Platformrenseignering: “Vanaf nu weet de Belastingdienst ook wat de fanatieke Marktplaatser verdient” en de vragen van de Tweede Kamer

In het NRC verscheen op 29 januari het door journaliste geschreven artikel Vanaf nu weet de Belastingdienst ook wat de fanatieke Marktplaatser verdient. Het betreft hier de verplichting van digitale platforms om gegevens aan de overheid te leveren ten behoeve van de belastingheffing (‘renseignering’). Privacy First is over deze regelgeving geïnterviewd en ik heb over dit onderwerp namens de organisatie het woord gedaan.

Niet alles is belast
Daarbij moet worden aangetekend dat niet alles wat een Marktplaatsverkoper aan betaling ontvangt ook belast is. Er moet tenslotte sprake zijn van winst uit onderneming of winst uit nevenactiviteiten. Op tweede hands platforms worden veel zaken verkocht die eerder voor een hoger bedrag aangeschaft zijn, dan kan je niet van winst (= opbrengst -/- kosten) spreken.

Kamervragen

Het NRC-artikel en andere artikelen over platformrenseignering hebben geleid tot vragen van leden van de Tweede Kamer, te weten Vermeer en Idsinga, Postma en Six Dijkstra. Daarin worden vragen gesteld die helaas niet zijn gesteld tijdens de parlementaire behandeling van de wet waarin de renseignering is geregeld.

Idsinga c.s. vragen:

