Binnenkort wordt tijdens de vergadering van de Nederlandse Juristen-Vereniging (NJV) onder meer het preadvies van Daan Doorenbos over de complexiteit van de antiwitwaswetgeving besproken [1].
Het preadvies geeft een goede inleiding op enige basisbeginselen van deze regelgeving en de ingewikkeldheid er van. Daarna gaat hij in op de ongewenste gevolgen die de strafrechtelijke handhaving bij banken heeft gehad. Doorenbos besluit met de aanbeveling om niet-naleving van de antiwitwasregels niet langer als een strafbaar feit aan te merken. Het bestuursrechtelijke sanctie-intrumentarium is naar zijn oordeel voldoende.
Diverse andere knelpunten in de antiwitwaswetgeving blijven buiten beschouwing, zoals de vraag of de grote groep van witwasbestrijdingsplichtigen [2] überhaupt wel geschikt is voor de aan hen toebedeelde overheidstaken (zeker als het mkb-ondernemingen zijn) en de veronderstelling dat door middel van digitale risicoprofilering criminaliteit kan worden gedetecteerd met alle vervelende gevolgen van dien [3].
Noten:
[1] De preadviezen 2026 zijn hier te downloaden. Het thema is ‘De uitvoerbaarheid van wet- en regelgeving onder druk‘. De preadviseurs zijn: Michiel Tjepkema, Georgina Kuipers, Daan Doorenbos, Ruben Houweling en Kees van der Staaij.
[2] Zoals boekhouders en makelaars.
[3] Aangezien criminelen heel veel doen wat gewone mensen ook doen, kunnen digitale systemen (die op analyse van oude criminele gevallen gebaseerd zijn) handelingen die niet-criminelen doen en lijken op wat criminelen in het verleden deden, als vermoedelijk crimineel aanmerken, met vervelende gevolgen voor de niet-criminele personen. Dat is mogelijk aan de orde bij de persoon die tegen bunq procedeert (artikel).

