Databescherming in fiscale procedures | Hof Arnhem-Leeuwarden 19 juli 2022

Ook in het procesrecht speelt databescherming een rol, daar schreef ik al over, onder meer dit en dit. In een uitspraak van Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van juli 2022 komt het thema eveneens aan de orde.

In deze zaak tussen een belastingplichtige (‘belanghebbende’) en de belastinginspecteur, weigert de inspecteur met beroep op de AVG bepaalde persoonsgegevens te verschaffen (zie overweging 3.9). Het hof stelt zich op het standpunt dat er een AVG-grondslag is voor verstrekking van de persoonsgegevens, nl. een wettelijke grondslag (artikel 8:42 van de Awb), aldus overweging 3.10.

Echter, zo staat in de uitspraak, er kunnen zwaarwichtige redenen als bedoeld in artikel 8:29 van de Awb bestaan om bepaalde gegevens toch niet te verschaffen. Er zal een belangenafweging moeten plaats vinden, die – vanwege het procesbelang van de belanghebbende – in het voordeel van belanghebbende uitvalt:

3.11 Dat er geen strijd is met de geheimhoudingsplicht of de AVG betekent niet dat er geen zwaarwichtige redenen in de zin van artikel 8:29 van de Awb zouden kunnen bestaan. Artikel 8:29 van de Awb vraagt een eigen afweging van de belangen. Het Hof is van oordeel dat de omstandigheid dat niet denkbeeldig is dat ook in hoger beroep sprake is van omkering en verzwaring van de bewijslast, dat aan belanghebbende een vergrijpboete is opgelegd en de door belanghebbende gegeven toelichting op het belang bij volledige kennisneming van de gegevens met betrekking tot de in de query opgenomen in- en verkochte auto’s in samenhang bezien, maken dat het belang dat belanghebbende heeft bij bekendmaking van die gegevens zwaarder moet wegen dan het belang van derden bij niet-bekendmaking. Dit heeft echter alleen te gelden ten aanzien van de in- en verkopen van de 56 in de naheffingsaanslag betrokken auto’s. Van de in de query opgenomen gegevens van de niet in de heffing betrokken auto’s kan op voorhand worden aangenomen dat er geen wezenlijk belang bij kennisneming door belanghebbende is.

3.12 Het Hof komt tot de slotsom dat de door de Inspecteur verdedigde geheimhouding van de kennisneming van bijlage 1, niet gerechtvaardigd is voor zover deze geheimhouding ziet op de gegevens behorende bij de 56 in naheffingsaanslag betrokken auto’s.

Over Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

Verbonden aan Pellicaan Advocaten, http://www.pellicaan.nl/, kantoor Rotterdam, telefoon 088-6272287, fax 088-6272280, e-mail ellen.timmer@pellicaan.nl ||| Weblogs: algemeen: https://ellentimmer.com/ || modernisering ondernemingsrecht: http://flexbv.wordpress.com/ ||| Motto: goede bedoelingen rechtvaardigen geen slechte regels
Dit bericht werd geplaatst in Belastingrecht, ICT, privacy, e-commerce, Procesrecht, rechtspraak en getagged met , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s