De vragen die leden van de Tweede Kamer hebben gesteld over het Nederlandse wetsvoorstel inzake het Nederlandse ubo-register [*] zijn te vinden in dit verslag.
De gestelde vragen zijn onder meer:
- De leden van de VVD-fractie verzoeken de regering nogmaals aan te geven waarom destijds is gekozen voor een publiek toegankelijke variant. Hoe zijn destijds de grondrechten, zoals het recht op de eerbieding van het privéleven en familie- en gezinsleven en het recht op bescherming van persoonsgegevens door de regering meegewogen? Had deze afweging op basis van toen beschikbare informatie anders gemaakt moeten worden?
- De leden van de ChristenUnie-fractie hebben met zorg kennisgenomen van berichten uit het bedrijfsleven en het maatschappelijk middenveld dat het UBO-register een grote administratieve last vormt voor ondernemers en bijvoorbeeld bestuurders van verenigingen en stichtingen. Deze leden vragen de regering of de regering soortgelijke zorgen uit het bedrijfsleven en het maatschappelijk middenveld herkent en of de regering in dat licht van mening is dat de wetgeving zo aangepast zou moeten worden dat dit leidt tot een verlichting van de administratieve lastendruk en een verbetering van de privacy van betrokkenen. Ook vragen deze leden de regering om uiteen te zetten of en hoe deze zorgen geadresseerd worden in de onderhavige wetgeving, en zo niet, waarom niet.
- [ChristenUnie-fractie] Ook vragen deze leden de regering om een puntsgewijze reactie op de zorgen die geuit zijn in de position paper van Privacy first (d.d. 20 september 2024).
- [SGP] Klopt het dat kerkgenootschappen nog steeds onder de verplichtingen van het UBO-register vallen, en in hoeverre is dit noodzakelijk om te voldoen aan de Europese richtlijnen?
- De leden van de BBB-fractie constateren dat de invulling van het begrip ‘legitiem belang’ nader wordt uitgewerkt bij algemene maatregel van bestuur. Deze leden vragen of de beperking van de groep personen die inzage kan krijgen in de UBO-registers, in relatie tot privacy van uiteindelijk belanghebbenden alsmede van proportionaliteit en noodzaak, ook betekent dat het begrip legitiem belang strikt dient te worden ingevuld. Want anders wordt het belang dat wordt gediend met een beperking van de groep die toegang krijgt deels ongedaan gemaakt met een mogelijk te ruime invulling van de voorwaarden waaronder aan de desbetreffende personen en organisaties inzage mag worden verleend.
- De leden van de GroenLinks-PvdA fractie vragen hoe de regering tot de gekozen uitwerking van de uitspraak van het Europees Hof is gekomen, die de transparantie van de UBO-registers verstrekkend inperkt. Hoe wordt deze uitspraak in andere EU-landen uitgewerkt? Hoe ziet de ontwikkeling van de toegang tot UBO-registers er daar over de jaren uit? Wordt daar meer of minder ruimte gelaten aan gegevensuitwisseling? Hoe groot is de bandbreedte wat betreft het gemak waarmee verschillende partijen toegang hebben tot de UBO-registers als je de wetgeving in verschillende landen vergelijkt? Wat zijn de kansen en risico’s om in deze Wet op dit punt gegevenstuitwisseling te versterken en/of te verbeteren?
- De leden van de VVD-fractie constateren dat het Hof van Justitie van de Europese Unie overweegt dat het legitiem belang verband moet houden met de doelstelling van de antiwitwasrichtlijn. Pers en maatschappelijke, niet-gouvernementele organisaties die zich bezighouden met het voorkomen en het bestrijden van witwassen en terrorismefinanciering hebben ook een legitiem belang. Hoe wordt ervoor gezorgd dat alleen die delen van deze groepen toegang krijgen die een legitiem belang hebben? Aan welke maatschappelijke en niet-gouvernementele organisaties wordt dan gedacht? De leden van de VVD-fractie zijn er voorstander van dat de pers met een legitiem belang toegang krijgt. De vraag is wel hoe “pers” wordt afgebakend, want het is ingewikkeld deze groep af te bakenen. Hoe wil de regering dat gaan doen?
- De leden van de GroenLinks-PvdA fractie constateren dat het voor partijen die informatie uit UBO-registers niet direct nodig hebben voor het tegengaan van witwaspraktijken, maar wel voor andere maatschappelijk nuttige doeleinden, erg ingewikkeld wordt om cruciale informatie te verkrijgen. Daarbij valt te denken aan organisaties die zich bezighouden met het tegengaan van belastingontduiking en vakbonden. Welke gevolgen verwacht de regering van het invoeren van deze wetswijziging wat betreft informatieasymmetrie tussen vakbonden en werkgevers? Welke gevolgen verwacht de regering voor organisaties die zich bezighouden met het tegengaan van oneerlijke belastingconstructies? De partijen die toegang krijgen tot het UBO-register worden nu sterk ingeperkt, constateren de leden van de GroenLinksPvdA-fractie. De leden van de GroenLinks-PvdA fractie zijn van mening dat dit in sterk contrast staat met de transparantie die in de bestaande wetgeving werd beoogd. Hoe verhoudt de voorliggende wetswijziging zich tot de argumenten waarmee het transparanter maken van UBO-registers ooit is ingevoerd?
- De leden van de GroenLinks-PvdA fractie maken zich zorgen over de bewijslast die nodig is voor partijen die niet separaat worden genoemd als partijen die toegang hebben tot informatie in UBO-registers. Voor deze partijen wordt het kunnen aantonen van een legitiem belang cruciaal. Deze leden vrezen dat het bewijzen van een legitiem belang tijdrovend is, en daarmee transparantie in de weg staat. Welk effect heeft het keer op keer moeten bewijzen van een legitiem belang op de capaciteit van organisaties die informatie uit een UBO-register willen onttrekken? Welke mogelijkheden zijn er om het bewijzen van dit belang makkelijker en sneller te laten verlopen?
