Verschoonbare fout digitaal procederen

De Rechtbank Gelderland oordeelde dat iemand die per abuis geen beroepsgronden had ingediend, daartoe alsnog in de gelegenheid werd gesteld, aldus de inhoudsindicatie:

Inhoudsindicatie
Belanghebbende procedeert digitaal. Hij reageert niet op het verzoek van de rechtbank om de gronden van zijn beroep in te dienen. De rechtbank verklaart het beroep daarom kennelijk niet-ontvankelijk. Belanghebbende komt in verzet en stelt dat hij de notificatie van het voornoemde bericht niet heeft gezien omdat die notificatie in zijn postvak ongewenst is gekomen. Het verzet wordt gegrond verklaard. De verzetsrechter vindt het onredelijk om alle risico’s van het digitaal procederen voor rekening van belanghebbende te laten komen die geen of zeer beperkte ervaring heeft met procederen. Digitaal procederen is daarnaast voor veel belastingplichtigen, waaronder belanghebbende, nog nieuw. Het past dan niet om aan een relatief beperkt formeel gebrek het verstrekkende juridische gevolg te verbinden dat de zaak niet meer inhoudelijk behandeld wordt. Hierbij acht de verzetsrechter nog relevant dat belanghebbende bij zijn keuze om digitaal te procederen er niet op is geattendeerd dat notificatieberichten in het postvak ongewenst kunnen komen.

Onbekend's avatar

About Ellen Timmer

Weblog: https://ellentimmer.com/ ||| Microblog: https://mastodon.nl/@ellent ||| Motto: goede bedoelingen rechtvaardigen geen slechte regels
Dit bericht werd geplaatst in Grondrechten, ICT, privacy, e-commerce, Procesrecht, rechtspraak en getagd met , . Maak de permalink favoriet.

Plaats een reactie