Wwft-cliëntenonderzoek bij consumenten | Aegon

Aegon Bank heeft zijn rekeninghouders niet geïdentificeerd [1], zo leid ik af uit een ongedateerd bericht [2] dat ik zag op de site van de bank (want waarom vraag je zo dringend om een scan van een identificatiebewijs, als je dat al lang hebt?). Dat betekent een ernstige overtreding van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft).

De Wwft schrijft voor dat banken voorafgaand aan het openen van de bankrekening hun cliënten moeten identificeren. Er is geen verplichting om dat op een later tijdstip opnieuw te doen. De Aegon tekst “Door strengere wet- en regelgeving zijn financiële instellingen verplicht om het maximale te doen om financiële criminaliteit te voorkomen. Als bank moeten wij nog beter weten wie onze klanten zijn en waar zij hun rekening voor gebruiken. We vragen je daarom om jouw identiteit opnieuw te bevestigen en een aantal vragen over rekening te beantwoorden” is daarom onjuist. De Wwft schrijft geen her-identificatie voor. De cliëntenidentificatie (en de rest van het cliëntenacceptatie-onderzoek) moet bij het aangaan van de relatie worden verricht.

De bank dreigt met het sluiten van de rekening als de rekeninghouder niet opnieuw een identiteitsbewijs aan de bank verschaft, wat onzorgvuldig is.

Monitoring van de transacties van rekeninghouders
Op grond van de Wwft schrijft moet de bank de transacties van de cliënten monitoren en als daar aanleiding voor is extra vragen stellen. Die rekeninginformatie waarover de bank beschikt is veel informatiever dan vragen stellen aan consumenten, zoals deze bank kennelijk doet. Bij de veelgestelde vragen komt de aap uit de mouw, want daar wordt antwoord gegeven op de vraag “Waarom wil Aegon weten waar mijn geld vandaan komt?“. Aegon schrijft:

Bij financiële transacties die onder de Wet ter voorkoming van witwassen en het financieren van terrorisme (Wwft) vallen zijn wij verplicht om onderzoek te doen naar waar jouw geld vandaan komt. Je verklaring over de herkomst van het geld moeten wij als bank kunnen onderzoeken, bijvoorbeeld door het opvragen van documenten. Welke informatie precies nodig is hangt onder andere af van de herkomst van het geld.

Staat de herkomst van jouw geld niet in de keuzelijst?
Neem dan contact op met onze klantenservice (…)

Ten onrechte schrijft de bank dat de verplichting alleen zou gelden voor “financiële transacties die onder de Wet ter voorkoming van witwassen en het financieren van terrorisme (Wwft) vallen“. Alle financiële transacties vallen onder de Wwft, simpel.

Uit de tekst blijkt dat consumenten zullen worden lastig gevallen met gestandaardiseerde vragen over de herkomst van hun geld. Ik blijf dat bijzonder vinden, nu banken op een goudmijn van transactiegegevens zitten.

Ergernis
De vragen die banken aan hun rekeninghouders stellen, wekken ergernis op. Dat valt ook af te leiden uit een algemene informatiepagina van de vereniging van banken en betaaldienstverleners, de Betaalvereniging [3], waarop valt te lezen:

Onderzoek door een financiële instelling voelt als een inbreuk op je persoonlijke levenssfeer en een gebrek aan vertrouwen.

Het is duidelijk dat er klachten zijn, daar zouden banken eens iets mee moeten doen.

Betaalvereniging over cliëntenonderzoek
Op dezelfde pagina van de Betaalvereniging is een nadere toelichting op het cliëntenonderzoek te vinden, die bij Aegon en andere banken ontbreekt:

Wat merk je als klant?
Een financiële dienstaanbieder vraagt naar je achtergrond, intenties en motieven. De diepgang van de screening verschilt tussen particulieren en bedrijven en is afhankelijk van de risicocategorie waar je in valt: een eenvoudige screening en monitoring bij laagrisico-klanten en verscherpte onderzoeken bij klanten met een hoger risicoprofiel. Afhankelijk van de uitkomst van de screening word je geaccepteerd als klant of niet. Ben je klant, dan start het monitoren. Daar merk je meestal niets van, tenzij er uit de monitoring iets verdachts of ongebruikelijks komt. De dienstverlener neemt dan contact met je op om een actie vanuit jouw rekening te controleren. Als je die niet goed kunt verklaren, kan je risicoprofiel worden bijgesteld of, in het uiterste geval, de klantrelatie worden beëindigd. Denk bijvoorbeeld aan een jonge klant met een laag risico die zich na een paar jaar laat verleiden om geld voor een ander door te sluizen. Uit het daarop volgende cliëntenonderzoek blijkt dat hij of zij als geldezel heeft gehandeld. Dat betekent meestal dat hij of zij onmiddellijk als klant wordt geweigerd.

