Criminaliteitsbestrijding rechtvaardigt geen ongelimiteerde verzameling van gegevens door de overheid | grondrechten, surveillance

Inbreuk op grondrechten wordt aanvaardbaar geacht als het om terrorismebestrijding of bestrijding van andere als gevaarlijk beoordeelde criminaliteit gaat. Daarbij moeten de overheden zich bij regelgeving die zo’n inbreuk maakt wel houden aan het Europese recht, omdat toegenomen overheidsbevoegdheden risico’s opleveren voor nette burgers.

Dat onderwerp is aan de orde in een zaak die momenteel wordt behandeld bij het Hof van Justitie van de Europese Unie (ECJ). In die zaak werd op 15 januari jl. een advies (‘conclusie’) van de advocaat-generaal aan het Hof bekend gemaakt. Het persbericht over het advies citeert de advocaat-generaal met diens woorden „De middelen en methoden die voor terreurbestrijding worden aangewend, moeten voldoen aan de eisen van de rechtsstaat”.

Het advies heeft betrekking op zaken voorgelegd aan het Hof door rechters uit Frankrijk, België en het Verenigd Koninkrijk. In de zaken rijst in de eerste plaats de vraag of de richtlijn betreffende privacy en elektronische communicatie (Richtlijn 2002/58) van toepassing is op activiteiten die verband houden met de nationale veiligheid en de bestrijding van terrorisme. De advocaat-generaal neemt het standpunt in dat die richtlijn van toepassing is nu in de nationale regelgeving verplichtingen aan particulieren worden opgelegd. Uit het persbericht:

Wanneer daarentegen een beroep wordt gedaan op particulieren, aan wie bepaalde verplichtingen worden opgelegd, ook al is dat om redenen van nationale veiligheid, vallen die activiteiten binnen een gebied dat door het Unierecht wordt geregeld, namelijk dat van de bescherming van de persoonlijke levenssfeer die door die particuliere actoren moet worden gewaarborgd. Bijgevolg is de richtlijn in beginsel van toepassing wanneer aanbieders van elektronische diensten wettelijk worden verplicht om gegevens van hun abonnees te bewaren en de overheid daar toegang toe te geven, zoals in de onderzochte zaken, ook al worden die verplichtingen aan de aanbieders opgelegd om redenen van nationale veiligheid.

Een algemeen digitaal sleepnet acht de advocaat-generaal niet gerechtvaardigd, aldus het persbericht:

Advocaat-generaal … benadrukt dat het onevenredig is om alle verkeers- en locatiegegevens van alle abonnees en geregistreerde gebruikers zonder onderscheid te bewaren.

Alleen gericht onderscheppen en bewaren is gerechtvaardigd,

Daarom pleit hij voor een beperkte en gedifferentieerde bewaring (dat wil zeggen de bewaring van bepaalde categorieën van gegevens gedurende een bepaalde periode die verschilt naargelang van de betrokken categorie; het gaat daarbij om gegevens die absoluut noodzakelijk zijn om criminaliteit op efficiënte wijze te voorkomen en er een doeltreffende controle op uit te oefenen en om de nationale veiligheid te waarborgen). Hij pleit ook voor een beperkte toegang tot die gegevens (…) en dat regels worden vastgesteld om misbruik van en onrechtmatige toegang tot de gegevens te voorkomen

De advocaat-generaal is van oordeel dat de betreffende Franse, Belgische en Engelse regelgeving in strijd is met de richtlijn.

De slotsom in de zaak tegen Frankrijk luidt:

155. Gelet op het bovenstaande geef ik het Hof in overweging om de vragen van de Conseil d’État te beantwoorden als volgt:

„Artikel 15, lid 1, van richtlijn 2002/58/EG van het Europees Parlement en de Raad van 12 juli 2002 betreffende de verwerking van persoonsgegevens en de bescherming van de persoonlijke levenssfeer in de sector elektronische communicatie (richtlijn betreffende privacy en elektronische communicatie), gelezen in samenhang met de artikelen 7, 8, 11 en artikel 52, lid 1, van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie, moet aldus worden uitgelegd dat:

1) het zich verzet tegen een nationale regeling die, in een context die wordt gekenmerkt door ernstige en aanhoudende bedreigingen voor de nationale veiligheid, en met name door terreurgevaar, aan exploitanten en aanbieders van elektronischecommunicatiediensten de verplichting oplegt tot algemene en ongedifferentieerde bewaring van de verkeers- en locatiegegevens van alle abonnees, en van de gegevens die het mogelijk maken om de identiteit vast te stellen van de makers van de inhoud die door de aanbieders van deze diensten wordt aangeboden;

2) het zich verzet tegen een nationale regeling die niet voorziet in de verplichting om de betrokkenen te informeren over de verwerking van hun persoonsgegevens door de bevoegde autoriteiten voor zover deze mededeling het optreden van deze autoriteiten niet in gevaar brengt;

3) het zich niet verzet tegen een nationale regeling op grond waarvan in real time verkeers- en locatiegegevens over individuele personen kunnen worden verzameld voor zover deze handelingen worden verricht volgens de procedures voor toegang tot rechtmatig bewaarde persoonsgegevens en met dezelfde waarborgen worden omringd”.

 

Meer informatie:

Over Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

Verbonden aan Pellicaan Advocaten, http://www.pellicaan.nl/, kantoor Rotterdam, telefoon 088-6272287, fax 088-6272280, e-mail ellen.timmer@pellicaan.nl ||| Weblogs: algemeen: https://ellentimmer.com/ || modernisering ondernemingsrecht: http://flexbv.wordpress.com/ ||| Motto: goede bedoelingen rechtvaardigen geen slechte regels
Dit bericht werd geplaatst in Financieel recht, onder meer Wft, Wtt, Fraude, witwasbestrijding, Wwft, Grondrechten, rechtsstaat e.d. en getagged met , , , , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s