Vraag 1 Bent u bekend met bovengenoemde berichten? [1 2 3]
Vraag 2 Bent u het met ons eens dat het belangrijk is dat dat de overheid barrières voor tweedehands spullen niet onnodig hoog moet maken om de circulaire economie te stimuleren?
Vraag 3 Herkent u de zorgen dat veel verkopers van tweedehandsspullen die jaarlijks meer dan dertig items of voor meer dan 2.000 euro verkopen via websites zoals Vinted, Marktplaats of Bol komen straks in beeld komen bij de fiscus en bang zijn dat ze extra belastingen moeten betalen?
Vraag 4 Bent u het met ons eens dat onduidelijkheid rondom de fiscale positie moet worden weggenomen?
Vraag 5 Van hoeveel mensen heeft de Belastingdienst deze informatie, aangeleverd via de digitale platforms, ontvangen?
Vraag 6 Kunt u in een tabel uitsplitsen welke soort categorieën daarbij onderscheiden kunnen worden (waaronder: aantallen items/transacties en verkoopcijfers)?
Vraag 7 Kunt u per categorie aangeven welke opvolging door de Belastingdienst gegeven zal worden? In hoeveel gevallen verwacht u naheffingen en of -vorderingen?
Vraag 8 Hoeveel fte’s bij de Belastingdienst zijn hiermee gemoeid?
Vraag 9 Hoe bakent de Belastingdienst «hobby’s» af van activiteiten en/of transacties die wél van belang zijn voor de belastingaangifte?
Vraag 10 Welke specifieke factoren bepalen het onderscheid tussen «hobby» en «handel» en welke concrete fiscale gevolgen zijn daaraan verbonden?
Vraag 11 Gelden daarbij voor de inkomstenbelasting en de btw dezelfde regels? Zo nee, waarin wijken deze af en waarom? Zo nee, bent u bereid om deze regels voor «standaard situaties» gelijk te trekken?
Vraag 12 Bent u het met ons eens dat een «drempel» van 30 items (of transacties) of een jaaromzet van 2.000 euro te laag is om als ondernemer te kwalificeren? Zo nee, waarom niet?
Vraag 13 Zou de mogelijkheid kunnen worden verkend dat alle items die verkocht worden als tweedehands, tweedekans of via het vinkje «gebruikt» niet in aanmerking hoeven te komen voor de regeling van 2.000 euro of 30 stuks? Zo nee, waarom niet?
Vraag 14 Herkent u het beeld van de in het NOS-artikel aangehaalde registeraccountant dat het lastig is om vast te stellen wanneer je als ondernemer wordt beschouwd en wanneer niet?
Vraag 15 Indien het antwoord op vraag 14 ja is, deelt u dan de mening om hierdoor te pleiten om de fiscale regels (i) via heldere voorlichting onder de aandacht te laten brengen en/of (ii) te overwegen om met nieuwe eenduidige regelgeving (bijvoorbeeld «vaste en objectieve parameters», zoals omzetgrens, winstgrens, etc.) die in de meerderheid van de gevallen zorgen voor duidelijk houvast?
Vraag 16 Indien het antwoord op vraag 14 ja is, kunt u dan aangeven welke initiatieven op deze beide punten reeds lopen en/of bent u bereid om beide verder te verkennen?
Vraag 17 Hoeveel fiscale geschillen zijn op dit moment aanhangig over de vraag of een particulier wel of niet als ondernemer moet worden aangemerkt? Bent u het met ons eens dat het, nu DAC7 van kracht is geworden, zeer aannemelijk is dat (veel) meer disputen zullen volgen?
Vraag 18 Indien het antwoord op vraag 17 ja is, pleit dit dan niet voor meer duidelijkheid zoals genoemd in de vorige vraag?
Vraag 19 Deelt u de angst dat, wanneer voldaan moet worden aan DAC7, naast de inkomsten, ook veel gevoelige persoonsgegevens zoals het Burgerservicenummer van miljoenen gebruikers verzameld zullen worden?
Vraag 20 Deelt u tevens de angst dat als gevoelige persoonsgegevens in verkeerde handen vallen, ze kunnen worden gebruikt voor onder meer identiteitsfraude of online afpersing? Zo ja, wat gaat de regering daartegen doen? Zo nee, waarom niet?
Vraag 21 Kunt u uitgebreid reflecteren op de geuite zorgen uit het bericht van NRC dat PWC vraagtekens zet bij de grote hoeveelheid persoonsgevoelige informatie, met betrekking tot de opslag, beveiliging en overdracht van gegevens, die de bedrijven voor de Belastingdienst moeten verzamelen?
Vraag 22 Kunt u uitgebreid reflecteren op het feit dat een jurist van stichting Privacy First in het NRC-artikel zorgen uit over de beveiliging van de gegevens en de capaciteit voor de handhaving van de regels?
Vraag 23 Hoe verhoudt dit zich tot de Werkagenda Waardengedreven Digitaliseren van het kabinet, waarin gesteld wordt dat het «belangrijk [is] paal en perk te stellen aan publieke en private partijen die allerlei persoonlijke data verzamelen, verhandelen en soms kwijtraken»? [4]
Vraag 24 Wilt u de vragen afzonderlijk en vóór het binnenkort te houden commissiedebat Belastingdienst beantwoorden?

[1] NOS Nieuws, 27 januari 2024, «Verkopen op Vinted of Marktplaats? De Belastingdienst kijkt mee» (https://nos.nl/artikel/2506444-verkopen-op-vinted-of-marktplaats-de-belastingdienstkijkt-mee)
[2] De Telegraaf, 27 januari 2024, «Fiscus kijkt mee met verkoop op Vinted en Marktplaats: dit betekent het voor jouw verdiensten» (https://www.telegraaf.nl/financieel/592506175/fiscus-kijktmee-met-verkoop-op-vinted-en-marktplaats-dit-betekent-het-voor-jouw-verdiensten)
[3] NRC, 28 januari 2024, «Vanaf nu weet de Belastingdienst ook wat de fanatieke Marktplaatser verdient» (https://www.nrc.nl/nieuws/2024/01/28/vanaf-nu-weet-de-belastingdienst-ook-wat-defanatieke-marktplaatser-verdient-a4188372)
[4] Bijlage Kamerstuk 26 643, nr. 1112

