In de sfeer van rechtspraak en advocatuur is van alles aan de hand, waardoor het juridisch bedrijf ingrijpend kan gaan veranderen. Uit de plannen met de kostendekkende griffierechten kan worden afgeleid dat de overheid rechtspraak niet meer als een overheidstaak beschouwt. Er zijn ook plannen om het toezicht op de advocatuur te wijzigen. De vraag is waar het naar toe gaat. In de loop van de tijd kan er natuurlijk het nodige veranderen, vraag is wel of er een moment is waarop fundamentele principes worden aangetast. De Nederlandse Orde van Advocaten maakt zich zorgen, zo blijkt uit onderstaand bericht.
‘Overheidsbemoeienis advocatuur kan rechtsstaat schaden’
In zijn afscheidstoespraak riep Jan Suyver, tot deze maand Secretaris van de Nederlandse Orde van Advocaten, afgelopen donderdag in Den Haag de Orde op om ‘keihard’ te blijven ‘hameren op het bijzondere karakter’ van de advocatuur.’ van onze ‘In algemene bewoordingen gaat het om de vraag waar de grens behoort te liggen tussen overheidsbemoeienis met de advocatuur en waar die moet halt houden en de onafhankelijkheid van het beroep respecteren. Daarover is nooit grondig nagedacht. Laten we dat eerst doen. Wat betekent eigenlijk politieke stelselverantwoordelijkheid van de Minister van Veiligheid en Justitie? Dit abstracte begrip onderken ik, maar het venijn zit in de uitwerking. Het lijkt mij erg nodig dat overheid en advocatuur het daarover eens worden, op straffe van voor de rechtsstaat schadelijke schuurpartijen tussen die twee. Want zittende magistratuur, staande magistratuur, advocatuur, het Ministerie van Veiligheid en Justitie, de wetgever, zij hebben elkaar nodig in het belang van een ongestoorde werking van onze democratische rechtsstaat.’
Bron: website Nederlandse Orde van Advocaten, 12 september 2011