- De leden van de PVV-, GroenLinks-PvdA-, VVD-, NSC- en de SGP-fracties constateren dat wordt voorgesteld om ook partijen met een zogenaamd legitiem belang toegang te geven tot UBO-informatie uit de registers. De regering geeft aan dat in een AMvB nader zal worden uitgewerkt hoe dit legitiem belang moet worden ingevuld. Deze leden vragen de regering om het begrip legitiem belang in dit verband te verduidelijken en nader in te gaan op de vraag wat precies onder legitiem belang moet worden verstaan.
- In navolging van de Raad van State vragen de leden van de NSC-fractie de regering voorts om in te gaan op de recente Europese ontwikkelingen en (concept)regelgeving en de consequenties daarvan voor de aangekondigde AMvB. De regering geeft aan dat de uitvoerbaarheid en financiële gevolgen pas gedetailleerd in kaart worden gebracht als de AMvB nader is uitgewerkt. Deze leden vragen de regering om hier alvast een voorschot op te geven en aan te geven waaraan precies wordt gedacht.
- De leden van de SGP-fractie vragen eveneens of de regering bereid is om de categorieën natuurlijke personen en rechtspersonen die een legitiem belang kunnen aantonen strikt te interpreteren om zo de privacy van UBO’s zo veel als mogelijk te borgen.
- De leden van de VVD-fractie lezen dat de UBO-informatie straks ook via tussenpersonen, ofwel faciliterende partijen opgevraagd kunnen worden. Op welke manier wordt de bescherming van data gegarandeerd en ongeautoriseerde toegang tot data via deze weg voorkomen? De leden van de VVD-fractie willen verder graag de voor het onderhavige voorstel uitgevoerde DPIA ontvangen.
- De leden van de NSC-fractie merken op dat volgens nieuwe Europese regelgeving degenen die een legitiem belang hebben, drie jaar toegang krijgen tot alle gegevens in het UBO-register. Begrijpen deze leden het goed dat iedereen die een klein (online) nieuwsmedium opricht, toegang zou kunnen krijgen tot het UBO-register? Deelt de regering de zorg van deze leden dat dit de kans op misbruik vergroot, doordat de gegevens in handen kunnen komen van kwaadwillenden? Kan de regering ingaan op dit scenario? Hoe kan dit scenario voorkomen worden?
- Tenslotte vragen de leden van de NSC-fractie ook of het juist is dat volgens nieuwe Europese regelgeving ook non-profit organisaties in de UBO-registers moeten worden ingeschreven? Zo ja, wat kunnen hiervan de consequenties zijn en hoe verhoudt deze nieuwe Europese regelgeving zich tot het onderhavige wetsvoorstel? In hoeverre acht de regering het proportioneel om non-profitorganisaties gelijk te stellen met trusts en soortgelijke juridische constructies?
- De leden van de PVV-fractie vragen verder welke maatregelen zijn of worden er genomen om de gegevens van UBO’s effectief af te schermen? Hoe borgt de regering dat de openbaarmaking van gegevens in het UBO-register proportioneel blijft en niet leidt tot onnodige inbreuk op de privacy van betrokkenen? Kan de regering een toelichting geven over uitzonderingen waarbij gegevens wel volledig openbaar kunnen zijn en hoe dit wordt afgewogen tegen het recht op privacy?
Over misbruik en kennisneming door de ubo wie heeft ingezien:
- [VVD] Welke regelgeving is er om misbruik van gegevens tegen te gaan? (…) Hoe wordt de groep mensen bij een bestuursorgaan en rechtspersoon met overheidstaak dat daadwerkelijk toegang krijgt tot de UBO-registers zoveel mogelijk beperkt, in die zin dat er in een organisatie niet te veel mensen toegang hebben tot de informatie?
- De leden van de NSC-fractie vragen welke sancties er staan op misbruik van het UBO-register. Wie houdt hier toezicht op? Is dat de Autoriteit Persoonsgegevens (AP)? Is de AP wel voldoende geëquipeerd om hierop toezicht te houden?
- De leden van de SGP-fractie vragen of het mogelijk is om in de wet een bepaling op te nemen dat UBO’s kunnen inzien wie hun gegevens heeft opgevraagd? In welke mate staat de richtlijn dit toe?
- De leden van de NSC-fractie vragen welke sancties er staan op misbruik van het UBO-register. Wie houdt hier toezicht op? Is dat de Autoriteit Persoonsgegevens (AP)? Is de AP wel voldoende geëquipeerd om hierop toezicht te houden?
Over de betrokkenheid van het parlement:
- Met name waar het gaat om bijvoorbeeld de invulling van het “legitiem belang” en de verdere invulling van groepen die toegang krijgen tot de UBO-registers in de AMvB willen de leden van de VVD-fractie nadrukkelijk betrokkenheid van het parlement.
Over het AML Package:
- De leden van de VVD-fractie willen naar aanleiding van het advies van de Raad van State graag weten waarom de relevante onderdelen uit de AML-verordening en AML-richtlijn, waarover in januari 2024 een voorlopig akkoord is bereikt, niet alvast in deze wijzigingswet zijn meegenomen. Hoe is ervoor gezorgd dat het onderhavige wetsvoorstel straks niet strijdig is met de nieuwe wet- en regelgeving?
Lees over het wetsvoorstel mijn eerdere bericht over de kritiek van Privacy First.
[*] Wijzigingswet beperking toegang UBO-registers, dossier 36584: Tweede Kamer, Eerste Kamer, overheid.nl.