Ook wordt het onderzoek naar de transacties uitgelegd:

Achter de schermen bij monitoring van bestaande klanten
Nadat de klant is geaccepteerd, screent de financiële instelling vervolgens zijn transacties en activiteiten op verdachte of ongebruikelijke situaties. Die situaties kunnen onder meer betrekking hebben op bedragen, tijdstippen, locaties en gebruikte apparaten. Passen de transacties wel in het risicoprofiel van de klant en wijken de activiteiten niet teveel af van wat gebruikelijk is bij deze klant? Er wordt dan gekeken naar data van voor, tijdens en na de transactie. Tegenwoordig combineren financiële instellingen intern verkregen informatie steeds vaker met gegevens uit openbare bronnen.

Dat gaat in de praktijk niet altijd goed, maar daar hoor je niet zoveel over. Voorbeelden staan in mijn eerdere artikelen over consument en Wwft met name van 2 februari en van 2 april.

AVG-verplichtingen
In dit verband is interessant of de bank wel aan de AVG-verplichting tot het informeren van de klanten inzake de gegevensverwerking op grond van de Wwft heeft voldaan [4]. De teksten die ik bij Aegon en de Betaalvereniging zag, voldoen daar niet aan.

Op de Betaalvereniging-pagina wordt gemeld dat bij de monitoring gebruik wordt gemaakt van kunstmatige intelligentie of artificial intelligence (AI), toegespitst op big data analytics en behaviour analytics, aan de hand waarvan niet alleen ongebruikelijke of verdachte patronen worden gesignaleerd. Ook worden er voorspellingen gedaan. Dat doet de vraag rijzen of geautomatiseerde individuele besluitvorming plaats vindt, als bedoeld in artikel 22 AVG en of de bank aan de eisen van de AVG heeft voldaan.

Het valt te hopen dat de banken niet dezelfde fouten maken als de Belastingdienst in de toeslagenaffaire, waar burgers werden gediscrimineerd in het kader van vermeende fraudebestrijding.

Tot slot
Aegon probeert deze operatie te verkopen als iets wat de veiligheid voor de consument bevordert, terwijl het in werkelijkheid gaat om het door de bank naleven van Wwft-voorschriften, waarmee de bank kennelijk ernstig in gebreke is. Uit de informatie blijkt voorts niet dat de banken de AVG correct naleven.

Er is dus nog veel te doen voor de bankensector.

Noten
[1] De Wwft spreekt over ‘verifiëren’ van de identiteit aan de hand van een identiteitsbewijs.
[2] Pagina met de misleidende titel “Nu én in de toekomst veilig bankieren“.
[3] Ken uw klant in het kort, betaalvereniging.nl.
[4] Artikel 13 en verder AVG.

Over Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

Verbonden aan Pellicaan Advocaten, http://www.pellicaan.nl/, kantoor Rotterdam, telefoon 088-6272287, fax 088-6272280, e-mail ellen.timmer@pellicaan.nl ||| Weblogs: algemeen: https://ellentimmer.com/ || modernisering ondernemingsrecht: http://flexbv.wordpress.com/ ||| Motto: goede bedoelingen rechtvaardigen geen slechte regels
Dit bericht werd geplaatst in Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, rechtsstaat e.d. en getagged met , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

10 reacties op Wwft-cliëntenonderzoek bij consumenten | Aegon

  1. Jos Peters zegt:

    Wat nu als je zoals ik in 1987 cliënt geworden bent van een bank en dat nog bent? Er was toen toch geen Wwft?

    • Ook in 1987 moesten banken bij het openen van een rekening al hun cliënten identificeren aan de hand van een identificatiedocument zoals paspoort.
      Sinds het in werking treden van de Wet MOT en Wid, daarna de Wwft, is er meer nodig. Na inwerkingtreding van die wetten, moesten banken hun cliënten benaderen om extra informatie te verzamelen.

      Een van de boeiende onderdelen van de Wwft is overigens dat gegevens van het cliëntenonderzoek pas mogen worden verwijderd als de zakelijke relatie is geëindigd. Dat betekent dat Wwft-plichtigen met een langdurige relatie (zoals banken) tot in het einde van dagen allerlei gegevens moeten bewaren.

