Belastingdienst past ‘Instructie informatieverzoeken aan banken’ aan

Naar aanleiding van de uitspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) in de Italiaanse zaak Ferrieri/Bonassisa heeft de Belastingdienst de Instructie informatieverzoeken aan banken aangepast. In de gewijzigde instructie is de nieuwe werkwijze per 1 juli 2026 opgenomen voor het doen van informatieverzoeken aan banken. Volgens de Belastingdienst voldoet de nieuwe instructie aan de EHRM-uitspraak.

In de instructie wordt beschreven dat het vertrekpunt is dat bankgegevens bij de belastingplichtige worden opgevraagd. Alleen bij uitzondering mag de fiscus zich rechtstreeks tot de bank wenden (par. 3.1):

Een verzoek aan de bank kan alleen rechtstreeks gedaan worden, indien het belang van het onderzoek niet toestaat dat de gegevens eerst aan de belastingplichtige worden gevraagd. Dit is de werkwijze zoals opgenomen in paragraaf 3.1.1 van het VIF. Dit zal alleen in uitzonderingsgevallen aan de orde zijn, waarbij sprake is van een zwaarwegend belang en géén alternatieve controlemogelijkheden voorhanden zijn. Denk hierbij bijvoorbeeld aan:

– negatieve en onomkeerbare gevolgen voor de invordering;
– contact met belastingplichtige lukt niet en adres is onbekend;
– concrete signalen dat belastingplichtige kan anticiperen met non-compliant gedrag.

Onbekend's avatar

About Ellen Timmer

Weblog: https://ellentimmer.com/ ||| Microblog: https://mastodon.nl/@ellent ||| Motto: goede bedoelingen rechtvaardigen geen slechte regels
Dit bericht werd geplaatst in Belastingrecht, ICT, privacy, e-commerce en getagd met , , . Maak de permalink favoriet.

Plaats een reactie