Vermeer vraagt:

Vraag 1 In het artikel wordt uiteengezet hoe verkopers in beeld kunnen komen bij de Belastingdienst indien zij meer dan 30 transacties per jaar uitvoeren of hun opbrengst boven de 2.000 euro uitkomt; hoe staat de Nederlandse regering tegenover deze specifieke bovengrenzen uit de DAC7-richtlijn? 1
Vraag 2 Het artikel benoemt het registreren van online verkoop door particulieren; is er sprake van een aparte centrale database die online inkomsten van Nederlanders gaat bijhouden?
Vraag 3 Wordt per persoon alle online verkoop opgeslagen in een centrale database waarbij transacties worden opgeteld, ook wanneer dit gaat om bijvoorbeeld 1.900 euro aan verkoop op 50 verschillende websites?
Vraag 4 Bent u het met mij eens dat de grens voor controle van 30 items per jaar snel gehaald wordt, bijvoorbeeld wanneer belastingplichtige een groot gezin heeft en elk jaar gezinskleding tweedehands verkoopt?
Vraag 5 Bent u van mening dat controle van de Belastingdienst in zo’n geval overdreven is?
Vraag 6 Bent u van mening dat het gebruik van een richtlijn ongewenst is als vaak al niet duidelijk is in hoeverre iemand een ondernemer is voor de Belastingdienst of slechts hobbymatig spullen verkoopt?
Vraag 7 Bent u het met mij eens dat dit de deur op een kier zet naar ongewenste effecten omdat de condities van belastingplichtige verkoop onvoldoende helder zijn zowel bij het publiek als de Belastingdienst?
Vraag 8 Bent u van mening dat hergebruik en circulariteit juist gestimuleerd dient te worden?
Vraag 9 Hoe verhoudt deze registratieplicht voor online verkoop van tweedehandsspullen zich tot de maatschappijbrede ambitie van duurzaamheid en circulariteit?
Vraag 10 Is het volgens u te verwachten dat het toepassen van deze richtlijn burgers afschrikt om tweedehands spullen te verkopen?
Vraag 11 In hoeverre zorgt deze richtlijn voor meer controle, handhaving en administratiekosten bij de overheid?
Vraag 12 Bent u met mij van mening dat er van deze richtlijn een complicerende werking uitgaat op burgers, aangezien zij met steeds meer factoren rekening moeten houden bij het opstellen van hun aangifte?
Vraag 13 Wat zijn de effecten van DAC7 op de regeldruk voor online platformen?
Vraag 14 Hoeveel burgers verwacht u, krijgen een correctie op hun aangifte als gevolg van deze richtlijn?
Vraag 15 Hoe groot is de tweedehandsmarkt van hobbymatige spullen in Nederland naar schatting?
Vraag 16 Wilt u deze vragen afzonderlijk beantwoorden?

Toelichting:
Deze vragen dienen ter aanvulling op eerdere vragen terzake van de leden Idsinga, Postma en Six Dijkstra (allen Nieuw Sociaal Contract), ingezonden 31 januari 2024 (vraagnummer 2024Z01492).

 

Renseignering op dit blog

Over platformrenseignering schreef ik eerder:

Een andere nieuwe vorm van renseignering is de renseignering door betaaldienstverleners (inclusief banken) van grensoverschrijdende betalingen, lees onder meer Overkill in de Europese renseigneringsplicht voor betaaldienstverleners. De gegevens worden geleverd aan een Europese database die in de toekomst een mooie informatiebron zal worden over het betalingsgedrag van burgers.

Onbekend's avatar

About Ellen Timmer

Weblog: https://ellentimmer.com/ ||| Microblog: https://mastodon.nl/@ellent ||| Motto: goede bedoelingen rechtvaardigen geen slechte regels
Dit bericht werd geplaatst in Belastingrecht, Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten en getagd met , , , , , , . Maak de permalink favoriet.

Plaats een reactie