In een door de rechtbank Rotterdam behandelde zaak werd gesteggeld over het financieringsvoorbehoud dat de kopers hadden gemaakt. De verkoper vond dat er ten onrechte geen beroep op kon worden gedaan omdat de kopers geen afwijzingsbrief konden overleggen.
In punt 1 van de uitspraak geeft de rechtbank de volgende samenvatting:
1 Kern van de zaak
1.1. Hebben kopers een geldig beroep gedaan op het financieringsbehoud? De rechtbank oordeelt van wel, ondanks het feit dat kopers geen afwijzingsbrief hebben overgelegd zoals in de koopovereenkomst was overeengekomen. In dit geval hebben kopers namelijk met andere stukken laten zien dat zij zich voldoende hebben ingespannen om de financiering rond te krijgen. De rechtbank oordeelt tevens dat een gedeelte van de kosten die door kopers zijn gemaakt door het beslag dat door verkopers is gelegd, voor rekening en risico komt van de verkopers.
Het gaat om een financieringsvoorbehoud dat in de uitspraak als volgt wordt weergegeven:
15.3. Partijen verplichten zich over en weer al het redelijk mogelijke te doen teneinde de hierboven bedoelde financiering en/of Nationale Hypotheek Garantie en/of toezegging(en) en/of andere zaken te verkrijgen. De partij die de ontbinding inroept, dient er zorg voor te dragen dat de mededeling dat de ontbinding wordt ingeroepen, uiterlijk op de eerste werkdag na de datum waarvan in de betreffende ontbindende voorwaarde sprake is door de wederpartij of diens makelaar is ontvangen. Deze mededeling dient schriftelijk en goed gedocumenteerd via gangbare communicatiemiddelen te geschieden. Indien koper de ontbinding wenst in te roepen als gevolg van het (tijdig) ontbreken van een financiering als bedoeld in artikel 15.1 onder sub a. wordt, tenzij partijen anders overeenkomen, onder ‘goed gedocumenteerd’ verstaan dat één afwijzing van een erkende geldverstrekkende bankinstelling aan verkoper of diens makelaar dient te worden overgelegd. In aanvulling hierop komen partijen overeen dat koper de/het volgende stuk(ken) dient over te leggen om te voldoen aan het vereiste van ‘goed gedocumenteerd’: deze bewijsstukken dienen in ieder geval te bevatten: de naam van de aanvrager(s), het adres van de in deze overeenkomst verkochte woning, het aangevraagde hypotheekbedrag, dit alles opgenomen in een kopie van de aanvraag bij de geldverstrekkende instelling alsmede een schriftelijke verklaring van de geldverstrekkende instelling met de reden van afwijzing. Bovendien is het de koper na het tekenen van deze overeenkomst niet toegestaan leningen af te sluiten welke tot gevolg hebben dat het verkrijgen van de onderhavige hypothecaire geldlening onmogelijk wordt. Alsdan zijn beide partijen van deze koopovereenkomst bevrijd. (…)
In overwegingen 5.2 tot en met 5.3 geeft de rechtbank aan dat het er om gaat dat kopers zich voldoende hebben ingespannen en dat dit gedocumenteerd kan worden:
De documentatieverplichting ligt in het verlengde van de inspanningsverplichting en heeft een bewijsfunctie. Dit betekent dat het enkele feit dat er formeel niet is voldaan aan de vereisten die zijn neergelegd in de overeenkomst, niet betekent dat er niet is voldaan aan de documentatieplicht. Doorslaggevend is immers of de verkoper uit de stukken kan opmaken dat de koper zich voldoende heeft ingespannen om de financiering te verkrijgen.
De rechtbank constateert dat het aanvraagproces bij de bank langer duurde dan verwacht en niet op tijd tot een bancaire beslissing heeft geleid (5.8). Zie voor de overige feiten overwegingen 5.9 tot en met 5.11, die leiden tot de conclusie (5.12) dat kopers zich voldoende hebben ingespannen.

