Sinds februari 2026 loopt de procedure in het parlement over het voorstel voor de Wet internationale sanctiemaatregelen, zie de wetgevingspagina bij de Tweede Kamer.
Het startte met het wetsvoorstel, de memorie van toelichting en het advies van de Raad van State met het commentaar van de regering. In juni kwam er een nota van wijziging. Het voorstel na deze nota van wijziging is hier te vinden. Op 5 oktober werd een tweede nota van wijziging ingediend.
Mkb-bedrijven krijgen extra toezicht
Een van de nieuwe elementen in dit wetsvoorstel is het veronderstelde belang van een grote groep mkb-bedrijven (boekhouders en juristen) voor de sanctienaleving en bestrijding van sanctieontwijking. Zij komen te vallen onder hetzelfde regime als banken, met extra regels over hun interne organisaties.
De toevoeging van deze nieuwe groep is te vinden in artikel 10.8 van het voorstel, dat onder meer wijziging aanbrengt in artikel 10 van de Sanctiewet 1977. De regels gaan gelden voor boekhouders, belastingadviseurs en accountants [1] en voor juristen bij specifieke soorten diensten [2]. De bepalingen met voorschriften voor de interne organisatie van de aangewezen bedrijven, zoals banken en boekhouders, zitten nog niet in dit voorstel. Deze regels zullen in de toekomst in hoofdstuk 4 van de wet worden opgenomen.
Plenair debat op 2 november 2026
Uit de de wetgevingspagina blijkt dat op 25 juni jl. is besloten het voorstel te agenderen voor plenair debat. De bedoeling is om dat debat op 2 november a.s. te laten plaats vinden.
Noten:
[1] Extra regels voor accountants, boekhouders en belastingadviseurs, omschreven als:
“m. natuurlijke personen, rechtspersonen of vennootschappen als bedoeld in artikel 3, derde lid, onderdeel a, van Verordening (EU) 2024/1624 van het Europees Parlement en de Raad van 31 mei 2024 tot voorkoming van het gebruik van het financiële stelsel voor witwassen of terrorismefinanciering;“.
Vreemd genoeg wordt bij accountants c.s. naar artikel 3 AMLR verwezen, terwijl bij juristen de tekst uit artikel 3 AMLR wordt uitgeschreven, zie hierna.
[2] Extra regels voor juristen bij specifieke diensten:
“o. natuurlijke personen, rechtspersonen of vennootschappen die als advocaat, hetzij door op te treden in naam en voor rekening van hun klant in enigerlei financiële of onroerende zaaktransactie, hetzij door bijstand te verlenen bij het voorbereiden of uitvoeren van transacties voor hun cliënt in verband met:
1°. de aan- en verkoop van onroerende zaken of bedrijven;
2°. het beheren van diens geld, waardepapieren of andere activa, met inbegrip van cryptoactiva;
3°. de opening of het beheer van bank-, spaar-, effecten- of cryptoactivarekeningen;
4°. het organiseren van de inbreng die nodig is voor de oprichting, de exploitatie of het beheer van vennootschappen;
5°. de oprichting, het opzetten, de exploitatie of het beheer van trusts, vennootschappen, stichtingen of soortgelijke structuren;
p. natuurlijke personen, rechtspersonen of vennootschappen die als notaris, toegevoegd notaris of kandidaat-notaris, hetzij door op te treden in naam en voor rekening van hun klant in enigerlei financiële of onroerende zaaktransactie, hetzij door bijstand te verlenen bij het voorbereiden of uitvoeren van transacties voor hun cliënt in verband met:
1°. de aan- en verkoop van onroerende zaken of bedrijven;
2°. het beheren van diens geld, waardepapieren of andere activa, met inbegrip van cryptoactiva;
3°. de opening of het beheer van bank-, spaar-, effecten- of cryptoactivarekeningen;
4°. het organiseren van de inbreng die nodig is voor de oprichting, de exploitatie of het beheer van vennootschappen;
5°. de oprichting, het opzetten, de exploitatie of het beheer van trusts, vennootschappen, stichtingen of soortgelijke structuren;
q. natuurlijke personen, rechtspersonen of vennootschappen die in de uitoefening van een aan dat van advocaat, notaris, toegevoegd notaris of kandidaat-notaris gelijksoortig juridisch beroep of bedrijf de in onder o of p genoemde werkzaamheden verrichten.”
Ik heb nog niet geverifieerd of bovenstaande tekst identiek is aan de passage in artikel 3 AMLR over juristen.

