De witwas bestrijdende actoren van de minister van financiën | Wwft

Begin januari 2019 publiceerde het ministerie van financiën een brief over de Nederlandse witwasbestrijding met een aantal bijlagen. In de brief wordt het begrip “aanscherpen” flink gebruikt. Natuurlijk rinkelt de brief van ‘beheersen van risico’s’ en ‘gedrag en cultuur’.

Er is artificial intelligence nodig om te zien of in dit soort documenten iets nieuws staat en of gewone mensen er iets mee kunnen in het kader van de naleving van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft), een wet die zeer vele stuurlui op de wal kent.

Onafhankelijk wetenschappelijk onderzoek vindt in dit domein niet plaats, wel iets wat door de Minister van Financiën ‘beleidsonderzoek’ wordt genoemd. Daarmee wordt onder meer gedoeld op het rapport in opdracht van de WODC door een werkgroep onder leiding van professor Unger, iemand die voor zover mij bekend nog nooit enige belangstelling heeft getoond voor de praktijk van de witwasbestrijding.

Brief minister | beleidscyclus aan de hand van geïdentificeerde witwasrisico’s
De Minister van Financiën schreef de brief onder meer naar aanleiding van vermeende Russische witwasconstructies waarbij Nederlandse banken een rol zouden spelen. In de brief komt ook het antiwitwasbeleid in het algemeen aan de orde en is de nieuwste antiwitwasmarketing te vinden.

De minister spreekt over een beleidscyclus aan de hand van “geïdentificeerde witwasrisico’s“, die volgens de minister uit rapporten kan worden afgeleid.
Dat zijn onder meer Nationale Risicoanalyse (NRA) witwassen (WODC, december 2017), de NRA voor de BES-eilanden (bijlage 1 bij de brief), een rapport over aard en omvang van criminele bestedingen in opdracht van het WODC, door een werkgroep onder leiding van professor Unger (bijlage 2 bij de brief) en de monitor anti-witwasbeleid (bijlage 3 bij de brief). Bijlage 2 en 3 komen hierna ook aan de orde.

De minister denkt momenteel na of de rapporten gevolgen hebben voor de witwasbestrijding. De burger (zoals de Wwft-plichtige ondernemer) wordt daar niet bij betrokken. Voor die burger heeft de minister geen belangstelling, wel voor de sensatieverhalen in de media. Zoals gebruikelijk is er in de brief veel aandacht voor mogelijk crimineel gedrag en geen aandacht voor het feit dat voorkomen en bestrijden van criminaliteit door private ondernemingen makkelijker gezegd dat gedaan is.

Transactiemonitoring
De belangrijkste vorm van private opsporing gebaseerd op de Wwft is dat Wwft-plichtigen de transacties die via hen plaats vinden moeten ‘monitoren’. De banksector kent de meeste transacties en staat daardoor in het middelpunt van de private criminaliteitsbestrijding. Het buzz-woord in dit verband is ‘effectieve transactiemonitoring’.

Indicatoren, typologieën en red flags
De transactiemonitoring wordt geacht op gestructureerde wijze plaats te vinden. Een voorbeeld van de denkwijze van de overheid is dat in de brief van de minister de betrokkenheid van handelaren in fruit en bloemen een ‘indicator’ van criminaliteit wordt genoemd.
Het vreemde gebruik van het woord ‘indicator’ in de Wwft blijft verbazen. Met begrippen als ‘indicator’, ‘witwastypologie’ en ‘red flag’ wordt een objectieve indruk gewekt. In werkelijkheid is sprake van ad hoc gebeurtenissen. Praktisch betekent deze aanpak van FATF, FIU-Nederland en hun nationale en internationale overheidsvrienden dat als er in een bepaalde sector rotte appels zijn, de complete sector verdacht wordt verklaard.
Al eerder signaleerde ik de ondermaatse kwaliteit van de zgn. ‘guidance’ van clubs als de Egmont groep. Het is een gevolg van het ontbreken van tegenspraak in dit beleidsterrein.

