van de consultatie al bekend moet zijn geweest welke plannen het kabinet heeft.

Verduidelijking artikel 1.2 van de tijdelijke regeling
In artikel 1.2 aanhef wordt het niet gedefinieerde begrip ‘verstrekker’ gebruikt, dat blijkens de toelichting op de oorspronkelijke tekst de schuldeisers betreft. Het is een verwarrend begrip nu er verschillende schuldeisers zijn die niets ‘verstrekken’, verder moet voorkomen worden dat wordt verondersteld dat het alleen om de hypotheekverstrekker gaat.
Aangezien er na de start van het experiment diverse schuldeisers bij zijn gekomen, adviseer ik u om artikel 1.2 aan te passen.

Aanbeveling:
[7] Het is aan te bevelen om het begrip ‘verstrekker’ van artikel 1.2 in het definitie artikel op te nemen.

Geplaatst in Belastingrecht, Bestuursrecht, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt | Tags: , | Plaats een reactie

Het risicoprofiel dat de bank aan de klant toekent is geheim, evenals de feiten waarop dat profiel is gebaseerd | rechtbank Den Haag, Wwft

Een van de schadelijke kanten van privatisering van de criminaliteitsbestrijding naar (onder meer) banken is dat je als klant ernstige hinder en schade kunt ondervinden, maar dat de bank geen verantwoording hoeft af te leggen van de redenen om de klant als criminaliteitsrisico aan te merken.

Dat volgt uit een uitspraak van de rechtbank Den Haag tegen bunq.

Vragen van de bank
In die zaak werd de rekeninghouder lastig gevallen met akelige vragen van de bank. Mooi is dat de bank het doet voorkomen of zij in het belang van de klant handelt, want er staat:

In the interest of your accounts safety, we regularly monitor the activity and transactions on bunq accounts.

waarna vervolgens de klant zelf verantwoording moet gaan afleggen en binnen veertien dagen deze gegevens moet opsturen:

Thats why we kindly ask you to provide documents about your source(s) of income before 2023-1127.

Accepted documents are
recent salary payslip
employment contract
tax declaration
bank statement of another account of yours no older than 3 months
another document clarifying the source of the money received on your bunq account, not older than 3 months
Once you provide the requested documents, our team will review your response and get back to you in 2-4 business days.

De bank stuurt dat bericht op 13 november 2023, vervolgens worden op 17 en 21 november reminders gestuurd. Als de klant niet reageert blokkeert bunq op 24 november (dus 11 dagen na het eerste verzoek, als de termijn nog niet is verlopen) de rekeningen. Dan moet die klant wel een serieuze crimineel zijn, anders doet een bank dat toch niet zou je denken.
Diezelfde dag levert de klant gegevens aan de bank en worden zijn rekeningen gedeblokkeerd.

Inzageverzoek op grond van de AVG
De klant is niet blij met het optreden van de bank en verzoekt de bank op 29 november 2023 om inzage in gegevens over hem in het algemeen en gegevens die over hem zijn verwerkt in kader van de blokkering van zijn rekeningen.
Nu is bunq minder snel want het antwoord komt pas op 2 januari 2024. Er worden enige gegevens verstrekt, maar dat vindt de klant niet voldoende:

2.7. Op 5 januari 2024 heeft [verzoeker] de functionaris gegevensbescherming van Bunq per e-mail benaderd. In dit bericht staat:

[] Uit uw reactie blijkt dat Bunq stelt dat er momenteel geen persoonsgegevens door Bunq worden verwerkt met betrekking tot de blokkade van mijn rekening en dat eventuele logica achter de besluitvorming niet uitgelegd kan worden. Omdat ik het niet geloofwaardig vind dat Bunq geen enkele boekhouding of logs bijhoud over dergelijke ingrijpende handelingen, ben ik van plan om naar de rechter te stappen om de gebrekkige inzage op te laten lossen. Ik verzoek Bunq daarom onder artikel 18 van de AVG om al mijn persoonsgegevens die relevant zijn voor mijn inzageverzoek veilig te stellen en te voorkomen dat deze worden gewist.
Mocht u per abuis vergeten zijn een bijlage met de gevraagde informatie bij te voegen verzoek ik u die voor 10 januari 2024 aan mij te verstrekken.[]

Bunq verklaart aan het verzoek te voldoen.

