Dit is deel 3 van de vragen en antwoorden over het ubo-register.
Vraag 7 – Waar komt het ubo-register vandaan?
Het register is bedacht door de Europese politiek. Een van de trekkers van het project is mevrouw Sargentini, lid van het europarlement voor GroenLinks.
Verder wordt actief voor het register gelobbyd door Transparency International, een actiegroep gefinancierd met Europese subsidie.
Vraag 8 – Is het Nederlandse ubo-register hetzelfde als in andere Europese landen?
Ieder land implementeert het register op de eigen manier. In Nederland wordt het register volgens het consultatievoorstel geen apart register. Het wordt onderdeel van het handelsregister, de informatie is openbaar en zal worden doorgeleverd aan commerciële aanbieders van persoonsgegevens, die de persoonsgegevens verkopen samen met hun eigen gegevens.
Vraag 9 – Het register richt zich toch alleen op brievenbusmaatschappijen?
Zo wordt het door de Nederlandse en Europese politiek wel verkocht, maar in de werkelijkheid is dat niet zo. Volgens een deskundige aanwezig op een Transparency bijeenkomst waar ik onlangs bij was zitten achter een heel beperkt aantal rechtspersonen in Nederland criminelen. Toch moet een grote groep Nederlandse aandeel- en certificaathouders zijn privacy opgeven. Dit is niet uit te leggen.
NB Een en ander staat los van de toegang van overheidsinstanties tot die informatie. Die toegang is er overigens toch al voor een groot deel.
Vraag 10 – Wat is een brievenbusmaatschappij?
Hoewel de bestrijders van financieel-economische criminaliteit niet zo van definities houden, moet worden aangenomen dat hiermee Nederlandse rechtspersonen worden bedoeld, die worden bestuurd door een professionele bestuurder, een zgn. ‘trustkantoor’. In Nederland moeten trustkantoren een vergunning van DNB hebben. Een minderheid van Nederlandse rechtspersonen is brievenbusmaatschappij.
Het bovenstaande bevat informatie per 14 april 2017. Een en ander kan na deze datum wijzigen als gevolg van wijziging in de regelgeving of andere oorzaken.