  2. K de Groot zegt:

    LS, mijn vraag is of alleen controle bij onboarding op PEP’s voldoende is. Men kan nl na oboarding PEP worden. Of juist niet meer PEP zijn. Regelmatige controle, niet alleen op tansacties, maar juist of men PEP is (geworden) of juist niet meer is, is nodig.
    Mvrgr,
    K. De Groot

    • De identificatie moet plaats vinden bij het aangaan van de zakelijke relatie – ook bij consumenten – en hoeft niet vernieuwd te worden. De overige elementen van het cliëntenonderzoek kunnen op een risicogebaseerde wijze worden hernieuwd.
      Één van die elementen is of iemand een PEP geworden is. Overigens kunnen er mensen zijn die PEP worden zonder het te weten, zoals de ouders van een lid van de Tweede Kamer.

      • Klaas de Groot zegt:

        Exact. Maar het feit dat iemand PEP is geworden na onboarding, justificeert toch zeker ook wel een verscherpt clientenonderzoek? Anders zouden alle bestaande klanten van WWFT-plichtigen nooit verscherpt clientenonderzoek ondergaan, als ze PEP worden. Of nog erger voor de persoon in kwestie: als men geen PEP meer is? Blijven dan de transacties tot in lengte van dagen ondwerhevig aan verscherpt clientenonderzoek, als men all lang geen PEP meer is (usance na 1 jaar).?

      • Stap 1 is dat moet worden nagegaan of cliënten (natuurlijke personen) of hun ubo’s ‘PEP’ zijn.
        Stap 2 is vervolgens dat als de cliënt of ubo een PEP is, passende maatregelen moeten worden genomen, vaak aangeduid als ‘verscherpt’ cliëntenonderzoek. Meer informatie staat in de Wwft. Daar is ook te vinden:

        Indien de cliënt of de uiteindelijk belanghebbende niet langer een prominente publieke functie bekleedt, past de instelling passende risicogebaseerde maatregelen zo lang als nodig, doch ten minste gedurende 12 maanden toe, totdat deze persoon niet langer het hoger risico met zich brengt dat hoort bij politiek prominente personen.

        Dus vanaf twaalf maanden nádat het PEP-schap is geëindigd kunnen op risicogebaseerde wijze de extra maatregelen worden afgebouwd.

        In gewoon Nederlands: het maakt verschil of het minister Rutte is of een minister van Oeganda.

        Er zal ook een verschil zijn tussen minister Rutte en minister Van Rijn. Aangenomen mag worden dat minister Rutte de rest van zijn leven hoog-risico is, vanwege zijn langdurige betrokkenheid bij de Nederlandse regering.

      • Klaas de Groot zegt:

        Dank voor de uitleg, helder. De trigger voor PEP verscherpt client onderzoek is onboarding. Maar wat is de trigger voor bestaande klanten, als men PEP is geworden, of als men geen PEP meer is en de 12 maanden Is afgelopen? Blijven ex-PEP’s dan tot in de eeuwigheid op hun transacties gemonitord? Of is er een andere trigger waarna gecontroleerd wordt/moet worden, als er verandering is in de PEP status van een bestaande klant?

      • Het PEP onderzoek moet bij cliëntenacceptatie worden uitgevoerd en daarna op risico-gebaseerde wijze worden herhaald. Zie het eerdere antwoord.

  3. Bas Martens zegt:

    Geachte Collega, complimenten voor dit stuk.

    Ik vraag mij af: zou Aegon dit onderzoek niet verrichten om te voldoen aan de overgangsregeling in artikel 38 Wwft? Als die controle niet tot resultaat leidt, dan is het cliëntenonderzoek ten aanzien van de betreffende klant niet meer volledig en kan ik mij voorstellen dat de bank de rekening moet sluiten.

    Ik ben het volledig met u eens dat de bank anders dan bij een verscherpt cliëntenonderzoek of bij PEP’s in standaardgevallen niet hoeft te onderzoeken waar het geld van de rekeninghouder vandaan komt.

    • Klopt dat Aegon het cliëntenonderzoek moet verversen, maar de bank moet de cliënten, ook als het consumenten zijn, al bij het openen van de rekening te hebben geïdentificeerd. De overgangsregeling van artikel 38 Wwft is al heel lang geleden in werking getreden, het maakt een vreemde indruk als het cliëntenonderzoek dan pas nu wordt uitgevoerd.
      Uit de informatie op de pagina van Aegon valt af te leiden dat er gestandaardiseerde vragen naar de herkomst van het vermogen worden gesteld, ik vraag me af of dat nodig is en waarom ze het doen als ze de transacties op de rekeningen volledig kunnen analyseren.
      Overigens ben ik benieuwd naar de gestandaardiseerde antwoorden die Aegon aanreikt en of de consumenten het juiste antwoord kunnen kiezen. De Wwft is nl. een mandarijnenwetenschap die door gewone burgers vaak niet goed wordt begrepen.

Laat een reactie achter op Jos Peters Reactie annuleren

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s