Procederen over anoniem parkeren

Op 28 januari jl. heeft de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State uitspraak gedaan in de zaak van een parkeerder die de anonieme blauwe parkeerschijf wil kunnen gebruiken als alternatief voor gratis kentekenparkeren.

Deze parkeerder heeft de Autoriteit Persoonsgegevens verzocht te  handhaven en is tegen de weigering tot handhaving in beroep gegaan. De rechtbank honoreerde dat beroep niet. De geschiedenis wordt in overweging 2 van de uitspraak van de afdeling bestuursrechtspraak beschreven:

Op 4 oktober 2019 heeft [appellant] op grond van artikel 77 van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (EU) 2016/679 (hierna: AVG) over dit systeem een klacht ingediend bij de AP. [appellant] vindt namelijk dat het verwerken van persoonsgegevens bij het kentekenparkeren op basis van de aangevoerde verwerkingsgrondslag van het college onrechtmatig is en dat het college geen passende anonieme alternatieven aanbiedt. Ook verzoekt hij de AP om corrigerende maatregelen te treffen tegen het college door over te gaan tot handhaving. De AP heeft dit verzoek afgewezen. De rechtbank heeft geoordeeld dat de AP op goede gronden heeft besloten dat geen sprake is van een onrechtmatige verwerking van persoonsgegevens door het college en dat er geen reden is om handhavend op te treden tegen het college. [appellant] is het hier niet mee eens.

In hoger beroep stelde de parkeerder dat de gemeentelijke verordening geen adequate grondslag is in de zin van de AVG. Verder was hij van mening dat het parkeren op kenteken niet nodig is, aangezien er een privacyvriendelijk alternatief is, nl. een elektronische blauwe parkeerschijf, zodat ook om die reden sprake is van strijd met de AVG.

De afdeling bestuursrechtspraak is van mening dat in hoger beroep dezelfde argumenten worden aangevoerd als in de procedure bij de rechtbank. Voorts acht de afdeling het gerechtvaardigd dat de gemeente door middel van parkeerbelasting inkomsten wil genereren en ziet de elektronische blauwe parkeerschijf niet als een serieus alternatief. Daar komt bij dat er voor de parkeerde alternatieve parkeermogelijkheden zijn, waar hij de blauwe parkeerschijf wel kan gebruiken. Een DPIA wordt door de afdeling niet nodig geacht. Daar voegt de afdeling nog enige andere overwegingen aan toe en verklaart het hoger beroep ongegrond.

De procedure wordt gesteund door Privacy First, die in juli 2025 dit artikel publiceerde en daar een update aan toevoegde naar aanleiding van de uitspraak.

Onbekend's avatar

About Ellen Timmer

Weblog: https://ellentimmer.com/ ||| Microblog: https://mastodon.nl/@ellent ||| Motto: goede bedoelingen rechtvaardigen geen slechte regels
Dit bericht werd geplaatst in Grondrechten, ICT, privacy, e-commerce en getagd met , , . Maak de permalink favoriet.

Plaats een reactie