Natte vinger?
Bijlage 2 bij de brief van de minister is het al eerder bekend gemaakte rapport van 134 pagina’s over aard en omvang van criminele bestedingen, een rapport door een groep onder leiding van professor Brigitte Unger, met medewerking van onder meer Joras Ferwerda. Of dit meer dan een ‘natte vinger’ verhaal is, kan ik niet beoordelen.
Voor de vraag of de Wwft praktisch uitvoerbaar is, is dit rapport niet van belang.

“de witwas bestrijdende actoren” en de “actoren in het handhavingsnetwerk witwassen”
Spannender wordt het bij de monitor anti-witwasbeleid, bijlage 3 bij de brief. Hierin wordt het antiwitwasbeleid ‘gemonitord’. De FATF bedenksels worden in deze monitor klakkeloos als uitgangspunt genomen.
In deze monitor worden de Wwft-plichtigen aangeduid als “de witwas bestrijdende actoren” en wordt onder meer de vraag gesteld:

 In welke mate komen de witwas bestrijdende actoren tegemoet aan de gestelde eisen?

Hier blijkt al uit dat men zich niet wenst te verdiepen in de positie van die Wwft-plichtigen, laat staan in de vraag of de regelgeving begrijpelijk is en de eisen redelijk zijn.

Opvallend is dat in de monitor niet de Wwft-plichtigen worden onderzocht maar dat een onderzoek is ingesteld naar andere actoren, nl. de “actoren in het handhavingsnetwerk witwassen“. Zie bijvoorbeeld pagina 33 van de monitor, waar wordt gezegd:

De basis van de monitor is een analyse per actor in het handhavingsnetwerk witwassen.

Vervolgens wordt een opsomming geven met daarin de Wwft-toezichthouders, FIU, politie, FIOD, AMLC, OM, rechtspraak, CJIB, Douane en de twee betrokken ministeries. Volstrekt bizar dat alleen de handhavingsactoren zijn onderzocht.

Een dergelijk rapport kan niet tot goede conclusies leiden. Dat is ook zichtbaar, want de toename van het aantal meldingen van ongebruikelijke transacties (paragraaf 18.1.1) betekent niet dat de Wwft zinvol is. Dat de wetgeving rondom witwasbestrijding is uitgebreid en er veel meer Wwft-plichtigen zijn (paragraaf 18.1.2) zegt evenmin iets. Terecht wordt er – zij het omfloerst – geconcludeerd dat er niets kan worden gezegd over de vraag of de Wwft zinvol is (paragraaf 18.1.3). Daarbij valt overigens op dat er nauwelijks wordt uitgesplitst naar type Wwft-plichtige. Het zou dus zomaar kunnen zijn dat de Wwft een hoop werk betekent voor zowel overheid als burger en niets oplevert…

Conclusie
De conclusie kan zijn dat de ambtenaren en andere bij de documenten betrokkenen ijverig van alles hebben opgeschreven, maar dat wat er werkelijk belangrijk is buiten beeld is gebleven. Het geld wat dit kost kan anders worden besteed.

Praktische tips
Tot slot nog wat praktische tips voor de Nederlandse en Europese overheid:

  • Nationaliseer de banken.
  • Schaf de Wwft af voor het MKB en vervang de Wwft door iets simpelers wat begrijpelijk en uitvoerbaar is voor het MKB.
  • Verbeter de kwaliteit van de overheidsorganisaties die met de Wwft bezig zijn, met name FIU-Nederland en de Wwft-toezichthouders.
  • Zorg voor goede witwasbestrijdingsinformatie voor degenen die met de Wwft te maken hebben. De huidige informatievoorziening is nog steeds één grote chaos (zie artikel 2015, artikel 2016).
  • Voer een menselijkheidstoetsing in voor alle wetgeving.

Over Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

Verbonden aan Pellicaan Advocaten, http://www.pellicaan.nl/, kantoor Rotterdam, telefoon 088-6272287, fax 088-6272280, e-mail ellen.timmer@pellicaan.nl ||| Weblogs: algemeen: https://ellentimmer.com/ || modernisering ondernemingsrecht: http://flexbv.wordpress.com/ ||| Motto: goede bedoelingen rechtvaardigen geen slechte regels
Dit bericht werd geplaatst in Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft en getagged met , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s