Verzoek aan de rechtbank
De klant dient op 5 februari 2024 een AVG-verzoek bij de rechtbank in. Twee maanden later, in april, komt de bank aanvullende gegevens:

2.10 Op 10 april 2024 heeft Bunq aan [verzoeker] aanvullende gegevens verstrekt die Bunq in relatie tot [verzoeker] heeft verwerkt. Het gaat daarbij om naam, contactgegevens, nationaliteit, aantal betalingen en risicoscore van [verzoeker] en de documentatie die [verzoeker] zelf heeft aangeleverd om (de herkomst van) zijn inkomsten vast te stellen. Ook heeft Bunq meegedeeld welke online publieke bronnen over [verzoeker] door Bunq zijn geraadpleegd.

2.11 Op 23 april 2024 heeft Bunq een nadere toelichting aan [verzoeker] verstrekt omtrent de blokkering van zijn rekeningen. Daarbij heeft Bunq toegelicht dat de reden dat een cliëntenonderzoek naar hem is ingesteld een hit van het Transactie Monitoringsysteem op een bepaalde betalingstransactie van [verzoeker] is geweest.

Dat vindt de klant niet voldoende, want zijn verzoek omvatte meer:

3.1 [verzoeker] verzoekt dat Bunq wordt opgedragen om hem volledige inzage in zijn persoonsgegevens te verschaffen, inclusief alle informatie die staat gespecificeerd in artikel 15 AVG. Zonder het verzoek te beperken tot deze specifieke elementen gaat het [verzoeker] in bijzonder om de volgende informatie:

1. een kopie van alle persoonsgegevens die betrekking hebben op de volgende aspecten:

a. informatie over [verzoeker] die aanleiding is geweest voor de controle en de daarop volgende blokkade en opheffing van de blokkade;
b. informatie die over [verzoeker] is verwerkt als onderdeel van het besluitvormingsproces rondom de blokkade en de opheffing daarvan, inclusief de opmerkingen van medewerkers over [verzoeker] , risicoprofielen die zijn opgesteld en informatie die met derde partijen is uitgewisseld;

2. indien de persoonsgegevens van [verzoeker] zijn ontvangen door derde partijen, inzage in deze gegevens, evenals inzage in de ontvangers binnen Bunq waarbij de functieomschrijving of naam van de afdeling van de ontvanger voldoende informatie is;
3. indien er persoonsgegevens van [verzoeker] van externe bronnen zijn ontvangen, inzage in wat die bronnen zijn, ook als het gaat om openbare bronnen;
4. indien er gebruik is gemaakt van geautomatiseerde besluitvorming of gerelateerde verwerkingen zoals het toekennen van risicoprofielen wil [verzoeker] betekenisvolle inzage in de logica van de verwerking en de voorziene gevolgen van deze verwerking.

De klant handhaaft zijn verzoek aangezien de klant nog steeds niet weet waarom zijn rekeningen geblokkeerd zijn geweest en er geautomatiseerde besluitvorming als bedoeld in artikel 22 AVG heeft plaats gevonden.

Bunq weigert meer informatie te verstrekken en stelt dat het haar niet vrij staat om meer informatie over het cliëntenonderzoek, met name de opzet daarvan, te verstrekken dan zij tot nu toe heeft gedaan. Verder beroept de bank zich op de uitzonderingsgronden van artikel 41 UAVG (3.3):

Tot slot stelt Bunq dat zij, met een beroep op de uitzonderingsgronden van artikel 41 Uitvoeringswet Algemene Verordening Gegevensbescherming (hierna: UAVG), geen verdere inzage hoeft te verlenen met het oog op het voorkomen van strafbare feiten en het beschermen van bedrijfsgeheimen. Bunq moet voldoen aan de plichten die voor haar voortvloeien uit de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (hierna: Wwft) en maakt daarbij onder andere gebruik van haar Transactie Monitoringsysteem. Het prijsgeven van de werking van dat systeem en de besluitvorming daaromtrent levert een risico op dat kwaadwillende personen het systeem zullen omzeilen.

Oordeel rechtbank
De rechtbank wijst een deel van het verzoek af met als argument dat Bunq heeft voldaan aan dat deel van de verzoeken van de klant en de klant daarom geen belang meer heeft.

Voor het overige worden de verzoeken afgewezen op andere gronden.
De rechter oordeelt dat geen sprake zou zijn geweest van geautomatiseerde besluitvorming, omdat het Transactie Monitoringssysteem van de bank een hit heeft opgeleverd die vervolgens door medewerkers is beoordeeld (4.9, 4.10) [*]
Vervolgens honoreert de rechtbank het beroep van de bank op artikel 41 UAVG:

4.12 Bunq heeft op grond van de Wwft verschillende verplichtingen om witwassen en financiering van terrorisme te voorkomen. Bunq heeft toegelicht dat een betalingstransactie van [verzoeker] een hit gaf in het Transactie Monitoringssysteem en Bunq op basis daarvan meende op grond van de Wwft een cliëntenonderzoek in te moeten stellen. Inzage in het proces van informatieverzameling en -selectie alsmede de besluitvorming van Bunq op basis hiervan, kan tot gevolg hebben dat inzicht wordt gegeven in de werking en de triggers van het Transactie Monitoringssysteem. Het bekend worden van deze informatie kan tot gevolg hebben dat kwaadwillende personen kennis vergaren waarmee de werking van het systeem kan worden ondermijnd. De rechtbank is van oordeel dat in deze zaak het belang van Bunq om aan de wettelijke plichten uit de Wwft te voldoen en daarmee bij te dragen aan het voorkomen van strafbare feiten zwaarder weegt dan het individuele belang van [verzoeker] bij concretisering waarom hij is onderworpen aan een cliëntenonderzoek. De rechtbank weegt daarbij mee dat [verzoeker] ervan op de hoogte is gesteld dat een betalingstransactie aanleiding is geweest voor het cliëntenonderzoek en dat hij inzage heeft in alle door hemzelf verrichte betalingstransacties. Daarmee is [verzoeker] dus niet volledig verstoken gebleven van enige vorm van toelichting.

Dat is een gevaarlijk oordeel, want het heeft tot gevolg dat de bank ongebreideld fouten kan maken bij de risicoprofilering, zonder dat een klant die fouten kan onderkennen en corrigeren.

 

 

[*] De vraag is of hier wel sprake is geweest van betekenisvolle menselijke tussenkomst, dat stelt de rechtbank niet aan de orde.
Lees ook het advies van de landsadvocaat over de toepasselijkheid van artikel 22 AVG. Daarin wordt besproken dat een besluit om handmatig te controleren (mede) afhankelijk is geweest van de uitkomsten van een profilerend selectiesysteem (pagina 18 eerste alinea). Door een dergelijk besluit kan een betrokkene in aanmerkelijke mate worden getroffen (ook al is de uitkomst gunstig). Een dergelijke ‘handmatige controle’ naar aanleiding van een automatische ‘hit’ was in de bunq zaak ook aan de orde.

 

 


Aanvulling 6 november 2024
Lees over de uitspraak ook het artikel Banken hoeven je niet te vertellen waarom je een frauderisico bent, oordeelt de rechtbank van Jan-Hein Strop op Follow the Money (betaalmuur).

Geplaatst in Bankrekening krijgen en behouden, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, ICT, privacy, e-commerce | Tags: , , , , , , , | Plaats een reactie

The EBA’s new datasets

In the new Working Progamme 2025 (announcement, programme), the European Banking Authority (EBA) has high expectations of the enhanced data infrastructure and the data portal it is creating.
For instance on page 11 of the programme, that speaks of ‘new data sets’ (marking by me):

33. Contributing to the EU’s Supervisory Data Strategy, the implementation of the EBA’s own Data Strategy will improve the way regulatory data is acquired, compiled, used, and disseminated to relevant stakeholders, and will strengthen the authority’s analytical capabilities. The EBA will continue to leverage on its EUCLID platform to enable data flows between diverse endpoints and provide access to high-quality, curated data and insights to internal and external stakeholders by employing more advanced technical capabilities, with the objective to foster the ingestion and dissemination of critical data assets, insights and analytics policies as well as to go-live with the Pillar 3 data hub requested by the level 1 legislation. The EBA dissemination platform will be further expanded to new data sets. The EBA reporting framework and EUCLID scope will cover also new scope of entities with DORA and MiCAR reporting. In addition, the EBA will continue developing the relevant ESG related data and metrics within the disclosures and reporting.

34. In 2025 the EBA will finalise implementation and transition to the improved data point model and methodology (the DPM standard 2.0) to ensure the EBA data dictionary is fit for future challenges of reporting and digital processing. (…)

and on page 40:

As part of its data strategy, the EBA will capitalise on EUCLID, the European Centralised Infrastructure of Data, which became operational in 2020 and provides a reliable, secure and efficient platform to collect and process micro and aggregated data for all financial institutions. EUCLID includes data on smaller institutions and specialised business models, which will allow more proportionality in the EBA’s work, resulting in more comprehensive analyses and better impact assessments. The EBA aims to reduce the burden for banks and competent authorities by maximising already reported supervisory data when supporting ad hoc data collections.

The upgraded data infrastructure and broader data set will support the implementation of the EBA’s data strategy, allowing to provide access, via a dissemination portal, to high-quality data and insights to internal and external stakeholders, by employing more advanced technical capabilities.

Geplaatst in English - posts in English on this blog, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, ICT, privacy, e-commerce | Tags: , , | Plaats een reactie